Officiële bronnenwetten.overheid.nl · EUR-Lex
Europaius

Besluit ex artikel 4, vierde lid, en artikel 5, tweede lid, der Zondagswet

Waar gaat deze regeling over?

Dit Koninklijk Besluit van 27 november 1953 geeft uitvoering aan artikel 4, vierde lid, en artikel 5, tweede lid, van de Zondagswet. Het bepaalt welke bijeenkomsten niet als openbare vermakelijkheden in de zin van die wet worden beschouwd.

Voor wie: Het besluit geldt voor organisatoren van culturele bijeenkomsten in besloten ruimten en voor gemeentelijke autoriteiten die de Zondagswet toepassen.

In één oogopslag

Land
Nederland
Rechtsgebied
Belastingrecht
Artikelen
3
Bron
wetten.overheid.nl
Tekst opgehaald op
Uitleg bijgewerkt op

Wat regelt deze regeling?

Het besluit bepaalt dat toneelvoorstellingen, filmvoorstellingen, concerten en andere openbare bijeenkomsten die in besloten ruimten worden gehouden en de geestelijke, zedelijke of culturele verheffing of ontwikkeling van het publiek ten doel hebben, niet als openbare vermakelijkheden in de zin van de Zondagswet worden aangemerkt. Daardoor vallen dergelijke culturele bijeenkomsten buiten de beperkingen die de Zondagswet aan openbare vermakelijkheden op zondag stelt. Het besluit treedt in werking op de tweede dag na afkondiging.

Voor wie geldt deze regeling?

Het besluit geldt voor organisatoren van culturele bijeenkomsten in besloten ruimten en voor gemeentelijke autoriteiten die de Zondagswet toepassen.

Wat zijn de kernpunten?

  • Uitvoering van de Zondagswet (art. 4, vierde lid, en art. 5, tweede lid).
  • Culturele bijeenkomsten in besloten ruimten gelden niet als openbare vermakelijkheden.
  • Voorwaarde: doel van geestelijke, zedelijke of culturele verheffing.
  • Deze bijeenkomsten vallen buiten de zondagsbeperkingen.

Belastingrecht

8

Belastingrecht

Wettekst

Wettekst
Inhoudsopgave (3)
  1. Artikel 1 Niet als openbare vermakelijkheden in de zin van de Zondagswet zullen
  2. Artikel 2 Vervallen
  3. Artikel 3

Besluit van 27 November 1953, tot uitvoering van artikel 4, vierde lid, en artikel 5, tweede lid, der Zondagswet Besluit ex artikel 4, vierde lid, en artikel 5, tweede lid, der Zondagswet Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 28 October 1953, U no. 7480, afdeling Binnenlands Bestuur, bureau Bestuurszaken;

Gelet op artikel 4, vierde lid, en artikel 5, tweede lid, van de Zondagswet;

De Raad van State gehoord (advies van 17 November 1953, No. 18);

Gezien het nader rapport van Onze voornoemde Minister van 23 November 1953, No. 7714, afdeling Binnenlands Bestuur, bureau Bestuurszaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1Niet als openbare vermakelijkheden in de zin van de Zondagswet zullen worden beschouwd:

toneelvoorstellingen, filmvoorstellingen, concerten en andere openbare bijeenkomsten, welke in besloten ruimten worden gehouden en de geestelijke, zedelijke of culturele verheffing of ontwikkeling van het publiek ten doel hebben.

Artikel 2Vervallen

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op de tweede dag na die zijner afkondiging.

Onze Minister van Binnenlandse Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit, dat in het Staatsblad zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

Soestdijk 27 November 1953 JULIANA.

De Minister van Binnenlandse Zaken, BEEL. de vijfde December 1953.

De Minister van Justitie, L. A. DONKER.

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.