Afschaffingswet
Waar gaat deze regeling over?
Wet van 16 mei 1829 die de nog geldende oude wetboeken uitdrukkelijk afschaft op het moment dat de nieuwe nationale wetboeken worden ingevoerd.
Voor wie: Alle rechtssubjecten, rechters en autoriteiten die met de overgang naar de nieuwe nationale wetgeving te maken kregen.
In één oogopslag
- Land
- Nederland
- Rechtsgebied
- Burgerlijk recht
- Artikelen
- 7
- Bron
- wetten.overheid.nl
- Tekst opgehaald op
- Uitleg bijgewerkt op
Wat regelt deze regeling?
- Schaft het Wetboek Napoleon en de daarbij behorende besluiten af vanaf de invoering van het Burgerlijk Wetboek der Nederlanden (art. 1).
- Schaft de algemene en plaatselijke gebruiken en het gezag van het Romeinse recht af in de door het nieuwe wetboek behandelde stoffen (art. 1).
- Schaft de oude wetboeken van burgerlijke rechtsvordering, koophandel, strafrecht en strafvordering af telkens op de dag van invoering van het overeenkomstige nieuwe wetboek (art. 2-5).
- Bepaalt dat ieder nieuw wetboek in een doorlopende reeks artikelen wordt vervat (art. 7).
Voor wie geldt deze regeling?
- Alle rechtssubjecten, rechters en autoriteiten die met de overgang naar de nieuwe nationale wetgeving te maken kregen.
Wat zijn de kernpunten?
- Het Wetboek Napoleon houdt op kracht van wet te hebben vanaf de invoering van het nieuwe Burgerlijk Wetboek (art. 1).
- Het wettelijk gezag van het Romeinse recht is en blijft afgeschaft (art. 1).
- Elke oude wetboek wordt afgeschaft op de dag dat het nieuwe overeenkomstige wetboek in werking treedt (art. 2-6).
- De nieuwe wetboeken krijgen een doorlopende artikelnummering, met enkele voorgeschreven herschikkingen van titels (art. 7).
Burgerlijk recht
Wettekst
Wettekst
Wet van 16 Mei 1829, omtrent de afschaffing der nog in werking zijnde wetboeken, op het tijdstip der invoering van de nationale wetboeken Afschaffingswet Wij WILLEM, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, Groot-Hertog van Luxemburg, enz., enz., enz.
Allen die deze zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten:
Alzoo Wij in overweging hebben genomen, dat het van belang is om, op het tijdstip der invoering van de nationale wetboeken en van de wet op de regterlijke organisatie, de nog in werking zijnde wetboeken, en wel over dezelfde stoffen handelende, uitdrukkelijk afteschaffen;
Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord en met gemeen overleg der Staten-Generaal,
Artikel 11
Te rekenen van den dag der invoering van het burgerlijk wetboek der Nederlanden, wordt afgeschaft en zal ophouden kracht van wet te hebben, het wetboek van Napoleon, met al de daartoe behoorende besluiten en verordeningen.
2 Insgelijks zijn op hetzelfde tijdstip afgeschaft de algemeene en plaatselijke gebruiken in de stoffen welke bij het nieuwe wetboek worden behandeld. Het wettelijk gezag van het romeinsche regt is en blijft afgeschaft.
Artikel 2
Het tegenwoordige wetboek op de manier van procederen in burgerlijke zaken, mitsgaders de besluiten en verordeningen daartoe betrekkelijk, zijn afgeschaft op den dag der invoering van het nieuwe wetboek van burgerlijke regtsvordering.
Artikel 3
Het tegenwoordige wetboek van koophandel, mitsgaders de besluiten en verordeningen daartoe betrekkelijk, zijn afgeschaft op den dag der invoering van het nieuwe wetboek van koophandel.
Artikel 4
Het tegenwoordige wetboek op het strafregt, mitsgaders de besluiten en verordeningen daartoe betrekkelijk, zijn afgeschaft op den dag der invoering van het nieuwe wetboek op het strafregt.
Artikel 5
Het tegenwoordige wetboek van criminele instructie, mitsgaders de besluiten en verordeningen daartoe betrekkelijk, zijn afgeschaft op den dag der invoering van het nieuwe wetboek van strafvordering.
Artikel 6
De tegenwoordige wetten op de zamenstelling der regterlijke magt, mitsgaders de besluiten en verordeningen daartoe betrekkelijk, zijn afgeschaft op den dag der invoering van de wet van 18 April 1827.
Artikel 7
Ieder wetboek van het Koningrijk zal in eene doorloopende reeks van artikelen worden vervat, met in achtneming der orde bij de vastgestelde titels aangenomen, en met zoodanige wijzigingen en verbeteringen, als bij eenige afzonderlijke wetten reeds zijn of nader zullen worden aangenomen, behoudens:
1°. Dat de 12e titel van het 1e boek van het burgerlijk wetboek, handelende van de akten van den burgerlijken stand, onmiddellijk zal volgen op den 2e titel van dat boek, handelende van Nederlanders en Vreemdelingen.
2°. Dat de 5e titel van het 3e boek, handelende van schenkingen, zal worden geplaatst dadelijk na den 9e titel van hetzelfde boek.
Lasten en bevelen dat deze in het staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle ministeriële departementen, autoriteiten, kollegien en ambtenaren, wien zulks aangaat, aan de naauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te Brussel den 16den Mei des jaars 1829, en van Onze regering het zestiende.
WILLEM.
Van wege den Koning, J. G. DE MEY VAN STREEFKERK. den zeven en twintigsten Mei 1829, De Secretaris van Staat, J. G. DE MEY VAN STREEFKERK,