Officiële bronnenwetten.overheid.nl · EUR-Lex
Europaius

Wet herziening bedingen bij erfstelling of legaat

Waar gaat deze regeling over?

Deze wet van 1 mei 1925 opent voor bepaalde gevallen de mogelijkheid om in het algemeen belang bij erfstelling of legaat gemaakte bedingen te laten herzien of vervallen verklaren door de Hoge Raad der Nederlanden. Het gaat vooral om bedingen rond kunstverzamelingen, publieke toegankelijkheid en bestemming van gelden voor kunst of wetenschap.

In één oogopslag

Land
Nederland
Rechtsgebied
Overige wetgeving
Artikelen
5
Bron
wetten.overheid.nl
Tekst opgehaald op
Uitleg bijgewerkt op

Belangrijkste punten

  • Termijn en verzoeker (artikel 1): pas wanneer veertig jaren zijn verlopen na het overlijden van de erflater, of na de dag sinds welke rechtsvermoeden van diens overlijden bestaat, kan degene die het beding behoort na te leven de Hoge Raad om herziening of vervallenverklaring verzoeken. De Hoge Raad sluit daarbij zoveel mogelijk aan bij de bedoeling van de erflater. Bedingen waarbij een stichting in het leven is geroepen zijn uitgezonderd.
  • Onderwerp van herziening (artikel 1): het kan alleen gaan om (a) de plaats waar en de wijze waarop kunstvoortbrengselen of voorwerpen van geschiedkundige of wetenschappelijke aard, geschriften daaronder begrepen, in een voor het publiek toegankelijke verzameling moeten worden bewaard; (b) de mate waarin en de voorwaarden waaronder het publiek gelegenheid moet krijgen deze te bezichtigen en gebruiken; (c) de bestemming die in het belang van kunst of wetenschap aan gelden moet worden gegeven.
  • Procedure (artikel 2): het verzoek geschiedt bij met redenen omkleed verzoekschrift, waarin bij herziening de gewenste wijziging wordt vermeld. De afstammelingen in de rechte lijn tot wie de overledene in familierechtelijke betrekking stond en de echtgenoot van de erflater worden gehoord of opgeroepen. De Hoge Raad kan getuigen en deskundigen horen; alle verhoren zijn openbaar. De verzoeker mag opmerkingen maken en het verzoek mondeling toelichten. De Hoge Raad mag ambtshalve een beding herzien waarvan vervallenverklaring is gevraagd, en ook anders herzien dan verzocht.
  • Koninklijke goedkeuring (artikel 3): de beschikking waarbij een beding is herzien of vervallen verklaard wordt niet van kracht dan na goedkeuring door de Koning.
  • Herhaling en niet-naleving (artikelen 4-5): dezelfde regeling geldt opnieuw voor een herzien beding, mits tien jaar zijn verlopen sinds de herzieningsbeschikking van kracht werd. Vervallenverklaring van de erfstelling of het legaat kan worden gevraagd wanneer een herzien beding dat in de plaats trad van het oorspronkelijke beding niet is nageleefd; artikel 1051, tweede en derde lid, van het Burgerlijk Wetboek is dan van toepassing.

Voor wie geldt dit

Voor erfgenamen, legatarissen en anderen die een testamentair beding moeten naleven — met name beheerders van kunst-, historische of wetenschappelijke verzamelingen en van voor kunst of wetenschap bestemde gelden — alsmede voor afstammelingen en de echtgenoot van de erflater, die in de procedure worden gehoord.

Overige wetgeving

8

Overige wetgeving

Wettekst

Wettekst
Inhoudsopgave (5)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2 1
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5 1

Wet van 1 mei 1925, tot herziening in het algemeen belang van bij erfstelling of legaat gemaakte bedingen Wet herziening bedingen bij erfstelling of legaat Wij WILHELMINA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten:

Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenschelijk is, voor bepaalde gevallen de mogelijkheid te openen tot herziening en vervallen-verklaring in het algemeen belang van bij erfstelling of legaat gemaakte bedingen;

Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

Wanneer veertig jaren zijn verloopen na het overlijden van den erflater of na den dag, sedert welken rechtsvermoeden van diens overlijden bestaat, kan een bij erfstelling of legaat gemaakt beding met uitzondering van een beding, waarbij een stichting is in het leven geroepen op verzoek van dengene, die het beding behoort na te leven, door den Hoogen Raad der Nederlanden in het algemeen belang, zulks zooveel mogelijk in aansluiting aan de bedoeling van den erflater, worden herzien of vervallen verklaard, indien en voor zoover het betreft: de plaats, waar en de wijze, waarop voortbrengselen van kunst of voorwerpen van geschiedkundigen of wetenschappelijken aard, geschriften hieronder begrepen, in eene voor het publiek toegankelijke verzameling moeten worden bewaard; de mate, waarin en de voorwaarden, waaronder aan het publiek gelegenheid moet worden verschaft om voortbrengselen en voorwerpen, als hiervoor bedoeld, te bezichtigen en te gebruiken; de bestemming, welke in het belang van de kunst of de wetenschap aan gelden moet worden gegeven.

Artikel 21

Het verzoek wordt aan den Hoogen Raad gedaan bij met redenen omkleed verzoekschrift.

2 Indien het strekt tot herziening van een beding, wordt in het verzoekschrift medegedeeld, hoedanige herziening wordt gewenscht.

3 Op het verzoek worden de afstammelingen in de rechte lijn tot wie de overledene in familierechtelijke betrekking stond en de echtgenoot van den erflater gehoord, althans op door den Hoogen Raad te bepalen wijze daartoe opgeroepen.

4 De Hooge Raad hoort, indien hij dit noodig acht, getuigen en deskundigen.

5 Alle verhooren hebben in het openbaar plaats.

6 De verzoeker wordt in de gelegenheid gesteld, opmerkingen te maken naar aanleiding van de door de gehoorde personen afgelegde verklaringen en het verzoek mondeling toe te lichten.

7 De Hooge Raad is ambtshalve bevoegd een beding, waarvan de vervallen-verklaring is verzocht, te herzien, alsmede een beding op andere wijze te herzien dan is verzocht.

Artikel 3

De beschikking van den Hoogen Raad, waarbij een beding is herzien of vervallen verklaard, wordt niet van kracht, dan nadat deze door Ons zal zijn goedgekeurd.

Artikel 4

Het bepaalde in de voorgaande drie artikelen is van toepassing op een herzien beding, mits tien jaar zijn verloopen, nadat de beschikking van den Hoogen Raad, waarbij het beding is herzien, van kracht is geworden.

Artikel 51

De vervallen-verklaring van eene erfstelling of een legaat kan worden gevraagd ter zake dat een herzien beding, hetwelk in de plaats is getreden van een beding, waaronder de erfstelling of het legaat is gemaakt, niet is nageleefd.

2 Het bepaalde in het tweede en het derde lid van artikel 1051 van het Burgerlijk Wetboek is in dat geval van toepassing.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven ten Paleize het Loo den 1sten Mei 1925.

WILHELMINA.

De Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, J. TH. DE VISSER.

De Minister van Justitie, HEEMSKERK. den negentienden Mei 1925.

De Minister van Justitie, HEEMSKERK.

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.