Samenvatting
Deze wet van 24 december 1927 breidt de wettelijke en administratieve bevoegdheden van belastingambtenaren uit. Zij maakt het mogelijk de werkzaamheden in de belastingdienst flexibeler over de aanwezige ambtenaren te verdelen.
Wat het regelt
- De bevoegdheid van de Minister van Financiën om werkzaamheden aan andere belastingambtenaren op te dragen dan de in de wet genoemde (Artikel 1).
- De overgang van wettelijke verplichtingen naar de nader aangewezen ambtenaren.
- Wijzigingen in andere regelgeving (Artikel 2).
Voor wie geldt dit
- Ambtenaren van de belastingdienst, waaronder die van de directe belastingen, invoerrechten en accijnzen, registratie en domeinen, en hypotheken en kadaster.
- De Minister van Financiën.
Kernpunten
- De Minister van Financiën mag werkzaamheden opdragen aan andere dan de in wet of besluit genoemde belastingambtenaren (Artikel 1).
- De jegens ambtenaren bestaande verplichtingen gelden dan jegens de nader aangewezen ambtenaren.
- Artikel 2 bevat wijzigingen in andere regelgeving.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.