Beleidsnota Wegenbeheer, Module A1, UitvoeringsovereenkomstenGedeputeerde Staten stellen de Beleidsnota wegenbeheer - uitvoeringsovereenkomsten vast § 1 Inleiding In deze module worden de uitgangspunten aangegeven waarmee de provincie het overleg met een andere instantie ingaat om tot evenwichtige, praktische en duidelijke afspraken over de aanleg, het onderhoud, de exploitatie en de toekomstige vernieuwing van werken te komen. Deze uitgangspunten vormen voor de provincie een leidraad, om in gelijksoortige gevallen ook gelijksoortige voorstellen te kunnen doen. Daarmee is de eenheid van beleid gediend en dus ook de billijkheid, omdat zo de verschillende contractpartners van de provincie vergelijkbare lasten dragen. Bij het bereiken van overeenstemming wordt rekening gehouden met de omstandigheden die voor elke situatie specifiek zijn. Over de toepassing van de uitgangspunten bij een regeling in concrete situaties is overleg mogelijk en bij de feitelijke toepassing zal de redelijkheid en de goede trouw de belangrijkste plaats innemen. Verder dient de taakverdeling praktisch te zijn. § 2 Algemene uitgangspunten bij toedeling van taken en kosten. Bij het overleg dat aan de uitvoering van een werk voorafgaat, hanteert de provincie voor wat betreft de taak- en kostentoedeling de volgende uitgangspunten: Op plaatsen waar bestaande wegen van verschillende overheden op elkaar zijn aangesloten, is sprake van een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid van twee of meer overheden. Bij werken tot oplossing van bestaande probleemsituaties ter plaatse van kruisingen en splitsingen van wegen wordt een verdeelsleutel gekozen op basis van het aantal aansluitende wegvakken dat elke overheid in beheer heeft, ongeacht de verkeersintensiteit. Dit systeem van kostenverdeling wordt hier verder aangeduid als "wegvakkentheorie". Ingeval de uit te voeren werken het gevolg zijn van het handelen van één partij komen de aanlegkosten ten laste van de veroorzaker, verder in deze nota aangeduid als het "veroorzakerprincipe. De onderhouds- en exploitatiekosten van verkeersvoorzieningen (verkeersregelinstallatie, wegverlichting e.d.) ten behoeve van aansluitingen worden verdeeld conform de wegvakkentheorie. De provincie, als verantwoordelijke van alle zaken die zich op een provinciale weg bevinden, zal de binnen de beheersgrenzen van die weg te realiseren wegbouwkundige en verkeerstechnische werken zelf uitvoeren. In het geval dat géén overeenstemming kan worden verkregen omdat de betrokken andere wegbeheerder zijn medeverantwoordelijkheid ten principale niet erkent, zal de provincie de verdere voorbereiding van het betreffende project, zolang de onderhoudstoestand en/of de verkeersveiligheid het toelaten, opschorten. De betrokken andere wegbeheerder zal daarvan schriftelijk in kennis gesteld worden. Op het moment dat uitstel door de provincie niet langer verantwoord wordt geacht, zal de provincie trachten het overleg met de betrokken wegbeheerder te heropenen. Blijft de andere partij op haar standpunt staan dan zal de provincie de werken, eventueel in aangepaste vorm, uitvoeren. De betrokken andere wegbeheerder zal door de provincie hiervan schriftelijk in kennis gesteld worden, met de mededeling dat de claim inzake de bijdrage van de betrokken derde gehandhaafd blijft. Wanneer de betrokken derde in een later stadium werken wil uitvoeren ter behartiging van een belang waarvoor hij verantwoordelijk is, kan op de oude claim van de provincie worden teruggegrepen. Indien bij de uitvoering van werkzaamheden aan een provinciale weg verkeersvoorzieningen moeten worden aangebracht of aangepast ten behoeve van een zorginstelling die in het kader van het door de provincie gevoerde zorgbeleid wordt gesubsidieerd of kan worden gesubsidieerd, dan wordt die instelling niet belast met de financiële consequenties van de aan te brengen of aan te passen verkeersvoorzieningen. Onder verkeersvoorzieningen wordt in dit verband onder meer verstaan oversteekplaatsen, rijbaansplitsingen, in- en uitvoegstroken, wegverlichtingen en verkeersgeleiders. § 3 Taak- en kostenverdeling bij specifieke zaken. § 3.1 Aanleg en reconstructie. Wat betreft zaken die van direct belang voor de verbindingsfunctie van de weg zijn, geldt dat de provincie deze werken binnen haar beheersgebied zelf uitvoert. Voorbeelden van zaken van direct belang zijn: verhardingen, markeringen, bebording, bermen, beplantingen, verlichting, bewegwijzering, verkeersregelinstallaties, bushalteplaatsen, voetgangersoversteekplaatsen. Voor wat betreft andere zaken kan worden overeengekomen dat de wederpartij voor uitvoering zorgdraagt. Kostentoedeling. Aanleg; hier geldt het veroorzakerprincipe. Het kan echter voorkomen dat als gevolg van de aanleg van een nieuw werk van de ene partij ook een kwalitatieve verbetering ontstaat aan een bestaand werk van de andere partij. In zo'n geval heeft die andere partij mede voordeel van het nieuwe werk. In dergelijke gevallen moet het verlenen van een bijdrage door die andere partij tot de mogelijkheden behoren. Reconstructie/aanpassingen van bestaande kruispunten of aansluitingen. De reconstructie van een bestaande situatie kan nodig zijn: Omdat de situatie op een kruispunt zelf te wensen overlaat. De reconstructiekosten worden tussen de provincie en de beheerder van het aansluitende wegvak verdeeld volgens de wegvakkentheorie. De uit te voeren werken zijn het gevolg van het handelen van één beheerder van een weg op een aansluiting. De reconstructiekosten komen volledig ten laste van de veroorzakende beheerder: het veroorzakerprincipe Op grond van plaatselijke specifieke omstandigheden kan een nadere kostenverdeling tussen partijen worden overeengekomen. In de gevallen, genoemd onder a en b, kan het voorkomen dat enige tijd na de uitvoering van het werk alsnog nadere voorzieningen nodig blijken, bijvoorbeeld verlichting of een verkeersregelinstallatie. Welke aanvullende voorzieningen nodig zijn, zal in overleg met de betrokken instantie door de provincie worden bepaald. Doet de noodzaak zich voor binnen vijf jaar na voltooiing van het werk en vindt de noodzaak zijn oorsprong in door de veroorzaker aangegeven (onjuiste) ontwerpuitgangspunten dan komen de kosten van aanleg alsnog ten laste van de partij die het oorspronkelijke werk heeft bekostigd. Na verloop van vijf jaar is sprake van een bestaande situatie. § 3.2 Beheer, onderhoud en exploitatie. Wegvakken en gelijkvloerse kruisingen. Buiten de bebouwde kom verricht de provincie, binnen haar beheersgebied, het beheer en onderhoud van alle zaken die direct van belang zijn voor het verkeer op de provinciale weg: verhardingen, markeringen, bebording, bermen, beplantingen, verlichting, bewegwijzering en verkeersregelinstallaties. De gemeenten worden belast met zaken welke niet direct van belang zijn voor het verkeer op de provinciale weg, zoals informatiekasten en abri's. De kosten van verhardingen en bijbehorende zaken van aansluitingen van wegen van een andere overheid, voor zover gelegen binnen de overeen te komen provinciale beheersgrens, worden onderhouden door de provincie voor rekening van de beheerder van die aansluitende weg. In de beheersovereenkomst en de daarbij behorende tekening(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.