Wet van 15 mei 1829 met de algemene bepalingen van de wetgeving van het Koninkrijk; een aantal artikelen is inmiddels vervallen, maar de kernbeginselen gelden nog.
g van Luxemburg, enz., enz., enz. Allen den genen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten: Alzoo Wij hebben in overweging genomen, dat de algemeene bepalingen, vervat bij de wet van den 14den Juni 1822 (staatsblad n°. 10), niet bij uitsluiting toepasselijk zijn op het burgerlijk wetboek; Dat daarenboven art. 1 over eene stoffe handelt, welke hare plaats zal behooren te vinden in eene afzonderlijke wet; Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, Hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan te bepalen hetgeen volgt: Artikel 1 Vervallen Artikel 2 Vervallen Artikel 3 Vervallen Artikel 4 De wet verbindt alleen voor het toekomende en heeft geene terugwerkende kracht. Artikel 5 Eene wet kan alleen door eene latere wet, voor het geheel of gedeeltelijk, hare kracht verliezen. Artikel 6 Vervallen Artikel 7 Vervallen Artikel 8 De strafwetten en de verordeningen van policie, zijn verbindende voor allen die zich op het grondgebied van het Koningrijk bevinden. Artikel 9 Het burgerlijk regt van het Koningrijk is hetzelfde voor vreemdelingen als voor de Nederlanders, zoo lange de wet niet bepaaldelijk het tegendeel vaststelt. Artikel 10 Vervallen Artikel 11 De regter moet volgens de wet regt spreken: hij mag in geen geval de innerlijke waarde of billijkheid der wet beoordeelen. Artikel 12 Geen regter mag bij wege van algemeene verordening, dispositie of reglement, uitspraak doen in zaken welke aan zijne beslissing onderworpen zijn. Artikel 13 De regter die weigert regt te spreken, onder voorwendsel van het stilzwijgen, de duisterheid of de onvolledigheid der wet, kan uit hoofde van regtsweigering vervolgd worden. Artikel 13a De regtsmagt van den regter en de uitvoerbaarheid van regterlijke vonnissen en van authentieke akten worden beperkt door de uitzonderingen in het volkenregt erkend. Artikel 14 Vervallen Lasten en bevelen dat deze in het staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle ministeriële departementen, autoriteiten, kollegien en ambtenaren, wien zulks aangaat, aan de naauwkeurige uitvoering de hand zullen houden. Gegeven te Brussel den 15den Mei, des jaars 1829, en van Onze regering het zestiende. WILLEM. Van wege den Koning, J. G. DE MEY VAN STREEFKERK. den vijf en twintigsten Mei 1829. De Secretaris van Staat, J. G. DE MEY VAN STREEFKERK.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.