← Nederland

Verordening op de bezwaarschriftencommissie (Tubbergen)

Verordening op de bezwaarschriftencommissieDe raad, het college en de burgemeester van de gemeente Tubbergen, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 28 januari 2011, nr. 15A; gelet op het advies van de commissie Samenleving en Bestuur van 24 januari 2011; gelet op het bepaalde in artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht; B E S L U I T: vast te stellen de volgende verordening: Artikel1.Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen; commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften. Artikel2.Inleidende bepaling commissie 1.Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester. 2.De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen: besluiten op grond van een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken; een besluit of een andere handeling van een bestuursorgaan waarbij een ambtenaar als bedoeld in artikel 1 van de Ambtenarenwet als zodanig, zijn nagelaten betrekkingen of zijn rechtverkrijgenden belanghebbende zijn. Artikel3.Samenstelling van de commissie 1.De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden. De voorzitter en de leden van de commissie kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van de raad of het college. 2.De voorzitter en de leden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen. 3.Het college kan plaatsvervangende leden benoemen. 4.De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. Artikel4.Secretaris Het college wijst één of meer secretarissen aan. Artikel5.zittingsduur 1.De voorzitter en de leden van de commissie zijn aftredend gelijktijdig met het aftreden van de leden van de raad. 2.De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college. 3.De aftredende of ontslag nemende voorzitter of leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. Artikel6.Ingediend bezwaarschrift 1.Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. 2.Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt binnen zeven werkdagen in handen van de commissie gesteld. Artikel7.Bemiddeling De commissie onderzoekt of de zaak in de minne kan worden geschikt alvorens de zaak in behandeling wordt genomen. De secretaris verricht daartoe de nodige handelingen. Artikel8.Uitoefening bevoegdheden De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Algemene wet bestuursrecht worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie: artikel 2:1, tweede lid; artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn; artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; artikel 7:4, tweede lid; artikel 7:6, vierde lid. Artikel9.Vooronderzoek 1.De voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. 2.De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist. Artikel10.Hoorzitting 1.De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. 2.De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Algemene wet bestuursrecht. 3.Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan. Artikel11.Uitnodiging hoorzitting 1.De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk uit. 2.Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de hoorzitting te wijzigen. 3.De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de hoorzitting aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld. 4.De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid. Artikel12.Quorum 1.Voor het houden van een hoorzitting is vereist dat ten minste twee leden, onder wie in elk geval de voorzitter of zijn plaatsvervanger, aanwezig zijn. 2.Voor besluitvorming is deelname van ten minste drie leden, onder wie in elk geval de voorzitter of zijn plaatsvanger, vereist. Artikel13.Niet-deelneming aan de behandeling De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen. Artikel14.Openbaarheid hoorzitting 1.De hoorzitting van de commissie is openbaar, tenzij het betreft: de behandeling van bezwaarschriften betreffende besluiten op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning; de behandeling van bezwaarschriften betreffende besluiten betreffende gehandicaptenparkeerplaatsen, gereserveerd voor een bepaald voertuig, en gehandicaptenparkeerkaarten. 2.De deuren kunnen worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. 3.Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de hoorzitting verzetten, vindt de hoorzitting plaats achter gesloten deuren. Artikel15.Schriftelijke verslaglegging 1.Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 Algemene wet bestuursrecht vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid. 2.Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter hoorzitting is voorgevallen. 3.Indien de hoorzitting met toepassing van artikel 14, derde lid, geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding. 4.Het verslag verwijst naar de op de hoorzitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht. 5.Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de commissie. Artikel16.Nader onderzoek 1.Indien na afloop van de hoorzitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek houden. 2.De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden. 3.De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op zo'n verzoek. 4.Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Artikel17.Raadkamer en advies 1.De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies. De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. 2.Zij kan met algemene stemmen ook buiten vergadering beslissen. 3.Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter. 4.Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien die minderheid dat verlangt. 5.Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 6.Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend. Artikel18.Uitbrengen advies en verdaging 1.Het advies wordt, onder medezending van het verslag, bedoeld in artikel 15 en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. 2.Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van 12 weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing te verdagen. 3.Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de belanghebbenden een afschrift. Artikel19.Jaarverslag De commissie brengt jaarlijks vóór 1 juli aan de bestuursorganen van de gemeente verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar. Artikel20.Intrekking oude regeling De Verordening op de bezwaarschriftencommissies 2003 wordt ingetrokken. Artikel21.Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking op de derde dag na haar bekendmaking. 2.De onmiddellijk voor dat tijdstip zitting hebbende leden van de bezwaarschriftencommissie worden geacht te zijn benoemd als lid van de krachtens deze verordening ingestelde bezwaarschriftencommissie. Artikel22.Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de bezwaarschriftencommissie. Aldus besloten in de openbare vergadering van 7 februari 2011de griffier, de voorzitter,F.G.S. Droste, mr. M.K.M. StegersAldus besloten door burgemeester en wethouders op 28 januari 2011,Burgemeester en wethouders van Tubbergen,de secretaris, de burgemeester, drs. ing. G.B.J. Mensink, mr. M.K.M. StegersAldus besloten door de burgemeester op 28 januari 2011De burgemeester van Tubbergenmr. M.K.M. Stegers

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.