Dit omgevingsplan van de gemeente Someren stelt regels en doelen vast voor de fysieke leefomgeving, gericht op een evenwichtige ontwikkeling en bescherming van diverse aspecten zoals wonen, natuur, veiligheid en gezondheid. Het plan beschrijft welke functies en activiteiten zijn toegestaan in verschillende gebieden en welke specifieke regels gelden voor bepaalde zones.
.1 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie agrarisch bedrijf. Artikel 5.2 Doelen Binnen locaties met de functie agrarisch bedrijf gelden de volgende doelen: a. een evenwichtige toedeling van functies aan locaties; b. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; c. het waarborgen van de veiligheid; d. het beschermen van de gezondheid; e. het beschermen van het milieu; f. het duurzaam veiligstellen van de openbare drinkwatervoorziening; g. het behoud van cultureel erfgoed; h. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; i. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; j. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; k. het beheren van watersystemen; l. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; m. het beheren van natuurlijke hulpbronnen; n. het gebruiken van bouwwerken; o. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; p. het bevorderen van een duurzame ruimtelijke en economische ontwikkeling van gebieden; q. het waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; r. het bieden van voldoende fysieke en milieu-ruimte voor milieubelastende bedrijven en andere activiteiten, anders dan wonen; s. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; t. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; u. het kunnen produceren binnen gesloten kringlopen; v. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; w. het doelmatig beheren van afvalstoffen; x. het beschermen van grondgebonden veehouderijen als drager van het landschap; y. het bevorderen van kringlooplandbouw en duurzame veehouderijen; z. het verlagen of voorkomen van emissies van geur van agrarische activiteiten; aa. het voorkomen van leegstand van voormalige agrarische bebouwing; ab. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; ac. het tegengaan van verrommeling van erven en terreinen en behoud van beeldkwaliteit van bebouwing; ad. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; ae. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing; af. het realiseren van een akoestisch aanvaardbaar woongebied; ag. het realiseren van een woongebied met een aanvaardbaar geurniveau. Paragraaf 5.1.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.3 Algemeen Locaties met de functie agrarisch bedrijf zijn bedoeld voor de uitoefening van een agrarisch bedrijf, niet zijnde een veehouderij of een glastuinbouwbedrijf, en daarmee samenhangende activiteiten. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. tuinen, erven en terreinen; b. water zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; c. waterberging, -infiltratie en riolering; d. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; e. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; f. verhardingen, (onverharde) paden, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen; g. extensief recreatief medegebruik. Artikel 5.4 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie agrarisch bedrijf dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.1 landschappelijke inpassing aanleggen, in stand houden of verwijderen; c. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; d. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.5 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie agrarisch bedrijf dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.2 agrarische bedrijfsgebouwen bouwen; c. paragraaf 6.4.5 teeltondersteunende kassen bouwen; d. paragraaf 6.4.16 bedrijfswoning bouwen; e. paragraaf 6.4.18 bijgebouwen bij een woning bouwen; f. paragraaf 6.4.19 herbouwen woning; g. paragraaf 6.4.17 noodwoningen vernieuwen, veranderen of uitbreiden; h. paragraaf 6.4.21 overkappingen bouwen; i. paragraaf 6.4.22 terreinafscheidingen bouwen; j. paragraaf 6.4.23 agrarische bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen; k. paragraaf 6.4.24 tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen oprichten; l. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen; m. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.6 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie agrarisch bedrijf dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.3.1 agrarische bedrijfsactiviteiten uitoefenen; c. subparagraaf 6.5.3.6 kleinschalige niet-agrarische nevenactiviteiten uitoefenen; d. subparagraaf 6.5.4.2 buitenopslag; e. subparagraaf 6.5.4.3 statische opslag als nevenactiviteit; f. subparagraaf 6.5.7.3 ondersteunende horeca aanbieden als nevenactiviteit; g. subparagraaf 6.5.7.4 routegebonden horeca aanbieden als nevenactiviteit; h. subparagraaf 6.5.8.7 kinderopvang en/of dagbesteding exploiteren als nevenactiviteit; i. subparagraaf 6.5.8.8 verlenen van zorg en/of dagbesteding als nevenactiviteit; j. subparagraaf 6.5.9.12 minicamping exploiteren als nevenactiviteit; k. subparagraaf 6.5.9.13 bed and breakfast exploiteren als nevenactiviteit; l. subparagraaf 6.5.9.14 groepsaccommodatie aanbieden als nevenactiviteit; m. subparagraaf 6.5.9.15 ondergeschikte dagrecreatie aanbieden als nevenactiviteit; n. subparagraaf 6.5.9.16 verhuren van fietsen/rijtuigen voor recreatief gebruik als nevenactiviteit; o. subparagraaf 6.5.11.1 wonen; p. subparagraaf 6.5.11.2 aan huis verbonden beroep uitoefenen; q. subparagraaf 6.5.11.5 huisvesten arbeidsmigranten in woningen; r. subparagraaf 6.5.11.7 huisvesten van arbeidsmigranten in woonunits, (sta-)caravans of vergelijkbare onderkomens. Afdeling 5.2 Agrarisch grondgebruik Paragraaf 5.2.
.7 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie agrarisch grondgebruik. Artikel 5.8 Doelen Binnen locaties met de functie agrarisch grondgebruik gelden de volgende doelen: a. een evenwichtige toedeling van functies aan locaties; b. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; c. het waarborgen van de veiligheid; d. het beschermen van de gezondheid; e. het beschermen van het milieu; f. het duurzaam veiligstellen van de openbare drinkwatervoorziening; g. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; h. het behoud van cultureel erfgoed; i. de natuurbescherming; j. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; k. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; l. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; m. het beheren van watersystemen; n. het beheren van geobiologische en geothermische systemen en ecosystemen; o. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; p. het beheren van natuurlijke hulpbronnen; q. het gebruiken van bouwwerken; r. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; s. het bevorderen van een duurzame ruimtelijke en economische ontwikkeling van gebieden; t. het bieden van voldoende fysieke en milieu-ruimte voor milieubelastende bedrijven en andere activiteiten, anders dan wonen; u. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; v. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; w. het kunnen produceren binnen gesloten kringlopen; x. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; y. het doelmatig beheren van afvalstoffen; z. het beschermen van grondgebonden veehouderijen als drager van het landschap; aa. het bevorderen van kringlooplandbouw en duurzame veehouderijen; ab. het verlagen of voorkomen van emissies van geur van agrarische activiteiten; ac. het voorkomen van leegstand van voormalige agrarische bebouwing; ad. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; ae. het tegengaan van verrommeling van erven en terreinen en behoud van beeldkwaliteit van bebouwing; af. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; ag. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing; ah. het realiseren van een akoestisch aanvaardbaar woongebied; ai. het realiseren van een woongebied met een aanvaardbaar geurniveau. Paragraaf 5.2.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.9 Algemeen Locaties met de functie agrarisch grondgebruik zijn bedoeld voor al dan niet bedrijfsmatige agrarische doeleinden, inclusief tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen, en daarmee samenhangende activiteiten. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functies: a. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; b. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; c. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; d. extensief recreatief medegebruik; e. voorzieningen van openbaar nut. Artikel 5.10 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie agrarisch grondgebruik dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.1 landschappelijke inpassing aanbrengen, in stand houden of verwijderen; c. subparagraaf 6.3.2.2 wadi en waterhuishoudkundige voorzieningen aanleggen, in stand houden of verwijderen; d. subparagraaf 6.3.2.3 landschapselementen verwijderen; e. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; f. subparagraaf 6.3.4.1 verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van de bodem; g. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.11 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie agrarisch grondgebruik dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.6 veldschuur bouwen; c. paragraaf 6.4.24 tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen oprichten; d. paragraaf 6.4.25 paardenbak oprichten e. paragraaf 6.4.26 schuilgelegenheden bouwen; f. paragraaf 6.4.22 terreinafscheidingen bouwen; g. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.12 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie agrarisch grondgebruik dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.3.2 telen van gewassen en/of het houden van landbouwhuisdieren; c. subparagraaf 6.5.3.7 schuilgelegenheid bieden aan dieren; d. subparagraaf 6.5.3.8 opslag in een veldschuur. Afdeling 5.3 Bedrijf Paragraaf 5.3.
.13 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie bedrijf. Artikel 5.14 Doelen Binnen locaties met de functie bedrijf gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; f. het behoud van cultureel erfgoed; g. de natuurbescherming; h. het tegengaan van klimaatverandering; i. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; j. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; k. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; l. het beheren van watersystemen; m. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; n. het gebruiken van bouwwerken; o. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; p. het bevorderen van een duurzame ruimtelijke en economische ontwikkeling van gebieden; q. het waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; r. het bieden van voldoende fysieke en milieu-ruimte voor milieubelastende bedrijven en andere activiteiten, anders dan wonen; s. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; t. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; u. het kunnen produceren binnen gesloten kringlopen; v. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; w. het doelmatig beheren van afvalstoffen; x. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; y. het tegengaan van verrommeling van erven en terreinen en behoud van beeldkwaliteit van bebouwing; z. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; aa. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing. Paragraaf 5.3.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.15 Algemeen Locaties met de functie bedrijf zijn bedoeld voor de uitoefening van een niet-agrarisch bedrijf en daarmee samenhangende activiteiten. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. tuinen, erven en terreinen; b. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; c. waterberging, -infiltratie en riolering; d. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; e. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; f. verhardingen, (onverharde) paden, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen; g. extensief recreatief medegebruik; h. voorzieningen van openbaar nut. Artikel 5.16 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie bedrijf dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.1 landschappelijke inpassing aanbrengen, in stand houden of verwijderen; c. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; d. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.17 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie bedrijf dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.7 bedrijfsgebouwen bouwen; c. paragraaf 6.4.16 bedrijfswoning bouwen; d. paragraaf 6.4.18 bijgebouwen bij een woning bouwen; e. paragraaf 6.4.19 herbouwen woning; f. paragraaf 6.4.17 noodwoningen vernieuwen, veranderen of uitbreiden; g. paragraaf 6.4.21 overkappingen bouwen; h. paragraaf 6.4.22 terreinafscheidingen bouwen; i. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen; j. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.18 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie bedrijf dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.4.1 bedrijfsactiviteiten uitoefenen; c. subparagraaf 6.5.4.2 buitenopslag; d. subparagraaf 6.5.4.3 statische opslag als nevenactiviteit; e. subparagraaf 6.5.4.4 kleinschalige nevenactiviteiten uitoefenen; f. subparagraaf 6.5.9.5 minicamping exploiteren; g. subparagraaf 6.5.9.12 minicamping exploiteren als nevenactiviteit; h. subparagraaf 6.5.11.1 wonen; i. subparagraaf 6.5.11.2 aan huis verbonden beroepen uitoefenen. Afdeling 5.4 Horeca Paragraaf 5.4.
.19 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie horeca. Artikel 5.20 Doelen Binnen locaties met de functie horeca gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; f. het behoud van cultureel erfgoed; g. de natuurbescherming; h. het tegengaan van klimaatverandering; i. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; j. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; k. het beheren van watersystemen; l. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; m. het gebruiken van bouwwerken; n. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; o. het bevorderen van een duurzame ruimtelijke en economische ontwikkeling van gebieden; p. het waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; q. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; r. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; s. het kunnen produceren binnen gesloten kringlopen; t. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; u. het doelmatig beheren van afvalstoffen; v. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; w. het tegengaan van verrommeling van erven en terreinen en behoud van beeldkwaliteit van bebouwing; x. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; y. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing. Paragraaf 5.4.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.21 Algemeen Locaties met de functie horeca zijn bedoeld voor de uitoefening van een horecabedrijf met bijbehorende voorzieningen. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; b. waterberging, -infiltratie en riolering; c. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; d. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; e. verhardingen, hieronder begrepen tevens terrassen, (onverharde) paden, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen; f. extensief recreatief medegebruik; g. voorzieningen van openbaar nut. Artikel 5.22 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie horeca dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.1 landschappelijke inpassing aanbrengen, in stand houden of verwijderen; c. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; d. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.23 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie horeca dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.7 bedrijfsgebouwen bouwen; c. paragraaf 6.4.16 bedrijfswoning bouwen; d. paragraaf 6.4.18 bijgebouwen bij een woning bouwen; e. paragraaf 6.4.19 herbouwen woning; f. paragraaf 6.4.21 overkappingen bouwen; g. paragraaf 6.4.22 terreinafscheidingen bouwen; h. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen; i. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.24 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie horeca dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.7.1 horecabedrijf exploiteren; c. subparagraaf 6.5.11.1 wonen; d. subparagraaf 6.5.11.2 aan huis verbonden beroep uitoefenen. Afdeling 5.5 Maatschappelijk Paragraaf 5.5.
.25 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie maatschappelijk. Artikel 5.26 Doelen Binnen locaties met de functie maatschappelijk gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; f. het behoud van cultureel erfgoed; g. de natuurbescherming; h. het tegengaan van klimaatverandering; i. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; j. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; k. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; l. het beheren van watersystemen; m. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; n. het gebruiken van bouwwerken; o. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; p. het bevorderen van een duurzame ruimtelijke en economische ontwikkeling van gebieden; q. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; r. het bieden van voldoende woonruimte; s. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; t. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; u. het tegengaan van verrommeling van erven en terreinen en behoud van beeldkwaliteit van bebouwing; v. het voorkomen en beschermen van mensen tegen infecties door het houden van landbouwhuisdieren; w. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; x. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing. Paragraaf 5.5.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.27 Algemeen Locaties met de functie maatschappelijk zijn bedoeld voor maatschappelijke doeleinden met bijbehorende educatieve, sociaal-medische, sociaal-culturele en/of levensbeschouwelijke voorzieningen en daarmee samenhangende activiteiten. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. tuinen, erven en terreinen; b. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; c. waterberging, -infiltratie en riolering; d. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; e. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; f. verhardingen, (onverharde) paden, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen; g. extensief recreatief medegebruik. Artikel 5.28 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie maatschappelijk dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.1 landschappelijke inpassing aanbrengen, in stand houden of verwijderen; c. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; d. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.29 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie maatschappelijk dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.7 bedrijfsgebouwen bouwen; c. paragraaf 6.4.16 bedrijfswoning bouwen; d. paragraaf 6.4.19 herbouwen woning; e. paragraaf 6.4.18 bijgebouwen bij een woning bouwen; f. paragraaf 6.4.21 overkappingen bouwen; g. paragraaf 6.4.22 terreinafscheidingen bouwen; h. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen; i. paragraaf 6.4.30 bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.30 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie maatschappelijk dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.8.1 verzorgingstehuis exploiteren; c. subparagraaf 6.5.8.2 jongerencentrum exploiteren; d. subparagraaf 6.5.8.3 scouting exploiteren; e. subparagraaf 6.5.8.4 equitherapie aanbieden; f. subparagraaf 6.5.8.5 zorginstelling exploiteren. Afdeling 5.6 Natuur Paragraaf 5.6.
.31 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie natuur. Artikel 5.32 Doelen Binnen locaties met de functie natuur gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het duurzaam veiligstellen van de openbare drinkwatervoorziening; f. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; g. het behoud van cultureel erfgoed; h. de natuurbescherming; i. de instandhouding van het bosareaal binnen de gemeente; j. het tegengaan van klimaatverandering; k. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; l. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; m. het beheren van watersystemen; n. het beheren van geobiologische en geothermische systemen en ecosystemen; o. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; p. het beheren van natuurlijke hulpbronnen; q. het beheren van natuurgebieden; r. het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen; s. het realiseren van een gemeentelijk natuurnetwerk; t. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; u. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; v. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; w. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; x. het beschermen en waar mogelijk vergroten van de openheid van het landschap; y. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; z. het behouden en waar mogelijk versterken van het natuurdoeltype overstromingsgrasland; aa. het vergroten van de natuurbeleving en recreatieve waarde, zonder afbreuk te doen aan natuurwaarden; ab. het behouden van een klimaatbestendig watersysteem. Paragraaf 5.6.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.33 Algemeen Locaties met de functie natuur zijn bedoeld voor bosbouwkundige doeleinden voor het behoud van duurzaam bosgebied en de groeiplaats ter plaatse en daarmee samenhangende activiteiten. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; b. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; c. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; d. bestaande verhardingen en (onverharde) paden, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen ten behoeve van extensief recreatief medegebruik en/of onderhoud; e. extensief recreatief medegebruik. Artikel 5.34 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie natuur dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.3 landschapselementen verwijderen; c. subparagraaf 6.3.2.4 gewassen en beplanting verwijderen; d. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; e. subparagraaf 6.3.4.1 verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van de bodem; f. subparagraaf 6.3.4.2 diepploegen, diepwoelen en/of uitvoeren van andere ingrepen in de bodem; g. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels, graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.35 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie natuur dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.13 clubhuis hondensportvereniging bouwen; c. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.36 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie natuur dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.10.2 opslag ten behoeve van de hondensport. Afdeling 5.7 Nutsvoorziening Paragraaf 5.7.
.37 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie nutsvoorziening. Artikel 5.38 Doelen Binnen locaties met de functie nutsvoorziening gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het duurzaam veiligstellen van de openbare drinkwatervoorziening; f. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; g. het behoud van cultureel erfgoed; h. het tegengaan van klimaatverandering; i. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; j. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; k. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; l. het beheren van infrastructuur; m. het beheren van watersystemen; n. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; o. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; p. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; q. het kunnen produceren binnen gesloten kringlopen; r. het kunnen benutten van de openbare ruimte voor verkeer, parkeren en afvalinzameling; s. het bieden van voldoende woonruimte; t. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; u. het doelmatig beheren van afvalstoffen. Paragraaf 5.7.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.39 Algemeen Locaties met de functie nutsvoorziening zijn bedoeld voor nutsvoorzieningen van algemeen en openbaar belang en voorzieningen van openbaar nut, waaronder in ieder geval begrepen (ondergrondse) kabels en leidingen, openbare verlichting, bewegwijzering en straatmeubilair. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; b. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; c. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; d. verhardingen en (onverharde) paden. Artikel 5.40 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie nutsvoorziening dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; c. subparagraaf 6.3.4.7 onroerende zaken plaatsen. Artikel 5.41 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie nutsvoorziening dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.9 nutsvoorzieningen bouwen; c. paragraaf 6.4.21 overkappingen bouwen; d. paragraaf 6.4.22 terreinafscheidingen bouwen; e. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen. f. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.42 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie nutsvoorziening dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten. Afdeling 5.8 Openbaar gebied Paragraaf 5.8.
.43 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie openbaar gebied. Artikel 5.44 Doelen Binnen locaties met de functie openbaar gebied gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het duurzaam veiligstellen van de openbare drinkwatervoorziening; f. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; g. het behoud van cultureel erfgoed; h. de natuurbescherming; i. het tegengaan van klimaatverandering; j. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; k. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; l. het beheren van infrastructuur; m. het beheren van watersystemen; n. het beheren van geobiologische en geothermische systemen en ecosystemen; o. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; p. het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen; q. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; r. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; s. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; t. het kunnen benutten van de openbare ruimte voor verkeer, parkeren en afvalinzameling; u. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; v. het doelmatig beheren van afvalstoffen; w. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; x. het beschermen en waar mogelijk vergroten van de openheid van het landschap; y. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; z. het behouden en waar mogelijk versterken van het natuurdoeltype overstromingsgrasland; aa. het vergroten van de natuurbeleving en recreatieve waarde, zonder afbreuk te doen aan natuurwaarden; ab. het behouden van een klimaatbestendig watersysteem; ac. het realiseren van een suburbaan woonmilieu in een groen-blauwe setting; ad. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing; ae. het realiseren van een fietsvriendelijk woongebied; af. het realiseren van een akoestisch aanvaardbaar woongebied; ag. het realiseren van een woongebied met een aanvaardbaar geurniveau; ah. het realiseren van een veilig woongebied; ai. het realiseren van een energieneutraal woongebied; aj. het realiseren van een klimaatbestendig woongebied; en ak. het realiseren van een speel- en beweegvriendelijk woongebied. Paragraaf 5.8.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.45 Algemeen Locaties met de functie openbaar gebied zijn bedoeld voor: a. voor het publiek toegankelijke groen-, water- en verkeersvoorzieningen; b. wegverkeer, verkeerskundige en waterhuishoudkundige doeleinden; c. verharde en onverharde wegen; d. verkeers- en erfontsluitingen, alsmede fiets- en voetpaden; e. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; f. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; g. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; h. voorzieningen van openbaar nut; i. extensief recreatief medegebruik. Artikel 5.46 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie openbaar gebied dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.3 landschapselementen verwijderen; c. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; d. subparagraaf 6.3.3.2 onverharde wegen verharden; e. subparagraaf 6.3.4.4 riolering, kabels, leidingen en drainage aanbrengen; f. subparagraaf 6.3.4.7 onroerende objecten plaatsen. Artikel 5.47 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie openbaar gebied dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen; c. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.48 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie openbaar gebied dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.2.1 activiteiten in openbaar gebied. Afdeling 5.9 Recreatie Paragraaf 5.9.
.49 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie recreatie. Artikel 5.50 Doelen Binnen locaties met de functie recreatie gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; f. het behoud van cultureel erfgoed; g. de natuurbescherming; h. het tegengaan van klimaatverandering; i. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; j. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; k. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; l. het beheren van infrastructuur; m. het beheren van watersystemen; n. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; o. het gebruiken van bouwwerken; p. het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen; q. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; r. het bevorderen van een duurzame ruimtelijke en economische ontwikkeling van gebieden; s. het waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; t. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; u. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; v. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; w. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; x. het tegengaan van verrommeling van erven en terreinen en behoud van beeldkwaliteit van bebouwing; y. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; z. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing; aa. het realiseren van een akoestisch aanvaardbaar woongebied; ab. het realiseren van een woongebied met een aanvaardbaar geurniveau; ac. het realiseren van een energieneutraal woongebied; ad. het realiseren van een klimaatbestendig woongebied; en ae. het realiseren van een speel- en beweegvriendelijk woongebied. Paragraaf 5.9.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.51 Algemeen Locaties met de functie recreatie zijn bedoeld voor recreatieve doeleinden met bijbehorende recreatieve voorzieningen. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. tuinen, erven en terreinen; b. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; c. waterberging, -infiltratie en riolering; d. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; e. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; f. verhardingen, (onverharde) paden, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen; g. voorzieningen van openbaar nut. Artikel 5.52 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie recreatie dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.1 landschappelijke inpassing aanbrengen, in stand houden of verwijderen; c. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; d. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.53 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie recreatie dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.7 bedrijfsgebouwen bouwen, uitbreiden of wijzigen; c. paragraaf 6.4.8 (overdekte) recreatieve voorzieningen bouwen; d. paragraaf 6.4.10 gebouwen voor verblijfsrecreatie bouwen; e. paragraaf 6.4.11 sanitaire voorzieningen ten behoeve van een kampeerterrein bouwen; f. paragraaf 6.4.16 bedrijfswoning bouwen; g. paragraaf 6.4.18 bijgebouwen bij een woning bouwen; h. paragraaf 6.4.19 herbouwen woning; i. paragraaf 6.4.21 overkappingen bouwen; j. paragraaf 6.4.22 terreinafscheidingen bouwen k. paragraaf 6.4.27 bouwwerken, geen gebouwen zijnde bij een kampeerbedrijf bouwen; l. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen; m. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.54 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie recreatie dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.7.2 pleisterplaats exploiteren; c. subparagraaf 6.5.7.3 ondersteunende horeca aanbieden als nevenactiviteit; d. subparagraaf 6.5.9.1 natuurkampeerterrein exploiteren; e. subparagraaf 6.5.9.2 verenigingskampeerterrein exploiteren; f. subparagraaf 6.5.9.3 kampeerbedrijf exploiteren; g. subparagraaf 6.5.9.4 groepsaccommodatie exploiteren; h. subparagraaf 6.5.9.6 kampeerterrein exploiteren; i. subparagraaf 6.5.9.7 bed and breakfast exploiteren; j. subparagraaf 6.5.9.8 vogelasiel exploiteren; k. subparagraaf 6.5.9.9 dagrecreatiebedrijf exploiteren; l. subparagraaf 6.5.9.10 parkeren ten behoeve van een recreatiebedrijf; m. subparagraaf 6.5.9.11 uitoefenen van sport en spel ten behoeve van een recreatiebedrijf; n. subparagraaf 6.5.9.12 minicamping exploiteren als nevenactiviteit; o. subparagraaf 6.5.9.13 bed and breakfast exploiteren als nevenactiviteit; p. subparagraaf 6.5.11.1 wonen; q. subparagraaf 6.5.11.2 aan huis verbonden beroepen uitoefenen. Afdeling 5.10 Sport Paragraaf 5.10.
.55 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie sport. Artikel 5.56 Doelen Binnen locaties met de functie sport gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; f. het behoud van cultureel erfgoed; g. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; h. het beheren van watersystemen; i. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; j. het beheren van natuurlijke hulpbronnen; k. het beheren van natuurgebieden; l. het gebruiken van bouwwerken; m. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; n. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; o. het tegengaan van verrommeling van erven en terreinen en behoud van beeldkwaliteit van bebouwing; p. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; q. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing; r. het realiseren van een akoestisch aanvaardbaar woongebied; s. het realiseren van een speel- en beweegvriendelijk woongebied. Paragraaf 5.10.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.57 Algemeen Locaties met de functie sport zijn bedoeld voor het verrichten van sportactiviteiten en daarmee samenhangende activiteiten. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. tuinen, erven en terreinen; b. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; c. waterberging, -infiltratie en riolering; d. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; e. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; f. verhardingen, (onverharde) paden, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen; g. voorzieningen van openbaar nut, waaronder in ieder geval begrepen (ondergrondse) kabels en leidingen, openbare verlichting, bewegwijzering en straatmeubilair. Artikel 5.58 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie sport dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; c. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.59 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie sport dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.7 bedrijfsgebouwen bouwen; c. paragraaf 6.4.22 terreinafscheidingen bouwen d. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen; e. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.60 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie sport dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.10.1 hondensportschool exploiteren. Afdeling 5.11 Veehouderij Paragraaf 5.11.
.61 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie veehouderij. Artikel 5.62 Doelen Binnen locaties met de functie veehouderij gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; f. het behoud van cultureel erfgoed; g. de natuurbescherming; h. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; i. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; j. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; k. het beheren van watersystemen; l. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; m. het gebruiken van bouwwerken; n. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; o. het bevorderen van een duurzame ruimtelijke en economische ontwikkeling van gebieden; p. het waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; q. het bieden van voldoende fysieke en milieu-ruimte voor milieubelastende bedrijven en andere activiteiten, anders dan wonen; r. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; s. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; t. het kunnen produceren binnen gesloten kringlopen; u. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; v. het doelmatig beheren van afvalstoffen; w. het beschermen van grondgebonden veehouderijen als drager van het landschap; x. het bevorderen van kringlooplandbouw en duurzame veehouderijen; y. het verlagen of voorkomen van emissies van geur van agrarische activiteiten; z. het bevorderen van een grotere variatie in de bedrijfsvoering van grondgebonden veehouderijbedrijven; aa. het voorkomen van leegstand van voormalige agrarische bebouwing; ab. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; ac. het tegengaan van verrommeling van erven en terreinen en behoud van beeldkwaliteit van bebouwing; ad. het voorkomen en beschermen van mensen tegen infecties door het houden van landbouwhuisdieren; ae. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; af. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing. Paragraaf 5.11.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.63 Algemeen Locaties met de functie veehouderij zijn bedoeld voor de uitoefening van een veehouderij, de uitoefening van een agrarisch bedrijf en al dan niet bedrijfsmatige doeleinden, inclusief tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen en daarmee samenhangende activiteiten. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. tuinen, erven en terreinen; b. water, zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; c. waterberging, -infiltratie en riolering; d. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; e. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; f. verhardingen, (onverharde) paden, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen; g. extensief recreatief medegebruik. Artikel 5.64 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie veehouderij dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.1 landschappelijke inpassing aanleggen, in stand houden of verwijderen; c. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen; d. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.65 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie veehouderij dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.2 agrarisch bedrijfsgebouwen; c. paragraaf 6.4.3 dierenverblijven bouwen; d. paragraaf 6.4.4 gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde bij veehouderijen uitbreiden; e. paragraaf 6.4.5 teeltondersteunende kassen bouwen; f. paragraaf 6.4.16 bedrijfswoning bouwen; g. paragraaf 6.4.18 bijgebouwen bij een woning bouwen h. paragraaf 6.4.19 herbouwen woning; i. paragraaf 6.4.21 overkappingen bouwen; j. paragraaf 6.4.22 terreinafscheidingen bouwen; k. paragraaf 6.4.23 agrarische bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen; l. paragraaf 6.4.24 tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen bouwen; m. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen n. paragraaf 6.4.30 overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.66 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie veehouderij dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.3.3 veehouderij exploiteren; c. subparagraaf 6.5.3.4 productiegerichte paardenhouderij exploiteren; d. subparagraaf 6.5.3.5 gebruiksgerichte paardenhouderij exploiteren als nevenactiviteit; e. subparagraaf 6.5.3.6 kleinschalige niet-agrarische nevenactiviteiten uitoefenen; f. subparagraaf 6.5.4.2 buitenopslag; g. subparagraaf 6.5.4.3 statische opslag als nevenactiviteit; h. subparagraaf 6.5.7.3 ondersteunende horeca aanbieden als nevenactiviteit; i. subparagraaf 6.5.7.4 routegebonden horeca aanbieden als nevenactiviteit; j. subparagraaf 6.5.8.7 kinderopvang en/of dagbesteding exploiteren als nevenactiviteit; k. subparagraaf 6.5.8.8 verlenen van zorg en/of dagbesteding als nevenactiviteit; l. subparagraaf 6.5.9.12 minicamping exploiteren als nevenactiviteit; m. subparagraaf 6.5.9.13 bed and breakfast exploiteren als nevenactiviteit; n. subparagraaf 6.5.9.14 groepsaccommodatie aanbieden als nevenactiviteit; o. subparagraaf 6.5.9.15 ondergeschikte dagrecreatie aanbieden als nevenactiviteit; p. subparagraaf 6.5.9.16 verhuren van fietsen/rijtuigen voor recreatief gebruik als nevenactiviteit; q. subparagraaf 6.5.11.1 wonen; r. subparagraaf 6.5.11.2 aan huis verbonden beroep uitoefenen; s. subparagraaf 6.5.11.5 huisvesten arbeidsmigranten in woningen; t. subparagraaf 6.5.11.7 huisvesten van arbeidsmigranten in woonunits, (sta-)caravans of vergelijkbare onderkomens. Afdeling 5.12 Water Paragraaf 5.12.
.67 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie water. Artikel 5.68 Doelen Binnen locaties met de functie water gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het duurzaam veiligstellen van de openbare drinkwatervoorziening; f. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; g. de natuurbescherming; h. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; i. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; j. het beheren van infrastructuur; k. het beheren van watersystemen; l. het beheren van geobiologische en geothermische systemen en ecosystemen; m. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; n. het beheren van natuurlijke hulpbronnen; o. het beheren van natuurgebieden; p. het realiseren van een gemeentelijk natuurnetwerk; q. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; r. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; s. het doelmatig beheren van afvalstoffen; t. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; u. het beschermen en waar mogelijk vergroten van de openheid van het landschap; v. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; w. het vergroten van de natuurbeleving en recreatieve waarde, zonder afbreuk te doen aan natuurwaarden; x. het behouden van een klimaatbestendig watersysteem. Paragraaf 5.12.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.69 Algemeen Locaties met de functie water zijn bedoeld voor waterhuishoudkundige doeleinden en voorzieningen ten behoeve van de aan- en afvoer van water en waterhuishoudkundige voorzieningen ten behoeve van water, waterberging en infiltratie. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. extensief recreatief medegebruik. Artikel 5.70 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie water dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.4.3 waterlopen, sloten en greppels graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren. Artikel 5.71 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie water dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.14 gebouwen ten behoeve van scheepvaart bouwen; c. paragraaf 6.4.28 bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van scheepvaart bouwen. Artikel 5.72 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie water dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.4.5 scheepvaart. Afdeling 5.13 Wonen Paragraaf 5.13.
.73 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op locaties met de functie wonen. Artikel 5.74 Doelen Binnen locaties met de functie wonen gelden de volgende doelen: a. het beschermen van een goed woon- en leefklimaat; b. het waarborgen van de veiligheid; c. het beschermen van de gezondheid; d. het beschermen van het milieu; e. het beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden; f. het behoud van cultureel erfgoed; g. de natuurbescherming; h. het tegengaan van klimaatverandering; i. het aanpassen van de fysieke ruimte aan de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en hittestress; j. het waarborgen van een goede kwaliteit van bouwwerken; k. het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten; l. het beheren van watersystemen; m. het beschermen van en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; n. het gebruiken van bouwwerken; o. het doelmatig gebruiken van energie en grondstoffen; p. het waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; q. het bevorderen van een duurzame ontwikkeling; r. het kunnen overschakelen van fossiele energie naar hernieuwbare energie; s. het bieden van voldoende woonruimte; t. het bereikbaar en toegankelijk maken van gebieden; u. het voorkomen van leegstand van voormalige agrarische bebouwing; v. het bevorderen van extensief recreatief medegebruik; w. het tegengaan van verrommeling van erven en terreinen en behoud van beeldkwaliteit van bebouwing; x. het voorkomen en beschermen van mensen tegen infecties door het houden van landbouwhuisdieren; y. het behouden en herstellen van waardevolle bouwwerken en landschappelijke elementen; z. het realiseren van een suburbaan woonmilieu in een groen-blauwe setting; aa. het realiseren van een hoge architectonische kwaliteit van het openbaar gebied en van bebouwing; ab. het realiseren van een fietsvriendelijk woongebied; ac. het realiseren van een akoestisch aanvaardbaar woongebied; ad. het realiseren van een woongebied met een aanvaardbaar geurniveau; ae. het realiseren van een veilig woongebied; af. het realiseren van een energieneutraal woongebied; ag. het realiseren van een klimaatbestendig woongebied; en ah. het realiseren van een speel- en beweegvriendelijk woongebied. Paragraaf 5.13.2 Specifieke regels voor activiteiten Artikel 5.75 Algemeen Locaties met de functie wonen zijn bedoeld voor wonen en daarmee samenhangende activiteiten. Daaronder begrepen de volgende inherent bijbehorende en ondergeschikte voorzieningen en invullingen bij de functie: a. tuinen, erven en terreinen; b. water zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen; c. waterberging, -infiltratie en riolering; d. allerlei vormen van beplanting en groen, zoals bomen, struiken en planten; e. landschapselementen, zoals een houtwal of een bomenlaan; f. verhardingen, (onverharde) paden, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen; g. extensief recreatief medegebruik. Artikel 5.76 Aanlegactiviteiten Voor het aanleggen van werken en uitvoeren van werkzaamheden op een locatie met de functie wonen dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.3.1 algemene bepalingen aanlegactiviteiten; b. subparagraaf 6.3.2.1 landschappelijke inpassing aanbrengen, in stand houden of verwijderen; c. subparagraaf 6.3.3.1 oppervlakteverhardingen aanleggen. Artikel 5.77 Bouwactiviteiten Voor het bouwen op een locatie met de functie wonen dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.4.1 algemene bepalingen bouwactiviteiten; b. paragraaf 6.4.15 burgerwoning bouwen - buitengebied; c. paragraaf 6.4.18 bijgebouwen bij een woning bouwen; d. paragraaf 6.4.19 herbouwen woning; e. paragraaf 6.4.21 overkappingen bouwen; f. paragraaf 6.4.22 terreinscheidingen bouwen; g. paragraaf 6.4.25 paardenbak oprichten; h. paragraaf 6.4.29 constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen; i. paragraaf 6.4.30 bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen. Artikel 5.78 Gebruiksactiviteiten Voor het gebruiken van een locatie met de functie wonen dient voldaan te worden aan: a. paragraaf 6.5.1 algemene bepalingen gebruiksactiviteiten; b. subparagraaf 6.5.7.4 routegebonden horeca aanbieden als nevenactiviteit; c. subparagraaf 6.5.8.7 kinderopvang en/of dagbesteding exploiteren als nevenactiviteit; d. subparagraaf 6.5.8.8 verlenen van zorg en/of dagbesteding als nevenactiviteit; e. subparagraaf 6.5.9.4 groepsaccommodatie exploiteren; f. subparagraaf 6.5.9.7 bed and breakfast exploiteren; g. subparagraaf 6.5.9.12 minicamping exploiteren als nevenactiviteit; h. subparagraaf 6.5.9.13 bed and breakfast exploiteren als nevenactiviteit; i. subparagraaf 6.5.9.14 groepsaccommodatie aanbieden als nevenactiviteit; j. subparagraaf 6.5.9.15 ondergeschikte dagrecreatie aanbieden als nevenactiviteit; k. subparagraaf 6.5.9.16 verhuren van fietsen/rijtuigen voor recreatief gebruik als nevenactiviteit; l. subparagraaf 6.5.11.1 wonen; m. subparagraaf 6.5.11.2 aan huis verbonden beroep uitoefenen; n. subparagraaf 6.5.11.3 kleinschalige bedrijfsactiviteiten uitoefenen; o. subparagraaf 6.5.11.5 huisvesten arbeidsmigranten in woningen. Hoofdstuk 6 Activiteiten Afdeling 6.1 Algemene bepalingen Artikel 6.1 Toepassingsbereik Dit hoofdstuk is van toepassing op het verrichten van activiteiten. Artikel 6.2 Normadressaat Aan dit hoofdstuk wordt voldaan door degene die de activiteit verricht of laat verrichten, tenzij anders is bepaald. Diegene draagt zorg voor de naleving van de regels over de activiteit. Artikel 6.3 Uitsluiting niet benoemde activiteiten Activiteiten die niet zijn benoemd in dit omgevingsplan zijn niet toegestaan. Artikel 6.4 Eerbiedigende werking bestaande activiteiten 1 Bestaande activiteiten en functies, waaronder het feitelijk gebruik van gronden en bouwwerken die op het moment van inwerkingtreding van dit omgevingsplan rechtmatig worden uitgeoefend, worden gerespecteerd en kunnen worden voortgezet. 2 Onder bestaande activiteiten en functies, zoals een bestaand gebouwerf, bestaande bebouwing, een bestaande gebruiksactiviteit of een bestaande omvang, wordt verstaan: a. datgeen wat het omgevingsplan op het moment van inwerkingtreding rechtstreeks toestaat, met inbegrip van datgene wat nadien wordt toegestaan op grond van een besluit van de gemeente als direct gevolg van een onherroepelijke uitspraak van een bestuursrechter; en b. datgeen waarvan handhaving wegens strijdigheid niet meer mogelijk is. Artikel 6.5 Maatwerkvoorschriften 1 Een maatwerkvoorschrift kan worden gesteld, of een vergunningsvoorschrift als bedoeld in artikel 4.5 van de wet kan aan een omgevingsvergunning als bedoeld in dit hoofdstuk worden verbonden, over de regels over activiteiten in dit hoofdstuk, tenzij anders is bepaald. 2 Met een maatwerkvoorschrift of vergunningvoorschrift kan worden afgeweken van de regels over activiteiten in dit hoofdstuk, tenzij anders is bepaald of hoofdstuk 5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, danwel de instructieregels uit de provinciale omgevingsverordening zich daartegen verzetten. 3 Een maatwerkvoorschrift wordt niet gesteld als over dat onderwerp een voorschrift aan een omgevingsvergunning als bedoeld in dit hoofdstuk kan worden verbonden. 4 Het eerste lid en tweede lid gelden niet voor zover het stellen van maatwerkvoorschriften is uitgesloten in het Besluit activiteiten leefomgeving. 5 Bij het stellen van een maatwerkvoorschrift over de regels in dit hoofdstuk worden de doelen met het oog waarop de regels in de betreffende afdeling of paragraaf zijn gesteld, in acht genomen. Artikel 6.6 Specifieke zorgplicht Degene die een activiteit verricht als bedoeld in dit hoofdstuk en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de oogmerken, met het oog waarop de regels in de betreffende afdeling of paragraaf zijn gesteld, is verplicht: a. alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen; b. voor zover deze niet kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; en c. als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten, voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd. Artikel 6.7 Algemene gegevens bij het verstrekken van gegevens en bescheiden Als gegevens en bescheiden worden verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders, worden die ondertekend en voorzien van: a. de aanduiding van de activiteit; b. de naam en het adres van degene die de activiteit verricht; c. het adres waarop de activiteit wordt verricht; en d. de dagtekening. Afdeling 6.2 Waarden bij activiteiten Paragraaf 6.2.1 Bodemgevoelig gebouw bouwen, wijzigen of toevoegen Paragraaf 6.2.2 Kwetsbaar gebouw of locatie aanleggen, bouwen, wijzigen of toevoegen Artikel 6.8 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het aanleggen, bouwen, wijzigen of toevoegen van beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties binnen het: a. aandachtsgebied plaatsgebonden risicocontour. Artikel 6.9 Aanwijzing verbod Het is verboden zeer kwetsbare gebouwen te bouwen in het aandachtsgebied plaatsgebonden risicocontour. Artikel 6.10 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning kwetsbare en/of beperkt kwetsbare gebouwen te bouwen of een beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties aan te leggen danwel toe te voegen binnen het aandachtsgebied plaatsgebonden risicocontour. Artikel 6.11 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het aanleggen, bouwen, wijzigen of toevoegen van kwetsbare en/of beperkt kwetsbare gebouwen of locaties wordt alleen verleend als: a. voldaan wordt aan de normen die gelden voor het plaatsgebonden risico; b. de hoogte van het plaatsgebonden risico in verhouding staat tot het met het beperkt kwetsbare gebouw of locatie te dienen belang; c. maatregelen zijn getroffen ter bescherming van personen in de gebouwen en op de locaties. Artikel 6.12 Aanvraagvereisten vergunningplicht Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het aanleggen, bouwen, wijzigen of toevoegen van kwetsbare gebouwen of locaties worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. een verantwoording van het groepsrisico, waarbij ten minste wordt ingegaan op maatregelen die worden getroffen of die zijn overwogen ter bescherming van personen. Paragraaf 6.2.3 Geluidsgevoelig gebouw of locatie aanleggen, bouwen, wijzigen of toevoegen Artikel 6.13 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het aanleggen, bouwen, wijzigen of toevoegen van een geluidsgevoelig gebouw of geluidsgevoelige locatie binnen het: a. geluidsaandachtsgebied weg 0-50 meter; b. geluidsaandachtsgebied weg 50-100 meter; c. aandachtsgebied industrielawaai. Artikel 6.14 Waar waarden gelden Standaardwaarden en grenswaarden voor geluid gelden: a. op een geluidsgevoelig gebouw, anders dan een woonschip of woonwagen:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.