Deze wet van 23 december 1953 treft voorzieningen ten aanzien van enige tijdens de Tweede Wereldoorlog gehouden (buitengewone) registers van de burgerlijke stand. Zij regelt het beheer en de afwikkeling van deze bijzondere registers.
De wet bepaalt dat vanaf de inwerkingtreding uitsluitend de ambtenaar van de burgerlijke stand te 's-Gravenhage buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand is in de zin van het besluit van 26 maart 1942 (Stb. C 20). Deze ambtenaar bewaart de buitengewone registers van de burgerlijke stand en het buitengewone register van echtscheidingen (Stb. F 30, 1945). Op zijn verrichtingen is de wet van 23 april 1879 van toepassing, en de daarbij geheven rechten komen ten bate van de gemeente 's-Gravenhage. De Minister van Justitie treft nadere voorzieningen ten aanzien van de dubbelen van deze registers. Nieuwe akten van geboorte, huwelijk en overlijden worden niet meer in de buitengewone registers opgenomen, tenzij de gebeurtenissen vóór 1 juni 1945 plaatsvonden.
De wet geldt voor de burgerlijke stand, in het bijzonder de (buitengewoon) ambtenaar te 's-Gravenhage, en raakt personen wier levensgebeurtenissen tijdens de oorlog in deze bijzondere registers zijn vastgelegd.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.