De raad van de gemeente Losser gelezen het voorstel van het presidium van 22 februari 2011; gelet op het bepaalde in de artikelen 61, 82 en 86 van de Gemeentewet, artikel 15 van de Archiefwet 1995 en artikel 9 van het Archiefbesluit 1995 en de circulaire van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties d.d. 4 november 2005, kenmerk 2005-278431; Besluit: Vast te stellen Verordening op de vertrouwenscommissie gemeente Losser 2011 Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. de minister: de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; b. de commissaris: de commissaris van de Koningin in de provincie Overijssel; c. de burgemeester: de burgemeester van Losser; d. de commissie: de vertrouwenscommissie, zijnde een raadscommissie, die belast is met de voorbereiding van de aanbeveling tot vervulling van de vacature burgemeester. Artikel2Taak en bevoegdheden van de commissie De commissie heeft tot taak een door de commissaris aan te reiken selectie van kandidaten voor de vervulling van de vacature burgemeester van Losser en eventuele andere kandidaten voor deze vacature die zich bij haar melden, te beoordelen. De commissie brengt over haar bevindingen schriftelijk en vertrouwelijk verslag uit aan de raad en de commissaris. Het verslag aan de raad wordt voorzien van een conceptaanbeveling van twee personen. De commissie geeft tevens een beredeneerde volgorde van de kandidaten op haar conceptaanbeveling aan. Indien de commissie ook andere kandidaten, die niet behoren tot de selectie van de commissaris, wil beoordelen, stelt zij de commissaris hiervan onverwijld in kennis. Indien de commissie besluit een door de commissaris geselecteerde kandidaat niet te ontvangen, stelt zij de commissaris en de kandidaat hiervan onverwijld in kennis. De commissie verschaft zich slechts door tussenkomst van de commissaris de door haar nodig geachte informatie over de kandidaten. De commissie brengt haar in lid 1 bedoelde bevindingen uit op basis van de namen en eventuele verdere gegevens die de commissaris haar verstrekt en op basis van mondelinge en schriftelijke informatie die de door haar ontvangen kandidaten haar geven, zulks na weging van een en ander. De commissie kan de commissaris vragen in de gelegenheid te worden gesteld de op schrift gestelde bevindingen mondeling toe te lichten. Bij haar werkzaamheden neemt de commissie het gestelde in de circulaire van de minister d.d. 4 november 2005, kenmerk 2005-278431, in acht. Artikel3Samenstelling commissie De commissie bestaat uit de voorzitters van de vijf raadsfracties. De 1e plaatsvervangend voorzitter van de raad is voorzitter van de commissie. De commissie kent geen plaatsvervangende leden. Eén wethouder, als vertegenwoordiger van het college van burgemeester en wethouders, wordt als adviseur aan de commissie toegevoegd tijdens de gesprekken met de kandidaten. De wethouder is geen lid van de commissie en heeft geen stemrecht in de commissie. Artikel4Ambtelijke ondersteuning De griffier is secretaris van de commissie. Hij geeft ambtelijke ondersteuning aan de commissie. Hij is geen lid van de commissie en heeft geen stemrecht in de commissie. De gemeentesecretaris is plaatsvervangend secretaris van de commissie. Artikel5Vergaderingen De vergaderingen van de commissie zijn besloten. De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of tenminste twee leden dit noodzakelijk achten. De voorzitter doet van elke vergadering tenminste vierentwintig uur tevoren aankondiging aan de leden van de commissie. De commissie vergadert niet indien niet tenminste de helft plus één van het aantal leden aanwezig is. Artikel6Geheimhouding De commissie legt in elke vergadering, met toepassing van artikel 86 van de Gemeentewet, geheimhouding op over de inhoud van de stukken en het behandelde tijdens de vergadering. De voorzitter ziet erop toe dat aan het gestelde in het vorige lid wordt voldaan. De commissie en haar leden verstrekken geen inzage in de stukken noch informatie over de stukken en over het behandelde in haar vergadering aan raadsleden die geen zitting hebben in de commissie, noch aan anderen, behoudens het bepaalde in artikel 2, lid
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.