De Wet overlevering inzake oorlogsmisdrijven van 19 mei 1954 treft een wettelijke voorziening voor het aan andere mogendheden ter berechting overleveren van personen die worden verdacht van oorlogsmisdrijven. Zij houdt verband met de Verdragen van Genève van 1949.
De wet maakt het mogelijk personen aan een andere staat over te leveren ter zake van oorlogsmisdrijven, wanneer het feit een schending oplevert van de betrokken internationale verdragen (waaronder de Verdragen van Genève van 1949 en het Genocideverdrag van 1948) en de misdrijven omschreven in de Wet internationale misdrijven. De wet is mede van toepassing in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, en geldt onverminderd hetgeen in andere verdragen met staten is bepaald. Zij regelt de voorwaarden en procedure van de overlevering.
De wet geldt voor personen die worden verdacht van oorlogsmisdrijven en voor de Nederlandse autoriteiten die over hun overlevering aan andere staten beslissen.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.