25 Bezwaarschriften 25 Bezwaarschriften Artikel 25:1:1:1 Begrippen In deze regeling wordt verstaan onder: commissie: de bezwarencommissie Algemene Rechtspositionele Aangelegenheden als bedoeld in artikel 25:1:1:2 van deze verordening; (plaatsvervangend) lid: een persoon die is aangewezen om zitting te nemen in de commissie en die geen deel uitmaakt van en niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan; betrokkene(n): (voormalig) personeel van de gemeente Almelo aangesteld (geweest) op grond van de CAR; wet: wet van 4 juni 1992 (Stbl. 1992t 315) houdende algemene regels van bestuursrecht (Algemene wet bestuursrecht). Artikel 25:1:1:2 Inleidende bepaling Er is een commissie algemene rechtspositionele aangelegenheden. Deze commissie is belast met de voorbereiding van de beslissing op gemaakte bezwaren als bedoeld in artikel 1:5 van de wet op het gebied van de rechtspositie van personeel dat is aangesteld op grond van de CAR. Artikel 25:1:1:3 Samenstelling commissie Lid 1 De commissie bestaat uit een voorzitter en tenminste twee leden die worden benoemd, geschorst en ontslagen door het college; Lid 2 Het college benoemt overeenkomstig het eerste lid een plaatsvervangend voorzitter en een genoegzaam aantal plaatsvervangende leden. Lid 3 De voorzitter en de leden van de commissie alsmede de plaatsvervangend voorzitter en plaatsvervangende leden kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan. Artikel 25:1:1:4 Instelling kamers Lid 1 Het college kan kamers instellen, op voordracht van de commissie, die belast worden met de behandeling van bezwaarschriften. Lid 2 Het college bepaalt het aantal kamers en stellen voor elke kamer vast welke categorie of categorieën bezwaarschriften door haar zullen worden behandeld. Lid 3 Elke kamer bestaat uit tenminste 3 leden, te weten: een voorzitter, zijnde plaatsvervangend voorzitter van de commissie; tenminste twee andere leden, zijnde plaatsvervangende leden van de commissie. Lid 4 De kamer kan beslissen, dat de behandeling van een bezwaarschrift door de commissie zal geschieden. Lid 5 Met betrekking tot de werkwijze van de kamers is het bepaalde in deze verordening zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Lid 6 Het college stelt in ieder geval een kamer in ten behoeve van de bezwaarschriften inzake functiewaardering en inzake de Regeling bezwarende omstandigheden. Artikel 25:1:1:5 Secretaris Lid 1 Door het college wordt aan de commissie, en haar kamers, een ambtelijk secretaris toegevoegd. Lid 2 De ambtelijk secretaris is geen lid van de commissie of haar kamers en heeft geen stemrecht Artikel 25:1:1:6 Zittingsduur Lid 1 De voorzitter en de leden van de commissie en haar kamers worden benoemd voor de duur van 4 jaar. Zij zijn terstond herbenoembaar. Lid 2 De aftredende voorzitter en de aftredende leden van de commissie en haar kamers blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. Lid 3 De voorzitter en de leden van de commissie en haar kamers kunnen op ieder moment ontslag nemen. Zij doen daarvan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan het college. Artikel 25:1:1:7 Overdracht bevoegdheden De bevoegdheden ingevolge de artikelen: 2:1, tweede lid, 6:6, voor wat betreft het, t.a.v. de indiener, stellen van een termijn waarbinnen het verzuim in de zin van het niet voldoen aan de vereisten gesteld in artikel 6:5 van de wet, kan worden hersteld, 6:17, voor zover het betreft de verzending van de stukken tijdens de behandeling door de commissie, 7:4, tweede lid, 7:6, vierde lid, van de wet, worden voor de toepassing van deze regeling uitgeoefend door de voorzitter van de commissie of haar kamers. Artikel 25:1:1:8 Vooronderzoek Lid 1 De voorzitter van de commissie of haar kamers is in verband met de voorbereiding van de behandeling van het bezwaarschrift bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te doen inwinnen. Lid 2 De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en dezen zo nodig uitnodigen daartoe in de zitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist. Artikel 25:1:1:9 Hoorzitting Lid 1 De voorzitter van de commissie of haar kamers bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin belanghebbende(n) en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te doen horen. Lid 2 De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de wet. Lid 3 Indien de voorzitter op grond van de in het tweede lid genoemde artikel besluit van het horen af te zien, doet hij daarvan mededeling aan: de betrokkene(n) en het verwerende orgaan. Artikel 25:1:1:10 Uitnodiging zitting Lid 1 De voorzitter deelt de betrokkene(n) en het verwerend orgaan ten minste drie weken voor de zitting schriftelijk mee, dat zij in de gelegenheid worden gesteld zich te doen horen tijdens de zitting. Lid 2 Binnen drie dagen na de in het eerste lid bedoelde mededeling kan de betrokkene of het verwerend orgaan, onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. Lid 3 De beslissing van de voorzitter op een verzoek als bedoeld in het tweede lid wordt zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval twee weken voor het tijdstip van de zitting aan betrokkene(n) en het verwerend orgaan meegedeeld. Lid 4 De voorzitter is bevoegd in bijzondere gevallen af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen als genoemd in de leden 1 tot en met 3. Artikel 25:1:1:11 Openbaarheid zitting Lid 1 De zitting van de commissie of haar kamers is openbaar. Lid 2 De deuren worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of een
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.