← Nederland

Pensioen- en spaarfondsenwet

Samenvatting

De Pensioen- en spaarfondsenwet van 15 mei 1952 stelt regels vast voor pensioen- en spaarvoorzieningen, in het bijzonder voor bedrijfstakpensioenfondsen, ondernemingspensioenfondsen en ondernemingsspaarfondsen. Zij beoogt de aanspraken van werknemers op pensioen en oudedagsvoorzieningen te beschermen.

Wat het regelt

De wet definieert 'pensioen' (ouderdoms-, invaliditeits-, weduwen-, weduwnaars-, partner- en wezenpensioen) en de verschillende fondstypen: het bedrijfstakpensioenfonds (werkzaam in een gehele bedrijfstak), het ondernemingspensioenfonds (verbonden aan één onderneming) en het ondernemingsspaarfonds (voor oudedagsverzorging via sparen). Zij omschrijft de begrippen werkgever, werknemer, deelnemer en bijdrage, en stelt eisen aan de wijze waarpo pensioentoezeggingen moeten worden zekergesteld en aan het beheer van de fondsen. Doel is te waarborgen dat gelden voor pensioen daadwerkelijk buiten de onderneming worden ondergebracht en veiliggesteld.

Voor wie geldt dit

De wet geldt voor werkgevers die pensioen toezeggen, voor werknemers en deelnemers in pensioen- en spaarfondsen, en voor de bedrijfstak- en ondernemingspensioenfondsen en ondernemingsspaarfondsen zelf.

Kernpunten

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.