← Nederland

Beschikking instelling tweede enkelvoudige kamer voor burgerlijke kinderzaken, tevens kinderstrafzaken, bij de Arrondissements-rechtbank te Zwolle

Samenvatting

Deze beschikking van de Minister van Justitie van 14 mei 1954 stelt bij de Arrondissementsrechtbank te Zwolle een tweede enkelvoudige (uit één lid bestaande) kamer in voor de behandeling van burgerlijke kinderzaken, tevens belast met kinderstrafzaken. Zij past de rechterlijke organisatie aan de groeiende werklast op het gebied van kinderzaken aan.

Wat het regelt

De beschikking bepaalt in een enig artikel dat bij de rechtbank te Zwolle een tweede enkelvoudige kamer wordt ingesteld voor burgerlijke kinderzaken, die tevens de kinderstrafzaken behandelt. Zij is gebaseerd op de Wet op de Rechterlijke Organisatie en het Beleid der Justitie, het Wetboek van Strafvordering en de wetgeving ter bevordering van de specialisering van kinderrechters. De beschikking wordt in het Staatsblad geplaatst.

Voor wie geldt dit

De beschikking betreft de Arrondissementsrechtbank te Zwolle en de daar werkzame kinderrechters, en raakt indirect minderjarigen en gezinnen wier zaken door deze kamer worden behandeld.

Kernpunten

Wettekst

Beschikking van 14 Mei 1954, houdende instelling van een tweede enkelvoudige kamer voor de behandeling van burgerlijke kinderzaken, tevens belast met de behandeling van kinderstrafzaken bij de Arrondissements-Rechtbank te Zwolle Beschikking instelling tweede enkelvoudige kamer voor burgerlijke kinderzaken, tevens kinderstrafzaken, bij de Arrondissements-rechtbank te Zwolle De Minister van Justitie, Gelet op artikel 49, lid 4 en 5 van de Wet op de Rechterlijke Organisatie en het Beleid der Justitie en op artikel 467 van het Wetboek van Strafvordering; Mede gelet op de Wet van 16 Augustus 1951, Stb. 385, houdende regelen tot bevordering van grotere specialisering van de kinderrechters en op het Koninklijk besluit van 5 Juni 1952, Stb. 329; Heeft goedgevonden te bepalen: Enig artikel Bij de Arrondissements-Rechtbank te Zwolle een tweede uit één lid bestaande (enkelvoudige) kamer voor de behandeling van burgerlijke kinderzaken, tevens belast met de behandeling van kinderstrafzaken, in te stellen. Deze beschikking zal worden geplaatst in het Staatsblad en afschrift zal worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer. 's-Gravenhage 14 Mei 1954. De Minister van Justitie, L. A. DONKER. de vijf en twintigste Mei 1954. De Minister van Justitie, L. A. DONKER.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.