← Nederland

Verordening persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorziening gemeente Súdwest Fryslân (Súdwest-Fryslân)

Verordening persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorziening gemeente Súdwest FryslânNummer: Onderwerp: Verordening Persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorzieningDe raad van de gemeente Súdwest Fryslân; gezien het voorstel van de Stuurgroep Herindeling Súdwest Fryslân d.d. 20 december 2010; gelet op artikel 7, tiende lid, van de Wet sociale werkvoorziening; overwegende dat de raad bij verordening nadere regels dient vast te stellen met betrekking tot het verstrekken van Persoonsgebonden budgetten begeleid werken; Besluit: vast te stellen de: Verordening Persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorziening gemeente Súdwest Fryslân Artikel1Begripsomschrijvingen 1In deze verordening wordt verstaan onder: het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ……; de Wet: de Wet sociale werkvoorziening; Sw-werknemer: persoon met een indicatie voor de Wet die werkzaam is binnen de Sw-uitvoeringsorganisatie of in dienst is van een reguliere werkgever; Sw-geïndiceerde; persoon met een indicatie voor de Wet die nog niet Sw-werknemer is; Sw-er: Sw-geïndiceerden die op de wachtlijst als bedoeld in artikel 12 van de Wet staan en Sw-werknemers. 2Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet sociale werkvoorziening en de Algemene wet bestuursrecht. Artikel2De hoogte van de rechtstreeks aan de subsidieverlening verbonden uitvoeringskosten 1De hoogte van de voor het college rechtstreeks aan de subsidieverlening verbonden uitvoeringskosten bedraagt € 3000,- per jaar. 2Het in het eerste lid bedoelde bedrag wordt jaarlijks aangepast aan de hand van het prijsindexcijfer van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Artikel3Invulling voorwaarden adequate werkplek 1Het college verstrekt op aanvraag een persoonsgebonden budget begeleid werken Wsw aan iedere Sw-geïndiceerde die: werknemer is; of met inachtneming van artikel 12 van de Wet recht heeft op aanbieding van een dienstbetrekking door het college, Indien de werkgever en de begeleidingsorganisatie er zorg voor dragen dat de arbeidsplaats voor de Sw-geïndiceerde adequaat wordt ingevuld en het bedrag van de loonkostensubsidie en de begeleiding tezamen op jaarbasis niet meer bedraagt dan het in artikel 7, tweede lid van de Wet bedoelde bedrag. 2De werkgever dient aan de volgende vereisten te voldoen: Zijn onderneming staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel of is een publiekrechtelijke organisatie; en De aangeboden arbeidsplaats en de omvang daarvan zijn, gelet op de indicatiestelling en mogelijkheden van de Sw-geïndiceerde, als passend aan te merken; en De duur van de arbeidsovereenkomst bedraagt tenminste 6 maanden, met daarbij de mogelijkheid tot verlenging van de arbeidsovereenkomst en met de intentie van de werkgever tot het aanbieden van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd; en De werkplek en werkomstandigheden voldoen aan de vereisten uit de Arbeidsomstandighedenwetgeving. 3De begeleidingsorganisatie dient aan de volgende vereisten te voldoen: De begeleidingsorganisatie staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel; en De begeleidingsorganisatie of haar medewerkers zijn gekwalificeerd voor het begeleiden van de doelgroep en in het bijzonder de Sw-geïndiceerde voor wie het Persoonsgebonden budget is bestemd; en De begeleidingsorganisatie heeft aantoonbare kennis en ervaring in het regionale werkveld. Artikel4De wijze van vaststelling van de periodieke loonkostensubsidie aan de werkgever 1Het college stelt op voorstel van SW-geïndiceerde de hoogte van de loonkostensubsidie aan de werkgever vast. 2Het college kan de loonwaarde laten vaststellen aan de hand van een loonwaardeonderzoek. Het college kan daartoe een externe deskundige inschakelen. Artikel5Herziening van de loonkostensubsidie 1Het college kan op verzoek van de werkgever de hoogte van de loonkostensubsidie herzien als daar, gelet op de ontwikkeling van de arbeidsproductiviteit van de werknemer, aanleiding toe is. 2Het college kan de hoogte van de loonkostensubsidie ambtshalve wijzigen. Artikel6De vergoeding aan de begeleidingsorganisatie 1Het college stelt jaarlijks het aantal uren aan begeleiding vast dat wordt vergoed per Sw-er. 2Het college stelt jaarlijks de maximale vergoeding aan een begeleidingsorganisatie vast voor het zoeken voor een begeleid werken plaats. 3De kosten als bedoeld in het tweede lid komen alleen voor vergoeding in aanmerking bij van een arbeidsovereenkomst van tenminste 6 maanden. Artikel7Vergoeding voor eenmalige noodzakelijke kosten van aanpassing van de omstandigheden waaronder arbeid wordt verricht 1Het college kan een vergoeding verstrekken aan de werkgever voor de eenmalige kosten van aanpassing van de omstandigheden waaronder arbeid wordt verricht als uit een deskundigenrapport blijkt dat: Aanpassingen op de werkplek noodzakelijk zijn; en Deze aanpassingen persoonsgerelateerd zijn; en Het niet redelijk is dat deze kosten door de werkgever worden gedragen; en Indien er sprake is van een arbeidsovereenkomst van minimaal 6 maanden; en Indien op grond van de arbeidsovereenkomst tenminste 20 uur arbeid per week wordt verricht door de Sw-werknemer. 2De kosten voor aanschaf van apparatuur, kosten voor de werkplek en kosten voortvloeiend uit Arbeidsomstandighedenwetgeving die de werkgever uit hoofde van normaal en goed werkgeverschap voor iedere werknemer zou moeten maken komen niet in aanmerking voor vergoeding door het college. 3Het college regelt de wijze van uitbetaling van de vergoeding als bedoeld in het eerste lid. Artikel8Indienen van de aanvraag 1Het college stelt een aanvraagformulier voor een persoonsgebonden budget vast. 2De aanvraag voor een persoonsgebonden budget wordt ingediend door middel van een volledig ingevuld aanvraagformulier. 3De aanvraag voor een persoonsgebonden budget wordt mede ondertekend door werkgever en de begeleidingsorganisatie. Artikel9Beslistermijn 1Het college besluit binnen 4 weken na ontvangst van een volledig ingevuld aanvraagformulier over de toekenning van een persoonsgebonden budget. 2Het college kan de termijn als bedoeld in het eerste lid met ten hoogste 4 weken verlengen en stelt de aanvrager hiervan schriftelijk in kennis. Artikel10Het besluit tot verlenen van de periodieke loonkostensubsidie Het besluit tot toekenning van een periodieke loonkostensubsidie bevat in ieder geval: De hoogte van de periodieke loonkostensubsidie; en De wijze waarop de loonkostensubsidie kan worden aangepast; en De wijze van bevoorschotting van de loonkostensubsidie; en De verplichtingen van de werkgever; en De verplichtingen van de Sw-geïndiceerde. Artikel11Het vaststellen van de periodieke loonkostensubsidie 1De werkgever verstrekt binnen 4 weken na afloop van het kalenderjaar aan het college een schriftelijke opgave van het door hem in het voorgaande jaar betaalde bruto CAO-loon van de Sw-geïndiceerde, vermeerderd met alle werkgeverslasten. 2Het college stelt de periodieke loonkostensubsidie binnen 4 weken na ontvangst van deze opgave vast. Artikel12Verrekening met de voorschotten Het college voldoet de verschuldigde loonkostensubsidie binnen 4 weken aan de werkgever, onder verrekening van de betaalde voorschotten. Artikel13Verplichtingen van de werkgever en de Wsw-geïndiceerde 1De werkgever doet onmiddellijk schriftelijke mededeling aan het college van alle feiten en omstandigheden die van belang kunnen zijn voor de verstrekking van de loonkostensubsidie. 2De werkgever bewaart alle bewijsstukken die aan de toekenning van de loonkostensubsidie ten grondslag liggen tenminste 3 jaar na de vaststelling van de loonkostensubsidie en stelt deze op verzoek ter beschikking aan het college voor controledoeleinden. 3De geïndiceerde doet onmiddellijk schriftelijke mededeling aan het college van alle feiten en omstandigheden die van belang kunnen zijn voor de verstrekking van de loonkostensubsidie. Artikel14Nadere regels Het college kan nadere regels stellen over de voorwaarden waaronder een aanvraag voor een persoonsgebonden budget wordt toegekend. Artikel15Hardheidsclausule Het bestuur kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen in deze verordening, indien toepassing van de verordening tot gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met deze verordening te dienen doelen. Artikel16Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorziening gemeente Súdwest Fryslân. Artikel17Inwerkingtreding 1Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari

  1. 2De Verordening persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorziening van de gemeenten Bolsward, Nijefurd, Sneek, Wûnseradiel en Wymbritseradiel worden met ingang van de in lid 1 genoemde datum ingetrokken. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 januari
  2. Drs. H.H. Apotheker , voorzitter. Drs. K.R. Schraagen , griffier. Toelichting1 Toelichting
  3. Wat een gemeente nader moet regelen in de verordening Persoonsgebonden Budget begeleid werken.De gemeenteraad moet bij verordening nadere regels stellen over de manier waarop de gemeente vorm geeft aan het persoonsgebonden budget (PGB). Die regels moeten in ieder geval betrekking hebben op:
  4. De wijze waarop de hoogte van de periodieke subsidie aan de werkgever dient te worden vastgesteld (loonkostensubsidie);
  5. De hoogte van de voor het college rechtstreeks aan de subsidieverlening verbonden uitvoeringskosten omgerekend op jaarbasis (uitvoeringskosten);
  6. De voorwaarden waaronder het college aan de werkgever een vergoeding verstrekt voor de eenmalige noodzakelijke kosten van aanpassing van de omstandigheden waaronder arbeid wordt verricht;
  7. De voorwaarden waaronder het college een begeleidingsorganisatie inschakelt die door de Wsw-geïndiceerde zelf is aangewezen (begeleidingskosten). Bovengenoemde onderwerpen komen alle terug in de verordening. Daarnaast kan de raad in een verordening ook bepalingen opnemen over de kwaliteitseisen die worden gesteld aan de begeleidingsorganisatie en/of de begeleid werkenplek bij de reguliere werkgever. Dit is in deze verordening in artikel 3, tweede en derde lid gebeurd.
  8. Wanneer kan een Wsw-geïndiceerde aanspraak maken op het PGB? Het PGB is er voor Wsw-geïndiceerden die begeleid willen gaan werken. Hier kan aanspraak op worden gemaakt door personen die bovenaan de wachtlijst staan en die aan de beurt zijn voor plaatsing.Voorwaarde is dat de geïndiceerde zelf een werkgever aandraagt, en een begeleidingsorganisatie voor het verzorgen van de begeleiding op de werkvloer. Verder geldt dat de totale kosten van de periodieke subsidie aan de werkgever (loonkostensubsidie), de periodieke vergoeding aan de begeleidingsorganisatie (begeleidingskosten) en uitvoeringskosten niet hoger mogen zijn dan het gemiddelde budget dat beschikbaar is voor een Wsw-plaats. Is dat wel het geval dan mag het gemeentebestuur de plek wel financieren, maar is hiertoe niet verplicht. Als een geïndiceerde gebruik wil maken van het PGB dan is het in principe aan de geïndiceerde om zelf een werkgever te zoeken. De mogelijkheid wordt evenwel ook geboden dat hij het college kan verzoeken om hiervoor een door hem aangewezen begeleidingsorganisatie in te schakelen (artikel 3 en artikel 8 van de Verordening).
  9. De gemeenteraad regelt dat een loonkostensubsidie in het kader van een PGB in verhouding staat tot de arbeidsproductiviteit van de Wsw-er. De gemeenteraad dient bij verordening nadere regels stellen over de wijze waarop het gemeentebestuur vorm geeft aan het PGB. Eén van die regels moet betrekking hebben op de manier waarop de hoogte van de periodieke subsidie aan de werkgever (loonkostensubsidie) dient te worden vastgesteld. Zo kan de gemeenteraad bijvoorbeeld in de verordening opnemen dat periodiek een loonwaardebepaling dient te worden uitgevoerd om de hoogte van de loonkostensubsidie aan de werkgever te bepalen, zodat met betrekking tot de Wsw-subsidie maatwerk kan worden geleverd en de subsidie efficiënt kan worden ingezet (Vergelijk artikel 4 Verordening).
  10. Zijn de medewerkers van een begeleidingsorganisatie gekwalificeerd?Artikel 3, derde lid onder b van de Verordening. De medewerkers van een begeleidingsorganisatie zijn gekwalificeerd indien zij een gespecialiseerde opleiding hebben genoten. Vergelijkbaar met het volgende opleidingscurriculum. OpleidingsdoelDe opleiding heeft als doel de professionele kwaliteiten van de cursist op het gebied van begeleid werken gericht te versterken. Succesfactoren van duurzame arbeids(re-)integratie worden toepasbaar verankerd in het dagelijkse handelen van de professional. WerkwijzeDe wisselwerking tussen werkpraktijk en de succesfactoren van duurzame arbeidsintegratie staat centraal in de opleiding. Succesfactoren in de praktijkSuccesfactoren van duurzame arbeidsintegratie en daarbij horende competenties worden getraind. Een belangrijk onderdeel hierbij is de uitvoering van twee complete trajecten waarin de cursist werkzoekenden begeleidt naar en in arbeid. Theorie in actie'Er is niets zo praktisch als een goede theorie'. Theorie krijgt steeds een praktische vertaling. Zowel tijdens de bijeenkomsten als in de praktijkopdrachten. Uzelf als dé kritische succesfactor Het realiseren van duurzame arbeidsintegratie is nooit alleen een kwestie van het toepassen van de goede instrumenten en methodieken. De rol van de professional - als intermediair in een proces met verschillende factoren - is daarbij erg bepalend. In welke mate is hij in staat om op basis van oprechte betrokkenheid en gedeelde verantwoordelijkheid invulling te geven aan de succesfactoren? Vanuit deze achtergrond wordt de cursist geleerd uitvoering geven aan een persoonlijk leertraject. Het proces wordt naast de bijeenkomsten op individuele basis gefaciliteerd. InhoudHet blijkt dat kwaliteit van de matching tussen de individuele werkzoekende en de baan de belangrijkste succesfactor is voor duurzame arbeidsintegratie. De realisatie van deze kwalitatieve matching stelt hoge eisen aan het methodisch handelen van consulenten. Het eigen maken van dit methodisch handelen staat om deze reden centraal in deze opleiding. Omschrijving van de cursusDe opleiding bestaat uit modules die een samenhangend geheel vormen: -assessment; -jobfinding en bemiddeling; -jobcoaching en loopbaan¬begeleiding; -wet- en regelgeving. Tijdens de opleiding wordt dieper ingegaan op de kernactiviteiten in de verschillende fasen van het reïntegratieproces en de samenhang daartussen. De succesfactoren van duurzame arbeidsintegratie en de daarmee samenhangende beroepshouding komen terug in alle modules. Er wordt voortdurend stilgestaan bij de betekenis van de persoonlijke én professionele houding van de cursist voor de interactie met: -de werkzoekende; -de werkgever; -de opdrachtgever van het traject. Om de kwaliteit én de verantwoording over het werkproces te kunnen waarborgen, worden cursisten getraind in het resultaat- én procesgericht registreren van trajecten.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.