Verordening clientenparticipatie Wet werk en bijstand ISD De Rijnstreek 2010Het algemeen bestuur van de ISD De Rijnstreek, gezien het voorstel van het dagelijks bestuur van 6 oktober 2008, gelet op artikel 47 van de Wet werk en bijstand, artikel 42 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Ioaw), artikel 42 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz) en artikel 5 van de gemeenschappelijke regeling; besluit vast te stellen de volgende verordening: “Verordening cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand ISD De Rijnstreek 2010” HOOFDSTUK1.Algemene bepalingen Artikel1Begripsomschrijving 1.Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben de betekenis die de Wet werk en bijstand daaraan toekent. 2.In deze verordening wordt verstaan onder: Wet: de Wet werk en bijstand. In deze verordening wordt onder de wet tevens begrepen de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (loaw), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz), het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz); Klant: de persoon die algemene of bijzondere bijstand ontvangt van de ISD De Rijnstreek op grond van de wet, alsmede de persoon die behoort tot de doelgroep van artikel 1, tweede lid onder j van de Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand ISD De Rijnstreek 2009; Minimuminkomen: een inkomen dat niet hoger is dan 120% van de voor de persoon geldende bijstandsnorm. Platform: het cliëntenplatform van de ISD De Rijnstreek; Dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de ISD De Rijnstreek; Algemeen bestuur: het algemeen bestuur van de ISD De Rijnstreek; Cliëntenparticipatie: de gestructureerde wijze waarop de ISD De Rijnstreek haar klanten betrekt in de beleidsvorming, uitvoering en evaluatie van de door de ISD De Rijnstreek uit te voeren regelingen op het terrein van de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen alsmede de wijze van dienstverlening en de wijze van communicatie met de klanten. Artikel2Doel cliëntenparticipatie Het doel van de cliëntenparticipatie is: klanten van de ISDR, vanuit een onafhankelijke positie, door middel van advisering aan het dagelijks bestuur optimaal te betrekken bij het uitkerings- en reïntegratiebeleid van de ISDR, alsmede bij de daarop gerichte dienstverlening en communicatie. het bijdragen aan de totstandkoming of verbetering van het uitkerings- en reïntegratiebeleid van de ISDR, de dienstverlening en de communicatie met de klanten. het cliëntenplatform is niet bevoegd te adviseren naar aanleiding van klachten, bezwaarschriften en andere zaken die op individuele cliënten betrekking hebben, met uitzondering van de hierbij gehanteerde procedures en regelingen, die verband houden met een algemeen karakter. HOOFDSTUK2.Het Platform Artikel3Samenstelling en omvang 1.Het Platform bestaat uit minimaal 5 en maximaal 12 leden. 2.De leden van het Platform zijn klanten van de ISDR en vertegenwoordigers van maatschappelijke- en belangenorganisaties die zich inzetten voor personen met een minimuminkomen binnen de gemeenten Nieuwkoop, Kaag en Braassem en Rijnwoude. 3.De leden van het Platform vormen zoveel mogelijk een representatieve vertegenwoordiging van het cliëntenbestand van de ISDR; 4.Belangenorganisaties kunnen zitting nemen in het Platform; 5.Indien het ledental van het Platform daalt tot vier of minder worden de werkzaamheden van het Platform opgeschort tot het tijdstip dat het Platform minimaal vijf leden telt. 6.Door of namens het dagelijks bestuur wordt mede zorggedragen voor de werving van nieuwe leden. Artikel4Vacatures, voordracht en benoeming 1.Bij vervulling van een vacature worden klanten en belangenorganisaties in de gelegenheid gesteld zich kandidaat te stellen. De zittende leden van het Platform kiezen het nieuwe lid na het sollicitatiegesprek met de voorzitter en de secretaris van het Platform. 2.De kandidaat-leden worden op voordracht van het Platform door het dagelijks bestuur benoemd. 3.De leden van het Platform kiezen uit hun midden een penningmeester en een secretaris. Artikel5De voorzitter 1.De vergaderingen van het Platform worden voorgezeten door een onafhankelijke voorzitter. 2.De voorzitter treedt op als woordvoerder van het Platform. 3.De stukken die van het Platform uitgaan worden door de voorzitter ondertekend. Artikel6De secretaris 1.De secretaris staat het Platform bij de uitoefening van zijn taak terzijde. 2.De stukken die van het Platform uitgaan worden door de secretaris mede ondertekend. Artikel7De penningmeester 1.De penningmeester beheert de financiën van het Platform. 2.De penningmeester stelt in februari voorafgaande aan het begrotingsjaar een begroting op. 3.In het financieel jaarverslag worden de inkomsten en uitgaven van het Platform verantwoord. De penningmeester stelt dit verslag jaarlijks op in de maand januari direct volgend op het jaar waarop het verslag betrekking heeft. Artikel8Zittingsduur en beëindiging lidmaatschap 1.De zittingsduur van een lid van het Platform bedraagt vier jaar, gerekend vanaf de datum van ingang van zijn benoeming. 2.Het lidmaatschap eindigt door: het verstrijken van de zittingsduur; het vervallen van de hoedanigheid van klant; aftreden op eigen schriftelijk verzoek; ondercuratelestelling; overlijden; opzeggen van het vertrouwen door een meerderheid van de overige zitting hebbende leden bij ernstig en langdurig disfunctioneren van een lid; ontslag door het dagelijks bestuur op grond van met het lidmaatschap van het Platform onverenigbaar handelen; het vervallen van de hoedanigheid van vertegenwoordiger van een maatschappelijke- of belangenorganisatie namens wie het lid zitting heeft in het Platform. Tussentijdse vervanging van vertegenwoordigers van maatschappelijke en belangenorganisaties geschiedt voor de resterende zittingstermijn. 3.De leden zijn na het verstrijken van hun zittingsduur onmiddellijk herbenoembaar voor een nieuwe termijn. HOOFDSTUK3.Taken, rechten en bevoegdheden van het Platform Artikel9Taak Platform Het Platform heeft tot taak het dagelijks bestuur gevraagd of ongevraagd te adviseren over: de vorming, uitvoering en evaluatie van het door de ISDR gevoerde beleid; de wijze van dienstverlening aan de klanten; de wijze van communicatie met de klanten. Artikel10Tijdigheid van het advies 1.Het advies van het Platform wordt op een zodanig tijdstip gevraagd, dat het uitgebrachte advies toegevoegd kan worden aan de aan het algemeen of dagelijks bestuur ter beschikking te stellen stukken en het van wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit. 2.Indien het dagelijks bestuur het advies van het Platform niet of niet geheel overneemt, stelt het dagelijks bestuur het Platform van haar motieven om van het advies af te wijken schriftelijk in kennis. Betreft het advies een voorstel aan het algemeen bestuur dan wordt de motivering bovendien in het voorstel aan het algemeen bestuur opgenomen. 3.Het dagelijks bestuur zal het Platform binnen twee maanden schriftelijk berichten waarom een (gevraagd of ongevraagd) advies niet of niet geheel wordt overgenomen. Artikel11Informatierecht Het dagelijks bestuur is verplicht aan het Platform tijdig alle informatie te verstrekken die deze voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijze nodig heeft. Artikel12Recht op ambtelijke ondersteuning 1.Het Platform heeft recht op ambtelijke ondersteuning vanuit de ISDR. 2.Ten behoeve van het contact tussen de ISDR en het Platform wordt een contactambtenaar aangesteld. 3.De contactambtenaar is verantwoordelijk voor de informatieverstrekking van de ISDR aan het Platform. Contacten met de ISDR en verzoeken aan de ISDR lopen via deze contactambtenaar. 4.De contactambtenaar is geen lid van het cliëntenplatform. HOOFDSTUK4.Vergaderingen, vergaderorde en beslissingen Artikel13Periodiek overleg met de ISDR 1.Tenminste twee keer per jaar vindt overleg van het Platform met de ISDR plaats. 2.Onverminderd het bepaalde in het eerste lid wordt een vergadering met de ISDR belegd wanneer de meerderheid van het Platform daarom verzoekt. 3.Onverminderd het bepaalde in het eerste lid wordt een vergadering met de ISDR belegd, wanneer door of namens het dagelijks bestuur daarom wordt verzocht. 4.Een vergadering als bedoeld in het eerste lid wordt tenminste vier weken voor het plaatsvinden van de vergadering bekendgemaakt. 5.Een vergadering als bedoeld in het tweede of derde lid wordt tenminste twee weken voor het plaatsvinden van de vergadering bekendgemaakt. 6.Aan de vergaderingen van het Platform neemt de voorzitter van het dagelijks bestuur als vertegenwoordiger van het dagelijks bestuur deel alsmede de directeur van de ISDR. Bij afwezigheid wordt hun plaats ingenomen door een plaatsvervanger. 7.Het Platform kan een lid van het dagelijks bestuur of een of meerdere leden van het algemeen bestuur en/of derden uitnodigen de vergadering van het Platform bij te wonen voor het geven van toelichting en/of advies. Artikel14Leiding van de vergadering 1.De vergaderingen als bedoeld in artikel 13 worden geleid door de voorzitter van het Platform. 2.Bij verhindering of afwezigheid van de voorzitter wijst het Platform een van zijn leden aan als tijdelijk voorzitter van de vergadering. Artikel15Schriftelijke oproeping De voorzitter van het Platform roept de leden, de voorzitter van het dagelijks bestuur, de contact ambtenaar van de ISDR en eventuele genodigden, tot de vergadering op. De oproeping geschiedt door middel van een tijdige, schriftelijke uitnodiging waarin de datum, het tijdstip van aanvang, de plaats van de vergadering en de agenda zijn vermeld. Eventuele bijlagen worden bij de agenda gevoegd. Artikel16Agenda 1.De agenda voor de vergadering wordt door de voorzitter en de secretaris in gezamenlijk overleg opgesteld. 2.Elk lid, alsmede een lid van het algemeen/dagelijks bestuur, heeft het recht schriftelijk agendavoorstellen bij de voorzitter in te dienen. 3.De agenda wordt tenminste één week voor de vergadering aan de leden, de voorzitter van het dagelijks bestuur, de contact ambtenaar van de ISDR en eventuele genodigden toegezonden. Artikel17Beslissing en advies 1.De vergadering van het Platform wordt niet geopend voordat tenminste de helft van het aantal leden aanwezig is. 2.Indien ingevolge het eerste lid de vergadering niet kan worden geopend, belegt de voorzitter, onder verwijzing naar dit artikel, opnieuw een vergadering tegen een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de oproeping is gelegen. 3.Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid niet van toepassing. 4.Alleen de leden van het Platform hebben stemrecht. 5.Indien over een voorstel geen stemming wordt gevraagd is het aangenomen. 6.Stemmingen geschieden door middel van handopsteken. 7.Voor het tot stand komen van een beslissing bij stemming wordt de volstrekte meerderheid vereist van hen die een stem hebben uitgebracht. 8.Tenzij de vergadering voltallig is, wordt bij staking van stemmen het nemen van een beslissing uitgesteld tot een volgende vergadering, waarin de beraadslagingen kunnen worden heropend. 9.Indien de stemmen staken in een voltallige vergadering of in een ingevolge het vorige lid opnieuw belegde vergadering, is het voorstel niet aangenomen. 10.De adviezen van het Platform aan het dagelijks bestuur worden gegeven overeenkomstig de mening van de meerderheid van het Platform. 11.Indien door of namens het dagelijks bestuur is verzocht advies uit te brengen, geeft het Platform hieraan zo spoedig mogelijk, doch in elk geval binnen drie weken gevolg. Artikel18Verslag 1.De secretaris stelt van elke vergadering van het Platform een verslag op. Dit verslag wordt in de eerstvolgende vergadering van het Platform ter vaststelling voorgelegd. 2.Voorafgaande aan de vaststelling, bedoeld in het eerste lid, zendt de secretaris het verslag aan de leden van het Platform, aan het Dagelijks bestuur en aan de contact ambtenaar van de ISDR. HOOFDSTUK5Faciliteiten, financiën en vergoedingen Artikel19Faciliteiten Ten behoeve van de werkzaamheden van het Platform stelt het dagelijks bestuur die faciliteiten om niet beschikbaar die voor een goede taakvervulling noodzakelijk zijn. Het dagelijks bestuur stelt het Platform de volgende faciliteiten ter beschikking: Kopieer apparaat Postverwerking Vergaderruimte Kantoorruimte met computer en afsluitbare kast. Artikel20Buget 1.Ten behoeve van het Platform wordt door de ISDR jaarlijks een budget gereserveerd ter bestrijding van onkosten die de leden redelijkerwijs moeten maken voor de uitoefening van hun taken. Tot deze kosten kunnen mede worden gerekend de kosten van: cursussen ten behoeve van de deskundigheidsbevordering van de leden en het bezoeken van andere bijeenkomsten. gemaakte noodzakelijke onkosten van de leden van het Platform. aanschaf documentatie en kantoorartikelen advertentiekosten kosten van voorlichti 2.De hoogte van dit budget wordt vastgesteld door het algemeen bestuur van de ISDR op grond van een jaarlijkse door het Platform ingediende begroting. 3.Het budget wordt beheerd door de ISDR. 4.Het platform stelt jaarlijks in februari voorafgaande aan het begrotingsjaar, een begroting op. Ter verantwoording van de uitgaven stelt het Platform jaarlijks in de maand januari volgend op het jaar waarop het verslag betrekking heeft, een financieel verslag op. Artikel21Vergoedingen en wijze van declaratiei 1.De leden van het Platform ontvangen een onkostenvergoeding van € 30,00 per maand. De voorzitter en de secretaris ontvangen een onkostenvergoeding van € 50 per maand. De onkostenvergoeding wordt per kwartaal achteraf uitbetaald. 2.De leden van het Platform kunnen door het dagelijks bestuur worden verzocht verantwoording af te leggen over de in lid 1 genoemde onkostenvergoeding. 3.Reiskosten binnen de regio vallen onder de in lid 1 genoemde onkostenvergoeding. 4.Voor reiskosten, gemaakt ten behoeve van het bijwonen van ledenvergaderingen, congressen, workshops en cursussen buiten de regio ontvangen de leden een reiskosten vergoeding. De hoogte van deze reiskosten vergoeding komt overeen met de onbelaste kilometervergoeding zoals die wordt gehanteerd door de belastingdienst (01-01-2010: € 0,19 per km). Kosten voor openbaar vervoer (tweede klas) worden vergoed op basis van de werkelijk gemaakte kosten.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.