effing en belastbaar feit Voor de hierna omschreven diensten, door of vanwege de provincie verstrekt, waaronder mede verstaan het in behandeling nemen van aanvragen daartoe, worden leges geheven overeenkomstig de bepalingen van deze verordening en volgens de daarbij vermelde tarieven. In deze verordening worden voor leges gehouden de rechten als bedoeld in artikel 223 van de Provinciewet. Artikel 2. Belastingplicht De leges worden geheven van degene, op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie, een in deze verordening omschreven dienst wordt aangevraagd, verricht of een hierin genoemd stuk wordt afgegeven. Artikel 3. Wijze van heffing De leges worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving, nota of andere schriftuur, waarop het verschuldigde bedrag wordt vermeld. Artikel 4. Invorderingsrente Geen invorderingsrente wordt in rekening gebracht indien deze in totaal een bedrag van € 25,-- niet te boven gaat. Artikel 5. Beslissing tot het niet verder in behandeling nemen van een aanvraag Indien ingevolge artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht besloten wordt een aanvraag om een vergunning, ontheffing, toestemming, vrijstelling of andere beschikking waarvoor leges worden geheven op grond van deze verordening, niet verder te behandelen, wordt teruggaaf van de geheven leges verleend van: 50% van het basistarief voor een aanvraag, indien sprake is van een basistarief, plus 100% van alle toeslagen; indien er geen sprake is van een basistarief, 50% van het volledige tarief voor een aanvraag; teruggaaf ingevolge dit artikel vindt niet plaats als leges zijn geheven als gevolg van artikel 13. Artikel 6. Gedoogbeschikkingen Voor het verstrekken van een gedoogbeschikking op aanvraag wordt geheven: indien er sprake is van een basistarief, 100% van het basistarief voor een aanvraag; indien er geen sprake is van een basistarief, 50% van het volledige tarief voor een aanvraag. Artikel 7. Intrekking vergunningaanvraag Indien aanvragen om een vergunning, ontheffing, toestemming, vrijstelling of andere beschikking genoemd in deze verordening ingetrokken worden, voordat op de aanvraag is beschikt wordt 75% van het legestarief gerestitueerd. Deze teruggaaf vindt niet plaats als leges zijn geheven als gevolg van artikel 13. Indien de intrekking geschiedt op verzoek van Gedeputeerde Staten, wordt 100% van de geheven leges gerestitueerd. Restitutie vindt plaats nadat de aanvraag is ingetrokken. Artikel 8. Niet verlenen vergunning Indien op aanvragen om een vergunning ontheffing, toestemming, vrijstelling of andere beschikking genoemd in deze verordening, afwijzend wordt beschikt, wordt teruggaaf van 50% van de geheven leges verleend. Deze teruggaaf vindt niet plaats als leges zijn geheven als gevolg van artikel 13. Artikel 9. Overdracht bevoegdheden Gedeputeerde Staten zijn bevoegd de tarieven die in deze legesverordening voorkomen aan te passen aan de kostenstijging van de diensten waarvoor de leges geheven worden. Artikel 10. Kwijtschelding Bij de invordering van leges wordt geen kwijtschelding verleend als bedoeld in artikel 26 van de Invorderingswet 1990. Artikel 11a Hardheidsclausule Indien door bijzondere omstandigheden de strikte toepassing van deze verordening naar het oordeel van Gedeputeerde Staten zou leiden tot een niet gerechtvaardigde uitkomst, kunnen Gedeputeerde Staten afwijken van het bepaalde in deze verordening, door te besluiten minder legesheffing of geen legesheffing op te leggen. Artikel 11. Diverse beschikkingen De leges bedragen voor: Tarief 2002 a. Een beschikking van Provinciale Staten, Gedeputeerde Staten of de Commissaris van de Koningin op een aanvraag om een vergunning, ontheffing, toestemming, vrijstelling of andere beschikking, voor zover in deze verordening niet uitdrukkelijk genoemd: € 34,-- b. In geval toepassing wordt gegeven aan artikel 4:7 en/of 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht wordt een toeslag in rekening gebracht van: € 34,-- c. In geval toepassing wordt gegeven aan afdeling 3:4 of 3:5 van de Algemene wet bestuursrecht wordt een toeslag in rekening gebracht van: € 227,-- Artikel 12. Drukwerken en dergelijke De vergoeding die ingevolge dit artikel in rekening wordt gebracht, bedraagt niet meer dan de kostprijs. 12.1 De leges bedragen voor: Tarief 2002 a. Één of meer op aanvraag gedrukte, gefotokopieerde of op andere wijze gereproduceerde exemplaren van een bij een provinciaal bestuursorgaan berustend stuk, voor zover hierna niet is vermeld, per geheel of gedeeltelijk gedrukte bladzijde met een minimum van € 2,50 € 0,15 b. Gedrukte kaarten of tekeningen, per kaart of tekening: - één kleur: € 2,50 - meer kleuren: € 3,50 c. De notulen van een vergadering van Provinciale Staten: € 2,50 De notulen met de stukken (volgnummers), met uitzondering van de hierna genoemd onder d, welke in een vergadering zijn behandeld: € 10,-- d. De (ontwerp-) provinciale begroting, met de daarbij behorende stukken: € 40,-- De (ontwerp-) provinciale rekening, met de daarbij behorende stukken: € 28,-- e. Een jaarabonnement (van 1 januari tot en met 31 december) op: - een provinciaal blad: € 20,-- - de stukken (volgnummers), welke in de vergadering van Provinciale Staten zullen worden behandeld: € 64,-- - de notulen van de vergadering van Provinciale Staten: € 12,-- - de stukken, welke in de vergadering van een commissie van advies en bijstand behandeld worden, per commissie: € 51,-- f. Het doen van nasporingen in het provinciaal archief en/of gegevens-bestanden door of met hulp van een provinciaal ambtenaar, per half uur of gedeelte daarvan: € 13,-- g. Een adreslijst van instellingen en rechtspersonen op A4-papier of op een A4-stickervel (maximaal 16 adressen op een A4): - per A4-papier: € 1,40 - per A4-stickervel: € 2,30 h. - de afgifte van een fase-diagram van twee conflecterende richtingen van een verkeersregelinstallatie: € 105,-- - de afgifte van een daarbij behorende situatietekening: € 37,-- 12.2. Het bepaalde onder 13.1 sub a. tot en met e. is niet van toepassing op de afgifte van stukken aan vertegenwoordigers van de pers en openbare bibliotheken. Het bepaalde in artikel 12.1 sub a, c, d en e is niet van toepassing op de afgifte van de stukken (volgnummers), welke zullen worden behandeld in de openbare vergaderingen van Provinciale Staten en de door Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten ingestelde provinciale commissies en adviesorganen, alsmede van adviesorganen, waarvan de leden door Gedeputeerde Staten zijn benoemd, voor zover de stukken openbaar zijn en indien deze worden gevraagd door politieke groeperingen op grond van het bepaalde in de Kieswet en vertegenwoordigt in Provinciale Staten tot ten hoogste het aantal exemplaren dat zij leden in dat college tellen. Artikel 12.1, sub a, c, d en e is eveneens niet van toepassing op afgifte van ten hoogste twee exemplaren per jaar van deze stukken, indien deze worden gevraagd door politieke groeperingen, ingeschreven op grond van het bepaalde in de Kieswet, die niet in de Provinciale Staten vertegenwoordigd zijn. Het bepaalde onder artikel 12.1 sub a. tot en met h. is niet van toepassing indien en voor zover de per onderdeel in rekening te brengen vergoeding minder bedraagt dan € 100,-. Artikel 13 Omgevingsvergunning Bouwen In dit artikel wordt verstaan onder: bouwkosten: aannemingssom (exclusief omzetbelasting) als bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken 1989 (UAV 1989), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de bouwkosten (exclusief omzetbelasting) als bedoeld in normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd; Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; Wro: Wet ruimtelijke ordening. Realiseren van een bouwwerk Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, Wabo voor het bouwen van een bouwwerk: indien de bouwkosten niet meer bedragen dan € 20.000,-: € 2.654,-; indien de bouwkosten meer bedragen dan € 20.000,- doch niet meer dan € 50.000: € 2.654,- verhoogd met 3,946 % van de bouwkosten minus € 20.000,-; indien de bouwkosten meer bedragen dan € 50.000,- doch niet meer dan € 100.000;-: € 3.838,- verhoogd met 4,734 % van de bouwkosten minus € 50.000,-; indien de bouwkosten meer bedragen dan € 100.000,-- doch niet meer dan € 400.000,-: € 6.205,- verhoogd met 1,776 % van de bouwkosten minus € 100.000,-; indien de bouwkosten meer bedragen dan € 400.000,-- doch niet meer dan € 1.000.000,-: € 11.533,- verhoogd met 1,923 % van de bouwkosten minus € 400.000,-; indien de bouwkosten meer bedragen dan € 1.000.000,-- doch niet meer dan € 5.000.000,-: € 23.076,- verhoogd met 0,506 % van de bouwkosten minus € 1.000.000,-; indien de bouwkosten meer bedragen dan € 5.000.000,- doch niet meer dan € 25.000.000,-: € 43.350, - verhoogd met 0,150 % van de bouwkosten minus € 5.000.000,-; indien de bouwkosten meer bedragen dan € 25.000.000,-: € 73.391,- verhoogd met 0,150 % van de bouwkosten minus € 25.000.000,- met een maximum van € 75.000,-. Beoordeling bodemrapport Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning voor het bouwen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, Wabo wordt verhoogd indien de aanvraag tot het verstrekken van een vergunning krachtens wettelijk voorschrift slechts kan worden afgehandeld indien: een milieukundig bodemrapport wordt beoordeeld, met € 134,-; een archeologisch bodemrapport wordt beoordeeld, met € 134,-. Beoordeling advies agrarische adviescommissie Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning voor het bouwen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, Wabo wordt verhoogd indien de aanvraag tot het verstrekken van een vergunning krachtens wettelijk voorschrift slechts kan worden afgehandeld indien een advies van de agrarische adviescommissie wordt beoordeeld, met € 595,-. Toetsing of ontheffing in het kader van een exploitatieplan Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning voor het bouwen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, Wabo wordt verhoogd, indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwwerk ten aanzien waarvan: een ontheffing als bedoeld in artikel 6.12, zesde lid, Wro wordt verleend, met € 328, - ; toetsing aan een exploitatieplan dient plaats te vinden, met € 328, -; aanhouding plaatsvindt ex artikel 3.5, eerste lid Wabo, met € 328, -. Gebruik gronden en bouwwerken / vrijstellingen of ontheffingen bestemmingsplan e.a. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, Wabo tot het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met: - een bestemmingsplan of beheersverordening, bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 3, Wabo: € 4.950,-; - een bestemmingsplan of beheersverordening indien de vergunning betrekking heeft op bij en krachtens AMvB aangegeven gevallen, bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 2, Wabo: € 328,-; - een bestemmingsplan of beheersverordening, bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 1, Wabo: € 328,-; - een exploitatieplan, met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder b, Wabo: met € 328,-; - de regels, bedoeld in artikel 4.1, derde lid, Wro, gesteld bij of krachtens de in het eerste lid van dit artikel genoemde provinciale verordening ruimte, ingevolge artikel 2.12, eerste lid, onder c, Wabo: met € 328,-; - de regels bedoeld in artikel 4.3, derde lid, Wro, gesteld bij of krachtens de in het eerste lid van dit artikel genoemde AMvB, ingevolge artikel 2.12 eerste lid, onder c, Wabo: met € 328,-; - een voorbereidingsbesluit, voor zover toepassing is gegeven aan artikel 3.7, vierde lid, tweede volzin Wro, ingevolge artikel 2.12, eerste lid, onder d, Wabo: met € 328,-; - een bestemmingsplan of beheersverordening indien de vergunning betrekking heeft op een activiteit voor een bepaalde termijn, bedoeld in artikel 2.12, tweede lid, Wabo: € 328,-. Monumenten / beschermd stads- of dorpsgezicht Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning als bedoeld in: artikel 2.1, eerste lid, onder f, Wabo voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een beschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht: € 3.000,- ; artikel 2.1, eerste lid, onder h, Wabo voor het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht: € 1.312,-; artikel 2.2, eerste lid, onder b, sub 1 en sub 2, Wabo voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een krachtens provinciale of gemeentelijke verordening aangewezen monument, of het herstellen, gebruiken of laten gebruiken daarvan op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar wordt gebracht: € 3.000,-; artikel 2.2, eerste lid, onder c, Wabo voor het slopen van een bouwwerk dat krachtens provinciale of gemeentelijke verordening is aangewezen als beschermd stads- of dorpsgezicht: € 1.312,-. Slopen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, Wabo voor het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, dan wel als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onderdeel a, Wabo voor het slopen van een bouwwerk voor zover daarvoor krachtens provinciale of gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist: € 1.312,-. Kappen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder g, Wabo voor het vellen of doen vellen van houtopstand: € 246,-. Handelsreclame Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vergunning als bedoeld in: artikel 2.2, eerste lid, onder h, Wabo voor het op of aan een onroerende zaak maken of voeren van handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats: € 328,- ; artikel 2.2, eerste lid, onder i, Wabo voor het als eigenaar, beperkt zakelijk gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat op of aan die onroerende zaak handelsreclame wordt gemaakt of gevoerd met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats: € 328,-. Handelingen in een beschermd natuurgebied / gevolgen voor habitats en soorten Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning: met betrekking tot handelingen in / nabij een beschermd natuurmonument die schadelijk kunnen zijn voor het natuurschoon, de natuurwetenschappelijke betekenis of voor de dieren of planten als bedoeld in artikel 16, Natuurbeschermingswet 1998: € 2706,-; voor het realiseren van projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitats en soorten in / nabij een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 19d, Natuurbeschermingswet 1998: € 2706,-. In afwijking van het eerste lid, onder a, bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning als bedoeld in het eerste lid, onder a, nihil, indien reeds leges zijn geheven voor het behandelen van een verzoek als bedoeld in artikel 13b, eerste lid, voor dezelfde handeling en N-depositie het enige effect is op het desbetreffende gebied of de desbetreffende gebieden. In afwijking van het eerste lid, onder a, bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verlenen van een omgevingsvergunning als bedoeld in het eerste lid, onder a, indien voor dezelfde handeling reeds een melding voor kennisgeving is aangenomen als bedoeld in artikel 9, sub a, van de Verordening stikstof en Natura 2000 Noord-Brabant en N-depositie het enige effect is op het betreffende gebied of de desbetreffende gebieden: € 656,-. Ontheffing Flora- en Faunawet Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een ontheffing als bedoeld in artikel 75, lid 3, Flora- en Faunawet: € 328,-. Andere activiteiten Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in: artikel 2.1, eerste lid, onderdeel i, Wabo voor het verrichten van een andere activiteit die behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving: € 574, -; artikel 2.2, tweede lid, Wabo voor het verrichten van een activiteit die geheel of gedeeltelijk bestaan uit andere activiteiten en die behoren tot een bij provinciale, gemeentelijke of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving: € 574,-. Overige omgevingsvergunningen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wabo voor zover daarvoor niet elders in dit hoofdstuk een tarief is opgenomen: € 574,- . Omgevingsvergunning in twee fasen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een omgevingsvergunning in twee fasen als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, Wabo ter zake van de: eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in deze tarieventabel voor de vergunning(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.