Samenvatting
Deze wet regelt de pensioenen van reserve-officieren van de Koninklijke landmacht die zich vrijwillig in actieve dienst bevinden met de bestemming over te gaan naar het korps beroeps-officieren. Op hen worden de bepalingen van de Pensioenwet voor de landmacht van toepassing verklaard.
Wat het regelt
- De toepassing van de Pensioenwet voor de landmacht op bepaalde reserve-officieren (Artikel 1).
- De toepassing van de Militaire Weduwenwet 1922 op diezelfde reserve-officieren (Artikel 2).
Voor wie geldt dit
- Reserve-officieren van de Koninklijke landmacht die zich krachtens vrijwillige verbintenis in actieve dienst bevinden met de bestemming beroeps-officier te worden.
- De nagelaten betrekkingen van deze officieren.
Kernpunten
- Op de bedoelde reserve-officieren worden, tenzij anders bepaald, de bepalingen van de Pensioenwet voor de landmacht (Stb. 1922, nr. 66) van toepassing verklaard, met afwijking van artikel 1 van die wet (Artikel 1).
- Op diezelfde reserve-officieren worden ook de bepalingen van de Militaire Weduwenwet 1922 van toepassing verklaard (Artikel 2).
- Het gaat om officieren die dienen ter aanvulling van een tekort aan beroeps-officieren.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.