← Nederland

Burgerlijk Wetboek Boek 1

Samenvatting

Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek regelt het personen- en familierecht. Het bevat regels over de naam, woonplaats, de burgerlijke stand, het huwelijk, afstamming, ouderlijk gezag en de bescherming van meerderjarigen en minderjarigen. De artikelen lopen van 1 tot 462.

Wat het regelt

Voor wie geldt dit

Kernpunten

📄 Wettekst

Wetboek Boek 1 - BWBR0002656 Er is een groot aantal regelingen gewijzigd. Mogelijk zijn deze wijzigingen nog niet doorgevoerd in de geconsolideerde tekst en ziet u nog een oude versie. Raadpleeg bij t

wijfel de bekendmaking. Direct naar content Menu U bent nu hier: Wettenbank Primaire navigatie Andere sites binnen Overheid.nl Eenvoudig zoeken Uitgebreid zoeken Toekomstige regelgeving zoeken Zoeken in EU-richtlijnen Andere sites binnen Overheid.nl Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Zoeken Zoekresultaten Regeling Zoek opnieuw Burgerlijk Wetboek Boek 1 Geraadpleegd op 10-07-2026. Geldend van 05-07-2025 t/m heden. Alles openklappen Alles dichtklappen Inhoudsopgave Boek 1 Personen- en familierecht (Artikelen 1-462) Titel 1 Algemene bepalingen (Artikelen 1-3) Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3 Titel 2 Het recht op de naam (Artikelen 4-9) Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Titel 3 Woonplaats (Artikelen 10-15) Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Titel 4 Burgerlijke stand (Artikelen 16-29f) Afdeling 1 De ambtenaar van de burgerlijke stand (Artikelen 16-16d) Artikel 16 Artikel 16a Artikel 16b Artikel 16c Artikel 16d Afdeling 2 De registers van de burgerlijke stand en de bewaring daarvan (Artikelen 17-17c) Artikel 17 Artikel 17a Artikel 17b Artikel 17c Afdeling 3 Akten van de burgerlijke stand en partijen bij deze akten (Artikelen 18-18d) Artikel 18 Artikel 18a Artikel 18b Artikel 18c Artikel 18d Afdeling 4 De akten van geboorte, van overlijden en de akten houdende attestaties de vita (Artikelen 19-19k) Artikel 19 Artikel 19a Artikel 19b Artikel 19c Artikel 19d Artikel 19e Artikel 19f Artikel 19g Artikel 19h Artikel 19i Artikel 19j Artikel 19k Afdeling 5 Latere vermeldingen (Artikelen 20-20h) Artikel 20 Artikel 20a Artikel 20b Artikel 20c Artikel 20d Artikel 20e Artikel 20f Artikel 20g Artikel 20h Afdeling 6 Akten van inschrijving van bepaalde rechterlijke uitspraken (Artikel 21) Artikel 21 Afdeling 7 De bewijskracht van akten van de burgerlijke stand alsmede van afschriften en uittreksels (Artikelen 22-22a) Artikel 22 Artikel 22a Afdeling 8 De openbaarheid van de akten van de burgerlijke stand (Artikelen 23-23c) Artikel 23 Artikel 23a Artikel 23b Artikel 23c Afdeling 9 De aanvulling van de registers van de burgerlijke stand en de verbetering van de daarin voorkomende akten en latere vermeldingen (Artikelen 24-24b) Artikel 24 Artikel 24a Artikel 24b Afdeling 10 Inschrijving van buitenlandse akten en de rechterlijke last tot het opmaken van een vervangende akte van geboorte (Artikelen 25-25g) Artikel 25 Artikel 25a Artikel 25b Artikel 25c Artikel 25d Artikel 25e Artikel 25f Artikel 25g Afdeling 11 De verklaring voor recht omtrent de rechtsgeldigheid in Nederland van een buitenlandse akte of uitspraak (Artikelen 26-26f) Artikel 26 Artikel 26a Artikel 26b Artikel 26c Artikel 26d Artikel 26e Artikel 26f Afdeling 12 Voorziening tegen de weigering tot het opmaken van een akte van de burgerlijke stand of tot een andere verrichting (Artikelen 27-27c) Artikel 27 Artikel 27a Artikel 27b Artikel 27c Afdeling 13 Wijziging van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte (Artikelen 28-28c) Artikel 28 Artikel 28a Artikel 28b Artikel 28c Afdeling 14 De Commissie van advies voor de zaken betreffende de burgerlijke staat en de nationaliteit (Artikelen 29-29f) Artikel 29 Artikel 29a Artikel 29b Artikel 29c Artikel 29d Artikel 29e Artikel 29f Titel 5 Het huwelijk (Artikelen 30-80) Algemene bepaling (Artikel 30) Artikel 30 Afdeling 1 Vereisten tot het aangaan van een huwelijk (Artikelen 31-42) Artikel 31 Artikel 32 Artikel 33 Artikel 34 Artikel 35 Artikel 36 Artikel 37 Artikel 38 Artikel 39 Artikel 40 Artikel 41 Artikel 41a Artikel 42 Afdeling 2 Formaliteiten die aan de voltrekking van het huwelijk moeten voorafgaan (Artikelen 43-49a) Artikel 43 Artikel 44 Artikel 45 Artikel 45a Artikel 46 Artikel 47 Artikel 48 Artikel 49 Artikel 49a Afdeling 3 Stuiting van het huwelijk (Artikelen 50-57) Artikel 50 Artikel 51 Artikel 52 Artikel 53 Artikel 54 Artikel 55 Artikel 56 Artikel 57 Afdeling 4 De voltrekking van het huwelijk (Artikelen 58-68) Artikel 58 Artikel 59 Artikel 60 Artikel 61 Artikel 62 Artikel 63 Artikel 64 Artikel 65 Artikel 66 Artikel 67 Artikel 68 Afdeling 5 Nietigverklaring van een huwelijk (Artikelen 69-77) Artikel 69 Artikel 70 Artikel 71 Artikel 71a Artikel 72 Artikel 73 Artikel 74 Artikel 75 Artikel 76 Artikel 77 Afdeling 5A Omzetting van een huwelijk in een geregistreerd partnerschap (Artikel 77a) Artikel 77a Afdeling 6 Bewijs van het bestaan van het huwelijk (Artikelen 78-80) Artikel 78 Artikel 79 Artikel 80 Titel 5A Het geregistreerd partnerschap (Artikelen 80a-80g) Artikel 80a Artikel 80b Artikel 80c Artikel 80d Artikel 80e Artikel 80f Artikel 80g Titel 6 Rechten en verplichtingen van echtgenoten (Artikelen 81-92a) Artikel 81 Artikel 82 Artikel 83 Artikel 84 Artikel 85 Artikel 86 Artikel 87 Artikel 88 Artikel 89 Artikel 90 Artikel 91 Artikel 92 Artikel 92a Titel 7 De wettelijke gemeenschap van goederen (Artikelen 93-113) Afdeling 1 Algemene bepalingen (Artikelen 93-96b) Artikel 93 Artikel 94 Artikel 95 Artikel 95a Artikel 96 Artikel 96a Artikel 96b Afdeling 2 Het bestuur van de gemeenschap (Artikelen 97-98) Artikel 97 Artikel 98 Afdeling 3 Ontbinding van de gemeenschap (Artikelen 99-108) Artikel 99 Artikel 100 Artikel 101 Artikel 102 Artikel 103 Artikel 104 Artikel 105 Artikel 106 Artikel 107 Artikel 108 Afdeling 4 Opheffing van de gemeenschap bij beschikking (Artikelen 109-113) Artikel 109 Artikel 110 Artikel 111 Artikel 112 Artikel 113 Titel 8 Huwelijkse voorwaarden (Artikelen 114-148) Afdeling 1 Huwelijkse voorwaarden in het algemeen (Artikelen 114-131) Artikel 114 Artikel 115 Artikel 116 Artikel 117 Artikel 118 Artikel 119 Artikel 120 Artikel 121 Artikel 122 Artikel 123 Artikel 124 Artikel 125 Artikel 126 Artikel 127 Artikel 128 Artikel 129 Artikel 130 Artikel 131 Afdeling 2 Verrekenbedingen (Artikelen 132-145) Paragraaf 1 Algemene regels voor verrekenbedingen (Artikelen 132-140) Artikel 132 Artikel 133 Artikel 134 Artikel 135 Artikel 136 Artikel 137 Artikel 138 Artikel 139 Artikel 140 Paragraaf 2 Periodieke verrekenbedingen (Artikel 141) Artikel 141 Paragraaf 3 Finale verrekenbedingen (Artikelen 142-143) Artikel 142 Artikel 143 Artikel 144 Artikel 145 Afdeling 3 Giften bij huwelijkse voorwaarden (Artikelen 146-148) Artikel 146 Artikel 147 Artikel 148 Titel 9 Ontbinding van het huwelijk (Artikelen 149-167) Afdeling 1 Ontbinding van het huwelijk in het algemeen (Artikel 149) Artikel 149 Afdeling 2 Echtscheiding (Artikelen 150-167) Artikel 150 Artikel 151 Artikel 152 Artikel 153 Artikel 154 Artikel 155 Artikel 156 Artikel 157 Artikel 158 Artikel 159 Artikel 159a Artikel 160 Artikel 161 Artikel 161a Artikel 162 Artikel 162a Artikel 163 Artikel 164 Artikel 165 Artikel 166 Artikel 167 Titel 10 Scheiding van tafel en bed en ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed (Artikelen 168-196) Afdeling 1 Scheiding van tafel en bed (Artikelen 168-178) Artikel 168 Artikel 169 Artikel 170 Artikel 171 Artikel 171a Artikel 172 Artikel 173 Artikel 174 Artikel 175 Artikel 176 Artikel 177 Artikel 178 Afdeling 2 Ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed (Artikelen 179-196) Artikel 179 Artikel 180 Artikel 181 Artikel 182 Artikel 183 Artikel 184 Artikel 185 Artikel 186 Artikel 187 Artikel 188 Artikel 189 Artikel 190 Artikel 191 Artikel 192 Artikel 193 Artikel 194 Artikel 195 Artikel 196 Titel 11 Afstamming (Artikelen 197-226) Afdeling 1 Algemeen (Artikelen 197-199) Artikel 197 Artikel 198 Artikel 199 Afdeling 2 Ontkenning van het door huwelijk of geregistreerd partnerschap ontstane vaderschap (Artikelen 200-202) Artikel 200 Artikel 201 Artikel 202 Afdeling 2a Ontkenning van het door huwelijk of geregistreerd partnerschap ontstane moederschap (Artikelen 202a-202b) Artikel 202a Artikel 202b Afdeling 3 Erkenning (Artikelen 203-206) Artikel 203 Artikel 204 Artikel 205 Artikel 205a Artikel 206 Afdeling 4 Gerechtelijke vaststelling van het ouderschap (Artikelen 207-208) Artikel 207 Artikel 208 Afdeling 5 Inroeping of betwisting van staat (Artikelen 209-211) Artikel 209 Artikel 210 Artikel 211 Afdeling 6 De bijzondere curator (Artikelen 212-226) Artikel 212 Artikel 213 Artikel 214 Artikel 215 Artikel 216 Artikel 217 Artikel 218 Artikel 219 Artikel 220 Artikel 221 Artikel 222 Artikel 223 Artikel 224 Artikel 225 Artikel 226 Titel 12 Adoptie (Artikelen 227-232) Artikel 227 Artikel 228 Artikel 229 Artikel 230 Artikel 231 Artikel 232 Titel 13 Minderjarigheid (Artikelen 233-244) Afdeling 1 Algemene bepalingen (Artikelen 233-234) Artikel 233 Artikel 234 Afdeling 2 Handlichting (Artikelen 235-237) Artikel 235 Artikel 236 Artikel 237 Afdeling 3 De raad voor de kinderbescherming (Artikelen 238-243) Artikel 238 Artikel 239 Artikel 240 Artikel 241 Artikel 241a Artikel 242 Artikel 242a Artikel 243 Afdeling 4 Registers betreffende het over minderjarigen uitgeoefende gezag (Artikel 244) Artikel 244 Titel 14 Het gezag over minderjarige kinderen (Artikelen 245-377) Afdeling 1 Algemeen (Artikelen 245-250) Artikel 245 Artikel 246 Artikel 246a Artikel 247 Artikel 247a Artikel 248 Artikel 249 Artikel 250 Afdeling 2 Ouderlijk gezag (Artikelen 251-253m) § 1 Het gezamenlijk gezag van ouders binnen en buiten huwelijk en het gezag van één ouder na scheiding (Artikelen 251-253a) Artikel 251 Artikel 251a Artikel 251b Artikel 252 Artikel 253 Artikel 253a Paragraaf 1a Het gezamenlijk gezag van ouders binnen een geregistreerd partnerschap (Artikel 253aa) Artikel 253aa § 2 Het gezag van ouders anders dan na scheiding (Artikelen 253b-253h) Artikel 253b Artikel 253c Artikel 253d Artikel 253e Artikel 253f Artikel 253g Artikel 253h § 2a Gezag na meerderjarigverklaring (Artikel 253ha) Artikel 253ha § 3 Het bewind van de ouders (Artikelen 253i-253m) Artikel 253i Artikel 253j Artikel 253k Artikel 253l Artikel 253m Afdeling 3 Gemeenschappelijke bepalingen betreffende de gezagsuitoefening door de ouders en de gezagsuitoefening door één van hen (Artikelen 253n-253s) Artikel 253n Artikel 253o Artikel 253p Artikel 253q Artikel 253r Artikel 253s Afdeling 3A Gezamenlijk gezag van een ouder tezamen met een ander dan een ouder (Artikelen 253sa-253y) Paragraaf 1 Het gezamenlijk gezag van rechtswege van een ouder tezamen met een ander dan een ouder (Artikel 253sa) Artikel 253sa Paragraaf 2 Het gezamenlijk gezag van een ouder tezamen met een ander dan een ouder krachtens rechterlijke beslissing (Artikelen 253t-253v) Artikel 253t Artikel 253u Artikel 253v Paragraaf 3 Gemeenschappelijke bepalingen inzake het gezamenlijk gezag van een ouder tezamen met een ander dan een ouder (Artikelen 253w-253y) Artikel 253w Artikel 253x Artikel 253y Afdeling 3B Maatregel van opgroeiondersteuning Afdeling 4 Ondertoezichtstelling van minderjarigen (Artikelen 254-265k) Artikel 254 Artikel 255 Artikel 256 Artikel 257 Artikel 258 Artikel 259 Artikel 260 Artikel 261 Artikel 262 Artikel 262a Artikel 262b Artikel 263 Artikel 264 Artikel 265 Artikel 265a Artikel 265b Artikel 265c Artikel 265d Artikel 265e Artikel 265f Artikel 265g Artikel 265h Artikel 265i Artikel 265j Artikel 265k Afdeling 5 Beëindiging van het ouderlijk gezag (Artikelen 266-278) Artikel 266 Artikel 267 Artikel 267a Artikel 268 Artikel 269 Artikel 270 Artikel 271 Artikel 271a Artikel 272 Artikel 272a Artikel 273 Artikel 274 Artikel 275 Artikel 276 Artikel 277 Artikel 278 Afdeling 6 Voogdij (Artikelen 279-377) § 1 Voogdij in het algemeen (Artikelen 279-291a) Artikel 279 Artikel 280 Artikel 281 Artikel 282 Artikel 282a Artikel 282b Artikel 283 Artikel 284 Artikel 285 Artikel 286 Artikel 287 Artikel 288 Artikel 289 Artikel 290 Artikel 291 Artikel 291a § 2 Voogdij door een der ouders opgedragen (Artikelen 292-294) Artikel 292 Artikel 293 Artikel 294 § 3 Voogdij door de rechter opgedragen (Artikelen 295-301) Artikel 295 Artikel 296 Artikel 297 Artikel 298 Artikel 299 Artikel 299a Artikel 300 Artikel 301 § 4 Voogdij van rechtspersonen (Artikelen 302-319) Artikel 302 Artikel 303 Artikel 304 Artikel 305 Artikel 306 Artikel 306a Artikel 307 Artikel 308 Artikel 309 Artikel 310 Artikel 311 Artikel 312 Artikel 313 Artikel 314 Artikel 315 Artikel 316 Artikel 317 Artikel 318 Artikel 319 § 5 Ontslag van de voogdij (Artikelen 320-323) Artikel 320 Artikel 321 Artikel 322 Artikel 323 § 6 Onbevoegdheid tot de voogdij (Artikelen 324-325) Artikel 324 Artikel 325 § 7 Ondertoezichtstelling van onder voogdij staande minderjarigen (Artikel 326) Artikel 326 § 8 Beëindiging van voogdij (Artikelen 327-335) Artikel 327 Artikel 328 Artikel 329 Artikel 330 Artikel 331 Artikel 331a Artikel 332 Artikel 332a Artikel 333 Artikel 334 Artikel 335 § 9 Het toezicht van de voogd over de persoon van de minderjarige (Artikelen 336-336a) Artikel 336 Artikel 336a § 10 Het bewind van de voogd (Artikelen 337-371a) Artikel 337 Artikel 337a Artikel 338 Artikel 339 Artikel 340 Artikel 341 Artikel 342 Artikel 343 Artikel 344 Artikel 345 Artikel 346 Artikel 347 Artikel 348 Artikel 349 Artikel 350 Artikel 351 Artikel 352 Artikel 353 Artikel 354 Artikel 355 Artikel 356 Artikel 357 Artikel 358 Artikel 359 Artikel 360 Artikel 361 Artikel 362 Artikel 363 Artikel 364 Artikel 365 Artikel 366 Artikel 367 Artikel 368 Artikel 369 Artikel 370 Artikel 371 Artikel 371a § 11 De rekening en verantwoording bij het einde van de voogdij (Artikelen 372-377) Artikel 372 Artikel 373 Artikel 374 Artikel 375 Artikel 376 Artikel 377 Titel 15 Omgang en informatie (Artikelen 377a-377h) Artikel 377a Artikel 377b Artikel 377c Artikel 377d Artikel 377e Artikel 377f Artikel 377g Artikel 377h Titel 16 Curatele (Artikelen 378-391) Artikel 378 Artikel 379 Artikel 380 Artikel 381 Artikel 382 Artikel 383 Artikel 384 Artikel 385 Artikel 386 Artikel 387 Artikel 388 Artikel 389 Artikel 390 Artikel 391 Titel 17 Levensonderhoud (Artikelen 392-408) Afdeling 1 Algemene bepalingen (Artikelen 392-403) Artikel 392 Artikel 393 Artikel 394 Artikel 395 Artikel 395a Artikel 395b Artikel 396 Artikel 397 Artikel 398 Artikel 399 Artikel 400 Artikel 401 Artikel 402 Artikel 402a Artikel 403 Afdeling 2 Voorziening in de kosten van verzorging en opvoeding van minderjarige kinderen en stiefkinderen (Artikelen 404-408) Artikel 404 Artikel 405 Artikel 406 Artikel 406a Artikel 406b Artikel 406d Artikel 407 Artikel 408 Titel 18 Afwezigheid, vermissing en vaststelling van overlijden in bepaalde gevallen (Artikelen 409-430) Afdeling 1 Onderbewindstelling in geval van afwezigheid (Artikelen 409-411) Artikel 409 Artikel 410 Artikel 411 Afdeling 2 Personen wier bestaan onzeker is (Artikelen 412-425) Artikel 412 Artikel 413 Artikel 414 Artikel 415 Artikel 416 Artikel 417 Artikel 418 Artikel 419 Artikel 420 Artikel 421 Artikel 422 Artikel 423 Artikel 424 Artikel 425 Afdeling 3 Vaststelling van overlijden in bepaalde gevallen (Artikelen 426-430) Artikel 426 Artikel 427 Artikel 428 Artikel 429 Artikel 430 Titel 19 Onderbewindstelling ter bescherming van meerderjarigen (Artikelen 431-449) Artikel 431 Artikel 432 Artikel 432a Artikel 433 Artikel 434 Artikel 435 Artikel 436 Artikel 437 Artikel 438 Artikel 439 Artikel 440 Artikel 441 Artikel 442 Artikel 443 Artikel 444 Artikel 445 Artikel 446 Artikel 446a Artikel 447 Artikel 448 Artikel 449 Titel 20 Mentorschap ten behoeve van meerderjarigen (Artikelen 450-462) Artikel 450 Artikel 451 Artikel 452 Artikel 453 Artikel 453a Artikel 454 Artikel 455 Artikel 456 Artikel 457 Artikel 458 Artikel 459 Artikel 460 Artikel 461 Artikel 462 Burgerlijk Wetboek Boek 1 Wijziging(

  1. en)zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht . Geraadpleegd op 10-07-2026. Geldend van 05-07-2025 t/m heden. Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie Vergelijk met andere versie tekst regeling Druk de regeling af Sla de regeling op Origineel opschrift en aanhef Burgerlijk Wetboek Boek 1, Personen- en familierecht Boek 1. Personen- en familierecht Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Titel 1. Algemene bepalingen Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 1 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Allen die zich in Nederland bevinden, zijn vrij en bevoegd tot het genot van de burgerlijke rechten. 2 Persoonlijke dienstbaarheden, van welke aard of onder welke benaming ook, worden niet geduld. Artikel 2 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Het kind waarvan een vrouw zwanger is wordt als reeds geboren aangemerkt, zo dikwijls zijn belang dit vordert. Komt het dood ter wereld, dan wordt het geacht nooit te hebben bestaan. Artikel 3 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De graad van bloedverwantschap wordt bepaald door het getal der geboorten, die de bloedverwantschap hebben veroorzaakt. Hierbij telt een erkenning, een gerechtelijke vaststelling van het ouderschap of een adoptie als een geboorte. 2 Door huwelijk of door geregistreerd partnerschap ontstaat tussen de ene echtgenoot dan wel de ene geregistreerde partner en een bloedverwant van de andere echtgenoot dan wel de andere geregistreerde partner aanverwantschap in dezelfde graad als er bloedverwantschap bestaat tussen de andere echtgenoot dan wel de andere geregistreerde partner en diens bloedverwant. 3 Door het eindigen van het huwelijk of geregistreerd partnerschap wordt de aanverwantschap niet opgeheven. Titel 2. Het recht op de naam Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 4 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een ieder heeft de voornamen die hem in zijn geboorteakte zijn gegeven. 2 De ambtenaar van de burgerlijke stand weigert in de geboorteakte voornamen op te nemen die ongepast zijn, of overeenstemmen met bestaande geslachtsnamen tenzij deze tevens gebruikelijke voornamen zijn. 3 Geeft de aangever geen voornamen op, of worden deze alle geweigerd zonder dat de aangever ze door een of meer andere vervangt, dan geeft de ambtenaar ambtshalve het kind een of meer voornamen, en vermeldt hij uitdrukkelijk in de akte dat die voornamen ambtshalve zijn gegeven. 4 Wijziging van de voornamen kan op verzoek van de betrokken persoon of zijn wettelijke vertegenwoordiger worden gelast door de rechtbank. De wijziging geschiedt doordat van de beschikking een latere vermelding aan de akte van geboorte wordt toegevoegd, overeenkomstig artikel 20a, eerste lid . In geval van wijziging van de voornamen van een buiten Nederland geboren persoon geeft de rechtbank die de beschikking geeft, voor zoveel nodig ambtshalve hetzij een last tot inschrijving van de akte van geboorte dan wel van de akte of de uitspraak, bedoeld in artikel 25g, eerste lid , hetzij de in artikel 25c bedoelde beschikking. Artikel 5 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien een kind alleen in familierechtelijke betrekking tot de moeder staat, heeft het haar geslachtsnaam. 2 Indien een kind door erkenning in familierechtelijke betrekking tot de vader komt te staan, houdt het de geslachtsnaam van de moeder, tenzij de moeder en de erkenner ter gelegenheid van de erkenning gezamenlijk verklaren dat het kind de geslachtsnaam van de vader zal hebben of van beide ouders in een vrij te bepalen volgorde. Van deze verklaring wordt melding gemaakt in de akte van erkenning. De eerste twee volzinnen zijn van overeenkomstige toepassing bij erkenning van een ongeboren kind. De ouders kunnen evenwel ter gelegenheid van de voltrekking van hun huwelijk of van de registratie van hun partnerschap alsnog gezamenlijk verklaren, dat hun kind voortaan de geslachtsnaam van de andere ouder zal hebben of van beide ouders in een vrij te bepalen volgorde. Van deze verklaring wordt een akte van naamskeuze opgemaakt. Indien een kind door gerechtelijke vaststelling van het vaderschap in familierechtelijke betrekking tot de vader komt te staan, houdt het de geslachtsnaam van de moeder, tenzij de moeder en de man, wiens vaderschap is vastgesteld, ter gelegenheid van de vaststelling gezamenlijk verklaren dat het kind de geslachtsnaam van de vader zal hebben of van beide ouders in een vrij te bepalen volgorde. De rechterlijke uitspraak inzake de vaststelling van het vaderschap vermeldt de verklaring van de ouders omtrent de geslachtsnaamkeuze. 3 Indien een kind door adoptie in familierechtelijke betrekking komt te staan tot beide adoptanten van verschillend geslacht, die met elkaar zijn gehuwd, heeft het kind de geslachtsnaam van de vader, tenzij de adoptanten ter gelegenheid van de adoptie gezamenlijk verklaren dat het kind de geslachtsnaam van de moeder, de oorspronkelijke geslachtsnaam of de geslachtsnaam van beide adoptanten in een vrij te bepalen volgorde of van één van hen in combinatie met de oorspronkelijke geslachtsnaam van het kind in een vrij te bepalen volgorde zal hebben. Indien de adoptanten niet met elkaar gehuwd zijn of indien beide adoptanten van hetzelfde geslacht zijn en met elkaar gehuwd zijn, houdt het kind de geslachtsnaam die het heeft, tenzij de adoptanten ter gelegenheid van de adoptie gezamenlijk verklaren dat het een van hun beider geslachtsnamen zal hebben of van hen beiden in een vrij te bepalen volgorde of van één van hen in combinatie met de oorspronkelijke geslachtsnaam van het kind in een vrij te bepalen volgorde. Indien een kind door adoptie in familierechtelijke betrekking tot één adoptant komt te staan, heeft het kind de geslachtsnaam van de adoptant, tenzij de adoptant ter gelegenheid van de adoptie verklaart dat het kind de oorspronkelijke geslachtsnaam dan wel de naam van de adoptant in combinatie met de oorspronkelijke geslachtsnaam van het kind in een vrij te bepalen volgorde zal hebben. Indien een kind door adoptie in familierechtelijke betrekking tot de echtgenoot, geregistreerde partner of andere levensgezel van een ouder komt te staan, houdt het zijn geslachtsnaam, tenzij de ouder en diens echtgenoot, geregistreerde partner of andere levensgezel gezamenlijk verklaren dat het kind de geslachtsnaam zal hebben van die ouder dan wel de geslachtsnaam van de echtgenoot, geregistreerde partner of andere levensgezel of van hen beiden in een vrij te bepalen volgorde of van één van hen in combinatie met de oorspronkelijke geslachtsnaam van het kind in een vrij te bepalen volgorde. De rechterlijke uitspraak inzake de adoptie vermeldt de verklaring van de adoptanten omtrent de geslachtsnaamkeuze. 4 Indien een kind door geboorte in familierechtelijke betrekking tot beide ouders komt te staan, verklaren de ouders gezamenlijk voor of ter gelegenheid van de aangifte van de geboorte welke geslachtsnaam het kind zal hebben. Dat kan de geslachtsnaam zijn van één van de ouders of de geslachtsnamen van beide ouders in een vrij te bepalen volgorde. Van de verklaring van de ouders die voor de aangifte van de geboorte wordt afgelegd, wordt een akte van naamskeuze opgemaakt. Van de verklaring van de ouders die ter gelegenheid van de aangifte van de geboorte wordt afgelegd, wordt melding gemaakt in de akte van geboorte. Het voorgaande is van overeenkomstige toepassing indien een ouder en zijn echtgenoot of geregistreerde partner die niet de ouder is, van rechtswege gezamenlijk het gezag als bedoeld in artikel 253sa over het kind zullen uitoefenen of uitoefenen. De verklaring die niet ter gelegenheid van de aangifte van de geboorte wordt afgelegd, kan ten overstaan van iedere ambtenaar van de burgerlijke stand worden afgelegd. 5 Wordt een verklaring houdende naamskeuze, bedoeld in het vierde lid, voor of ter gelegenheid van de aangifte van de geboorte afgelegd, dan heeft het kind de gekozen naam vanaf de geboorte. Geschiedt de naamskeuze niet uiterlijk ter gelegenheid van de aangifte van de geboorte, dan neemt de ambtenaar van de burgerlijke stand als geslachtsnaam van het kind in de geboorteakte op: a. de geslachtsnaam van de vader in geval het kind door geboorte in familierechtelijke betrekking tot beide ouders komt te staan; b. de geslachtsnaam van de moeder in geval een ouder en zijn echtgenoot of geregistreerde partner die niet de ouder is, van rechtswege gezamenlijk het gezag als bedoeld in artikel 253sa over het kind uitoefenen. 6 Indien de moeder na de geboorte van het kind op grond van artikel 199, onderdeel b , het vaderschap van de overleden echtgenoot of geregistreerde partner ontkent of op grond van artikel 198, tweede lid , het moederschap van de overleden echtgenote of geregistreerde parnter ontkent en zij ten tijde van de geboorte en van de ontkenning is hertrouwd of een nieuw partnerschap heeft laten registreren, kunnen de moeder en haar echtgenoot of geregistreerde partner gezamenlijk ter gelegenheid van de ontkenning verklaren welke geslachtsnaam het kind zal hebben. Dat kan de geslachtsnaam zijn van de moeder of de echtgenoot of echtgenote of geregistreerde partner, of van beiden in een vrij te bepalen volgorde. Van deze verklaring wordt een akte van naamskeuze opgemaakt. Bij gebreke van een verklaring heeft het kind de geslachtsnaam van de echtgenoot of geregistreerde partner. 7 Indien een kind op het tijdstip van het ontstaan van de familierechtelijke betrekking met beide ouders zestien jaar of ouder is, verklaart het zelf ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand of van de notaris of, in geval van adoptie of gerechtelijke vaststelling van het vaderschap, ten overstaan van de rechter of het de geslachtsnaam van de ene of de andere ouder zal hebben of van beide ouders in een vrij te bepalen volgorde of bij adoptie, een geslachtsnaam die is gekozen overeenkomstig het derde lid. Van deze verklaring wordt melding gemaakt in de akte van erkenning of in de rechterlijke uitspraak inzake adoptie of gerechtelijke vaststelling van het vaderschap. 8 Een verklaring van de ouders als bedoeld in het tweede, vierde of zesde lid, kan slechts ten aanzien van de geslachtsnaam van hun eerste kind worden afgelegd. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van het eerste kind over wie de ouder en zijn echtgenoot of geregistreerde partner die niet de ouder is, van rechtswege gezamenlijk het gezag als bedoeld in artikel 253sa zullen uitoefenen of uitoefenen. Onverminderd het zevende lid, hebben volgende kinderen van dezelfde ouders dan wel kinderen over wie dezelfde ouder en dezelfde echtgenoot of geregistreerde partner die niet de ouder is, van rechtswege het gezag gezamenlijk zullen uitoefenen, dezelfde geslachtsnaam als het eerste kind, met dien verstande dat in het geval dat volgende kinderen blijkens de geboorteakte of krachtens toepasselijk recht een naam hebben die afwijkt van de naam van het eerste kind, de ouders kunnen verklaren dat het desbetreffende kind dezelfde geslachtsnaam zal hebben als het eerste kind. Indien een kind door adoptie in familierechtelijke betrekking komt te staan tot zijn adoptanten kan in afwijking van het voorgaande steeds worden gekozen voor de oorspronkelijke geslachtsnaam van het kind of een combinatie van de oorspronkelijke geslachtsnaam met de geslachtsnaam van een der adoptanten, waarbij alle kinderen van die adoptanten met een combinatie van geslachtsnamen tenminste een zelfde geslachtsnaam van de adoptant hebben en alle kinderen die niet door adoptie in familierechtelijke betrekking tot de ouders komen te staan dezelfde geslachtsnaam of gecombineerde geslachtsnaam hebben. De gekozen oorspronkelijke geslachtsnaam van het kind werkt niet door voor volgende kinderen van die adoptanten. Indien voor de geboorte of ter gelegenheid van de aangifte naamskeuze is gedaan ten aanzien van een kind dat levenloos ter wereld komt of is gekomen, wordt deze keuze opgenomen in de akte, bedoeld in artikel 19i, eerste lid , en geldt zij alleen ten aanzien van dit kind. 9 Is één van de ouders voorafgaand aan het tijdstip waarop de naamskeuze uiterlijk moet zijn gedaan overleden en is de naamskeuze niet gedaan, dan legt de andere ouder een verklaring omtrent de naamskeuze af. Hetzelfde geldt indien één van de ouders wegens diens lichamelijke of geestelijke toestand onder curatele staat dan wel indien ten aanzien van hem of haar een mentorschap bestaat. 10 Zijn de vader en moeder onbekend, dan neemt de ambtenaar van de burgerlijke stand in de geboorteakte een voorlopige voornaam en geslachtsnaam op, in afwachting van het koninklijk besluit waarbij de voornamen en de geslachtsnaam van het kind worden vastgesteld. 11 Indien op grond van het tweede tot en met negende lid een kind, wiens vader van adel is, niet zijn geslachtsnaam verkrijgt, gaat de adeldom niet over op dat kind. 12 De geslachtsnaam van kinderen geboren uit een huwelijk met een lid van het koninklijk huis wordt bij koninklijk besluit bepaald. 13 In het tweede, vijfde en zesde lid wordt onder «moeder» verstaan de vrouw uit wie het kind is geboren. In deze leden wordt met «de vader» van het kind en zijn «vaderschap» gelijkgesteld de moeder die niet de vrouw is uit wie het kind is geboren onderscheidenlijk haar moederschap. 14 Wordt voor het kind gekozen voor een combinatie van geslachtsnamen van de ouders, en een ouder heeft een geslachtsnaam die een combinatie is van twee geslachtsnamen van ouders, dan kan maximaal één geslachtsnaam uit de combinatie worden doorgegeven. Dat geldt ook als op grond van het derde lid bij adoptie wordt gekozen voor een geslachtsnaam van één van de ouders in combinatie met de oorspronkelijke geslachtsnaam van het kind, of als die uit een combinatie van twee geslachtsnamen bestaat, één geslachtsnaam uit de combinatie. Artikel 6 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De geslachtsnaam wordt ten aanzien van een ieder dwingend bewezen door de akte van geboorte. Artikel 7 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De geslachtsnaam van een persoon kan op zijn verzoek, of op verzoek van zijn wettelijke vertegenwoordiger, door de Koning worden gewijzigd. 2 Hij wiens geslachtsnaam of voornamen niet bekend zijn, kan de Koning verzoeken voor hem een geslachtsnaam of voornamen vast te stellen. 3 Een wijziging of vaststelling van de geslachtsnaam door de Koning heeft geen invloed op de geslachtsnaam van de kinderen van de betrokken persoon die voor de datum van het besluit meerderjarig zijn geworden of die niet onder zijn gezag staan. 4 Een wijziging of vaststelling van de geslachtsnaam door de Koning blijft in stand niettegenstaande een latere erkenning of een gerechtelijke vaststelling van het ouderschap. 5 Bij algemene maatregel van bestuur worden regelen gesteld betreffende de gronden waarop de geslachtsnaamswijziging kan worden verleend, de wijze van indiening en behandeling van verzoeken als in het eerste en het tweede lid bedoeld en betreffende het voor wijziging van de geslachtsnaam verschuldigde recht. 6 Indien Onze Minister van Justitie voornemens is een voordracht te doen voor een koninklijk besluit strekkende tot inwilliging van een verzoek als bedoeld in het eerste of tweede lid, deelt hij dit voornemen schriftelijk mee aan de verzoeker en degene wiens geslachtsnaam is verzocht, alsmede, indien het verzoek op de geslachtsnaam van een minderjarige betrekking heeft, zijn ouders en degene aan wie de minderjarige de geslachtsnaam, waarvan wijziging is verzocht, rechtstreeks ontleent. De schriftelijke mededeling van het voornemen geldt als een beschikking. 7 Onze Minister van Justitie doet de schriftelijke mededeling van het voornemen binnen twintig weken. Artikel 8 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Hij die de naam van een ander zonder diens toestemming voert, handelt jegens die persoon onrechtmatig, wanneer hij daardoor de schijn wekt die ander te zijn of tot diens geslacht of gezin te behoren. Artikel 9 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een vrouw die gehuwd is of die gehuwd is geweest dan wel wier partnerschap geregistreerd is of is geweest en die niet is getrouwd na beëindiging van de registratie of is hertrouwd dan wel niet een geregistreerd partnerschap is aangegaan na beëindiging van het huwelijk of opnieuw is aangegaan, is steeds bevoegd de geslachtsnaam van haar echtgenoot of van haar geregistreerde partner te voeren of aan de hare te doen voorafgaan dan wel die te doen volgen op haar eigen geslachtsnaam. 2 Indien het huwelijk door echtscheiding is ontbonden en daaruit geen afstammelingen in leven zijn dan wel indien het geregistreerd partnerschap op de wijze bedoeld in artikel 80c, onder c of d , is beëindigd, kan de rechtbank, wanneer daartoe gegronde redenen bestaan, op verzoek van de gewezen echtgenoot of de gewezen geregistreerde partner aan de vrouw de haar in het eerste lid toegekende bevoegdheid ontnemen. 3 Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de man die gehuwd is of gehuwd is geweest dan wel wiens partnerschap geregistreerd is of is geweest en die niet is getrouwd na beëindiging van de registratie of is hertrouwd dan wel niet een geregistreerd partnerschap is aangegaan na beëindiging van het huwelijk of opnieuw is aangegaan. Titel 3. Woonplaats Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 10 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De woonplaats van een natuurlijk persoon bevindt zich te zijner woonstede, en bij gebreke van woonstede ter plaatse van zijn werkelijk verblijf. 2 Een rechtspersoon heeft zijn woonplaats ter plaatse waar hij volgens wettelijk voorschrift of volgens zijn statuten of reglementen zijn zetel heeft. Artikel 11 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een natuurlijk persoon verliest zijn woonstede door daden, waaruit zijn wil blijkt om haar prijs te geven. 2 Een natuurlijk persoon wordt vermoed zijn woonstede te hebben verplaatst, wanneer hij daarvan op de wettelijk voorgeschreven wijze aan de betrokken colleges van burgemeester en wethouders heeft kennis gegeven. Artikel 12 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een minderjarige volgt de woonplaats van hem die het gezag over hem uitoefent, de onder curatele gestelde die van zijn curator. Oefenen beide ouders tezamen het gezag over hun minderjarige kind uit, doch hebben zij niet dezelfde woonplaats, dan volgt het kind de woonplaats van de ouder bij wie het feitelijk verblijft dan wel laatstelijk heeft verbleven. 2 Wanneer iemands goederen onder bewind staan, volgt hij voor alles wat de uitoefening van dit bewind betreft, de woonplaats van de bewindvoerder. 3 Wanneer ten behoeve van een persoon een mentorschap is ingesteld, volgt hij voor alles wat de uitoefening van dit mentorschap betreft, de woonplaats van de mentor. 4 Het eerste, tweede en derde lid zijn niet van toepassing voor zover het betreft de relatieve bevoegdheid van de rechter gedurende een curatele, een bewind als bedoeld in titel 19 en een mentorschap. Hetzelfde geldt indien ten aanzien van een persoon een curatele, een mentorschap of een bewind als bedoeld in titel 19 en tevens een bewind als bedoeld in afdeling 7 van titel 5 van Boek 4 of een bewind als bedoeld in artikel 182 van Boek 7 van kracht zijn en de bevoegde kantonrechter de andere kantonrechter als uitsluitend bevoegde heeft aangewezen. 5 Wanneer de persoon, van wie de woonplaats wordt afgeleid, overlijdt of zijn gezag of zijn hoedanigheid verliest, duurt de afgeleide woonplaats voort, totdat een nieuwe woonplaats is verkregen. Artikel 13 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Het sterfhuis van een overledene is daar, waar hij zijn laatste woonplaats heeft gehad. Artikel 14 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een persoon die een kantoor of een filiaal houdt, heeft ten aanzien van aangelegenheden die dit kantoor of dit filiaal betreffen mede aldaar woonplaats. Artikel 15 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een persoon kan een andere woonplaats dan zijn werkelijke slechts kiezen, wanneer de wet hem daartoe verplicht, of wanneer de keuze bij schriftelijk of langs elektronische weg aangegane overeenkomst voor een of meer bepaalde rechtshandelingen of rechtsbetrekkingen geschiedt en voor de gekozen woonplaats een redelijk belang aanwezig is. Indien de keuze bij langs elektronische weg aangegane overeenkomst geschiedt, is artikel 227a lid 1 van Boek 6 van overeenkomstige toepassing. Titel 4. Burgerlijke stand Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Afdeling 1. De ambtenaar van de burgerlijke stand Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 16 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 In elke gemeente zijn twee, of, naar goedvinden van burgemeester en wethouders, meer ambtenaren van de burgerlijke stand. Daarenboven kunnen een of meer ambtenaren van de burgerlijke stand worden belast met het verrichten van bepaalde taken. Deze dragen de titel van buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand. Een ambtenaar van de burgerlijke stand, die niet voldoet aan het in het tweede lid bedoelde vereiste van aanwijsbaarheid, wordt niet in aanmerking genomen voor de berekening van het in de eerste zin genoemde aantal. 2 De in het eerste lid bedoelde ambtenaren worden door burgemeester en wethouders aangewezen. Een aanwijzing kan voor een bepaalde tijdsduur geschieden. De aanwijzing eindigt van rechtswege met ingang van de datum waarop de uitoefening van de functie van ambtenaar van de burgerlijke stand of buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand eindigt. Als ambtenaar of buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand is slechts aanwijsbaar de persoon die in de uitoefening van zijn ambt geen onderscheid maakt als bedoeld in artikel 1 van de Algemene wet gelijke behandeling , tenzij het onderscheid is gebaseerd op een wettelijk voorschrift. 3 Ambtenaar van de burgerlijke stand van een gemeente kan slechts zijn een ambtenaar in dienst van die gemeente, een andere gemeente of een openbaar lichaam of bedrijfsvoeringsorganisatie als bedoeld in artikel 8 van de Wet gemeenschappelijke regelingen . Buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand kan mede zijn een persoon die geen ambtenaar in gemeentelijke dienst is. 4 De ambtenaar of buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand wordt tot zijn betrekking niet toegelaten dan na voor de rechtbank tot wier rechtsgebied de gemeente behoort waar hij voor het eerst wordt benoemd de navolgende eed dan wel belofte te hebben afgelegd: "Ik zweer (beloof) dat ik de betrekking van ambtenaar van de burgerlijke stand met eerlijkheid en nauwkeurigheid zal vervullen en dat ik de wettelijke voorschriften, de burgerlijke stand betreffende, met de meeste nauwgezetheid zal opvolgen; dat ik voorts, tot het verkrijgen van mijn aanstelling, middellijk noch onmiddellijk, onder enige naam of voorwendsel, aan iemand iets heb gegeven of beloofd, en dat ik, om iets in deze betrekking te doen of te laten, van niemand enige beloften of geschenken zal aannemen, middellijk of onmiddellijk. Zo waarlijk helpe mij God almachtig". ("Dat verklaar en beloof ik"). 5 Wanneer de eed dan wel belofte, bedoeld in het vierde lid, in de Friese taal wordt afgelegd, luidt de tekst van de eed dan wel belofte als volgt: «Ik swar (ûnthjit) dat ik de funksje fan amtner fan de boargerlike stân mei earlikheid en soarchfâldichheid útoefenje sil en dat ik de wetlike foarskriften oangeande de boargerlike stân op ’en sekuersten neikomme sil; dat ik fierders, foar it krijen fan myn oanstelling, streekrjocht noch midlik, ûnder hokker namme of útwynsel dan ek, oan immen eat jûn of tasein haw, en dat ik, om eat yn dizze funksje te dwaan of te litten, fan gjinien tasizzingen of geskinken, likefolle hokker, oannimme sil, midlik of streekrjocht. Sa wier helpe my God almachtich». («Dat ferklearje en ûnthjit ik»). Artikel 16a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De ambtenaar van de burgerlijke stand is belast met het opnemen in de onder hem berustende registers van de burgerlijke stand van akten en de daaraan toe te voegen latere vermeldingen, alsmede al datgene wat de instandhouding van de registers en de zorg voor de toegankelijkheid van de daarin neergelegde gegevens betreft. 2 De buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand kan uitsluitend worden belast met de taken omschreven in de artikelen 45 , 45a , 58 , 63 , 64 , 65 , 67 , 80a, derde lid , en 80g . Artikel 16b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Wanneer de ambtenaar van de burgerlijke stand in de uitoefening van zijn ambt op grond van enige bepaling van deze titel of van enige andere titel van dit boek in rechte optreedt, kan hij dit zonder advocaat doen. Artikel 16c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Burgemeester en wethouders bepalen de uren, waarop elk bureau van de burgerlijke stand dagelijks voor het publiek geopend zal zijn. Daarbij wordt, ten einde de werkzaamheden van de ambtenaren van de burgerlijke stand op die dagen zoveel mogelijk te beperken, een afzonderlijke regeling getroffen voor de zaterdag, de zondag, de algemeen erkende feestdagen en de overige daarvoor door burgemeester en wethouders aan te wijzen dagen, waarop gemeentelijke diensten niet of slechts gedeeltelijk zijn geopend. Artikel 16d Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ten aanzien van de door het college van burgemeester en wethouders te treffen voorzieningen ten behoeve van de taakuitoefening door de ambtenaar van de burgerlijke stand, en voorts ten aanzien van al wat verder de taak van de ambtenaar van de burgerlijke stand betreft. Afdeling 2. De registers van de burgerlijke stand en de bewaring daarvan Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 17 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Er bestaan voor iedere gemeente registers van geboorten, van huwelijken, van geregistreerde partnerschappen en van overlijden. 2 Er bestaat in de gemeente 's-Gravenhage, naast de in het eerste lid genoemde registers, een register voor de inschrijving van de in afdeling 6 bedoelde rechterlijke uitspraken. Artikel 17a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Wijziging(
  2. en)zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .] 1 De registers van de burgerlijke stand worden in het gemeentehuis bewaard totdat zij naar een gemeentelijke archiefbewaarplaats in de zin van de Archiefwet 1995 ( Stb. 276) worden overgebracht. 2 De overbrenging naar de gemeentelijke archiefbewaarplaats van de in het gemeentehuis berustende registers van geboorten, van huwelijken dan wel geregistreerde partnerschappen en van overlijden vindt eerst plaats onderscheidenlijk honderd jaar, vijfenzeventig jaar en vijftig jaar na de afsluiting van deze registers. Artikel 17b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Wijziging(
  3. en)zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .] De beheerder van een archiefbewaarplaats als bedoeld in artikel 17a is belast met het bewaren van de onder hem berustende registers, met het toevoegen van latere vermeldingen aan de daarin opgenomen akten en met de afgifte van afschriften en uittreksels van deze akten. Artikel 17c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld alles wat verder betreft de inrichting van de registers, alsmede de in artikel 17b genoemde handelingen ten aanzien van die registers. Afdeling 3. Akten van de burgerlijke stand en partijen bij deze akten Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 18 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Wijziging(
  4. en)zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .] 1 De ambtenaar van de burgerlijke stand mag in de akten alleen opnemen hetgeen ingevolge het bij of krachtens de wet bepaalde moet worden verklaard of opgenomen. 2 Alvorens tot het opmaken van een akte over te gaan, verifieert de ambtenaar van de burgerlijke stand de door partijen bij de akte verstrekte gegevens door raadpleging van de basisregistratie personen en, zonodig, andere daartoe bestemde registers of bevoegde autoriteiten, zonder daarvoor leges verschuldigd te zijn. 3 De ambtenaar van de burgerlijke stand is voorts bevoegd zich, al dan niet in persoon, alle bescheiden te doen vertonen die hij voor het opmaken van de akte of voor de vaststelling van de in de akte op te nemen gegevens noodzakelijk acht. 4 [Red: Dit lid is nog niet in werking getreden.] 5 Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld al hetgeen het opmaken van de akten betreft. Artikel 18a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Partijen bij een akte van de burgerlijke stand zijn degenen die aan de ambtenaar van de burgerlijke stand een aangifte doen of te zijnen overstaan een verklaring afleggen betreffende een feit, waarvan de akte bestemd is te doen blijken. 2 Belanghebbende partijen zijn partijen die met hun verklaring enig rechtsgevolg teweeg brengen voor henzelf of voor medepartijen, dan wel voor henzelf en medepartijen. 3 De belanghebbende partijen kunnen zich door een daartoe bij authentieke akte gevolmachtigde doen vertegenwoordigen. 4 Wanneer een gevolmachtigde een verklaring aflegt, geldt hij zowel als de door hem vertegenwoordigde persoon als partij bij de akte. 5 De ambtenaar van de burgerlijke stand mag geen akte verlijden waarin hijzelf als partij of belanghebbende partij voorkomt. Artikel 18b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Voor de betrouwbaarheid en vertrouwelijkheid van de elektronische aangifte alsmede het opmaken en de opslag van een akte in elektronische vorm wordt een systeem van gegevensverwerking gebruikt dat: a. de ambtenaar van de burgerlijke stand in staat stelt de juistheid van de identiteit van de aangever vast te stellen; b. de vertrouwelijkheid van de door de aangever verstrekte gegevens waarborgt; c. waarborgt dat elektronische akten als bedoeld in artikel 18, vierde lid , zodanig blijven opgeslagen dat de inhoud toegankelijk is voor toekomstig gebruik en een ongewijzigde reproductie van de inhoud van de akten gewaarborgd is; d. waarborgt dat een bericht, elektronisch afschrift of uittreksel volledig is en niet onbevoegdelijk is of kan worden gewijzigd. 2 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen over het in het eerste lid bepaalde nadere regels worden gesteld. Artikel 18c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Blijft een partij bij een akte van de burgerlijke stand of een belanghebbende partij in gebreke de in artikel 18, derde lid , bedoelde bescheiden over te leggen, of acht de ambtenaar van de burgerlijke stand de overgelegde bescheiden ongenoegzaam, dan weigert deze tot het opmaken van de akte over te gaan. 2 De ambtenaar van de burgerlijke stand weigert eveneens tot het opmaken van de akte over te gaan, indien hij van oordeel is dat de Nederlandse openbare orde zich hiertegen verzet. 3 Van een weigering als bedoeld in het eerste of het tweede lid doet de ambtenaar van de burgerlijke stand een schriftelijke, met redenen omklede mededeling aan de partijen bij de akte en de belanghebbende partijen toekomen, onder vermelding van de tegen die weigering openstaande voorziening van afdeling 12 van deze titel. Een afschrift van deze mededeling doet hij aan de Immigratie- en Naturalisatiedienst toekomen. Artikel 18d Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Van alle in registers opgenomen akten van de burgerlijke stand wordt een dubbel of een afschrift gehouden, volgens regels, bij algemene maatregel van bestuur te stellen. 2 Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld alles wat betreft de bewaring van de dubbelen of de afschriften alsmede van de daarop betrekking hebbende latere vermeldingen. 3 Wanneer akten van de burgerlijke stand verloren zijn gegaan of verminkt zijn, wordt ter vervanging van deze akten van de dubbelen van de akten een afschrift gemaakt door een of meer door Onze Minister van Justitie aan te wijzen Centrale Bewaarplaatsen waar de dubbelen bewaard worden. De afschriften treden in de plaats van de verloren gegane of verminkte akten. 4 Er wordt een lijst opgesteld van de akten die vervangen worden, die in de Staatscourant wordt gepubliceerd. 5 De kosten voor de vervanging van akten van de burgerlijke stand komen ten laste van de Staat, tenzij het de vervanging van akten betreft die bewaard worden door een gemeente. In het laatstgenoemde geval komen de kosten van vervanging voor rekening van de gemeente. 6 Onze Minister van Justitie kan nadere regels stellen omtrent de wijze waarop de vervanging van de akten dient te worden uitgevoerd. Afdeling 4. De akten van geboorte, van overlijden en de akten houdende attestaties de vita Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 19 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een akte van geboorte wordt opgemaakt door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar het kind is geboren. 2 Indien de plaats van de geboorte van het kind niet bekend is, wordt de akte opgemaakt door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar het kind is aangetroffen. Die gemeente geldt als gemeente waar het kind is geboren. Artikel 19a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 In geval van geboorte op Nederlands grondgebied in een rijdend voertuig of op een varend schip of tijdens een binnenlandse luchtreis met een luchtvaartuig, wordt de akte van geboorte opgemaakt door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar dat kind het voertuig, het schip of het luchtvaartuig verlaat, dan wel waar het schip ligplaats kiest. Die gemeente geldt als gemeente waar het kind is geboren. 2 In geval van geboorte tijdens een zeereis met een in Nederland geregistreerd vaartuig, dan wel tijdens een internationale luchtreis met een in Nederland geregistreerd luchtvaartuig, is de gezagvoerder van het vaartuig of het luchtvaartuig verplicht een voorlopige akte van geboorte binnen vierentwintig uur in het journaal in te schrijven in tegenwoordigheid van twee getuigen en zo mogelijk van de vader. De gezagvoerder zendt een afschrift van die akte zo spoedig mogelijk aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage. Deze maakt de akte van geboorte op aan de hand van het ontvangen afschrift, met dien verstande dat hij gegevens die ontbreken of hem blijken onjuist te zijn, zoveel mogelijk aanvult of verbetert. Aan de personen op wie de akte betrekking heeft, wordt een uittreksel van de akte toegezonden. Artikel 19b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Indien de plaats of de dag van de geboorte van het kind niet bekend is dan wel indien de naam, met inbegrip van de voornamen, van de moeder uit wie het kind is geboren niet bekend is, wordt de geboorteakte ten aanzien van deze punten opgemaakt krachtens een bevel en overeenkomstig de aanwijzingen van het openbaar ministerie. Artikel 19c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Zijn krachtens artikel 5, tiende lid, van dit boek in de akte een voorlopige voornaam en geslachtsnaam opgenomen, dan zendt de ambtenaar van de burgerlijke stand onverwijld een volledig afschrift van de akte aan Onze Minister van Justitie. Artikel 19d Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien het geslacht van het kind twijfelachtig is, wordt een geboorteakte opgemaakt, waarin wordt vermeld dat het geslacht van het kind niet is kunnen worden vastgesteld. 2 Binnen drie maanden na de geboorte, of, bij overlijden binnen die termijn, ter gelegenheid van de aangifte van het overlijden, wordt onder doorhaling van de in het eerste lid bedoelde akte een nieuwe geboorteakte opgemaakt, waarin het geslacht, indien dit inmiddels is vastgesteld, wordt vermeld aan de hand van een ter zake overgelegde medische verklaring. 3 Is binnen de in het tweede lid genoemde termijn geen medische verklaring overgelegd, of blijkt uit de overgelegde medische verklaring dat het geslacht niet is kunnen worden vastgesteld, dan vermeldt de nieuwe geboorteakte dat het geslacht van het kind niet is kunnen worden vastgesteld. Artikel 19e Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Wijziging(
  5. en)zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .] 1 De aangifte van een geboorte kan in persoon of, als deze weg is geopend, elektronisch worden gedaan. Tot elektronische aangifte zijn uitsluitend bevoegd de moeder uit wie het kind is geboren en de vader van het kind. 2 Tot de aangifte in persoon van een geboorte is bevoegd de moeder uit wie het kind is geboren. 3 Tot de aangifte in persoon is verplicht de vader of de moeder uit wie het kind niet is geboren. 4 Wanneer de persoon genoemd in het derde lid ontbreekt of verhinderd is de aangifte te doen, is tot aangifte verplicht: a. ieder die bij het ter wereld komen van het kind tegenwoordig is geweest; b. de bewoner van het huis waar de geboorte heeft plaats gehad, of indien zulks is geschied in een inrichting tot verpleging of verzorging bestemd, in een gevangenis of in een soortgelijke inrichting, het hoofd van die inrichting of een door hem bij onderhandse akte bijzonderlijk tot het doen van de aangifte aangewezen ondergeschikte. 5 Voor een in het vierde lid, onder b, genoemde persoon bestaat de verplichting alleen indien een onder a genoemde persoon ontbreekt of verhinderd is. 6 Wanneer tot de aangifte bevoegde of verplichte personen ontbreken of nalaten de aangifte te doen, geschiedt deze door of vanwege de burgemeester van de gemeente alwaar de geboorteakte moet worden opgemaakt. 7 De verplichting tot aangifte moet worden vervuld binnen drie dagen na de dag der bevalling. Van een aangifte later dan de derde dag, bedoeld in de eerste zin van dit lid, wordt door de ambtenaar van de burgerlijke stand mededeling gedaan aan het openbaar ministerie. 8 De ambtenaar van de burgerlijke stand stelt de identiteit van de aangever vast aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht , dan wel op bij algemene maatregel van bestuur te bepalen andere wijze. 9 De aangever verstrekt in ieder geval de volgende gegevens: a. de dag, de plaats en het tijdstip van de geboorte; b. het geslacht van het kind; c. de voornamen van het kind; d. de geslachtsnaam, de voornamen, de dag van geboorte, de woonplaats, het woonadres en e. zo mogelijk, het burgerservicenummer van de moeder uit wie het kind is geboren. 10 Bij elektronische aangifte dient de moeder uit wie het kind is geboren haar burgerservicenummer op te geven en dient de vader zowel zijn burgerservicenummer als dat van de moeder uit wie het kind is geboren op te geven. Tevens dient de moeder uit wie het kind is geboren of de vader de juistheid van de in het negende lid, onder a, b en d genoemde gegevens te laten bevestigen door de betrokken arts of verloskundige. 11 Bij de aangifte kan de ambtenaar van de burgerlijke stand zich doen overleggen een door de arts of de verloskundige die bij het ter wereld komen van het kind tegenwoordig was, opgemaakte verklaring dat het kind uit de als moeder opgegeven persoon is geboren. Is het kind buiten de tegenwoordigheid van een arts of verloskundige ter wereld gekomen, dan kan hij zich een door een zodanige hulpverlener nadien opgemaakte verklaring doen overleggen. 12 Wordt geen gevolg gegeven aan het verzoek van de ambtenaar van de burgerlijke stand om overlegging van een verklaring als bedoeld in het elfde lid of is in de verklaring vermeld dat de identiteit van de moeder uit wie het kind is geboren onbekend is, dan is artikel 19b van toepassing. 13 Voor de elektronische aangifte, geregeld in het eerste en tiende lid, wordt met «de vader» gelijkgesteld de moeder die niet de vrouw is uit wie het kind is geboren. Artikel 19f Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een akte van overlijden wordt opgemaakt door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar het overlijden heeft plaatsgevonden. 2 Indien een lijk is gevonden en de plaats of de dag van overlijden niet met voldoende nauwkeurigheid kan worden vastgesteld, wordt de akte van overlijden opgemaakt door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waarin het lijk is gevonden of aan land gebracht. 3 Ongeacht het in het eerste lid bepaalde is het tweede lid van overeenkomstige toepassing indien het overlijden heeft plaatsgevonden op een op zee gestationeerde installatie en het lijk in Nederland aan land wordt gebracht. Artikel 19g Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 In geval van overlijden op Nederlands grondgebied in een rijdend voertuig of op een varend schip of tijdens een binnenlandse luchtreis met een luchtvaartuig, wordt de akte van overlijden opgemaakt door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar het lijk het voertuig, het schip of het luchtvaartuig verlaat, dan wel waar het schip ligplaats kiest. Die gemeente geldt als gemeente waar het overlijden heeft plaatsgevonden. 2 In geval van overlijden tijdens een zeereis met een in Nederland geregistreerd voertuig, dan wel tijdens een internationale luchtreis met een in Nederland geregistreerd luchtvaartuig, is de gezagvoerder van het vaartuig of het luchtvaartuig verplicht een voorlopige akte van overlijden binnen vierentwintig uur in het journaal in te schrijven in tegenwoordigheid van twee getuigen. De gezagvoerder zendt een afschrift van die akte zo spoedig mogelijk naar de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage. Deze maakt de akte van overlijden op aan de hand van het ontvangen afschrift, met dien verstande dat hij gegevens die ontbreken of hem blijken onjuist te zijn, zoveel mogelijk aanvult of verbetert. Aan de personen op wie de akte betrekking heeft, wordt een uittreksel van de akte toegezonden. Artikel 19h Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Tot de aangifte van een overlijden is bevoegd wie daarvan uit eigen wetenschap kennis draagt. 2 Binnen de in artikel 16 van de Wet op de lijkbezorging gestelde termijn voor de begraving of crematie, kan de persoon die in de lijkbezorging voorziet, door een in het eerste lid bedoelde persoon worden gemachtigd tot het doen van de aangifte. In dit geval kan de aangifte door de gemachtigde ook elektronisch worden gedaan, als deze weg is geopend. 3 De identiteit van de aangever wordt vastgesteld aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht , dan wel op bij algemene maatregel van bestuur te bepalen andere wijze. 4 De aangever verstrekt ten minste de volgende gegevens van de overledene: a. geslachtsnaam, voornamen en geslacht van de overledene; b. voor zover bekend, plaats en dag van geboorte; c. plaats, dag en, zo mogelijk, het tijdstip van overlijden en d. diens burgerlijke staat en e. diens laatst bekende woonadres of woonplaats. 5 Wanneer tot de aangifte bevoegde personen ontbreken of nalaten binnen de in de Wet op de lijkbezorging gestelde termijn voor de begraving of crematie de aangifte te doen, geschiedt deze door of vanwege de burgemeester van de gemeente alwaar de akte van overlijden moet worden opgemaakt. 6 In de gevallen bedoeld in artikel 19 f , tweede en derde lid , geschiedt de aangifte door de hulpofficier van justitie. Artikel 19i Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Wanneer een kind levenloos ter wereld is gekomen, wordt een akte opgemaakt, die in het register van overlijden wordt opgenomen. 2 Wanneer een kind binnen de in artikel 19e, zevende lid , bepaalde termijn is overleden voordat aangifte van de geboorte is geschied, wordt zowel een akte van geboorte als een akte van overlijden opgemaakt. 3 In de in de vorige leden bedoelde gevallen is ten aanzien van de aangifte het bepaalde in artikel 19h van overeenkomstige toepassing. In het in het tweede lid bedoelde geval blijft artikel 19e buiten toepassing. 4 In het geval, bedoeld in het eerste lid, verstrekt de ambtenaar van de burgerlijke stand aan het Centraal Bureau voor de Statistiek zo spoedig mogelijk de gegevens betreffende dat kind, die zijn vermeld in het daartoe door hem te gebruiken formulier dat door Onze Minister van Veiligheid en Justitie is vastgesteld. Artikel 19j Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld al wat betreft de aan de ambtenaar over te leggen stukken, het opmaken van de akten, onderscheidenlijk de voorlopige akten van geboorte en van overlijden, en de inhoud daarvan. 2 Bij algemene maatregel van bestuur wordt tevens geregeld: a. op welke wijze en waar de akten van geboorte en van overlijden zullen worden opgemaakt en ingeschreven wanneer dit ten gevolge van een verbod van verkeer of ten gevolge van andere buitengewone omstandigheden niet op de gewone wijze kan geschieden; en b. op welke wijze en waar overlijdensakten zullen worden opgemaakt van militairen en van andere personen, die tot de krijgsmacht behoren en die te velde, in de slag, of in ’s Rijks dienst buiten Nederland zijn overleden. Artikel 19k Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een ieder die zijn gewone verblijfplaats in Nederland heeft, kan de ambtenaar van de burgerlijke stand van zijn woonplaats verzoeken om afgifte van een attestatie de vita opgesteld overeenkomstig bijlage 1 van de op 10 september 1998 te Parijs tot stand gekomen Overeenkomst betreffende de afgifte van een attestatie de vita (Trb. 2004, 283). 2 De verzoeker verschijnt in persoon voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van zijn woonplaats, dan wel voor de daartoe in Nederland bevoegde diplomatieke of consulaire autoriteit, tenzij hij in de onmogelijkheid hiertoe verkeert. Hij toont zijn identiteit aan aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht . 3 De attestatie de vita is gedurende zes maanden geldig, te rekenen vanaf de datum van afgifte. Zij is vrijgesteld van de vereisten van vertaling en van legalisatie dan wel van enig soortgelijk formeel vereiste. 4 De attestatie de vita wordt afgegeven in de Nederlandse taal en in de Franse taal. Op verzoek wordt daarbij tevens afgegeven: a. de lijst van coderingen en de vertaling ervan in de officiële taal of in één van de officiële talen van het land waar de attestatie overgelegd zal worden, of b. de vertaling in de officiële taal of in één van de officiële talen van de landen die bij de in het eerste lid genoemde Overeenkomst partij zijn. De vertaling wordt uitgevoerd overeenkomstig de in de bijlage bij de Overeenkomst vastgestelde termen. 5 Iedere belanghebbende kan met betrekking tot een attestatie de vita die is afgegeven in een ander land dat partij is bij de in het eerste lid genoemde Overeenkomst, de ambtenaar van de burgerlijke stand in zijn woonplaats dan wel de daartoe in Nederland bevoegde diplomatieke of consulaire autoriteit verzoeken om afgifte van: a. een vertaling van de coderingen in het Nederlands, of b. een vertaling van de attestatie de vita in het Nederlands. Afdeling 5. Latere vermeldingen Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 20 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De ambtenaar van de burgerlijke stand voegt aan de onder hem berustende akten van de burgerlijke stand latere vermeldingen toe van akten van de burgerlijke stand en andere authentieke akten houdende naamskeuze, erkenning, ontkenning van het vaderschap of moederschap door de moeder, van besluiten houdende wijziging of vaststelling van namen, van bevestigingen van opties mede houdende vaststelling van namen en naturalisatiebesluiten mede houdende wijziging of vaststelling van namen alsmede van besluiten tot intrekking van zulke bevestigingen of besluiten, van de opgave van afwijkende namen die een persoon die meer dan één nationaliteit bezit, voert in overeenstemming met het recht van het land waarvan hij mede de nationaliteit bezit, van akten houdende beëindiging van een geregistreerd partnerschap, van akten van omzetting van een geregistreerd partnerschap, wijziging van de vermelding van het geslacht na een aangifte als bedoeld in artikel 28 , alsmede van rechterlijke uitspraken waarvan de dagtekening ten minste drie maanden oud is en die inhouden: a. een last tot wijziging van de voornamen of van de geslachtsnaam, een adoptie, een herroeping van een adoptie, een vernietiging van een erkenning, een gerechtelijke vaststelling van het ouderschap, een gegrondverklaring van een ontkenning van het vaderschap of moederschap of, of een vernietiging van zulk een uitspraak; b. de nietigverklaring van een huwelijk of van een geregistreerd partnerschap of de vernietiging van zulk een uitspraak tussen echtelieden of geregistreerde partners wier huwelijksakte onderscheidenlijk akte van een geregistreerd partnerschap, dan wel akte van omzetting van een geregistreerd partnerschap of huwelijk in de Nederlandse registers van de burgerlijke stand is opgenomen. 2 De ambtenaar van de burgerlijke stand voegt eveneens aan de onder hem berustende akten van de burgerlijke stand latere vermeldingen toe van in kracht van gewijsde gegane rechterlijke uitspraken die een echtscheiding of een ontbinding van een geregistreerd partnerschap, een ontbinding van een huwelijk na scheiding van tafel en bed of de vernietiging van zulk een uitspraak tussen echtelieden wier huwelijksakte, akte van registratie van een partnerschap of akte van omzetting van een geregistreerd partnerschap of huwelijk in de Nederlandse registers van de burgerlijke stand is opgenomen, inhouden. Artikel 20a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De in artikel 20 bedoelde latere vermeldingen, met uitzondering van de vermeldingen bedoeld in het eerste lid, onder b, alsmede van de vermeldingen houdende beëindiging van een geregistreerd partnerschap en van de vermeldingen van een omzetting van een geregistreerd partnerschap, worden toegevoegd aan de geboorteakte van de betrokken persoon. Van een wijziging of vaststelling van de geslachtsnaam wordt tevens een latere vermelding toegevoegd aan de geboorteakten van de kinderen van de betrokken persoon, voor zover de wijziging of vaststelling zich tot hen uitstrekt. 2 De in artikel 20, eerste lid, onder b, en tweede lid , bedoelde latere vermeldingen alsmede de in de aanhef van artikel 20, eerste lid, bedoelde beëindiging van een geregistreerd partnerschap en de daar bedoelde omzetting, worden toegevoegd aan de huwelijksakte dan wel aan de akte van registratie van een partnerschap van de betrokken persoon. 3 Wanneer als gevolg van het huwelijk of van de echtscheiding een verandering intreedt in de geslachtsnaam van een persoon, wordt hiervan, voor zover zij niet in de huwelijksakte is vermeld, aan deze akte een latere vermelding toegevoegd. Tevens wordt daarvan een latere vermelding toegevoegd aan de geboorteakte van de betrokkene en de geboortenakten van diens kinderen, voor zover hun naam eveneens verandert. Artikel 20b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Van akten en uitspraken die buiten Nederland overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie zijn opgemaakt of gedaan en een overeenkomstige uitwerking hebben als de akten en rechterlijke uitspraken, bedoeld in artikel 20 , wordt, tenzij de Nederlandse openbare orde zich hiertegen verzet, op verzoek van een belanghebbende dan wel ambtshalve, door de ambtenaar van de burgerlijke stand een latere vermelding toegevoegd aan de desbetreffende in de registers van de burgerlijke stand hier te lande voorkomende huwelijksakte, akte van registratie van een partnerschap, akte van omzetting van een geregistreerd partnerschap of huwelijk of geboorteakte. Van een verandering van de geslachtsnaam wordt op verzoek van een belanghebbende tevens een latere vermelding gevoegd bij de geboorteakte van de kinderen van de betrokken persoon, voor zover hun naam eveneens verandert. 2 Indien een latere vermelding ambtshalve aan een akte is toegevoegd, zendt de ambtenaar van de burgerlijke stand een afschrift van de akte en de latere vermelding aan de persoon of personen op wie de akte betrekking heeft. Artikel 20c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De artikelen 18 en 18c zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 20d Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld al wat betreft de aan de ambtenaar over te leggen stukken, het opmaken van de latere vermeldingen en de inhoud daarvan. Artikel 20e Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Van de in artikel 20, eerste lid , genoemde uitspraken zendt de griffier van het college waarvoor de zaak laatstelijk aanhangig was niet eerder dan drie maanden na de dag van de beschikking een afschrift aan de ambtenaar van de burgerlijke stand. 2 Van besluiten houdende wijziging of vaststelling van namen en van naturalisatiebesluiten mede houdende wijziging of vaststelling van namen zendt Onze Minister van Justitie onverwijld een afschrift aan de ambtenaar van de burgerlijke stand onder wie de akte van geboorte van de betrokken persoon berust. 3 De notaris die een akte van erkenning heeft opgemaakt, zendt onverwijld een afschrift of een uittreksel daarvan aan de ambtenaar van de burgerlijke stand onder wie de akte van geboorte van het kind berust. Artikel 20f Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De ambtenaar van de burgerlijke stand die de gegevens van een akte van naamskeuze opneemt in de akte van geboorte van het kind, zendt een afschrift van die akte aan de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte van naamskeuze heeft opgemaakt. Deze akte wordt bewaard totdat achttien maanden zijn verstreken na de ontvangst van dat afschrift. 2 De ambtenaar van de burgerlijke stand die een latere vermelding van de naamskeuze, de erkenning toevoegt aan de akte van geboorte van het kind, zendt een afschrift van die akte en de latere vermelding aan de personen op wie de akte betrekking heeft. Hij zendt een afschrift aan de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte van naamskeuze, van erkenning heeft opgemaakt. Laatstgenoemde akte wordt bewaard totdat achttien maanden zijn verstreken na de ontvangst van laatstgenoemd afschrift dan wel, indien geen zodanig afschrift wordt ontvangen, totdat achttien maanden zijn verstreken na het opmaken van de akte. Artikel 20g Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De ambtenaar van de burgerlijke stand die aan de geboorteakte van een minderjarige een latere vermelding toevoegt, waaruit blijkt dat de minderjarige is erkend, of dat een naam van hem is gewijzigd, geeft van dit feit kennis aan de bewaarder van het in artikel 244 van dit boek bedoelde openbare register waarin rechtsfeiten omtrent die minderjarige zijn opgenomen. Artikel 20h Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-1995] Afdeling 6. Akten van inschrijving van bepaalde rechterlijke uitspraken Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 21 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De ambtenaar van de burgerlijke stand te 's-Gravenhage maakt akten van inschrijving op van in kracht van gewijsde gegane rechterlijke uitspraken betreffende huwelijken of registraties van een partnerschap, waarvan de akten niet in de Nederlandse registers van de burgerlijke stand zijn opgenomen, welke inhouden de nietigverklaring van een huwelijk of van een geregistreerd partnerschap, een echtscheiding, de ontbinding van een geregistreerd partnerschap, de ontbinding van een huwelijk na scheiding van tafel en bed of de vernietiging van zulk een ingeschreven uitspraak, dan wel de beëindiging van een geregistreerd partnerschap, bedoeld in artikel 80c, onder c , of de vernietiging daarvan. 2 De in het eerste lid bedoelde akten worden ingeschreven in het daartoe bestemde register van de burgerlijke stand te 's-Gravenhage. 3 Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld al wat betreft de aan de ambtenaar over te leggen stukken, het opmaken van de akten van inschrijving en de inhoud daarvan. Afdeling 7. De bewijskracht van akten van de burgerlijke stand alsmede van afschriften en uittreksels Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 22 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De akte van geboorte bewijst ten aanzien van een ieder dat op de in de akte vermelde plaats, dag en uur uit de daarin genoemde moeder een kind van het daarin vermelde geslacht is geboren. Vermeldt de akte dat de plaats van de geboorte van het kind niet bekend is, dan komt dezelfde bewijskracht toe aan de vermelding van de plaats waar het is aangetroffen. 2 De akte van overlijden bewijst ten aanzien van een ieder, dat op de plaats, de dag en het uur, in de akte vermeld, de daarin genoemde persoon is overleden of, indien de akte krachtens artikel 19f, tweede lid, van dit boek is opgemaakt, dat het lijk van de daarin genoemde persoon op de plaats, de dag en het uur, in de akte vermeld, is gevonden. 3 Voor het overige hebben akten van de burgerlijke stand dezelfde bewijskracht als andere authentieke akten. Artikel 22a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Authentieke afschriften of uittreksels, in de wettige vorm opgemaakt en afgegeven door de daartoe bevoegde bewaarder van het register, hebben dezelfde bewijskracht als het origineel, tenzij bewezen wordt dat zij daarmede niet overeenstemmen. Afdeling 8. De openbaarheid van de akten van de burgerlijke stand Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 23 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De akten van de burgerlijke stand, daaronder begrepen de dubbelen van deze akten, zijn openbaar voor zover te dien aanzien in deze afdeling geen nadere voorziening is gegeven. Artikel 23a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Van de akten van de burgerlijke stand mogen slechts de bewaarders en het openbaar ministerie inzage nemen. Voorts kunnen de rechter en het openbaar ministerie overlegging van akten bevelen. Artikel 23b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Wijziging(
  6. en)zonder datum inwerkingtreding aanwezig. Zie het wijzigingenoverzicht .] 1 Een ieder is bevoegd zich door de ambtenaar die met de afgifte van afschriften en uittreksels van akten van de burgerlijke stand is belast, een uittreksel van een onder deze ambtenaar berustende akte van geboorte, van huwelijk, van registratie van een partnerschap, van omzetting van een huwelijk in een registratie van een partnerschap, van omzetting van een registratie van een partnerschap in een huwelijk of van overlijden te doen afgeven. Het uittreksel bevat de bij algemene maatregel van bestuur te vermelden gegevens, waaruit de afstamming van de persoon of personen op wie de akte betrekking heeft, niet blijkt. 2 Van de in het eerste lid bedoelde akten alsmede van de akten van erkenning of ontkenning van het vaderschap of moederschap door de moeder wordt een afschrift slechts afgegeven indien de verzoeker aantoont dat hij bij de verkrijging een gerechtvaardigd belang heeft. Van andere akten die de in het eerste lid bedoelde ambtenaar onder zijn berusting heeft, wordt steeds een afschrift afgegeven. Dit afschrift bevat de bij algemene maatregel van bestuur te vermelden gegevens. 3 Een verzoek om afgifte van een uittreksel of een afschrift dient op een bepaalde persoon of bepaalde personen betrekking te hebben. 4 Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld al hetgeen overigens het opmaken en het verstrekken van afschriften en uittreksels betreft. Daarbij worden tevens regels gegeven voor het opmaken van uittreksels van akten die voor de inwerkingtreding van deze wet zijn opgemaakt. 5 Weigert de in het eerste lid bedoelde ambtenaar een afschrift of een uittreksel af te geven, dan verstrekt hij aan de aanvrager een schriftelijke opgave van de gronden voor zijn weigering. Artikel 23c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De dubbelen van de akten van de burgerlijke stand zijn openbaar zolang zij onder de ambtenaar van de burgerlijke stand berusten. Afdeling 9. De aanvulling van de registers van de burgerlijke stand en de verbetering van de daarin voorkomende akten en latere vermeldingen Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 24 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Aanvulling van een register van de burgerlijke stand met een daarin ontbrekende akte of latere vermelding, doorhaling van een daarin ten onrechte voorkomende akte of latere vermelding, of verbetering van een daarin voorkomende akte of latere vermelding die onvolledig is of een misslag bevat, kan op verzoek van belanghebbenden of van het openbaar ministerie worden gelast door de rechtbank. De rechtbank kan bij haar beschikking tot verbetering van een akte of latere vermelding die onvolledig is of een misslag bevat, eveneens dezelfde verbetering gelasten ten aanzien van een akte of latere vermelding betreffende dezelfde persoon of zijn afstammelingen, die buiten haar rechtsgebied in de registers van de burgerlijke stand is opgenomen. De in de tweede zin bedoelde bevoegdheid kan mede worden uitgeoefend ten aanzien van een akte of latere vermelding betreffende dezelfde persoon of zijn afstammelingen die in de registers van de burgerlijke stand van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba is opgenomen. 2 De griffier van het college waarvoor de zaak laatstelijk aanhangig was, zendt niet eerder dan drie maanden na de dag van de beschikking een afschrift daarvan aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente, in welker registers de akte of latere vermelding is of had moeten zijn opgenomen. Is deze gemeente opgeheven, dan zendt hij het afschrift aan de ambtenaar van de gemeente in wier archieven de registers van de burgerlijk stand van de opgeheven gemeente berusten. Artikel 24a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Kennelijke schrijf- of spelfouten en kennelijke misslagen kunnen ambtshalve door de ambtenaar van de burgerlijke stand worden verbeterd. Indien in een andere gemeente een akte betreffende dezelfde persoon of diens afstammelingen wordt gehouden, die eveneens verbetering behoeft, stelt de ambtenaar van de burgerlijke stand die de verbetering in de akte heeft aangebracht de ambtenaar van de burgerlijke stand in de andere gemeente daarvan op de hoogte. Artikel 24b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Aanvulling van een register van de burgerlijke stand op grond van artikel 24 geschiedt door het opmaken van een nieuwe akte in dat register. 2 Van een verbetering of een doorhaling op grond van deze afdeling wordt een latere vermelding toegevoegd aan de desbetreffende akte, volgens regels, bij algemene maatregel van bestuur te stellen. Afdeling 10. Inschrijving van buitenlandse akten en de rechterlijke last tot het opmaken van een vervangende akte van geboorte Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 25 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Buiten Nederland overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie opgemaakte akten van geboorte, huwelijksakten, akten van registratie van een partnerschap en akten van overlijden worden op bevel van het openbaar ministerie of op verzoek van een belanghebbende ingeschreven in de registers onderscheidenlijk van geboorten, van huwelijken, van geregistreerde partnerschappen en van overlijden van de gemeente 's-Gravenhage, indien: a. de akte een persoon betreft die op het ogenblik van het verzoek Nederlander is of te eniger tijd Nederlander dan wel Nederlands onderdaan niet-Nederlander is geweest; b. de akte een persoon betreft die rechtmatig verblijft op grond van artikel 8, onder c en d, van de Vreemdelingenwet 2000 . 2 Buiten Nederland overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie opgemaakte akten van geboorte worden op bevel van het openbaar ministerie of op verzoek van een belanghebbende ingeschreven in het register van geboorten van de gemeente 's-Gravenhage, indien de akte een persoon van vreemde nationaliteit betreft en op grond van enige bepaling van dit boek een latere vermelding aan de akte van geboorte moet worden toegevoegd. 3 De ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage kan ook ambtshalve de in de vorige leden bedoelde akten inschrijven. 4 Indien de inschrijving van een huwelijksakte of van een akte van registratie van een partnerschap op grond van het eerste lid wordt verzocht door een belanghebbende en betrekking heeft op een huwelijk of een geregistreerd partnerschap tussen personen van wie er een niet de Nederlandse nationaliteit bezit of rechtmatig in Nederland verblijft als bedoeld in artikel 8, onder b, d of e, van de Vreemdelingenwet 2000 , dienen de echtgenoten of geregistreerde partners ten behoeve van de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage een verklaring af te leggen inzake het verblijfsrecht van de echtgenoot of geregistreerde partner die niet de Nederlandse nationaliteit bezit alsmede inhoudende dat hun huwelijk of geregistreerd partnerschap niet is aangegaan met het oogmerk om verblijfsrecht in Nederland te verkrijgen. De verklaring is niet vereist indien: a. sinds de voltrekking van het huwelijk of de registratie van het partnerschap ten minste tien jaren zijn verstreken, of b. het huwelijk of geregistreerd partnerschap inmiddels is geëindigd. 5 In geval van adoptie gelast de rechtbank, die de adoptie uitspreekt, ambtshalve afzonderlijk de inschrijving van de in het eerste en het tweede lid bedoelde akte van geboorte. 6 De akte van inschrijving vermeldt de bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen gegevens. 7 Kennelijke misslagen of schrijf- of spelfouten, die de ambtenaar van de burgerlijke stand in de in te schrijven akte vaststelt op grond van een hier te lande in de registers van de burgerlijke stand opgenomen akte of op grond van een rechterlijke uitspraak, kunnen ambtshalve door hem worden verbeterd. De verbeteringen worden afzonderlijk in de akte vermeld. 8 Indien een akte ambtshalve is ingeschreven, wordt een afschrift van de akte van inschrijving toegezonden aan de persoon of de personen op wie de akte betrekking heeft. Artikel 25a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien na de inschrijving kennelijke misslagen in de buiten Nederland opgemaakte akte overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie zijn verbeterd, wordt de verbetering in de akte van inschrijving aangebracht doordat de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage, aan wie een afschrift van de beslissing tot verbetering en een afschrift van de verbeterde akte zijn overgelegd, een latere vermelding van de verbetering aan de akte van inschrijving toevoegt. 2 Kennelijke schrijf- en spelfouten, die in de buiten Nederland opgemaakte akte overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie zijn verbeterd, kunnen ambtshalve door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage aan de hand van een afschrift van de verbeterde akte worden verbeterd op de in het eerste lid aangegeven wijze. Artikel 25b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Aan de akte van inschrijving, bedoeld in artikel 25 , worden de latere vermeldingen toegevoegd die op grond van dit boek aan een in Nederland opgemaakte akte van geboorte, huwelijksakte of akte van overlijden moeten worden toegevoegd. Artikel 25c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien ten aanzien van een buiten Nederland geboren persoon geen akte van geboorte overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt of kan worden overgelegd, kan op verzoek van het openbaar ministerie, van een belanghebbende of van de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage de rechtbank Den Haag de voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vaststellen, indien: a. die persoon Nederlander is of te eniger tijd Nederlander dan wel Nederlands onderdaan niet-Nederlander is geweest; b. die persoon rechtmatig verblijft op grond van artikel 8, onder c en d, van de Vreemdelingenwet 2000 ; c. op grond van dit boek een latere vermelding aan de akte van geboorte moet worden toegevoegd. 2 De rechtbank houdt rekening met alle bewijzen en aanwijzingen omtrent de omstandigheden waaronder, en het tijdstip waarop de geboorte moet hebben plaatsgehad. De geslachtsnaam, de voornamen, alsmede de plaats en de dag van de geboorte van de vader en van de moeder worden vastgesteld, voor zover daarvoor aanwijzingen zijn verkregen. 3 In geval van adoptie geeft de rechtbank die de adoptie uitspreekt, ambtshalve afzonderlijk de in het eerste lid bedoelde beschikking. Artikel 25d Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De rechtbank Den Haag kan op verzoek van het openbaar ministerie, van een belanghebbende of van de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage de krachtens artikel 25c gegeven beschikking wijzigen op grond dat de vastgestelde gegevens onjuist of onvolledig zijn. Artikel 25e Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-04-1995] Artikel 25f Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De griffier van het college waarvoor de zaak laatstelijk aanhangig was, zendt niet eerder dan drie maanden na de dag van de beschikking een afschrift daarvan, aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage. 2 Deze ambtenaar maakt van de beschikking, bedoeld in artikel 25c een akte van inschrijving op, die geldt als een akte van geboorte in de zin van artikel 19 van dit boek. Deze akte is in overeenstemming met de beschikking en vermeldt dit uitdrukkelijk. 3 Van de beschikking, bedoeld in artikel 25d , wordt een latere vermelding toegevoegd aan de akte als bedoeld in het vorige lid. Artikel 25g Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Op akten en uitspraken die buiten Nederland overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie zijn opgemaakt of gedaan en een overeenkomstige uitwerking hebben als de in artikel 25c van dit boek bedoelde beschikkingen, zijn de artikelen 25 tot en met 25b van overeenkomstige toepassing. De inschrijving als bedoeld in artikel 25 vindt niet plaats indien de Nederlandse openbare orde zich hiertegen verzet. 2 In geval van adoptie van een buiten Nederland geboren kind ten aanzien waarvan een akte of uitspraak als bedoeld in het vorige lid is opgemaakt of gedaan, geeft de rechtbank die de adoptie uitspreekt, ambtshalve afzonderlijk last tot inschrijving van die akte of uitspraak. Afdeling 11. De verklaring voor recht omtrent de rechtsgeldigheid in Nederland van een buitenlandse akte of uitspraak Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 26 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een ieder die daarbij een gerechtvaardigd belang heeft, kan de rechtbank verzoeken een verklaring voor recht af te geven dat een op hem betrekking hebbende, buiten Nederland opgemaakte akte of gedane uitspraak overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt of gedaan en naar zijn aard vatbaar is voor opneming in een Nederlands register van de burgerlijke stand. 2 De in het eerste lid bedoelde verklaring voor recht kan eveneens op verzoek van de ambtenaar van de burgerlijke stand of van het openbaar ministerie worden afgegeven. Artikel 26a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De rechtbank kan, op verzoek of ambtshalve, bij de in het eerste lid van artikel 26 bedoelde verklaring voor recht tevens de toevoeging van een latere vermelding, op grond van artikel 24, eerste lid , aan een in de Nederlandse registers van de burgerlijke stand voorkomende akte gelasten. Artikel 26b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Is met betrekking tot de verzoeker geen akte in de Nederlandse registers van de burgerlijke stand opgenomen, dan kan de rechtbank Den Haag, op verzoek of ambtshalve, bij haar beschikking tevens de inschrijving, overeenkomstig artikel 25 , van een daarvoor in aanmerking komende in het buitenland opgemaakte akte in de registers van de burgerlijke stand te 's-Gravenhage gelasten, alsmede de verbetering van de akte van inschrijving op grond van artikel 24, eerste lid . Ook kan zij bij haar beschikking een last als bedoeld in artikel 25c geven alsmede een last tot verbetering, overeenkomstig artikel 24, eerste lid , van de door de ambtenaar van de burgerlijke stand te 's-Gravenhage op te maken akte. Artikel 26c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-04-1995] Artikel 26d Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De overlegging van een authentiek afschrift van de buitenlandse akte of uitspraak waarop het verzoek betrekking heeft, kan worden verlangd. Artikel 986, derde en vierde lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is van overeenkomstige toepassing. Artikel 26e Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De griffier van het college, waarbij de zaak laatstelijk aanhangig was, zendt een afschrift van de beschikking aan de ambtenaar van de burgerlijke stand in wiens registers een op de belanghebbende betrekking hebbende akte is opgenomen, waaraan een latere vermelding van de beschikking moet worden toegevoegd. Is bij de beschikking een last tot inschrijving van een in het buitenland opgemaakte akte gegeven, dan zendt de griffier een afschrift van de beschikking aan de ambtenaar van de burgerlijke stand te 's-Gravenhage. Artikel 26f Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-04-1995] Afdeling 12. Voorziening tegen de weigering tot het opmaken van een akte van de burgerlijke stand of tot een andere verrichting Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 27 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Naar aanleiding van een besluit van een ambtenaar van de burgerlijke stand om op grond van artikel 18c of 20c te weigeren een akte van de burgerlijke stand op te maken, een latere vermelding aan een akte toe te voegen of, buiten het geval van stuiting van het huwelijk of het geregistreerd partnerschap en dat van afgifte van een afschrift of een uittreksel, aan een verrichting mee te werken, kunnen belanghebbende partijen binnen zes weken na de verzending van dat besluit een verzoek indienen bij de rechtbank binnen het rechtsgebied waar de standplaats van de ambtenaar van de burgerlijke stand is gelegen. Artikel 27a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De rechtbank kan, op verzoek van een belanghebbende partij of ambtshalve, bij haar beschikking tevens een verklaring als bedoeld in artikel 26 afgeven, alsmede een last als bedoeld in artikel 26a , onderscheidenlijk artikel 26b . Artikel 27b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op De griffier zendt een afschrift van de beschikking aan de belanghebbende partijen en aan de ambtenaar van de burgerlijke stand. Artikel 27c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-04-1995] Afdeling 13. Wijziging van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 28 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Iedere Nederlander van zestien jaar of ouder die de overtuiging heeft tot het andere geslacht te behoren dan is vermeld in de akte van geboorte, kan van die overtuiging aangifte doen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand onder wie de desbetreffende akte berust. Indien de akte van geboorte niet hier te lande in de registers van de burgerlijke stand is ingeschreven, geschiedt de aangifte bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage. 2 Voor de toepassing van het eerste lid en het derde lid alsmede de artikelen 28a en 28b wordt onder akte van geboorte mede verstaan een akte van inschrijving van een buiten Nederland opgemaakte akte van geboorte of van een beschikking als bedoeld in artikel 25c . 3 Degene die de Nederlandse nationaliteit niet bezit kan een aangifte als bedoeld in het eerste lid doen, indien hij gedurende een tijdvak van ten minste één jaar, onmiddellijk voorafgaande aan de aangifte, woonplaats in Nederland heeft en een rechtsgeldige verblijfstitel heeft. In dat geval wordt tevens een afschrift van de akte van geboorte overgelegd. 4 De minderjarige van zestien jaar of ouder is bekwaam tot het doen van de in het eerste lid bedoelde aangifte ten behoeve van zichzelf, alsmede om ter zake in en buiten rechte op te treden. Artikel 28a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Bij de aangifte wordt overgelegd een verklaring van een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen deskundige, afgegeven ten hoogste zes maanden voor de datum van de aangifte. 2 De deskundigenverklaring vermeldt dat degene op wie de aangifte betrekking heeft jegens de deskundige heeft verklaard de overtuiging te hebben tot het andere geslacht te behoren dan is vermeld in zijn akte van geboorte en jegens de deskundige er blijk van heeft gegeven diens voorlichting omtrent de reikwijdte en de betekenis van deze staat te hebben begrepen en de wijziging van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte weloverwogen te blijven wensen. De deskundige geeft de verklaring niet af indien hij gegronde reden heeft om aan de gegrondheid van bedoelde overtuiging te twijfelen. Artikel 28b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Indien aan artikel 28a is voldaan voegt de ambtenaar van de burgerlijke stand aan de akte van geboorte een latere vermelding toe van wijziging van het geslacht. Artikel 27 is van overeenkomstige toepassing. 2 In het in de eerste zin van het eerste lid bedoelde geval kan de ambtenaar van de burgerlijke stand desverzocht tevens overgaan tot wijziging van de voornamen van degene op wie de aangifte betrekking heeft. 3 In het geval bedoeld in artikel 28, eerste lid, tweede zin , schrijft de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage de akte van geboorte tevens in het register van geboorten van die gemeente in. Artikel 28c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De wijziging van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte heeft haar gevolgen, die uit dit boek voortvloeien, vanaf de dag waarop de ambtenaar van de burgerlijke stand aan de akte van geboorte een latere vermelding van wijziging van het geslacht toevoegt. Dit tijdstip geldt eveneens voor de wijziging van de voornamen, bedoeld in artikel 28b, tweede lid . 2 De wijziging van de vermelding van het geslacht laat de op het in het eerste lid genoemde tijdstip bestaande familierechtelijke betrekkingen en de daaruit voortvloeiende op dit boek gegronde rechten, bevoegdheden en verplichtingen onverlet. 3 Indien de betrokkene na de wijziging van de vermelding van het geslacht een kind baart, wordt voor de toepassing van titel 11 en hetgeen daaruit voortvloeit uitgegaan van het geslacht dat deze voor de wijziging had. In geval van adoptie van een kind op verzoek van degene die dit na de wijziging van de vermelding van het geslacht heeft verwekt of heeft ingestemd met een daad die de verwekking van het kind met eigen zaad tot gevolg heeft gehad, en het kind is of wordt geboren binnen de relatie van de adoptant en de ouder, is de maatstaf van het vierde lid van artikel 227 van toepassing. Afdeling 14. De Commissie van advies voor de zaken betreffende de burgerlijke staat en de nationaliteit Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 29 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Er is een Commissie van advies voor de zaken betreffende de burgerlijke staat en de nationaliteit. Artikel 29a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De Commissie bestaat uit ten minste negen en ten hoogste vijftien leden. 2 De Commissie bestaat uit ten minste een lid van de rechterlijke macht, ten minste een lid uit de kring van het wetenschappelijk onderzoek, ten minste twee leden uit de kring van de ambtenaren van de burgerlijke stand en ten minste twee leden uit de kring van de basisregistratie personen. 3 Onze Minister van Justitie benoemt en ontslaat de in het voorgaande lid bedoelde leden in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken. Voorts wijst hij een voorzitter en een secretaris aan. Artikel 29b Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 De Commissie brengt op verzoek van een ambtenaar van de burgerlijke stand of een ander bestuursorgaan advies uit over vragen betreffende de rechtstoepassing in zaken van burgerlijke staat of nationaliteit. 2 Indien een advies van algemeen belang is, wordt het openbaar gemaakt. De Commissie bepaalt de wijze van openbaarmaking. Artikel 29c Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Indien een ambtenaar van de burgerlijke stand gerede twijfel heeft over de vraag of een aan een buiten Nederland opgemaakte akte van de burgerlijke stand of ander geschrift te ontlenen gegeven in aanmerking komt om in een akte van de burgerlijke stand te worden opgenomen, is hij gehouden het advies van de Commissie in te winnen. Artikel 29d Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Indien een ambtenaar van de burgerlijke stand een door de Commissie gegeven advies niet opvolgt, stelt hij de Commissie en de officier van justitie hiervan in kennis. Artikel 29e Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Onze Minister van Justitie kan nadere regels stellen omtrent de taak en de werkwijze van de Commissie. Artikel 29f Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Telkens binnen een termijn van vier jaren brengt de Commissie een rapport uit aan Onze Minister van Justitie, waarin de taakvervulling van de Commissie aan een onderzoek wordt onderworpen en voorstellen kunnen worden gedaan voor gewenste veranderingen. Titel 5. Het huwelijk Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Algemene bepaling Toon relaties in LiDO Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 30 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een huwelijk kan worden aangegaan door twee personen van verschillend of van gelijk geslacht. 2 De wet beschouwt het huwelijk alleen in zijn burgerlijke betrekkingen. Afdeling 1. Vereisten tot het aangaan van een huwelijk Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 31 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Om een huwelijk te mogen aangaan moeten een man en een vrouw de leeftijd van achttien jaren hebben bereikt. Artikel 32 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een huwelijk mag niet worden aangegaan, wanneer de geestvermogens van een partij zodanig zijn gestoord, dat deze niet in staat is haar wil te bepalen of de betekenis van haar verklaring te begrijpen. Artikel 33 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een persoon kan tegelijkertijd slechts met één andere persoon door het huwelijk verbonden zijn. Artikel 34 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-04-1998] Artikel 35 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 05-12-2015] Artikel 36 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 05-12-2015] Artikel 37 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Hij die wegens gewoonte van drank- of drugsmisbruik onder curatele staat, mag geen huwelijk aangaan zonder de toestemming van zijn curator. 2 Voor zover die toestemming niet wordt verkregen, kan zij op verzoek van de onder curatele gestelde door toestemming van de kantonrechter worden vervangen. Artikel 38 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Hij die wegens zijn lichamelijke of geestelijke toestand onder curatele staat, mag geen huwelijk aangaan zonder toestemming van de kantonrechter. Artikel 39 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Heeft de rechter de toestemming verleend, dan is de termijn van beroep veertien dagen en kan gedurende die termijn de beschikking niet worden ten uitvoer gelegd. 2 Hij die tegen een verleende toestemming opkomt, is verplicht dit binnen de termijn van beroep bij deurwaardersexploit te doen aanzeggen aan de ambtenaar of ambtenaren van de burgerlijke stand ten overstaan van wie het huwelijk kan worden voltrokken. Door dit te verzuimen verliest hij het recht om de nietigverklaring van het huwelijk op grond van het ontbreken van zijn toestemming te vragen, indien het gerechtshof de in het eerste lid bedoelde beschikking vernietigt en het huwelijk reeds is voltrokken. Artikel 40 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-01-1988] Artikel 41 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Een huwelijk mag niet worden gesloten tussen hen die elkander, hetzij van nature hetzij familierechtelijk, bestaan in de opgaande en in de nederdalende lijn of als broeders, zusters of broeder en zuster. 2 Onze Minister van Justitie kan om gewichtige redenen ontheffing van het verbod verlenen aan hen die broeders, zusters of broeder en zuster door adoptie zijn. Artikel 41a Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Een huwelijk mag niet worden gesloten tussen hen die elkander, hetzij van nature hetzij familierechtelijk, als bloedverwanten bestaan in de derde of vierde graad in de zijlinie, tenzij de aanstaande echtgenoten bij de ambtenaar van de burgerlijke stand ieder een beëdigde verklaring hebben afgelegd, inhoudende dat zij hun vrije toestemming tot het huwelijk geven. Artikel 42 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Zij die met elkander een huwelijk willen aangaan, mogen niet tegelijkertijd een geregistreerd partnerschap zijn aangegaan. Afdeling 2. Formaliteiten die aan de voltrekking van het huwelijk moeten voorafgaan Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op Artikel 43 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op [Vervallen per 01-09-2015] Artikel 44 Toon relaties in LiDO Maak een permanente link Toon wetstechnische informatie ... Druk het regelingonderdeel af Sla het regelingonderdeel op 1 Ten behoeve van het kenbaar maken van hun voornemen om in het huwelijk te treden verstrekken de aanstaande echtgenoten van wie ten minste één uitsluitend of mede de Nederlandse nationaliteit bezit of in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft aan de ambtenaar van de burgerlijke stand: a. hun geslachtsnaam, voornamen, woonplaats en geboortegegevens, alsmede een verklaring dat zij elkaar niet als bloedverwanten bestaan in de derde of vierde graad in de zijlinie, dan wel een beëdigde verklaring als bedoeld in artikel 41a ; b. indien toestemming tot het aangaan van een huwelijk is vereist, de gegevens van degenen wier toestemming noodzakelijk is, dan wel het bewijs dat deze hun toestemming hebben verleend. De toestemming kan ook ter gelegenheid van de huwelijksvoltrekking worden gegeven. Is de toestemming door de rechter verleend, dan verifieert de ambtenaar het bestaan daarvan bij de betrokken griffie; c. de overlijdensgegevens van allen wier toestemming voor het huwelijk was vereist, als zij in leven waren geweest; d. de gegevens inzake ontbinding van eventuele eerdere huwelijken of geregistreerde partnerschappen; e. in geval van stuiting, de gegevens inzake de opheffing daarvan; f. de ontheffing of de vergunning van Onze Minister van Justitie, ingeval deze is vereist; g. een vrijstelling krachtens artikel 62 , indien deze is verkregen; h. de namen en adressen van de personen die als getuigen bij de voltrekking van het huwelijk aanwezig zullen zijn; i. ingeval een aanstaande echtgenoot niet de Nederlandse nationaliteit bezit of rechtmatig in Nederland verblijft als bedoeld in artikel 8, onder b, d of e, van de Vreemdelingenwet 2000 , een verklaring dat het voornemen om in het huwelijk te treden niet wordt aangegaan met het oogmerk om verblijfsrecht in Nederland te verkrijgen, alsmede een verklaring omtrent het verblijfsrecht van de aanstaande echtgenoot die niet de Nederlan

⚖️ Rechtspraak over deze regeling (26613)

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.