Officiële bronnenwetten.overheid.nl · EUR-Lex
Europaius

Wet uitbreiding bevoegdheden belastingambtenaren

Waar gaat deze regeling over?

Deze wet van 24 december 1927 breidt de wettelijke en administratieve bevoegdheden van belastingambtenaren uit. Zij maakt het mogelijk de werkzaamheden in de belastingdienst flexibeler over de aanwezige ambtenaren te verdelen.

Voor wie: Ambtenaren van de belastingdienst, waaronder die van de directe belastingen, invoerrechten en accijnzen, registratie en domeinen, en hypotheken en kadaster; De Minister van Financiën.

In één oogopslag

Land
Nederland
Rechtsgebied
Belastingrecht
Bron
wetten.overheid.nl
Tekst opgehaald op
Uitleg bijgewerkt op

Wat regelt deze regeling?

  • De bevoegdheid van de Minister van Financiën om werkzaamheden aan andere belastingambtenaren op te dragen dan de in de wet genoemde (Artikel 1).
  • De overgang van wettelijke verplichtingen naar de nader aangewezen ambtenaren.
  • Wijzigingen in andere regelgeving (Artikel 2).

Voor wie geldt deze regeling?

  • Ambtenaren van de belastingdienst, waaronder die van de directe belastingen, invoerrechten en accijnzen, registratie en domeinen, en hypotheken en kadaster.
  • De Minister van Financiën.

Wat zijn de kernpunten?

  • De Minister van Financiën mag werkzaamheden opdragen aan andere dan de in wet of besluit genoemde belastingambtenaren (Artikel 1).
  • De jegens ambtenaren bestaande verplichtingen gelden dan jegens de nader aangewezen ambtenaren.
  • Artikel 2 bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Belastingrecht

8

Belastingrecht

Wettekst

Wettekst

Wet van 24 december 1927, houdende uitbreiding van de wettelijke en administratieve bevoegdheden der belastingambtenaren Wet uitbreiding bevoegdheden belastingambtenaren Wij WILHELMINA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten:

Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenschelijk is de mogelijkheid te openen om de verschillende werkzaamheden in den belastingdienst op andere wijze over de aanwezige ambtenaren te verdeelen, dan volgens de bestaande wetten en besluiten mogelijk is;

Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

Onze Minister van Financiën is bevoegd, werkzaamheden waarmede bij eenige bepaling in wetten of besluiten voorkomende, ambtenaren der directe belastingen, invoerrechten en accijnzen, der registratie en domeinen, of van de hypotheken en het kadaster zijn belast, op te dragen aan andere dan de in de wet of het besluit genoemde ambtenaren van den belastingdienst. Alsdan worden de in de wet of in het besluit jegens ambtenaren van zulk een dienstvak bestaande verplichtingen geacht te bestaan jegens de nader aangewezen ambtenaren.

Artikel 2

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage den 24sten December 1927 WILHELMINA.

De Minister van Financiën, DE GEER. den elfden April 1928.

De Minister van Justitie, J. DONNER.

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.