In het kort
Dit Koninklijk Besluit van 22 september 1921 stelt het "Octrooireglement" vast. Het reglement bevat de nadere voorschriften die de Octrooiwet 1910 (Staatsblad n°. 313), zoals aangevuld en gewijzigd bij de wet van 15 januari 1921 (Staatsblad n°. 15), in een aantal artikelen voorschrijft.
Belangrijkste punten
- **Vaststelling (artikel 1):** het bij het besluit gevoegde reglement, genaamd "Octrooireglement", wordt vastgesteld met ingang van een nader door de Koning te bepalen datum.
- **Grondslag in de Octrooiwet (artikel 1):** het reglement bevat voorschriften als bedoeld in de artikelen 14, 15, 21, 29 sub a tot en met f, 31, 36, 62 en 64 van de Octrooiwet 1910, zoals gewijzigd bij de wet van 15 januari 1921.
- **Intrekking (artikel 1):** de Koninklijke besluiten van 15 december 1914 (Stb. n°. 559), 27 mei 1918 (Stb. n°. 299) en 9 juli 1919 (Stb. n°. 471) worden ingetrokken.
- **Overgangsbepaling (artikel 2):** het reglement geldt niet voor octrooiaanvragen waarop de voorschriften van de wet van 15 januari 1921 ingevolge artikel III van die wet niet van toepassing zijn. Voor die aanvragen blijft dus het oude regime gelden.
- **Uitvoering:** de Ministers van Landbouw, Nijverheid en Handel en van Koloniën zijn met de uitvoering belast; het besluit wordt in het Staatsblad geplaatst en in afschrift meegedeeld aan de Raad van State. De Raad van State werd gehoord (advies van 5 juli 1921, n°. 13).
Voor wie geldt dit
Voor octrooiaanvragers en octrooihouders onder de Octrooiwet 1910, en voor de instanties die octrooiaanvragen behandelen. Voor aanvragen die op grond van artikel III van de wet van 15 januari 1921 buiten die wet vallen, geldt het nieuwe reglement niet.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.