Verordening op de heffing en invordering van standplaatsgelden 2010artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: standplaats: een plaats op of aan de openbare weg bestemd voor de verkoop van waren; jaar: een kalenderjaar; kwartaal: respectievelijk een kalenderjaar en een kalenderkwartaal; maand: een kalendermaand; dag: een dag. Een gedeelte van een dag of van een vierkante meter wordt voor een gehele gerekend. artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam standplaatsgeld wordt een recht geheven voor het hebben van een standplaats, daaronder begrepen de diensten die met de standplaats zijn geregeld. artikel 3 Ontstaan van de belastingschuld Voor de toepassing van de in artikel 5 vermelde tarieven worden de wegen in de gemeente onderverdeeld in de volgende tariefklassen: I: Lange Nieuwstraat en Plein 1945; II: de overige wegen. Tot de wegen of gedeelten van wegen vermeld onder de tariefklassen I en II worden geacht mede te behoren weggedeelten gelegen binnen een afstand van 20 meter van het begin- of eindpunt hiervan, alsmede de op die wegen of gedeelten van die wegen uitkomende zijstraten tot een afstand van 20 meter van het snijpunt van de rijbaankanten of verlengden daarvan. Indien op grond van het vorenstaande een weg of een gedeelte van een weg kan worden begrepen zowel in tariefklasse I als in tariefklasse II, wordt deze weg of dat gedeelte van een weg geacht te zijn begrepen in tariefklasse I. Onder wegen wordt in dit artikel verstaan wegen of gedeelten van wegen, die eigendom zijn van de gemeente. artikel 4 Belastingtarieven Het standplaatsgeld bedraagt voor elke in de vergunning genoemde dag, per vierkante meter oppervlak welke wordt ingenomen, voor een: standplaats voor vrijdag, zaterdag of zondag gedurende een kwartaal of een jaar, daargelaten of daarvan al dan niet gebruik wordt gemaakt, en welke kan worden begrepen onder: I: per kwartaal € 15,25 jaar € 54,10 II: per kwartaal € 7,50 jaar € 26,95 een standplaats voor maandag, dinsdag, woensdag of donderdag, gedurende een kwartaal of een jaar, daargelaten of daarvan al dan niet gebruik wordt gemaakt, en welke kan worden begrepen onder: I: per kwartaal € 7,50 jaar € 26,95 II: per kwartaal € 3,75 jaar € 13,40 Voor een standplaats op een weg of een gedeelte van een weg waar de door het college van burgemeester en wethouders ingestelde warenmarkt wordt gehouden, zijn voor de dag, waarop aldaar de weekmarkt wordt gehouden, de bepalingen van het eerste lid van dit artikel niet van toepassing, maar wordt voor die dag het in artikel 3 van de Verordening marktgelden 2006 genoemde marktgeld geheven. Het standplaatsgeld bedraagt voor alle overige standplaatsen voor elke dag per vierkante meter oppervlak welke wordt ingenomen € 1,30 artikel 5 Belastingplicht De recht wordt geheven van degene, die de in artikel 1 bedoelde standplaatsen heeft. artikel 6 Wijze van heffing De voor een maand, kwartaal of een jaar verschuldigde standplaatsgelden worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving, nota of andere schriftuur, waarop het bedrag wordt vermeld. artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.