In het kort
Deze wet, de Omgevingsverordening Zeeland, regelt activiteiten in de fysieke leefomgeving van de provincie Zeeland. Het doel is om de kwaliteit van de leefomgeving te beschermen en te zorgen voor een veilig en doelmatig gebruik van provinciale infrastructuur.
Wat het reguleert
- Activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor waterlichamen (oppervlakte- en grondwater).
- Activiteiten op en rond provinciale wegen, inclusief het beperkingengebied.
- De voorwaarden voor het aanvragen van ontheffingen van instructieregels.
- Algemene gegevens die nodig zijn bij meldingen en het verstrekken van gegevens aan het bevoegd gezag.
Wie het aangaat
- Iedereen die een activiteit verricht die onder deze verordening valt.
- Gedeputeerde Staten, als bevoegd gezag voor het verlenen van ontheffingen en het stellen van maatwerkvoorschriften.
Kernpunten
- Bij activiteiten die waterlichamen beïnvloeden, mag de omgevingsvergunning er niet toe leiden dat omgevingswaarden niet worden gehaald of dat de ecologische/chemische toestand van waterlichamen achteruitgaat.
- Degene die een activiteit verricht met mogelijke nadelige gevolgen voor provinciale wegen, moet maatregelen nemen om deze gevolgen te voorkomen, te beperken of ongedaan te maken.
- In uitzichtstroken van provinciale wegen buiten de bebouwde kom is het verboden om bouwwerken, wallen, beplanting of andere uitzichtbelemmerende voorwerpen te hebben of te maken.
- Beplanting in het beperkingengebied beheer provinciale wegen mag niet hoger uitsteken dan 4,60 meter boven de verkeersbaan (binnen 1,80 meter afstand) of 3 meter boven fietspaden (binnen 0,60 meter afstand).
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.