← Nederland

Wet opsporing delfstoffen 1924

In het kort

De Wet opsporing delfstoffen 1924 (wet van 20 juni 1924) legt het vindersrecht van de Staat vast op delfstoffen die zijn opgespoord ingevolge de wet van 6 oktober 1908 (Stb. n°. 312), en heft in verband met het aantonen van aardolie voor een bepaald gebied de vrijheid van opsporing van delfstoffen op.

Belangrijkste punten

Voor wie geldt dit

Voor iedereen die delfstoffen — in het bijzonder steenkool, zout of aardolie — wil opsporen in de omschreven terreinen A tot en met D, en voor vinders die anders aanspraak op indemnité zouden maken. Voor terrein B is een vergunning van de Minister van Waterstaat vereist.

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.