← Nederland

Omgevingsvisie gemeente Dordrecht (Dordrecht)

Kort samengevat

Deze wet beschrijft de toekomstvisie van de gemeente Dordrecht voor het jaar 2040, gericht op het behouden en verbeteren van de leefomgeving, economie en welzijn van haar inwoners. Het is een bijgewerkte versie van een eerder plan, rekening houdend met nieuwe ontwikkelingen en uitdagingen.

Wat het reguleert

Wie het aangaat

Kernpunten

Wettekst

/akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR748048 /join/id/stop/work_006 /akn/nl/act/gm0505/2024/omgevingsvisie /join/id/stop/work_019 2025-11-26 2025-11-26 /akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR748048/nld@2025-11-27 /join/id/proces/gm0505/2025/doel_323_98850ca4ea20415aaad75120d990e407 2025-11-27 2025-11-27 /akn/nl/act/gm0505/2024/omgevingsvisie/nld@2025-11-26;1 /akn/nl/act/gm0505/2024/omgevingsvisie /akn/nl/act/gm0505/2024/omgevingsvisie/nld@2025-11-26;1 /join/id/stop/work_019 1 Omgevingsvisie gemeente Dordrecht Samenvatting Toekomstbeeld Dordrecht Dordrecht blijft in 2040 een aantrekkelijke stad en eiland. Dordrecht is er voor iedereen. Het is er prettig wonen, verblijven en ontspannen. Er is aandacht voor levendigheid én leefbaarheid. De manier waarop de leefomgeving is ingericht, draagt bij aan gezondheid en ontmoeting. Zo is een meer ‘samenredzame’ gemeenschap ontstaan; meer betrokkenheid bij én vertrouwen in elkaar en de buurt. Het welzijn van de inwoners is verbeterd. De sociaaleconomische positie van onze stad is hoger. Dordtenaren en bezoekers genieten van alles wat de stad te bieden heeft. Je kunt heerlijk wandelen en fietsen in de autoluwe historische binnenstad. De vele monumenten, het historische havengebied en de Grote Kerk maken Dordrecht bijzonder als oudste stad van Holland. De openbare ruimte wordt steeds groener en heeft meer planten en dieren. De schaduw van de vele bomen zorgt voor verkoeling op warme dagen. Groen is altijd dichtbij en verbonden. De natuur komt op plekken tot diep in de stad. Dankzij het Wantij en het grote centraal gelegen Stadspark. In de stad kun je sporten op de vele sportparken, en word je óveral uitgedaagd om te bewegen. Levendigheid en natuur zijn in balans. Dordrecht heeft voorzieningen die passen bij een middelgrote stad. Er komen veel nieuwe woningen bij voor alle doelgroepen. Zo blijft de stad aantrekkelijk. Nieuwe woningen bouwen we in de bestaande stad (het zogenaamde verdichten) om ruimte te besparen. We bouwen hierbij aan gemeenschappen. We zoeken altijd naar slimme manieren om ruimte te gebruiken, omdat er op het eiland weinig ruimte is. We zijn trots op Dordrecht als centrumstad van een regio sterk in maritieme bedrijvigheid. En trots als aantrekkelijke bezoekersstad. De komst van extra horeca, nieuwe dienstverleners en vernieuwende bedrijvigheid in de buurt van onze treinstations, hebben onze economie breder en sterker gemaakt. Op onze bedrijventerreinen, waar veel soorten bedrijven goed presteren en steeds meer ‘het juiste bedrijf op de juiste plaats staat’, is een enorme verduurzamingslag gemaakt en zijn het aantal banen met impact gegroeid. Leeswijzer Dordtse Omgevingsvisie 2.0 De omgevingsvisie gaat over de toekomst van het eiland en is voor iedereen in Dordrecht belangrijk. Daarom hebben we deze samenvatting zo begrijpelijk mogelijk (op B1-niveau) geschreven. Deze korte en begrijpelijke samenvatting is los te lezen. Maar we willen ook een complete omgevingsvisie. Daarom hebben we gekozen voor een omgevingsvisie 2.0 die is opgebouwd in lagen: Samenvatting: Dordtse Omgevingsvisie 2.0; Kort en begrijpelijk. Een korte en begrijpelijke uitleg over de visie voor Dordrecht. Deel A: Dordtse Omgevingsvisie 2.0; Compleet. De volledige omgevingsvisie voor Dordrecht met uitleg, doelen en deelgebieden. Deel B: Dordtse Omgevingsvisie 2.0; Achtergrond. Achtergrondinformatie over de visie, vooral voor experts. Bijlagen. Extra informatie die belangrijk is, maar niet in het hoofddocument hoeft. Eiland met kwaliteit Dit is hoe wij Dordrecht in 2040 en daarna zien Dordrecht wil een eiland met kwaliteit zijn. Een fijne plek om te leven. De historische gebouwen en het landschap zijn uniek en willen we behouden. Maar we willen dat ook de nieuwe huizen en nieuwe werkplekken van goede kwaliteit zijn. Bovendien moet ons eiland levendig, veilig en groen zijn – met een mooie natuur. We willen dat de Dordtenaren sterk en gezond zijn. En dat iedereen het goed heeft. De manier waarop we onze leefomgeving inrichten, draagt bij aan gezondheid en ontmoeting. De inrichting van onze stad hangt samen met hoe de gemeenschap werkt. Aan kunnen passen aan uitdagingen en veranderingen in de toekomst is daarin belangrijk. We willen dat het (stadse) voorzieningenniveau dat we nu hebben in de toekomst blijft. Het is voor Dordrecht ook belangrijk dat we klimaatbestendig en -neutraal zijn. Zo zijn we voorbereid op klimaatverandering. In Dordrecht moet het economische goed gaan. Iedereen in de stad moet daarvan genieten. Daarom willen we voor meer huizen en banen zorgen. Dit is onze visie! Waarom een nieuwe omgevingsvisie? In de omgevingsvisie schrijven we de plannen en doelen voor Dordrecht op de lange termijn. De visie gaat over alles wat met de leefomgeving van de stad te maken heeft, zoals vervoer en natuur. Omdat economie, maatschappij en ruimte veranderen, moeten we flexibel zijn.In april 2021 keurde de gemeenteraad van Dordrecht de omgevingsvisie 1.0 goed. Toen werd al gezegd dat er een ‘verrijking’ (een verbetering) zou komen. Dat gebeurt in versie 2.0, omdat er nieuwe ontwikkelingen zijn.We houden de omgevingsvisie 1.0 als basis. Omdat er weinig ruimte is op het Eiland van Dordrecht, willen we in de omgevingsvisie 2.0 het beleid voor de leefomgeving breder bekijken. Zo willen we zien waar het beleid voor de leefomgeving problemen geeft of juist kansen biedt. Dit kan betekenen dat we keuzes moeten maken over de ruimte. Ook de samenwerking met het sociale domein is belangrijk. De 2.0-versie zal geen compleet nieuwe visie op de stad zijn, maar wel een completere, bredere visie met duidelijke keuzes. Hoe is deze omgevingsvisie 2.0 gemaakt? Onder de nieuwe Omgevingswet is het nog belangrijker dat inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties kunnen meedenken met de omgevingsvisie. Dit noemen we participatie. In eerdere processen konden zij ook al ideeën geven over de toekomst van Dordrecht. De participatie voor de omgevingsvisie 2.0 bestond uit: Een website van Doe Mee Dordrecht Een bijeenkomst 12 juni 2024 Niet alleen inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties hebben meegedacht over de keuzes. Ook gemeenteraads- en commissieleden hebben meegedacht. Per thema en project organiseren we als gemeente ook weer momenten om te participeren, zoals bijvoorbeeld voor mobiliteit en klimaatneutraal

  1. Dordtse koers Centrale ambitie De belangrijkste ambitie voor Dordrecht staat als vetgedrukte tekst op de eerste pagina van deze samenvatting. De centrale ambitie voor Dordrecht is om een eiland met kwaliteit te blijven. Om deze ambitie te bereiken, werken we met een hoofdopgave. Deze hoofdopgave helpt ons alle doelen te bereiken. Hoofdopgave De komende jaren staat groeien met kwaliteit centraal voor Dordrecht. We zien groei binnen de stad (ook wel ‘verdichten’ genoemd) als een manier om de kwaliteit van de stad te verbeteren en de leefbaarheid te vergroten. Voorbereid zijn op klimaatverandering en de route Klimaatneutraal 2040 is belangrijk bij deze groei. De hoofdopgave gaat uit van het bouwen van 11.000 woningen. Dit vraagt om ruimte. Verder werken we aan werkgelegenheid die past bij de mensen in Dordrecht. (Door)leren hoort bij Dordrecht, op MBO, HBO en wetenschappelijk niveau. Figuur 1 - Schematische weergave hefboomwerking van de hoofdopgave Dordtse DNA Dordrecht is een stad met een rijke geschiedenis. De stad is omringd door rivieren en het Nationaal Park De Biesbosch. Water speelt hierdoor een belangrijke rol en ook de natuur is altijd dichtbij. De geschiedenis van het Eiland van Dordrecht is goed te zien dankzij de: rivieren havens kreken waterlopen groenstructuren polders dijken De binnenstad met haar vele monumenten en historische stadsgezichten trekt veel bezoekers. Dordtenaren zien het als de ‘huiskamer’ van de stad. De geschiedenis, cultuur en de strijd tegen en met het water spelen een grote rol in onze stad. Dit vormt de inspiratie voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. We zijn onder meer bezig met grootschalige woningbouwprojecten in de stad, met het Stadspark dat de natuur de stad in brengt en met de bereikbaarheid van de stad door vernieuwing van het Stationsgebied. Uitdagingen en veranderingen De omgevingsvisie is het plan van de gemeente voor belangrijke uitdagingen en veranderingen op ons eiland. Denk hierbij aan de volgende uitdagingen en veranderingen: Demografische ontwikkelingen. De bevolking van Nederland en Dordrecht blijft groeien. Het aandeel ouderen neemt ook toe (vergrijzing). Inrichting van onze stad hangt samen met deze ontwikkelingen en hoe een gemeenschap werkt. Schaarste en krapte. De ruimte op het Eiland van Dordrecht is beperkt. We willen de buitengebieden groen houden. Daarom moet de groei binnen de grenzen van de stad plaatsvinden. Er is meer vraag naar woningen dan aanbod. Ook is er veel vraag naar personeel op de arbeidsmarkt, maar er zijn weinig mensen beschikbaar. Onze kosten stijgen. Daarom moeten we bezuinigen. Dit kán van invloed zijn op onze plannen. Mobiliteit. De manier waarop we ons voortbewegen verandert. Er komen meer soorten fietsen op het fietspad, zoals elektrische bakfietsen en fatbikes. Voertuigen worden steeds slimmer en duurzamer. Mensen delen vaker voertuigen in plaats van ze te bezitten. Klimaatverandering. De aarde warmt op en er is klimaatverandering. De kans op extreem weer is niet meer uit te sluiten. We krijgen steeds vaker te maken met hitte, droogte en wateroverlast. We moeten ons hierop voorbereiden. En om het niet erger te maken, moeten we verduurzamen. Zo willen we meer groen aanleggen in de stad. Biodiversiteitsverlies. Het aantal verschillende planten en dieren is flink afgenomen. Zonder actie (zoals het aanleggen van meer groen) wordt een verdere daling verwacht, ook in Dordrecht. Waterkwaliteit. De waterkwaliteit van sommige wateren is slecht. Voor ons eiland en de planten en dieren is het belangrijk dat de waterkwaliteit verbetert. Dordtse doelen Figuur 2 - Visuele weergave stapeling doelkaarten Om de centrale ambitie van Dordrecht te bereiken, hebben we zeven doelen opgesteld. Deze doelen zijn allemaal belangrijk voor het hele eiland:
  2. Dordrecht is een aantrekkelijke stad. In 2040 is Dordrecht nog steeds een aantrekkelijke stad voor iedereen. Het is fijn om hier te wonen, verblijven en ontspannen. Er is aandacht voor levendigheid én leefbaarheid. Bezoekers en bewoners genieten van alles wat de stad te bieden heeft. Het is heerlijk wandelen en fietsen in de autoluwe historische binnenstad. De vele monumenten, het historische havengebied en de Grote Kerk zijn de kracht van Hollands oudste stad. De stad is omringd door rivieren en Nationaal Park De Biesbosch, waardoor water en natuur altijd dichtbij zijn.
  3. Dordrecht is een bereikbare stad. Voor alle reizen de auto pakken is niet toekomstbestendig. De openbare ruimte wordt schaarser, de doorstroming van het verkeer op onze wegen komt in gevaar, heeft een negatief effect op de gezondheid van onze inwoners. Daarom kijken we breder naar de bereikbaarheid van onze stad. Met betrekking tot bereikbaarheid stellen we niet langer de auto centraal, maar de Dordtenaar en de bereikbaarheid van zijn/haar bestemming. Waarbij wandelen en fietsen door het toepassen van het STOMP principe (Stappen, Trappen, OV, Mobiliteitsdiensten, Privéauto) hogere prioriteit krijgt. Daarnaast borgen we een goede doorstroming van autoverkeer op de belangrijkste verbindingen. De doelen en strategie voor dit doel zijn verder uitgewerkt in het Mobiliteitsplan Dordrecht
  4. Dordrecht is een gezonde stad. Eén van de doelen van de Omgevingswet is het bereiken en behouden van een veilige en gezonde leefomgeving. Een goede kwaliteit van onze leefomgeving heeft een positief effect op de gezondheid van inwoners en werkt preventief. Op zowel de geest als het lichaam. Het helpt ook mee aan een sterke stad waarin iedereen kan meedoen. Door de leefomgeving zo ‘gezond mogelijk’ in te richten, kunnen we de stad leefbaar houden en bijdragen aan het beheersbaar houden van ons zorgsysteem. Hierbij werken we aan een goede spreiding van 1e lijn gezondheidscentra met o.a. een huisarts verspreid over onze stad. Zo versterken het sociale en fysieke domein elkaar. Met onze plannen om te groeien wordt dit steeds belangrijker. Zo draagt de groei bij aan brede welvaart in plaats van dat het extra uitdagingen opwerpt.We werken aan het verbeteren van de milieukwaliteit in de stad en het maken van een groene omgeving. Deze groene omgeving nodigt mensen uit om de natuur te beleven en hierin te spelen, te bewegen, te sporten en elkaar te ontmoeten.
  5. Dordrecht heeft een toekomstbestendige economie. We richten ons op kwalitatieve groei van onze economie. Het aanbod vanuit onderwijs moet beter aansluiten op de vraag vanuit het Dordtse bedrijfsleven. Daarbij zetten we in op ‘banen met impact’. Nieuwe bedrijven moeten echt iets bijdragen aan de huidige en toekomstige behoeften van de stad. Door dezelfde soort bedrijven bij elkaar te plaatsen en unieke bedrijfslocaties beter te gebruiken, zoals onze havens, zetten we het juiste bedrijf op de juiste plaats. We verduurzamen onze bedrijven en zetten in op het digitaal maken. Zo werken we toe naar een economie voor onze stad die op de toekomst is voorbereid. De doelen en strategie voor dit doel worden verder uitgewerkt in het Omgevingsprogramma economie.
  6. Dordrecht is in 2040 een klimaatbestendige stad. Als koploper op het gebied van klimaatadaptatie (het voorbereid zijn op klimaatverandering) wil Dordrecht in 2040 klimaatbestendig en waterrobuust zijn. We willen dat de ambitie op het gebied van groen (natuur) en blauw (water) gelijk opgaat met de woningbouwambitie. Dit is belangrijk voor de leefbaarheid en veiligheid van de stad.
  7. Dordrecht is in 2040 een duurzame en klimaatneutrale stad. Dordrecht wil in 2040 een duurzame en klimaatneutrale (niet bijdragen aan de opwarming van de aarde) stad zijn. Dit betekent dat we in 2040 geen broeikasgassen meer uitstoten of dat we die uitstoot goedmaken, bijvoorbeeld door meer groen in de stad aan te leggen. Dit doel hangt samen met doel 5 (Dordrecht is een klimaatbestendige stad) en doel 7 (Dordrecht is een biodiverse stad).De doelen, uitdagingen en aanpak voor klimaatneutraliteit staan in de Routekaart Klimaatneutraal
  8. Dordrecht beschermt en bevordert de biodiversiteit. Door uitbreiding van de stad, klimaatverandering, diersoorten van buitenaf en ziekten kunnen planten en dieren en hun leefomgeving verdwijnen. Ook de voordelen die biodiversiteit (het aantal soorten planten en dieren) ons nu biedt, zoals bestuiving (bevruchting) van (landbouw)gewassen en aantrekkelijk groen, staan onder druk. Dordrecht werkt hard aan het stoppen van de achteruitgang van biodiversiteit en werkt aan het behouden en versterken van de huidige biodiversiteit. De doelen hebben ook invloed op elkaar. Bijvoorbeeld; wanneer Dordrecht inzet op een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040, dan betekent dat ook dat we geen uitstoot meer van broeikasgassen in 2040 hebben of dat die uitstoot wordt gecompenseerd, bijvoorbeeld door meer groen in de stad aan te leggen. Er is dan een relatie met doel
  9. (Dordrecht is een gezonde stad), doel
  10. (Dordrecht is een klimaatbestendige stad) en doel
  11. (Dordrecht is een biodiverse stad). Ook kunnen doelen in de praktijk botsen. Dit vraagt dan om goede afstemming en keuzes vanuit een brede ruimtelijke kwaliteitsweging.Bij nieuwe ontwikkelingen in de leefomgeving verwachten we dat een bijdrage wordt geleverd aan elk van de zeven doelen. Maar we weten ook dat niet elke ontwikkeling ‘een 10 kan scoren’ op alle doelen. Dordtse deelgebieden Gebiedsindeling In de omgevingsvisie delen we Dordrecht in zeven deelgebieden. Elk gebied heeft zijn eigen karakter en kansen. Zo vertalen we de centrale ambitie en doelen van Dordrecht naar de verschillende gebieden. Voor elk gebied hebben we gekeken waar het beleid voor de leefomgeving botst (problemen geeft) of juist kansen biedt. Dit vraagt om keuzes. Deze keuzes staan in aparte kaders. Deze keuzes zijn aanvullend op de koers die al eerder is ingezet in de omgevingsvisie 1.0!
  12. Het Centrum (belangrijkste doel: ‘aantrekkelijke stad’). De historische binnenstad en de 19e-eeuwse schil vormen het centrum van Dordrecht. De binnenstad is als een diamant met vele facetten. Het is het hart van de regio Drechtsteden, het kent veel geschiedenis en monumenten, winkels, horeca, pleinen en woningen. Toegevoegde ruimtelijke keuzes: We geven groen en klimaatadaptatie prioriteit in het centrum. We zetten in op kantoren met kwaliteit rondom het station. We moedigen transformatie van ruimten boven winkelpanden naar wonen aan.
  13. Woonwijken (belangrijkste doelen: ‘aantrekkelijke stad’ en ‘gezonde stad’). Onder het gebied woonwijken vallen alle wijken, elk met hun eigen geschiedenis en karakter. Omdat ze veel overeenkomsten hebben, vormen ze samen één deelgebied. Wonen en leefbaarheid staan hier centraal. Toegevoegde ruimtelijke keuzes: We geven klimaatadaptatie prioriteit in woonwijken. We herstellen waar nodig de Groenblauwe structuur in woonwijken. Onze leidraad voor een klimaatadaptieve inrichting van de openbare ruimte is de 3-30-300-3000 regel: vanuit je woning zicht op 3 bomen, 30% boomkroonbedekking in elke buurt, 300 meter tot het dichtstbijzijnde park en lange routes in het gebied van 3000 meter voor (sportief) bewegen. We streven naar verbetering van de bestaande woningen in de woonwijken en naar verdichting waar dit mogelijk en passend is. Daarin betrekken we ook de keuzes die voor de energietransitie nodig zijn. We zetten in op een passend voorzieningenaanbod in woonwijken. Voorbeeld van een maatregel kan zijn het toevoegen van een huisartsenpraktijk op De Staart. We hanteren als streefwaarde om 5% van het netto woongebied te reserveren voor speel-, beweeg-, sport- en ontmoetingsplekken die zijn verbonden door groenblauwe routes.
  14. Werkgebieden (belangrijkste doel: ‘toekomstbestendige economie’). Werkgebieden zijn de locaties waar werken centraal staat. Zoals bedrijventerreinen, industriegebieden en één kantoorlocatie. Aan de randen van de bedrijventerreinen en industriegebieden, en de woongebieden schuurt het soms tussen wonen en werken (milieuruimte). Ook in andere gebieden kan gewerkt worden, maar binnen de werkgebieden is het de hoofdfunctie. Bij uitzondering vallen de Merwedehavens op De Staart niet onder het deelgebied werkgebieden, maar onder het deelgebied De Staart. Toegevoegde ruimtelijke keuzes: We zetten in op banen met kwaliteit, zodat de economie bijdraagt aan de brede welvaart in de stad. We streven naar meervoudig en gestapeld ruimtegebruik in werkgebieden. We zetten in op minder vervoersbewegingen en de overgang van het goederentransport over de weg van Dordtse bedrijven naar transport over het water.
  15. Stadsas (belangrijkste doelen: ‘aantrekkelijke stad’, ‘bereikbare stad’ en ‘gezonde stad’). De Stadsas Dordt (in de omgevingsvisie 1.0 ‘Spoorzone’) biedt veel kansen voor het bouwen van extra woningen. Voor nieuwe banen en bedrijven die de stad bedienen. En voor het verduurzamen van de stad. Dit is het startpunt voor de toekomst van Dordrecht. De spoor- en stationsontwikkelingen zijn belangrijk voor de gebiedsontwikkelingen langs het spoor. Toegevoegde ruimtelijke keuzes: We verwachten van nieuwe ontwikkelingen dat zij een bijdrage leveren aan klimaatopgaven in het omliggende bestaande gebied. We proberen bij nieuwe ontwikkelingen opgaven te koppelen en zo aan meerdere doelen van de omgevingsvisie bij te dragen. We passen maatwerk toe op het gebied van milieubelasting en veiligheidsrisico's bij nieuwe ontwikkelingen in de Stadsas.
  16. Stadspark (belangrijkste doelen: ‘gezonde stad’, ‘aantrekkelijke stad’, ‘klimaatbestendige stad’ en ‘biodiverse stad’). Het Stadspark wordt het groene hart van Dordrecht. Het verbindt de stad, zowel praktisch als sociaal. Nu zijn er nog losse stukken groen, maar die worden samengevoegd tot één groot park. Dit doen we door goede voorzieningen toe te voegen en door duidelijke routes te maken van noord naar zuid en van oost naar west.In het Stadspark is ruimte om elkaar te ontmoeten, te sporten en te ontspannen. Het park helpt de stad gezond, aantrekkelijk, klimaatbestendig en groener te maken. Water en groen spelen daarbij een belangrijke rol. Zo wordt het een plek waar natuur, beweging en ontmoeting samenkomen. Toegevoegde ruimtelijke keuzes: We streven naar multifunctionele accommodaties (dubbelgebruik van ruimte) in het Stadspark. We zorgen dat de programmering van het Stadspark bijdraagt aan een gezonde, klimaatbestendige en biodiverse stad. We onderzoeken wat een goed geluidsniveau (ten gevolge van de N3) is in het Stadspark en de woningen aan de randen. We dragen uit dat we (op de langere termijn) de snelheid op de hele N3 terug naar 80 km/h willen en/of de N3 mogelijk willen overdekken of verdiepen. Zo willen we de milieubelasting van de N3 op omwonenden beperken. Ook wordt de N3 zo minder een hindernis tussen het oosten en westen van de stad.
  17. Buitengebied (belangrijkste doelen: ‘gezonde stad’ en ‘biodiverse stad’). Buiten de stadsgrenzen ligt een open landschap met polders en hoge dijken. Hier zijn landbouw en natuur belangrijk. De stad en het buitengebied op het Eiland van Dordrecht zijn ongeveer even groot. Het Buitengebied (in de omgevingsvisie 1.0 ‘Poldergebied’) heeft veel waarde en biedt rust en ontspanning. Naast de bewoners komen er ook bezoekers uit de stad en daarbuiten om de velden en de natuur van de Biesbosch te zien. Toegevoegde ruimtelijke keuzes: We gaan voor een Buitengebied met kwaliteit. We benutten daarvoor de landbouwtransitie en pakken verrommeling aan door waar passend ontwikkelingen toe te staan die de open landschappelijke kwaliteit van het gebied verbeteren (ruimte-voor-ruimte). We zetten in op kwalitatief hoogwaardige entrees tot de stad op belangrijke toegangswegen naar de stad en naar het Buitengebied. We zien natuur, landbouw en recreatie als hoofdfuncties van het Buitengebied; wonen is dat niet. We zetten in op recreatiekerngebieden rondom de stad. We gaan ruimte bieden voor verblijfsrecreatie in het Buitengebied passend bij de landschappelijke kwaliteit. We verkennen de mogelijkheden voor grootschalige opwek van duurzame energie. We gaan de door de raad vastgestelde mogelijke zoekgebieden verder onderzoeken in een programma Opwek Duurzame Energie. In dat onderzoek wordt de ruimtelijke kwaliteit en de gestelde duurzaamheidsambitie met elkaar geconfronteerd. Op basis van deze weging wordt een besluit genomen over de aangewezen zoekgebieden.
  18. De Staart (belangrijkste doelen: ‘aantrekkelijke stad’, ‘gezonde stad’, ‘toekomstbestendige economie’ en ‘biodiverse stad’). De Staart is een nieuw gebied in de omgevingsvisie. Omdat dit gebied vraagt om een integrale aanpak. Een kwaliteitsimpuls die ervoor zorgt dat de groenblauwe structuren de basis zijn voor toekomstige ontwikkelingen. De Staart heeft drie functies: industrie, wonen en natuur. De Merwedestraat en de Baanhoek scheiden de industriële gebieden in het noorden van de woonwijken in het zuiden. Het oostelijke deel omvat een groot deel van de Hollandse Biesbosch. Dicht bij de stad ligt de focus op recreatie, verder weg is het een rustig natuurgebied. Toegevoegde ruimtelijke keuzes: We passen het concept van 'getijdenpark' conform de visie Groenblauw toe op De Staart. We zetten in op de maritieme maakindustrie in de Merwedehavens en wijzen deze havens daarom aan als transformatiegebied. We vinden het gebied ten oosten van de ontwikkeling zijnde wijk Stadswerven (ten oosten van de Papendrechtsestraat en ten noorden van de Merwedestraat tot aan de noord-zuid gesitueerde Merwedestraat (aftakking Merwedestraat)' een interessante locatie binnen bestaand stedelijk gebied om dit in zijn geheel te transformeren naar woongebied en bijbehorende voorzieningen. We verkennen de mogelijkheden voor een alternatieve functie voor het Spaarbekken De Grote Rug en wijzen dit daarom aan als toekomstig transformatiegebied. We zorgen voor een goede balans en invulling van recreatiekerngebied Hollandse Biesbosch in samenhang met de recreatiekerngebieden in de Buitengebieden. Deel A: Dordtse Omgevingsvisie 2.0; Compleet Voorwoord De omgevingsvisie 1.0 (vastgesteld 2021) gebruiken we dagelijks bij het maken én mogelijk maken van plannen op ons eiland. Het is altijd de bedoeling geweest om die omgevingsvisie door te ontwikkelen tot een omgevingsvisie, waarin meer richting wordt gegeven, meer keuzes worden gemaakt en oplossingen worden gezocht. Dat heeft nu geresulteerd in de voorliggende Dordtse Omgevingsvisie 2.
  19. We geven in deze omgevingsvisie 2.0 extra aandacht aan de kwaliteiten van Dordrecht die het eiland zo uniek en authentiek maken. De huidige én de toekomstige kwaliteit. Denk bijvoorbeeld aan de unieke historische binnenstad en de prachtige natuur die rust en recreatie biedt. Deze unieke kenmerken willen we behouden en versterken – en daarnaast willen we het eiland klaar maken voor de toekomst; bijvoorbeeld door middel van het ‘verdichten’ van woningbouw binnen stedelijk gebied en het ontwikkelen van het Stadspark. We willen de kwaliteit van Dordrecht behouden, versterken en daarna blijven toevoegen. Vandaar de titel ‘Dordtse Omgevingsvisie 2.0; Eiland met kwaliteit’. Figuur 3 - Wethouder Burggraaf Leeswijzer De omgevingsvisie bestrijkt de hele breedte van de fysieke leefomgeving van ons eiland. De omgevingsvisie is daarmee voor nagenoeg iedereen in Dordrecht van belang. Deze omgevingsvisie 2.0 hebben we toegankelijk(er) en gebruiksvriendelijk(er) gemaakt. Om de omgevingsvisie zo toegankelijk mogelijk te maken, maar tegelijkertijd compleet te houden, is gekozen om de omgevingsvisie in lagen op te bouwen. Zo bepaalt u welke laag aansluit bij uw informatiebehoefte. Bijvoorbeeld, wilt u de hoofdlijnen van de omgevingsvisie op een korte en begrijpelijke manier lezen, lees dan de laag ‘De Dordtse Omgevingsvisie 2.0; kort en begrijpelijk’. Wilt u echter van de hoed en de rand weten inzake bijvoorbeeld het milieusysteem in de gemeente Dordrecht, lees dan het Deel B ‘Achtergrond’. ● Kort en begrijpelijk. Bevat de hoofdlijnen van de omgevingsvisie. Deze zelfstandig leesbare samenvatting volstaat voor het overgrote deel van de lezers. ● Deel A: compleet. Schetst het DNA en de koers van Dordrecht. Beschrijving van de deelgebieden en de doelen, net als de beoogde uitvoering. ● Deel B: achtergrond. Beschrijft de onderbouwing met daarin gedetailleerde uitwerking van de Dordtse systemen. Tot slot zijn er nog enkele bijlagen. Dit betreft informatie ter onderbouwing van de hoofdtekst, maar waarvan het niet relevant is om deze compleet te laten landen in de hoofdtekst. Figuur 4 - Schematische weergave gelaagde opbouw omgevingsvisie 2.0 A.1 Inleiding A.1.1 In dit hoofdstuk In dit hoofdstuk geven we de aanleiding voor het opstellen van een omgevingsvisie en voor doorontwikkeling van de omgevingsvisie 1.0 naar een omgevingsvisie 2.
  20. We laten zien hoe wijzigingen ten opzichte van de 1.0-versie worden aangeduid in deze 2.0-versie. We belichten hoe de fysieke leefomgeving – die conform de Omgevingswet centraal staat in een omgevingsvisie – zich verhoudt tot het sociale domein. We staan stil bij hoe we participatie hebben georganiseerd om te komen tot deze 2.0-versie. A.1.2 Aanleiding omgevingsvisie De omgevingsvisie bestrijkt de hele breedte van de fysieke leefomgeving van de stad en brengt dus al het sectoraal beleid (van mobiliteit tot aan natuur) samen. De omgevingsvisie beschrijft de kwaliteiten van de stad en omschrijft de opgaven, de uitgangspunten en de doelen voor de gewenste ontwikkeling van de gezonde, fysieke leefomgeving in Dordrecht. Het is de integrale langetermijnvisie voor de hele fysieke leefomgeving en het grondgebied van Dordrecht. Het is een bindend kader voor de bestuursorganen van de stad bij besluitvorming over (nieuwe) ontwikkelingen. De omgevingsvisie als instrument vloeit voort uit de nieuwe Omgevingswet. Meer informatie over het instrument omgevingsvisie en de Omgevingswet zijn te vinden in Deel B: hoofdstuk B.
  21. De omgevingsvisie kijkt vooruit. We kunnen nu nog niet alles zeggen over de ontwikkelingen in de toekomst, want niemand weet precies hoe de wereld erover vijftien, twintig of vijfentwintig jaar uitziet. Er zullen verschillende economische, maatschappelijke en ruimtelijke ontwikkelingen komen die onvoorspelbaar zijn en veel impact hebben op hoe we naar de toekomst kijken. Van een strategische langetermijnvisie als de omgevingsvisie vraagt dit dus om enige flexibiliteit en die ruimte is binnen de Omgevingswet ook geboden. De omgevingsvisie is een dynamisch instrument waarbinnen doelen en ambities bijgesteld kunnen worden indien noodzakelijk.Nadere uitwerking van het beleid voor ontwikkeling, gebruik, beheer, bescherming en behoud van de fysieke leefomgeving kan plaatsvinden in een ‘programma’ (instrument onder de Omgevingswet). Zie ook Deel B: hoofdstuk B.3 Omgevingsbeleid. Een programma kan thematisch of gebiedsgericht zijn. Een voorbeeld van een thematisch programma is het Mobiliteitsplan
  22. A.1.2.1 De Omgevingsvisie in relatie tot de gemeentefinanciën In de omgevingsvisie leggen we onze ambities en doelstellingen – op hoofdlijnen – neer voor de fysieke leefomgeving van Dordrecht. Dit zijn strategische ambities en doelen voor de lange termijn. Het hebben en nastreven van dergelijke strategische ambities en doelen laten we niet afhangen van de financiële positie van de gemeente op de korte tot middellange termijn. Deze strategische ambities en doelen dragen op de langere termijn bij aan een beter Dordrecht. In 2040 en daarna. Mocht realisatie van een ambitie of doel nu niet haalbaar lijken (en/of zijn) door een tekort aan financiële middelen, kiezen we er als gemeente wel voor om de ambitie te (blijven) uitdragen of een doel te blijven nastreven. De financiële positie van de gemeente op de korte tot middellange termijn kan van invloed zijn op het tijdspad van de realisatie van strategische ambities en doelen, maar strategische doelen om bijvoorbeeld een aantrekkelijke, een gezonde of een bereikbare stad te zijn, blijven onverminderd van toepassing. A.1.3 Van 1.0 naar 2.0 In april 2021 stelde de gemeenteraad van Dordrecht de omgevingsvisie 1.0 vast. Bij vaststelling van de omgevingsvisie 1.0 is aangekondigd dat er een ‘verrijking’ zou komen in een vast te stellen omgevingsvisie 2.0 vanwege nieuwe ontwikkelingen. Denk aan de Regionale EnergieStrategie (RES), aangepast of nieuw (concept) beleid (zoals ‘Toekomstbeeld Binnenstad; Slijpen aan een Diamant’ (vastgesteld 2021) en deelvisies op deelgebieden van de omgevingsvisie: ‘Buitengebied’ en ‘De Staart’ (beide in deze 2.0 versie verwerkt)) en een nieuw politiek akkoord ‘2022 – 2026: Samen bouwen aan een sterk en groen Dordrecht!. De basis van de omgevingsvisie 1.0 blijft in stand. De daarin opgenomen kernkwaliteiten, hoofdopgave (zie A.2.3 Hoofdopgave) en zeven doelen (zie A.2.4 De doelen) gelden nog steeds. Dordrecht wordt niet ineens een hele andere versie van zichzelf. Sterker nog, het moet zich ontwikkelen tot een betere versie van zichzelf. Maar de leefomgeving staat continu onder druk, er zijn veel ontwikkelingen die een claim leggen op de beschikbare ruimte binnen de stadsrand zoals woningbouw, bedrijvigheid, klimaatadaptatie, energietransitie, mobiliteit en de relatie met het buitengebied. Vanwege de schaarse ruimte op het Eiland van Dordrecht benaderen we het beleid voor de fysieke leefomgeving in de omgevingsvisie 2.0 integraler (breder afgewogen). Zo willen we scherp krijgen waar het beleid voor de fysieke leefomgeving schuurt of waar juist kansen liggen. Dit kan ertoe leiden dat we ruimtelijke keuzes moeten maken. Het eindresultaat is een document dat houvast geeft, zodat we ruimtelijk ontwikkelen met een consequente (middel)lange termijn koers. De 2.0-versie geeft geen compleet nieuwe visie op de stad, maar wel een completere visie die beleidsrijk is. Wezenlijke wijzigingen die in deze 2.0-versie van de omgevingsvisie zijn doorgevoerd ten opzichte van de 1.0-versie, laten we duidelijk zien door middel van het werken met tekstkaders. Die tekstkaders plaatsen we in de tekst, zodat de lezer geattendeerd wordt op een wezenlijke wijziging. De tekstkaders zien er als volgt uit: Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Wezenlijke wijzigingen worden in soortgelijke kaders uitgelicht. A.1.4 Impactbeoordeling fysieke leefomgeving Ten behoeve van de omgevingsvisie 1.0 is een beoordeling van de impact op de fysieke leefomgeving van de groeiopgave opgesteld (Antea, 2020). Dat is gedaan om de keuzes en belangenafweging te maken en zo te sturen op de inrichting van de fysieke leefomgeving. In die impactbeoordeling is onderzocht wat de impact van de hoofdopgave uit de omgevingsvisie 1.0 (destijds groei met 10.000 woningen en 4.000 banen) is op de fysieke leefomgeving van Dordrecht. Vanuit en voor de zeven doelen in de omgevingsvisie (zie A.2.4 De doelen) zijn aandachtspunten benoemd voor de groeiambities. Voor Dordrecht algemeen en daar waar nodig voor specifieke ontwikkellocaties. Deze aandachtspunten blijven ook van toepassing in de omgevingsvisie 2.
  23. Het zijn namelijk aandachtspunten waar in de omgevingsvisie en bij de verdere uitwerking in bijvoorbeeld programma's rekening mee gehouden kan of moet worden. De belangrijkste aandachtspunten uit de beoordeling van de impact op de fysieke leefomgeving zijn: Voorzieningen: groei vraagt mogelijk om extra voorzieningen, met name op locaties waar de dekkingsgraad van basisvoorzieningen nog niet optimaal is. Tegelijk moeten we voorkomen dat nieuwe basisvoorzieningen (te veel) ten koste gaan van het draagvlak van bestaande voorzieningen. Dit vraagt om een duidelijk inzicht in de huidige staat en kwaliteit van basisvoorzieningen. De monitoring hiervan is verfijnd door de realisatie van een voorzieningenmonitor. Met dit instrument hebben we actueel inzicht in een grote verscheidenheid aan voorzieningen. Het vraagt verder om een duidelijke keuze waar en op welke manier we op ontwikkellocaties nieuwe basisvoorzieningen realiseren. Zie ook paragraaf A.4.3.
  24. Verkeer en mobiliteit: groei zorgt voor een forse toename van (auto)verkeersbewegingen. De vraag is hoe hiermee om te gaan: traditioneel verder faciliteren van de groei van autoverkeer of maximaal inzetten op aanpassing van de vervoerskeuze? Voor het aspect verkeer is inmiddels een programma opgesteld; Mobiliteitsplan 2040 (vastgesteld 24 september 2024). Hierin zijn duidelijke analyses en keuzes gemaakt hoe we om willen gaan met verkeer en mobiliteit. Hinder: door groei ontstaat meer hinder, met name op het gebied van geluid en luchtkwaliteit. Luchtkwaliteit houdt zich niet aan gemeentegrenzen en wordt deels bepaald door de landelijke situatie. Verkeer, bedrijvigheid en het stoken van hout in kachels en open haarden zijn in Dordrecht belangrijke lokale bronnen. Door samen te werken met het Rijk, Provincies en andere gemeenten werken we gezamenlijk aan de noodzakelijke verbetering van de luchtkwaliteit. Soms kan groei ook een verbetering bewerkstelligen zoals de investering in geluidsschermen ten behoeve van nieuwe woningen waar ook de bestaande inwoners van profiteren. Klimaat, water, biodiversiteit en energietransitie: groei geeft lokaal aandachtspunten over klimaat, water, biodiversiteit en energie. Stadsbreed zijn er vooral kansen. Dat is te zien in de ‘visie op het groenblauwe eiland’ en de uitwerking in het ‘groenblauwe programma’. Stikstof blijft de komende jaren onverminderd een aandachtspunt voor ruimtelijke ontwikkelingen. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: De belangrijkste aandachtspunten uit de beoordeling van de impact op de fysieke leefomgeving zijn voorzien van een actuele stand van zaken. De kaders die de omgevingsvisie 2.0 voor de fysieke leefomgeving stelt zijn niet dusdanig gewijzigd ten opzichte van de 1.0, dat een nieuwe impact beoordeling op de fysieke leefomgeving noodzakelijk is. De eerder uitgevoerde impactbeoordeling – inclusief de benoemde aandachtspunten - volstaat voor de kaders die de omgevingsvisie 2.0 biedt. A.1.5 Participatie De omgevingsvisie is van en voor Dordtenaren. De Omgevingswet vraagt een andere houding van de overheid: meer flexibiliteit en meer mét de samenleving. Participeren, meedoen is belangrijk. Dat staat ook in de Omgevingswet. De wetgever vindt het namelijk belangrijk dat burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties invloed kunnen uitoefenen op de omgevingsvisie. Ook de gemeente Dordrecht vindt dit belangrijk. De afgelopen jaren is al vaker met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties gesproken over de toekomst van Dordrecht. In een intensief participatieproces met de stad, 'Nieuw Dordts Peil' (2016-2017), is veel informatie opgehaald. In het eindresultaat van dat proces is de toekomst van onze stad uitgebreid omschreven. Ook in het kader van de omgevingsvisie 1.0 is een participatieproces doorlopen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Dit kende vele vormen: interviews, samenvattingen, gesprekken, e-mails, bijeenkomsten, onderzoek GGD en de inspraakprocedure via het indienen van zienswijzen.Omdat Dordrecht vanaf 2026 vele miljoenen moet bezuinigen – door stijgende kosten en minder financiële middelen van het Rijk – vragen we voor deze bezuinigingen ook in 2024 aan inwoners, bedrijven en belanghebbenden wat zij belangrijk vinden voor Dordrecht, nu en in de toekomst. Naast de afgelopen jaren georganiseerde participatieprocessen en de in 2021 vastgestelde omgevingsvisie 1.0, geven ook andere vastgestelde beleidskaders (waarvoor in veel gevallen ook participatie wordt georganiseerd) richting aan de inhoud van de omgevingsvisie 2.
  25. Daarom hebben we de participatie voor de omgevingsvisie 2.0 doelmatig gehouden. Hierbij is de focus hoofzakelijk gelegd op de punten die worden gewijzigd in en toegevoegd aan de omgevingsvisie. Dit betreft met name de zogenaamde ruimtelijke keuzes die per deelgebied van de omgevingsvisie gemaakt zijn. We hebben de volgende participatiemiddelen gehanteerd: Participatie met inwoners en belanghebbenden: Een online participatieomgeving. Hier konden bezoekers (van 3 tot en met 17 juni 2024) inhoudelijke reacties achterlaten op de ruimtelijke keuzes. Een fysieke participatiebijeenkomst op 12 juni
  26. In een marktvorm – waar elk deelgebied van de omgevingsvisie een stand had – konden bezoekers inhoudelijke reacties achterlaten op de ruimtelijke keuzes. Niet alleen inwoners en belanghebbenden zijn gevraagd om inhoudelijk mee te denken over de ruimtelijke keuzes, ook de denkkracht van gemeenteraads- en commissieleden is ingezet: Raadscommissieconsultatie: Op dinsdag 4 juni
  27. In een marktvorm – waar elk deelgebied van de omgevingsvisie een stand had – konden raads- en commissieleden inhoudelijke reacties achterlaten op de ruimtelijke keuzes. In Bijlage 1 – Participatie- en consultatieverslag is een verslag opgenomen van dit participatie- en consultatieproces. Ook is aangegeven hoe met de inbreng op de ruimtelijke keuzes is omgegaan bij de totstandkoming van de omgevingsvisie 2.
  28. A.1.5.1 Inspraak De ontwerp omgevingsvisie 2.0 wordt ter inzage gelegd met de mogelijkheid om zienswijzen in te dienen. De Raad neemt vervolgens, mede op basis van de zienswijzen, een besluit over de vaststelling van de omgevingsvisie en kan daarbij nog wijzigingen aanbrengen. A.1.6 De fysieke leefomgeving en het sociale domein De fysieke leefomgeving en het sociale domein hebben in potentie een sterke wisselwerking. Door in de fysieke leefomgeving bepaalde (verstedelijkings)principes te hanteren, kan worden bijgedragen aan opgaven in het sociale domein. Door bijvoorbeeld de fysieke leefomgeving voor (positieve) gezondheid in te richten, kan al een aanzienlijke bijdrage worden geleverd aan brede gezondheid op het eiland. De provincie Zuid-Holland heeft in samenwerking met de gemeente Dordrecht, de GGD ZHZ en bureau Posad Maxwan

(2024)zogenaamde ‘ruimtelijke kerningrediënten voor positieve gezondheid’ gebundeld:
  1. Een duurzame, veilige woon- en werkomgeving
  2. Ruimte voor klein en groot groen & blauw
  3. Actief en inclusief reizen
  4. Nabijheid
  5. Hechte, duurzame gemeenschappen
  6. Lokaal eten Deze ‘ruimtelijke kerningrediënten’ raken sterk aan de integrale uitgangspunten en doelen die we in deze omgevingsvisie hanteren. Door inwoners ook te stimuleren om gebruik te maken van deze voor (positieve) gezondheid ingerichte fysieke leefomgeving – door te verleiden en uit te dagen – draagt de som van de fysieke leefomgeving en stimulansen bij aan opgaven in het sociale domein. Goede infrastructuur voor wandelen en fietsen en voldoende en goed bereikbare speel- en beweegmogelijkheden, zijn voorbeelden van interventies in de fysieke leefomgeving die bijdragen aan brede gezondheid. Daarnaast willen we faciliteren tussen de inwoners van Dordrecht onderling én tussen gemeente en inwoners. Door in de fysieke leefomgeving in te zetten op ontmoeting, dragen we bij aan het ontstaan van een meer samenredzame gemeenschap; meer betrokkenheid bij elkaar en bij de buurt en meer vertrouwen in de buurt, instanties, de overheid en elkaar. Ook dit is een voorbeeld van een preventieve interventie in de fysieke leefomgeving, die bijdraagt aan veerkracht en weerbaarheid ten behoeve van sociale stabiliteit. Het bijdragen aan ontmoeting en beweging is tot slot een van de pijlers van het hernieuwde beleid dat Dordrecht voert op het gebied van kunst in de fysieke leefomgeving. Zo draagt kunst in de openbare ruimte niet alleen bij aan een aantrekkelijke stad, maar ook aan een gezonde stad: ze nodigt uit om in beweging te komen en elkaar te ontmoeten om denkbeelden en invalshoeken uit te wisselen. Deze voorbeelden maken duidelijk dat doelen als 'Dordrecht is een aantrekkelijke stad', 'Dordrecht is een bereikbare stad' en 'Dordrecht is een gezonde stad' uit de omgevingsvisie van invloed zijn op het sociale domein. Daar waar deze wisselwerking gaande is, benadrukken we dat in deze omgevingsvisie 2.
  7. Figuur 5 - Schematische weergave van de som van de fysieke leefomgeving en het sociale domein t.b.v. brede gezondheid. A.2 Dordtse Koers A.2.1 In dit hoofdstuk In dit hoofdstuk geven we de Dordtse Koers aan. We staan stil bij de centrale ambitie voor Dordrecht en introduceren de zeven doelen (randvoorwaarden) die we hierbij hebben gesteld. Daarnaast belichten we de positie van Dordrecht in de regio. A.2.2 De centrale ambitie Dordrecht wil een eiland met kwaliteit zijn. Een goede kwaliteit van leven en een goede kwaliteit van de leefomgeving. De historische kwaliteit van Dordrecht, zowel in de binnenstad als van het landschap, is uniek en willen we als onderscheidend kenmerk verder verstevigen. Maar goede kwaliteit is ook van belang bij nieuwe ontwikkelingen. Groeien met kwaliteit staat de komende jaren centraal. De centrale ambitie van Dordrecht is de verdere ontwikkeling van de gemeente naar een levendige, veilige en groene stad met een veerkrachtige bevolking en een hoger welvaartsniveau. Op die manier waarborgen we het huidige voorzieningenniveau ook in de toekomst. Dordrecht is sinds jaar en dag bekend met de uitdaging om in goede harmonie samen te leven met het omliggende water. Door klimaatverandering staat dit onder druk. Klimaatbestendig en waterrobuust worden, is dus een essentieel onderdeel van onze centrale ambitie. Ons doel om ook een duurzame en klimaatneutrale stad te worden, ligt in het verlengde daarvan. Een sociaaleconomisch sterke en inclusieve stad, waar iedere Dordtenaar van profiteert. De manier waarop we onze leefomgeving inrichten, draagt bij gezondheid en ontmoeting. De inrichting van onze stad hangt samen met hoe de gemeenschap werkt. Aan kunnen passen aan uitdagingen en veranderingen in de toekomst is daarin belangrijk. Kortom, we streven naar een verhoging van de brede welvaart van de stad: de welvaart in economische, ecologische en sociaalmaatschappelijke zin, zowel in het ‘hier en nu’ als ‘elders en later’. Hiervoor wil de gemeente uitbreiden met woon- en werkgelegenheid. De horizon voor de centrale ambitie is het jaar
  8. Daarbij moet opgemerkt worden dat ontwikkelingen en gebeurtenissen er altijd toe kunnen leiden dat de centrale ambitie - en de horizon hiervoor - moeten worden herijkt. Dit betekent dat Dordrecht in 2040 niet ‘af’ is: er zullen op diverse beleidsterreinen restopgaven en nieuwe opgaven zijn. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Aanpassing van de centrale ambitie om in 2040 (i.p.v. 2035) klimaatbestendig te zijn en toevoeging aan de centrale ambitie dat klimaatneutraliteit in 2040 het doel is. In lijn met Routekaart klimaatneutraal 2040 (vastgesteld 18 juni 2024). Toevoeging aan de centrale ambitie dat goede kwaliteit centraal staat voor Dordrecht. Goede kwaliteit van het bestaande en van wat komt. A.2.3 Hoofdopgave Voor Dordrecht staat groeien met kwaliteit de komende jaren centraal. Dat volgt ook uit de Groeiagenda Drechtsteden
  9. Binnenstedelijke groei (het zogenaamde ‘verdichten’) zien wij als aanjager voor kwaliteitsverbetering van de stad en het vergroten van de leefbaarheid. Dat groeien doen we binnen het perspectief van de ambitie van Klimaatadaptief en Klimaatneutraal
  10. De hoofdopgave gaat uit van de realisatie van 11.000 woningen (na amendering van de woonvisie ‘Goed Wonen in Dordrecht 2019-2031’ is de hoofdopgave van 10.000 woningen aangevuld met 1.000 extra te realiseren woningen) en kwalitatief hoogwaardige werkgelegenheid die past bij de Dordtse beroepsbevolking en een toekomstbestendige economie voor onze stad. De hoofdopgave moet passen binnen de doelen van de gemeente, binnen de kaders van provincie en Rijk en binnen de afspraken die de gemeente binnen de regio Drechtsteden heeft gemaakt. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Verhoging van de hoofdopgave van 10.000 naar 11.000 woningen na amendering van de woonvisie ‘Goed Wonen in Dordrecht 2019-2031’ (vastgesteld 17 december 2019). A.2.3.1 De realisatie van 11.000 woningen Het is ook in Dordrecht moeilijker geworden een nieuwe woning te vinden. Doorstromers kunnen vaak geen volgende stap maken en ook voor ouderen is het lastig een passende woning te vinden. Mede daardoor komen er ook voor starters nog te weinig betaalbare huizen beschikbaar. We willen de woningvoorraad – voor iedere doelgroep – uitbreiden om de Dordtenaren een plek in eigen stad te blijven bieden. Naast aandacht voor betaalbare woningen, verliezen we de ambities op andere woonsegmenten niet uit het oog. Deze moeten bijdragen aan een sterkere vitaliteit voor onze stad. We willen de stad aantrekkelijk maken en houden voor met name jongeren en jonge gezinnen. Dit helpt mee aan een evenwichtige opbouw van de bevolking van Dordrecht. De ligging aan de (zuidelijke) rand van de Randstad en de goede verbindingen met onder andere Rotterdam en Breda maken van Dordrecht een geschikte woonlocatie voor werkenden en studenten.De stad kent daarnaast een aantrekkelijk en levendig stadshart en diversiteit aan grootstedelijke voorzieningen en recreatiemogelijkheden. Om voorzieningen in de binnenstad en in de wijken betaalbaar te houden, moeten we bouwen aan de stad. Dit betekent nieuwe, duurzame woningen op aantrekkelijke binnenstedelijke locaties, die jongeren, studenten en gezinnen aan Dordrecht binden. Meer Dordtenaren betekent meer draagkracht voor de voorzieningen van de stad. Om de kwaliteiten van de open polders en natuurgebieden te behouden zet de gemeente in op binnenstedelijke groei (het zogenaamde verdichten). De groene omgeving van de stad heeft juist een aantrekkelijke werking voor nieuwe inwoners en moet dus behouden blijven. Dordrecht is een stad van en voor iedereen. Daarom is er in de toe te voegen woningen ruimte voor iedere doelgroep. De gemeente wil een gevarieerd woningaanbod realiseren. Variatie in soorten woningen en in kwaliteit is van belang om alle mensen een plek te kunnen geven. Ook variatie in woonmilieus en woningen in buurten zorgt voor een aantrekkelijke stad. Op dit moment kenmerkt de woningvoorraad zich door een groot aantal goedkope woningen (gemiddelde WOZ-waarde woningvoorraad €311.000 in 2024 volgens gegevens gemeente Waardering onroerend zaken). Naast dat we een opgave hebben voor het realiseren van betaalbare woningen wordt bij nieuwbouw ook ingezet op woningen in het hogere segment. Dit bevordert de doorstroming op de woningmarkt. Daarnaast versterkt het de sociaaleconomische positie van Dordrecht doordat mensen met midden en hogere inkomens die nu wegtrekken, behouden blijven voor de stad. De sociaaleconomische positie is een belangrijke indicator van kwetsbaarheid in het algemeen. Zo hangt de sociaaleconomische status samen met gezondheid, welzijn en levensverwachting.Ook hechten we veel belang aan het toevoegen van betaalbare (koop)woningen door middel van nieuwbouw. Dit ook in lijn met uitgangspunten van Rijk en provincie. Voor een gevarieerd woningaanbod en sterkere wijken zijn ook ingrepen in de bestaande voorraad nodig. Een deel van de woningvoorraad voldoet niet meer aan de eisen van deze tijd (waaronder energie technisch) en kan sloop tegemoet zien. Dit zijn vooral sociale huurwoningen in het bezit van woningcorporaties. Woningcorporaties bouwen de gesloopte aantallen sociale woningen vrijwel allemaal terug. En omdat voor Dordrecht ‘verdichten’ het uitgangspunt is, komen er in principe per saldo altijd meer sociale woningen terug. Op deze manier blijft het aantal sociale huurwoningen op peil. Hiermee kunnen ook inwoners die zijn aangewezen op een sociale huurwoning, een thuis vinden in Dordrecht. Verdichten De kwantitatieve groei van de stad is geen doel op zich. We willen juist dat groei leidt tot kwalitatieve verbeteringen, een vitale stad om in te wonen, te werken, op te groeien, oud te worden en zeker ook om te bezoeken. Daarbij faciliteren we ontmoeting. Dat kan in de (verder vergroende) openbare ruimte, voorzieningen of anderszins. Dit leidt ertoe dat we alleen willen verdichten als het de straat, buurt en wijk sterker maakt. Zo bouwen we niet alleen woningen, we bouwen aan gemeenschappen. Vaak kunnen we meerdere doelen dienen, bijvoorbeeld in combinatie met verduurzaming, voorzieningen of mobiliteit. Dit zien we nu al in de verschillende gebiedsontwikkelingen, zoals Stadswerven, Amstelwijck/Wilgenwende, Gezondheidspark, Spuiboulevard en binnen de Stadsas Dordt in het Maasterras en de Knoop Leerpark. Daarnaast zijn er losstaande projecten in uitvoering van (vaak) enkele tientallen woningen, verspreid over de stad. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Geactualiseerde toelichting op ‘verdichten’ op basis van ‘Startnotitie Verdichtingsplannen’ (vastgesteld 18 juni 2024). A.2.3.2 Hoogwaardige werkgelegenheid die past bij de beroepsbevolking van Dordrecht De Dordtse economie moet bijdragen aan brede welvaart in de stad, doordat de bedrijvigheid bijdraagt aan onze economische, sociale, klimaatneutrale en ecologische doelen. Een sociaaleconomisch sterk Dordrecht vraagt om een verbreding van de economische basis van de stad en regio. Dat begint bij (goed) opgeleide inwoners en vervolgens eventueel een afgeronde vervolgopleiding die resulteert in werk. De gemeente zet in op goed opgeleide inwoners waarvan de kwalificaties aansluiten bij de arbeidsvraag in stad en regio, door onder andere promotie van MBO-techniekopleidingen, doorlopende leerlijnen en de toevoeging van hoger onderwijs aan de stad en de regio. Dit laatste gebeurt onder meer met de komst van de Dordrecht Academy, tweejarige bacheloropleidingen toegesneden op de uitdagingen van de relevante sectoren van de Drechtsteden, met een sterke basis in ICT en techniek. Ondanks de vergrijzing (zie ook A.4 Opgaven, trends en transities) blijft de potentiële beroepsbevolking in de Randstad nog groeien, door de instroom van jongeren en gezinnen in combinatie met de toename van de woningvoorraad (CBS, 2023). De verwachte groei van de potentiële beroepsbevolking in het COROP-gebied Zuidoost Zuid-Holland (Drechtsteden, Molenlanden en Gorinchem) over de periode 2023-2050 bedraagt 7,6%. Dat zou voor Dordrecht een groei van ruim 5.000 personen betekenen over de gehele periode. Ter vergelijking: dit is in absolute aantallen dezelfde groei als in de afgelopen 3-4 jaar, dus verspreid over de komende 25 jaar kwalificeert dit als een beperkte toename. Overigens wordt landelijk een stagnatie verwacht in de groei van de beroepsbevolking voor de periode 2025-2040, daarna volgt verdere groei. Bij substantieel lagere migratie zal de potentiële beroepsbevolking dalen. Onze arbeidsmarktagenda is de afgelopen jaren verschoven. Voorheen lag de nadruk vooral op programmeren van bedrijventerreinen, het uitgeven van gronden en een toename van het aantal banen. Nu richten we ons meer en meer op het stimuleren binnen de agenda op menselijk kapitaal (door onderwijs investeren in mensen), innovatie, netwerkvorming en op kwaliteitssprong op bestaande werklocaties. Dit is daadwerkelijk anders dan pakweg 10 jaar geleden. Beschikbaarheid van een goed opgeleide bevolking met een gezonde werkmentaliteit en werkvaardigheden staat daarbij met stip op nummer 1 voor bedrijven om zich te vestigen. We zetten actief in op het verplaatsen van bedrijven naar de juiste plek. Dit tegen de achtergrond van de steeds schaarser aanwezige gronden en het optimaal benutten van de bestaande ruimte. Met het Distripark beschikt Dordrecht over het laatste vrij uitgeefbare bedrijventerrein. Dit betekent dat we de focus voor de toekomst vooral leggen op betere benutting en een kwaliteitssprong van bestaande werklocaties, met ruimte voor groei van Dordtse bedrijven en vestiging van nieuwe bedrijven die het ecosysteem van de stad versterken. Dit vraagt om actieve herstructurering van verouderde terreinen zoals Kil I en II. Daarbij kijken we kritischer naar de profilering per werklocatie, zodat bedrijvigheid in een lage hindercategorie vooral plaatsvindt op binnenstedelijke werklocaties of in de overgangszones tussen wonen en industrie. En zorgen we dat de bedrijfslocaties die zich daartoe verhouden met hogere milieuruimte of oeverlocaties ook daadwerkelijk benut worden door bedrijven die dat nodig hebben. Speciale aandacht is er voor onze binnenhavens (Merwedehavens) en de Zeehaven: die willen we benutten voor onze maritieme maakindustrie en in wisselwerking met andere bedrijventerreinen (bijv. benutting van de Zeehaven voor vervoer over water vanuit de rest van de Westelijke Dordtse Oever). Dordrecht heeft de ambitie om tot de top 5 MKB vriendelijkste grote gemeenten van Nederland te behoren. Hiervoor zetten we onder andere extra in op het begeleiden van ondernemers. Ook willen we het centrum nabij het station aantrekkelijk houden als werklocatie, door hier een courante kantorenvoorraad te behouden en te versterken. Daarmee bouwt Dordrecht ook aan een sterker fundament voor de zakelijke dienstverlening, zowel bij het station als op het Businesspark Amstelwijck. Zakelijke dienstverlening gekoppeld aan onze economische kernsectoren (waaronder de maakindustrie, bouw en installatiebranche) zijn nodig voor een toekomstbestendig economisch profiel van Dordrecht. Dit draagt bij aan een versterking van de sociaaleconomische positie van de stad. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Wijziging van de hoofdopgave van een kwantitatieve ‘groei van 4.000 banen’ naar ‘hoogwaardige werkgelegenheid die past bij de beroepsbevolking van Dordrecht’. Hiermee stellen we kwaliteit boven kwantiteit. Toevoeging om actief in te zetten op het verplaatsen van bedrijven naar de juiste plek. Toevoeging om een courante kantorenvoorraad te behouden en te versterken nabij station Dordrecht. Nadrukkelijke koppeling van economie aan brede welvaart. A.2.3.3 Monitoring en evaluatie hoofdopgave De hoofdopgave is in 2021 opgenomen in de vastgestelde omgevingsvisie 1.
  11. Onder de Omgevingswet heeft monitoring en evaluatie een belangrijke plek. Derhalve evalueren we in deze omgevingsvisie 2.0 de hoofdopgave. Woningen Sinds 2018 – het begin van de bestuursperiode waarin de omgevingsvisie 1.0 is vastgesteld – zijn 3.620 woningen gerealiseerd (nieuwbouw én overige toevoeging, zoals splitsing) (CBS Statline, geraadpleegd oktober 2024). Rekening houdend met sloop, overige onttrekking en (administratieve) correcties komt dat neer op een netto toename van 2.217 nieuwe woningen. Daarnaast zijn er op dit moment ruim 1.000 woningen in Dordrecht in aanbouw en is er een ‘harde planvoorraad’ (met een vastgesteld bestemmingsplan) van meer dan 4.000 woningen (Realisatiemonitor bouwende stad 2023). Werkgelegenheid Sinds 2018 – het begin van de bestuursperiode waarin de omgevingsvisie 1.0 is vastgesteld – zijn er ca. 9.000 nieuwe banen bijgekomen in Dordrecht. In 2018 waren er 54.920 banen in Dordrecht. In 2023 (laatste beschikbaar cijfers) waren er 63.970 banen in Dordrecht (‘Bedrijven en Instellingenregister’ van MRDH/Drechtsteden). De sterkste groei is zichtbaar in de sectoren bouwnijverheid, groothandel, detailhandel en reparatie en overheid. De in de omgevingsvisie 1.0 opgenomen groeiopgave voor werkgelegenheid (+4.000 banen in de bestuursperiode 2018-2022) is tevens ruimschoots gehaald. In die periode is een toename van ca. 7.000 nieuwe banen op te tekenen. A.2.4 De doelen Om de centrale ambitie voor Dordrecht na te streven – waarbij de hoofdopgave als hefboom fungeert – zijn er in de omgevingsvisie 1.0 een zevental doelen voor Dordrecht vastgelegd. Deze doelen zijn stadsbreed gelijkwaardig. Onderstaande opsomming geeft de (bijgewerkte) doelen, zie ook het ‘wijzigingen-kader’ hierna.
  12. Dordrecht is een aantrekkelijke stad
  13. Dordrecht is een bereikbare stad
  14. Dordrecht is een gezonde stad
  15. Dordrecht heeft een toekomstbestendige economie
  16. Dordrecht is in 2040 een klimaatbestendige stad
  17. Dordrecht is in 2040 een duurzame en klimaatneutrale stad
  18. Dordrecht beschermt en bevordert de biodiversiteit In hoofdstuk A.5 lichten we deze doelen nader toe. Vervolgens spitsen we in hoofdstuk A.6 de doelen toe naar de verschillende deelgebieden van de omgevingsvisie. Naast dat de doelen bijdragen aan het realiseren van de centrale ambitie, kunnen doelen ook onderling een sterke verhouding hebben. Waarbij inzet op het ene doel ook direct bijdraagt aan het andere doel. Bijvoorbeeld: Dordrecht zet in op een duurzame en klimaatneutrale stad in
  19. Dat betekent dat we geen uitstoot meer van broeikasgassen in 2040 hebben of dat die uitstoot wordt gecompenseerd, bijvoorbeeld door meer groen in de stad aan te leggen. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Wijziging doelformulering ‘Dordrecht heeft een uitstekend vestigingsklimaat’ naar ‘Dordrecht heeft een toekomstbestendige economie’. De nieuwe formulering doet meer recht aan de wens voor kwalitatief hoogwaardige werkgelegenheid die past bij de Dordtse beroepsbevolking en een toekomstbestendige economie die bijdraagt aan de brede welvaart in de stad. Wijziging doelformulering ‘Dordrecht is in 2035 een klimaatbestendige stad’ naar ‘Dordrecht is in 2040 een klimaatbestendige stad’. De nieuwe formulering doet recht aan de Routekaart klimaatneutraal 2040 (vastgesteld 18 juni 2024). Wijziging ‘Dordrecht is in 2050 een energieneutrale stad’ naar ‘Dordrecht is in 2040 een duurzame en klimaatneutrale stad’. De nieuwe formulering doet recht aan de gewijzigde ambities, bovendien is gebleken dat een energieneutrale stad technisch gezien niet mogelijk is. Er ligt dan ook een relatie met doel
  20. (Dordrecht is een gezonde stad), doel
  21. (Dordrecht is een klimaatbestendige stad) en doel
  22. (Dordrecht is een biodiverse stad). A.2.5 Dordrecht in haar omgeving A.2.5.1 Drechtsteden/Smart Delta Drechtsteden Met zes buurgemeenten (Alblasserdam, Hardinxveld-Giessendam, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht, en Zwijndrecht) vormt Dordrecht een hecht samenwerkingsverband onder de naam Drechtsteden, waarbinnen Dordrecht een centrumfunctie heeft. Gemeenten trekken samen op om hun regio economisch sterk te maken en hun inwoners goede voorzieningen en woningen te bieden. Samen hebben deze gemeenten de Groeiagenda Drechtsteden 2030 opgesteld en is de samenwerking verbreed via de Regiodeal Drechtsteden-Gorinchem. Met het Rijk, de provincie en (niet-)overheidspartners uit de regio werken we aan de realisatie daarvan. Binnen Smart Delta Drechtsteden werken we samen in de geest van ‘triple helix’; samenwerking tussen overheid, onderwijs en bedrijven. Daarnaast wordt gewerkt aan de Ruimtelijke Strategie Drechtsteden. Met de strategie handelen we als regio proactief richting provincie en Rijk op een groot aantal belangrijke ruimtelijke keuzen die vragen om een (boven)regionale aanpak. Denk hierbij aan maritieme clusters, gezonde en groene oevers, en verdichting langs hoogwaardig openbaar vervoer. Aan deze thema’s wordt in voorliggende omgevingsvisie ook aandacht besteed. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Aanvulling met Ruimtelijke Strategie Drechtsteden. A.2.5.2 De Zuidelijke Randstad Dordrecht maakt in de ruimtelijke hoofdstructuur van de provincie Zuid-Holland onderdeel uit van de hoogstedelijke zone Leiden – Dordrecht. Het is één van de dichtstbevolkte regio's van Europa. Deze hoogstedelijke zone is onderdeel van het NOVEX-gebied Zuidelijke Randstad. De Zuidelijke Randstad wil uitgroeien tot een vitaal, hoogwaardig ingericht en goed bereikbaar metropolitaan gebied en zo de agglomeratiekracht versterken. Samen met de stedelijke regio's, provincie Zuid-Holland, andere gemeenten waaronder Rotterdam en Den Haag en het Rijk werken we samen op het gebied van de mobiliteit (hoogwaardig openbaar vervoer) én de verstedelijkingsopgave (wonen, onderwijs, economie en innovatie). Dordrecht is onder meer partner in de Verstedelijkingsalliantie ‘Leiden – Dordrecht’, het programma ‘MOVE’ (deel Oude Lijn Leiden – Dordrecht), de Woondeal ‘Samenwerkende Regio’s’ en het Verstedelijkingsakkoord ‘Zuidelijke Randstad’ en betrokken bij de Investeringsagenda ‘Zuidelijke Randstad’ en de Verstedelijkingsstrategie van de provincie. Daarnaast werken we samen met de provincie in het kader van het Zuid-Hollands Programma Landelijk gebied (dat overeind blijft ondanks het stopzetten van het NPLG) en de uitwerking van het Ruimtelijk Arrangement ten behoeve van de Nota Ruimte. In juni 2024 is het voorontwerp van de landelijke Nota Ruimte gepubliceerd. Hierin is voor de Zuidelijke Randstad opgenomen dat ruimtelijk-economische ontwikkeling en herstructurering gestimuleerd wordt. Hoewel de Zuidelijke Randstad tot het hoogstedelijk kerngebied van ons land behoort, blijf de economische dynamiek achter en is er op veel plekken sprake van een stapeling van sociaal-economische vraagstukken. Het bestaand ruimtelijk systeem van woonmilieus, werkgebieden en infrastructuur vraagt om een brede inzet op herstructurering, waarbij aandacht nodig is voor de verbetering van de fysieke en sociale kwaliteit van de leefomgeving. De eerste 15 tot 20 jaar is het vooral een opgave om de al gestelde ambities en opgaven op het gebied van woningbouw en verstedelijking te realiseren. Ook op langere termijn is er in de Zuidelijke Randstad nog volop potentie voor verstedelijking. Maar de vorm die deze krijgt moet gericht zijn op het toekomstbestendig maken van het gebied, zowel ruimtelijk als economisch, en moet zich verhouden tot onder andere het behoud van milieuruimte in haven- en industriegebieden. Daarbij kent de Zuidelijke Randstad een belangrijke opgave voor het realiseren van extra groen en het verder ontwikkelen van bestaande groene ruimte. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Aanvulling met Zuid-Hollands Programma Landelijk gebied. Figuur 6 - Ruimtelijke strategie voor onderscheidende regionale ontwikkelingen Voorontwerp Nota Ruimte, 2024 A.2.5.3 De Maritieme Delta en de goederencorridor Oost-A-15 In internationaal perspectief heeft Nederland een sterke maritieme positie. Een samenhangend netwerk van zeehavens en achterlandknooppunten heeft deze positie bepaald. De regio Drechtsteden maakt onderdeel uit van het Havenindustrieel complex en daarom zijn wij ook partner in de Maritieme Delta. Dordrecht heeft als onderdeel van de delta niet alleen banden met het noorden, maar ook met het zuidwesten (en het oosten). In dat kader is Dordrecht ook betrokken bij de NOVEX Rotterdamse Haven, omdat de programmering van het Havenindustrieel complex ook de Dordtse Zeehaven betreft. Verder zijn wij betrokken bij de Goederencorridor Zuid waarvan onder meer het goederenvervoer over het spoor onderdeel is. A.2.5.4 Overige samenwerkingen In het kader van de Biesbosch wordt de gemeente- en provinciegrens overstijgende samenwerking SOK De Biesbosch aangehaald. Voor de Programmatische Aanpak Grote Wateren Biesbosch Rijn-Maasmonding wordt er ook gewerkt aan hoogwaardige natuur. Hiervoor wordt samengewerkt met Rijkswaterstaat.Samenwerking met het waterschap is opgenomen in de Strategische Samenwerkingsagenda waterschap Hollandse Delta en de gemeente Dordrecht 2023 –
  23. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Aanvulling met overige relevante samenwerking voor de fysieke leefomgeving. A.3 Dordtse DNA A.3.1 In dit hoofdstuk Het DNA van Dordrecht is in de loop van de jaren vrij constant gebleven en is de afgelopen jaren besproken met de stad én beschreven in het participatieproces met de stad ‘Nieuw Dordts Peil’ (2016-2017), de omgevingsvisie 1.0
(2021)en het politiek akkoord 2022 - 2026 ‘Samen bouwen aan een sterk en groen Dordrecht’. Het DNA van de stad is de basis van onze fysieke leefomgeving. A.3.2 Kenschets Dordrecht is een stad met een rijke geschiedenis. De stad is omsloten door rivieren, polders en Nationaal Park De Biesbosch, waardoor het water een belangrijke rol speelt in de stad en de natuur altijd dichtbij is. Ook de bereikbaarheid over de weg en het spoor is bepalend (geweest) voor het functioneren van en de mogelijkheden in Dordrecht.De ontstaansgeschiedenis van het Eiland van Dordrecht is goed af te lezen aan de cultuurhistorische structuur die bestaat uit rivieren, havens, kreken, waterlopen, groenstructuren, polders en natuurlijk de vele karakteristieke dijken. De binnenstad met haar vele monumenten en historische stadsgezichten trekt vele bezoekers en Dordtenaren ervaren het als de ‘huiskamer’ van de stad. De ontstaansgeschiedenis, cultuurhistorie, strijd tegen, en met het water spelen een grote rol in de identiteit, herkenbaarheid en aantrekkelijkheid van onze stad. Het vormt de bron van inspiratie voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Figuur 7 - Luchtfoto historische binnenstad Dordrecht met centraal De Grote Kerk. A.3.3 Oorsprong en geschiedenis Thuredrith is de oorspronkelijke naam van Dordrecht. Dit betekent "doorwaadbare plaats in de rivier Thure". Dit geeft al veel weg wat voor stad Dordrecht is. Het huidige Dordrecht is een eiland, omgeven dus door water. Water dat de stad veel welvaart brengt en water waar we rekening mee moeten houden in het kader van klimaatverandering. Dordrecht heeft sinds 1220 stadsrechten. Dat is al ruim 800 jaar. Daarmee verwierf Dordrecht als eerste van het oude Holland stadsrechten. Het was de grootste stad van Holland met ruim 8.000 inwoners rond het jaar
  1. De groei van de stad en de rijkdom had grotendeels te maken met de ligging aan het water en de handelsgeest. Dordrecht was in de middeleeuwen een handelsstad en stapelplaats waar veel producten werden verhandeld. De cultuurhistorische binnenstad herinnert aan dit rijke verleden. In 1421 kwam Dordrecht als gevolg van de Sint-Elisabethsvloed op een eiland te liggen. Grote delen van het achterland verdronken. Ondanks of dankzij al dit water is Dordrecht een goed verbonden eiland. Het ligt aan de rand van de zuidelijke Randstad met verbindingen via weg en/of spoor naar onder meer Rotterdam, de Hoeksche Waard, Noord-Brabant, overige Drechtsteden en Gorinchem. Sinds 1970 is het Eiland van Dordrecht één en dezelfde gemeente. Het eiland heeft een omvang van ruim 9.000 hectare. Onderdeel hiervan vormt het natuurgebied de Biesbosch. Een uniek stukje Nederland voor mens, plant en dier. De historische binnenstad van Dordrecht is hét kloppend hart van de regio. In de afgelopen jaren heeft de gemeente miljoenen geïnvesteerd in projecten en culturele voorzieningen om de stad nog aantrekkelijker te maken. De helft daarvan is gebruikt om de binnenstad verder te verlevendigen, onder andere door de ontwikkeling van het Energiehuis en het Dordrechts Museum. Anno 2024 heeft Dordrecht ruim 122.000 inwoners (BRP, 2024). Het behoort hiermee tot de G40 gemeenten (het netwerk van 40 (middel)grote steden). Dordrecht wordt tegenwoordig veelal ervaren als wat wij noemen een 'dorpse stad'. Dordrecht heeft het voorzieningenniveau van een volwaardige stad, tegelijkertijd ligt alles op een steenworp afstand van elkaar. Dordrecht is een compacte en moderne stad met een buitengewone cultuurhistorische binnenstad. Zonder een overspannen drukte en hectiek van een grote stad. Dit alles draagt bij aan de leefbaarheid van Dordrecht. A.3.4 Unieke kenmerken A.3.4.1 Water De ligging van het centrum van Dordrecht is uniek en beeldbepalend. De ligging aan het (rivier)water heeft de opbouw van de stad bepaald. De cultuurhistorische binnenstad grenst aan de noord- en westkant aan dit water. Er komen hier drie rivieren samen, wat Dordrecht het drukst bevaren waterknooppunt van Europa maakt. Bepalend voor de identiteit van de stad zijn de havengebonden activiteiten en (binnen)havens die de stad rijk is. Het water is nog altijd van invloed op het leven en werken in de stad. Het (regionale) arbeidsmarktbeleid ziet nieuwe kansen in de maritieme sector, de branche waarin stad en regio een schat aan kennis en ervaring bezitten. Het water oefent een ongekende aantrekkingskracht uit op bezoekers. Met kleine en grotere schepen komen zij om de cultuur(historie) van de stad op te snuiven en een terras te bezoeken. Het water is vriend en soms vijand. De uitbreidingen van stad en eiland zijn nog terug te zien in de dijkenstructuur die over het eiland loopt. Deze dijken spelen nu en in de toekomst een rol in de bescherming tegen het hoge water. Dordrecht neemt deel aan diverse internationale kennistrajecten rond duurzame oplossingen voor het hoogwatervraagstuk. A.3.4.2 De Biesbosch De noordoostkant en de zuidkant van het eiland maken deel uit van Natuurnetwerk Nederland (NNN) en de Natura 2000 (N2000). Dordrecht kent met de Biesbosch een icoon en Nationaal Park dat het beschermen waard is. Delen van het natuurgebied zijn beperkt of helemaal niet toegankelijk voor personen. De hoofdfunctie van deze gebieden in het buitengebied is natuur. Soms is er sprake van functiemenging door natuur te combineren met extensieve recreatie of waterberging. De gebruiksintensiteit van deze delen is zeer laag tot niet aanwezig. Figuur 8 - Luchtfoto Dordtse Biesbosch A.3.4.3 Cultuurhistorie en erfgoed De kwaliteit van het cultureel erfgoed van Dordrecht is, ook internationaal gezien, buitengewoon. Dordrecht heeft bijna 2.000 monumenten en één van de gaafste historische stadsgezichten met een nog bijna volledig intacte middeleeuwse structuur. Het heeft één van de meest geschilderde rivierfronten van Europa. De historische binnenstad is één van de parels van Dordrecht. De deels buitendijkse ligging aan het water maakt de Dordtse binnenstad uniek ten opzichte van andere Nederlandse steden. Op het eiland is de cultuurhistorie nog volop aanwezig. Het meest bekend is de gekoesterde historische binnenstad. Er is echter veel meer cultuurhistorie aanwezig en deze is veelal verbonden met landschappelijke (groenblauwe) structuren. Wat direct in het oog springt op de kaart zijn de dijklinten die in opeenvolgende perioden het eiland steeds groter hebben gemaakt op gewonnen water. Deze dijklinten hebben voor het overgrote deel geen waterkerende functie meer en vormen nu een fijnmazige structuur die oost-west over het eiland loopt en waardoor ze ook verbindend kunnen zijn als groenblauwe structuur. Als ecologische verbinding, als recreatieve verbinding, als publiek domein, als fijne en gezonde langzaam verkeersroute. Buiten het dijkenlandschap lagen getijdenkreken die droogvallende platen doorsneden. Een aantal van deze zogenaamde Killen is binnendijks nog terug te vinden op het eiland, met name aan de zuidwestzijde. Ook hier is het de moeite waard om deze waterstructuren te versterken, samen met (toe te voegen) fiets- en wandelpaden. Verder is er een aantal lange lijnen op het eiland terug te vinden die als meetassen voor de landaanwinning werden uitgezet; de zogenaamde Reelijnen. A.3.4.4 Evenementen Dordrecht is een levendige evenementenstad. Al drie keer is Dordrecht uitgeroepen tot evenementenstad van het jaar. Ook dit duidt net als vroeger op de ondernemingsgeest en aantrekkingskracht van de stad. Zo vinden er jaarlijks verschillende evenementen plaats met een bovenregionaal, landelijk of zelfs internationaal bereik. Denk aan allerlei festivals (in parken), zomerconcerten en aan Dordt in Stoom. In de visienota Evenementen 2024-2030 (vastgesteld maart 2024) omschrijft de gemeente de ambitie dat Dordrecht een vitale evenementenstad blijft. "Nuchter bijzondere dingen doen." Of het nu gaat om het organiseren van evenementen, het houden van de eerste vrije Statenvergadering in 1572 of het aanleggen van een groot Stadspark. Bovenstaande quote typeert de Dordtenaar en is bovendien wat we nastreven richting de nabije toekomst met deze omgevingsvisie. Dus ook bij de verdichting van de stad houden we er oog voor dat er in de openbare ruimte voldoende en daartoe toegeruste ruimte blijft om de evenementen op dit ambitieniveau te kunnen blijven faciliteren in de stad. A.3.5 Ontwikkeling zit in het DNA Dordrecht is vol in ruimtelijke ontwikkeling. We zijn onder meer bezig met grootschalige woningbouwprojecten, een Stadspark dat de natuur de stad in brengt en dat verschillende delen van de stad verbindt en waar inwoners de rust en ruimte ervaren, met de bereikbaarheid van de stad door vernieuwing van het Stationsgebied en met het op orde houden en brengen van het voorzieningenniveau door onder andere de komst van het Dordthuis. In de omgevingsvisie komen deze ontwikkelingen in de verschillende gebieden aan bod. We hebben het dan bijvoorbeeld over projecten de Stadsas, Maasterras, Spuiboulevard, Leerpark en Gezondheidspark, Amstelwijck, Stadswerven en het Stadspark. In de geest van de Omgevingswet geven we met deze omgevingsvisie meer ruimte aan initiatieven in en uit de stad. A.4 Opgaven, trends en transities A.4.1 In dit hoofdstuk De omgevingsvisie is het gemeentelijk kader voor belangrijke (maatschappelijke) opgaven, trends en transities in de fysieke leefomgeving. In dit hoofdstuk beschrijven we de voornaamste. Het zijn opgaven, trends en transities die volgen uit maatschappelijke ontwikkelingen zoals vergrijzing, woning- en arbeidsmarktkrapte en klimaatverandering. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Aanvulling met overzicht van relevante opgaven, trends en transities in relatie tot de fysieke leefomgeving. A.4.2 Demografische ontwikkelingen De bevolking van Nederland blijft groeien. Ook die van Dordrecht. Naar alle waarschijnlijkheid telt de Nederlandse bevolking tussen 18,6 en 19,7 miljoen inwoners in 2040 (CBS, 2023) en de Dordtse bevolking rond 132.000 (Primos, 2024). De bevolking groeit door immigratie en door stijgende levensduur. Het aandeel ouderen neemt toe (vergrijzing). In 2040 is een kwart van de Nederlandse bevolking 65 jaar of ouder (CBS, 2023). In Dordrecht is dat vergelijkbaar (Primos, 2024). Ouderen die in steeds betere gezondheid oud worden en langer thuis blijven wonen. Ook in verhouding neemt het aandeel ouderen toe, waardoor de grijze druk (de verhouding tussen het aantal personen van 65 jaar of ouder en het aantal personen van 20 tot 65 jaar, oftewel: de verhouding tussen het aantal ouderen in de samenleving en het ‘werkende deel van de bevolking’ toeneemt. NB. De prognoses van Primos zijn hoofdzakelijk gebaseerd op trendmatige ontwikkelingen in het verleden. De hoofdopgave voor Dordrecht is hier niet in verdisconteerd. Figuur 9 - Bevolkingsprognose Dordrecht Primos, 2024 A.4.3 Schaarste A.4.3.1 Ruimte Het is duidelijk dat er sprake is van groei. Groei van de bevolking en van het aantal woningen. Tegelijkertijd daalt de gemiddelde huishoudensgrootte (van 2,25 bewoners in 2000 naar 2,09 in 2024) (CBS, 2024) en hiermee het aantal inwoners per oppervlak. Dit alles vraagt ruimte. In Dordrecht willen we ons houden aan het bestaand stads- en dorpsgebied (BSD) van de provincie Zuid-Holland. We willen de buitengebieden groen houden, daarom moet de groei binnen de grenzen van de stad plaatsvinden. Dit betekent dat er sprake is van inbreiding en verdichting. We moeten daarbij constant afwegen wat echt van toegevoegde waarde is voor Dordrecht. Om niet alleen kwantitatief te groeien, maar juist ook de kwaliteit van/in de stad te laten groeien. Denk hierbij onder meer aan groen, binnenstedelijke ruimte voor werken en aan (maatschappelijke) voorzieningen. Dit gaat leiden tot keuzes in de ontwikkeling. Bijvoorbeeld het afscheid nemen van bepaalde ruimtevragers, om groei van gewenste ruimtevragers mogelijk te maken binnen de schaarste die we hebben. Om het begrip schaarse ruimte te duiden, geven we in deze omgevingsvisie een indicatie van de benodigde ruimte voor de hoofdopgave (realiseren van 11.000 woningen) en de hierbij benodigde voorzieningen. Let op: het betreft hier een indicatie! Uitgaande van gemiddelden, referentienormen (zie ook A.4.3.3), extrapolatie van rato’s in het huidige grondgebruik, beleidsregels en streefwaarden, is een indicatie gegeven van het benodigde ruimtebeslag van de hoofdopgave. Zie de linker balk in de figuur hiernaast. Wanneer alle ruimte vragende thema’s die bij een dergelijke hoofdopgave komen kijken (de woningen én de hierbij benodigde voorzieningen) náást elkaar worden gerealiseerd, is hier een aanzienlijke hoeveelheid ruimte voor nodig. Als voorbeeld: voor het naast elkaar realiseren van de woningen en alle benodigde voorzieningen is een oppervlakte nodig dat gelijk staat aan 12% van het huidige stedelijke gebied (gebaseerd op het bestaand Stads- en Dorpsgebied (Nationaal Georegister, 2023). Door slimmer om te gaan met de beschikbare ruimte op ons eiland en bijvoorbeeld opgaven/ruimtevragers te stapelen of te combineren (dubbelgebruik/medegebruik) kan er in potentie een ruimtebesparing optreden door efficiënter gebruik van de beschikbare vierkante meters. Dit wordt ook wel dubbel of meervoudig ruimtegebruik genoemd, en wordt geïllustreerd in de rechter balk in Figuur
  2. Enkele praktische voorbeelden hiervan zijn wonen boven winkels/scholen, zonnepanelen op daken en het combineren van groen en blauw met sporten. Alleen door op dergelijke manieren slimmer om te gaan met de ruimte, kan de ambitie om binnen de bestaande stad te groeien – in combinatie met alle andere ambities – in zicht komen. Uit de verdichtingsstudie (DWZ/Ravenkop, 2024) blijkt dat het realiseren van 11.000 woningen binnen de bestaande stad kansrijk is en dat er nog veel kansen liggen om kwaliteit toe te voegen als we slim omgaan met ruimtevraag. Hierbij moeten we wel opmerken dat het slimmer omgaan met beschikbare ruimte ook zijn grenzen heeft. In dat geval ontkomen wij er als gemeente niet aan om keuzes te maken. Een voorbeeld van een dergelijke keuze die we toevoegen aan de omgevingsvisie: 'We vinden het gebied ten oosten van de ontwikkeling zijnde wijk Stadswerven (ten oosten van de Papendrechtsestraat en ten noorden van de Merwedestraat tot aan de noord-zuid gesitueerde Merwedestraat (aftakking Merwedestraat)' een interessante locatie binnen bestaand stedelijk gebied om dit in zijn geheel te transformeren naar woongebied en bijbehorende voorzieningen’. Hier kiezen we voor toekomstige woningbouwmogelijkheden ten faveure van bepaalde bedrijvigheid die niet per se op een dergelijke locatie hoeft te zijn gevestigd. Figuur 10 Schematische weergave benodigd ruimtebeslag voor de realisatie van 11.000 woningen en bijbehorende voorzieningen A.4.3.2 Woningen De woningmarkt en daarmee de betaalbaarheid en beschikbaarheid van woningen staan onder druk. Tot 2030 moesten er volgens het landelijke programma Woningbouw (Ministerie van BZK, 2022) 900.000 woningen gebouwd worden. Uit recenter onderzoek blijkt dat er in de periode 2022 tot en met 2030 totaal 981.000 woningen nodig zijn voor een evenwichtige situatie op de woningmarkt per 2031 (Kamerbrief 2023-0000417205). In Dordrecht willen we tot 2030 11.000 woningen realiseren (ten opzichte van basisjaar 2018). Ook na 2030 groeit volgens cijfers van het CBS de bevolking en neemt ook de behoefte aan nieuwe woningen nog meer toe. De vraag naar woningen is veel hoger dan het aanbod. Met als gevolg dat de prijzen van woningen de laatste jaren enorm zijn gestegen. Met name eenpersoonshuishoudens, starters en middeninkomens ondervinden hier hinder van. Er ligt landelijk, maar zeker ook voor Dordrecht, een opgave om de toegankelijkheid tot de woningmarkt te verbeteren. Dit doen we onder meer door woningen toe te voegen, doorstroming te bevorderen, en beleidsmatig maatregelen te nemen zoals het invoeren van de opkoopbescherming. Het toevoegen van aantallen woningen gaat gepaard met een kwaliteitsslag. Dit betekent het aanbieden van een diverse typologie aan woningen met oog voor duurzaam karakter (los van aardgas e.d.). A.4.3.3 Voorzieningen Een goed voorzieningenniveau in een gemeente is belangrijk; zowel voor de leefbaarheid, als voor de gezondheid en de economie. De komst van nieuwe woningen moet hand in hand gaan met de komst van voorzieningen voor de bewoners van Dordrecht. Hierbij denken we vooral aan de zogenaamde basisvoorzieningen, zoals (basis)scholen, huisartsen, apotheken, supermarkten, ontmoetingsplekken (openbaar- en toegankelijk groen, cultuur- en ontmoetingsruimtes), en bewegen en spelen (speelvoorzieningen en sportplekken). Voor basisvoorzieningen geldt bij uitstek dat de fysieke leefomgeving een directe link heeft met het sociale domein. Daarom moeten deze ook voor iedereen goed en makkelijk toegankelijk zijn. Hiervoor maken we gebruik van de handreiking ‘Voorzieningenniveau voor een gezonde leefomgeving’ (onderdeel van de samenwerkingsagenda van GGD-en en de provincie Zuid-Holland). In deze handreiking zijn referentienormen voor maatschappelijke voorzieningen in andere gemeenten geanalyseerd, wat vergelijkbare gemeenten waardevolle inzichten biedt. Deze handreiking is bedoeld als hulpmiddel en het geeft handvatten om bij te dragen aan een adequaat voorzieningenniveau voor iedereen. Ook de verzorgende economie groeit mee, denk aan supermarkten en kappers. Vanuit landelijke benchmarks zien we dat elke woning gemiddeld ongeveer 1 extra arbeidsplaats vraagt, wat neerkomt op 20-35m2 werkruimte per woning. De geformuleerde hoofdopgave in deze omgevingsvisie moet bovendien bijdragen aan het betaalbaar houden van het huidige grootstedelijke voorzieningenniveau. A.4.3.4 Arbeid Er is veel vraag naar en weinig aanbod van personeel, zeker in sectoren ICT, Techniek, Transport & Logistiek, Onderwijs en Zorg. Daardoor ontstaat er hevige concurrentie tussen bedrijven voor het aantrekken van personeel, zeker als het gaat om jong talent. Er zijn weinig signalen die hierop perspectief bieden voor de toekomst, sterker nog, men verwacht vanwege demografische trends een verder toenemende krapte de komende jaren. Sectoren moeten hierop inspelen via de arbeidsmarkt én automatisering. Voor Dordrecht valt ook nog winst te behalen door inzet op het activeren van ons onbenut arbeidspotentieel. Dordrecht kent een bruto arbeidsparticipatie van 74,9% en netto 72% (drechtstedeninzicht.nl). Dat is lager dan landelijk, respectievelijk 75,8% en 73,
  3. De bruto arbeidsparticipatie is het aandeel van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking). De netto arbeidsparticipatie is het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking. A.4.3.5 Grondstoffen en circulaire economie Veel grondstoffen en materialen zijn/worden steeds moeilijker te krijgen en stijgen in prijs. Hierdoor krijgen we te maken met hogere prijzen en langere levertijden. Dit is schadelijk voor de toekomst van onze bedrijven. Het biedt echter kansen voor het versnellen naar een circulaire economie, wat ook een grote positieve impact heeft op de verduurzamingsopgaven. Aandachtspunt is daarbij wel dat circulaire bedrijvigheid vaak extra ruimte vraagt in hogere milieucategorieën, iets wat niet eenvoudig te realiseren is gezien de schaarse ruimte en verstedelijking. Ook na de overgangsfase van een lineaire naar een circulaire economie zal de ruimtevraag voor circulariteit – met name op havens en bedrijventerreinen – in Dordrecht toenemen. Dit vraagt actieve programmering op werklocaties waar deze ruimte nog wel aanwezig is. Dit kan door aan de randen met woongebiedenbedrijven met lagere milieucategorie te huisvesten en de geschikte hogere milieucategorie locaties ook door bedrijven te laten gebruiken die activiteiten verrichten die passen bij die hogere milieucategorie. Ook vraagt de circulaire economie om ruimte in de wijken, zodat reparatie en de inzameling van herbruikbare materialen kleinschalig en in de woonomgeving kan plaatsvinden, als basis voor grootschaligere circulaire bedrijvigheid op de werklocaties. A.4.3.6 Gemeentefinanciën Alle gemeentes krijgen vanaf 2026 minder geld van het Rijk. Dat geldt ook voor Dordrecht. Daarnaast stijgen onze eigen kosten, net als in veel huishoudens. In de toekomst moeten we veel voorzieningen in de stad opknappen of vervangen. Denk bijvoorbeeld aan scholen, sportplekken, kades en gemeenschappelijke gebouwen. Ook stijgen de zorgkosten voor jeugdhulp en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Dat kost de komende jaren bij elkaar veel geld. Kortom, minder inkomsten en meer uitgaven. En dus zijn bezuinigingen onvermijdelijk. Deze bezuinigingen kúnnen van invloed zijn op de fysieke leefomgeving en ons beleid hiervoor. In 2025 wordt duidelijk welke bezuinigingen Dordrecht moet nemen. Pas dan weten we het effect hiervan op de fysieke leefomgeving en (eventueel) op ons beleid.Het hebben en nastreven van strategische ambities en doelen voor de lange termijn voor de fysieke leefomgeving – zoals opgenomen in deze omgevingsvisie - laten we niet afhangen van de financiële positie van de gemeente op de korte- tot middellange termijn. Mocht realisatie van een ambitie of doel nu niet haalbaar lijken (en/of zijn) door een tekort aan financiële middelen, kiezen we er als gemeente wel voor om de ambitie te (blijven) uitdragen of een doel te blijven nastreven. Strategische ambities en doelen, bijvoorbeeld een aantrekkelijke, een gezonde of een bereikbare stad te zijn, blijven onverminderd van toepassing. A.4.4 Mobiliteit A.4.4.1 Meer variëteit op het fietspad De laatste jaren zijn er steeds meer soorten voertuigen bijgekomen. Naast traditionele fietsen en scooters heb je nu elektrische fietsen, bakfietsen, fatbikes, speed pedelecs en brommobielen. Deze snellere en grotere voertuigen zorgen voor een veranderde dynamiek en behoefte op het fietspad. Naast de veranderingen op het fietspad vragen deze ‘nieuwe’ vervoerswijzen ook om specifieke stallingsmogelijkheden. A.4.4.2 Voertuigen worden steeds slimmer Dankzij vooruitgang in technologieën zoals kunstmatige intelligentie, sensoren en connectiviteit kunnen auto’s steeds zelfstandiger rijden. Toch is het lastig te voorspellen hoe snel deze ontwikkelingen zullen gaan. Zeker in een stedelijke omgeving zoals Dordrecht blijft de menselijke factor een grote rol spelen. Menselijke bestuurders zijn nog steeds verantwoordelijk voor het nemen van beslissingen in complexe verkeerssituaties, zoals onverwachte manoeuvres van andere weggebruikers. Toenemende verbondenheid zorgt ervoor dat we steeds beter op de hoogte zijn van de actuele status van het mobiliteitsnetwerk, omdat informatie vanuit voertuigen en mensen onderweg direct wordt gedeeld. Hierdoor kunnen gebruikers hun reis optimaliseren en sneller anticiperen op veranderingen tijdens de reis. A.4.4.3 Voertuigen worden duurzamer De industrie investeert miljarden euro’s in de productie van elektrische auto’s, bussen en scooters, terwijl er ook steeds meer oplossingen opduiken voor voertuigen die op nieuwe brandstoffen rijden. In Nederland streven we ernaar dat vanaf 2035 geen nieuwe auto’s meer worden verkocht die op benzine of diesel rijden, met als doel om de vervoerssector tegen 2050 koolstofneutraal te maken (Europees Parlement, 2022). Onze grootste uitdaging is ervoor te zorgen dat al deze voertuigen altijd kunnen opladen of kunnen tanken. A.4.4.4 Van bezit naar deelmobiliteit De opkomst van deelmobiliteit wordt mogelijk gemaakt door de groeiende beschikbaarheid van informatie over de locatie en beschikbaarheid van vervoersmiddelen. Hierdoor wordt het delen van transportmiddelen steeds eenvoudiger. Met het bundelen van mobiliteitsopties onder de paraplu “Mobility-as-a-Service (MaaS)” moet het straks ook mogelijk worden om de gehele reis in één keer te boeken en betalen. Hierdoor wordt het nog eenvoudiger om deelmobiliteit te gebruiken. Meer gedeelde vervoersmiddelen en minder bezit, betekent uiteindelijk minder ruimtebeslag in de openbare ruimte. A.4.4.5 Logistiek wordt efficiënter en flexibeler Door innovatieve technologieën in de logistiek kunnen goederen slimmer worden georganiseerd en efficiënter worden geladen in voertuigen, waardoor de capaciteit van deze voertuigen beter wordt benut. Tegelijkertijd wordt de overslag op hubs aan de rand van steden naar kleinere en schonere voertuigen geoptimaliseerd. Dit leidt tot betrouwbaarder en efficiënter transport en biedt mogelijkheden om logistieke processen beter af te stemmen op de toegangs- en emissie-eisen van steden. Dergelijke hubs vragen overigens wel weer ruimte. A.4.5 Klimaatverandering en biodiversiteitsverlies Door opwarming van de aarde en de klimaatverandering krijgen we steeds vaker afwisselend te maken met hitte(golven), droogte en wateroverlast. We moeten ons hierop voorbereiden en om dit niet nog erger te laten worden, moeten we verduurzamen en de stad klimaat adaptief maken. Iedereen krijgt en heeft hiermee te maken. We maken de stad beter bestand tegen hitte en beschermen en verbeteren de biodiversiteit. De stad wordt hiermee toekomstbestendiger. Door reductie (verminderen) en adaptatie (aanpassen) aan elkaar te verbinden kunnen we een positieve impact op de stad vergroten. Door bijvoorbeeld meer groen in de stad aan te leggen beperken we effecten (minder wateroverlast, minder hittestress en minder nadelige gevolgen van langdurige droogte en daling van de bodem). Ook is dit weer goed voor de biodiversiteit. A.4.5.1 Klimaatadaptatie Provincie Zuid-Holland heeft een convenant klimaatadaptief bouwen waar Dordrecht deel van uitmaakt. Dit betekent dat we zo veel als mogelijk klimaatadaptief bouwen op nieuwbouwlocaties, inclusief transformatie- en uitleggebieden. We streven naar minder wateroverlast, minder hittestress, minder (nadelige gevolgen van) bodemdaling, minder (nadelige gevolgen van) langdurige droogte en naar meer biodiversiteit. Vergroenen kan hierbij de gemene deler zijn. A.4.5.2 Energie- en warmtetransitie Grote uitdagingen zijn het verduurzamen en aardgasvrij maken van woningen en andere gebouwen (zodanig dat dit voor iedereen haalbaar en betaalbaar is) en het creëren van een toekomstbestendig energiesysteem. De vraag naar duurzame energie neemt, ondanks inspanningen van iedereen in de stad om te verduurzamen, namelijk steeds toe of de vraag verandert. Bijvoorbeeld door het elektrificeren van ons vervoer of het anders inrichten van bedrijfsprocessen. Ons energiesysteem is daar niet op ingericht. Dit leidt tot netcongestie (tekort aan capaciteit om energie te leveren of terug te leveren). Het oplossen hiervan vergt slimme energiesystemen, grote investeringen en vraagt om ingrepen in de fysieke ruimte. A.4.5.3 Biodiversiteit De biodiversiteit is tussen 1900-1990 dramatisch afgenomen. Tussen 1990-2020 is er enigszins sprake van stabilisatie, maar vooral met insecten, agrarische natuur en met soorten van open gebieden gaat het dramatisch slecht. Na 1990 is de situatie verder verslechterd en zet deze daling verder door. De hedendaagse onderwerpen hittestress, extreme buien, invasieve exoten, stikstof, recreatie en verstedelijking zorgen nu voor druk op de biodiversiteit. Zonder ingrijpen wordt een verdere daling verwacht, ook in Dordrecht. A.4.5.4 Waterkwaliteit De lidstaat Nederland heeft een opdracht om de ecologische doelstellingen te realiseren die voortvloeien uit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Deze opgave is voor zowel het water buitendijks als voor het oppervlaktewater binnendijks. Het waterlichaam Boven en Beneden Merwede, waarvan de Sliedrechtse Biesbosch onderdeel uitmaakt is aangewezen als KRW-waterlichaam. De waterkwaliteit van deze wateren is slecht. Zonder aanvullende maatregelen haalt het oppervlaktewaterlichaam Boven- en Beneden Merwede de KRW-norm niet in
  4. Ook op het eiland zijn 3 KRW-waterlichamen aangewezen. Daarnaast is emissie via riool-overstorten één van de grootste opgaven. A.4.6 Overige A.4.6.1 Geopolitieke spanningen Brexit, migratiecrisis en nu gewapende conflicten. Veranderingen op het wereldtoneel hebben steeds vaker een lokale invloed. Denk hierbij aan problemen in leveringsketens, de keuze om voorraadbeheer en productie weer dichterbij te organiseren. Relevant voor Dordrecht en de Drechtsteden is ook de toegenomen aandacht voor strategisch industriebeleid, met name op de maritieme maakindustrie. Nederland en Europa willen weer onafhankelijker worden binnen sectoren die van belang zijn voor het verdienvermogen, maatschappelijke opgaven als klimaatadaptatie en energietransitie, en defensie. De maritieme maakindustrie is voor al die onderdelen relevant. A.4.6.2 Digitalisering Onze samenleving maakt een extreem snelle digitaliseringsslag door. Niet aanhaken staat gelijk aan afhaken. We moeten onze lokale bedrijven hierin ondersteunen, om toekomstbestendigheid te waarborgen. Uiteraard biedt de digitalisering ook kansen voor onze bedrijven. Digitalisering heeft ook zijn impact op onze manier van werken. Steeds vaker doen we dit niet meer vanaf kantoor, maar vanuit huis of een andere locatie. Dat vraagt iets van de werknemers én de werkgevers. Alsook van de ruimte om te werken. Daarnaast biedt digitalisering ook kansen om de complexiteit rond de ordening van ruimte beter inzichtelijk te maken en integraler te benaderen. A.4.6.3 Funderingsproblematiek De belangrijkste oorzaken van funderingsproblemen zijn bodemdaling en wisselende grondwaterstanden. Droge zomers door klimaatverandering hebben dit proces de afgelopen jaren versneld. De bodem in Dordrecht zakt. Alles wat daarop staat of in de bodem zit, zakt mee. Hoeveel en hoe snel de bodem zakt, verschilt per gebied. Sommige woningen zakken ook. Dat kan flinke problemen geven. Of de woning zakt, hangt af van de fundering waarop het huis staat. Woningen in Dordrecht zijn gebouwd op verschillende soorten funderingen. Problemen met funderingen kunnen met name spelen bij woningen op houten palen of woningen ‘op staal’ (dit zijn niet-onderheide woningen). Bodemdaling zelf is niet tegen te gaan. Wel proberen we als gemeente de gevolgen te beperken door rekening te houden met de inrichting van de openbare ruimte en bij de uitvoering van werkzaamheden. A.4.6.4 (Potentieel) Zeer Zorgwekkende Stoffen (PZZS en ZZS) (Potentieel) Zeer Zorgwekkende Stoffen (PZZS en ZZS) zijn, vanwege hun stofeigenschappen, gevaarlijk voor mens en milieu. Het is daarom onwenselijk dat deze stoffen in het milieu terechtkomen. Bedrijven moeten maatregelen nemen om de emissie en het gebruik van deze stoffen continu verder terug te dringen en waar mogelijk te voorkomen. De inzet van de Beste Beschikbare Techniek is hierbij essentieel en onmisbaar. In Dordrecht hebben we te maken met (historische) uitstoot van ZZS en PZZS stoffen waaronder de uitstoot van PFAS.Binnen onze VTH taken (vergunningverlening, toezicht en handhaving) is onze inzet dan ook gericht op toepassing van de Best beschikbare Technieken ter bestrijding van emissies. Ook langs landelijke en Europese kanalen streven naar een reductie van PFAS. A.5 Dordtse doelen A.5.1 In dit hoofdstuk Met welke randvoorwaarden vullen we de Dordtse koers in? Welke doelen stellen we om de centrale ambitie te realiseren? In dit hoofdstuk beschrijven we de zeven doelen die we voor Dordrecht hebben. Ook geven we aan hoe doelen zich verhouden tot elkaar, wanneer daar aanleiding toe is. Elke doelomschrijving wordt afgerond met een rood kader waarin is aangegeven hoe dit doel wordt uitgewerkt in een programma, het omgevingsplan of in een andersoortige afspraak. In het volgende hoofdstuk worden de doelen vervolgens gespecificeerd naar één van de zeven deelgebieden van Dordrecht. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen verwachten we dat een bijdrage – in meer of mindere mate – wordt geleverd aan elk van de zeven doelen. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Toevoeging van doelkaarten. De doelkaarten zijn een visuele weergave van de doelomschrijvingen. Niet alle elementen uit de doelomschrijvingen lenen zich voor een kaart. De doelomschrijving is daarom leidend, de doelkaarten ondersteunend. Door de onderlinge verbondenheid van verschillende doelen kunnen elementen van specifieke doelkaarten ondersteunend zijn voor meerdere doelomschrijvingen. Denk aan groenblauwe structuren: deze worden weergegeven op de kaart van biodiverse stad, maar zijn ook relevant voor een aantrekkelijke, gezonde, en klimaatbestendige stad. A.5.2 Doel 1: Dordrecht is een aantrekkelijke stad A.5.2.1 Inleiding Dordrecht is in 2040 nog steeds een aantrekkelijke stad en eiland, de levendigheid en belevingswaarde is toegenomen. Dordrecht is van en voor iedereen. Het is er prettig wonen, verblijven en recreëren. De strategische ligging aan het water op het snijvlak van zeearmen en rivieren bezorgde Dordrecht in de vroege middeleeuwen een sterke groei. In 2040 is dit nog steeds te zien aan het vele gebruik van het water, de (zee)havens en kades. Deze sterke band van de stad met het water willen we versterken. Niet alleen economisch met watergebonden bedrijvigheid op de bedrijfsterreinen maar ook door het water meer beleefbaar te maken met nieuwe wandelroutes en verblijfsplekken langs en aan het water. Bezoekers en bewoners genieten ook in de toekomst van alle kwaliteiten die de stad te bieden heeft. Het is heerlijk wandelen en fietsen in de autoluwe historische binnenstad. De vele monumenten, het historische havengebied en de vrijwel overal zichtbare Grote Kerk zijn de kracht van Hollands oudste stad. Het fraaist is dit unieke stadssilhouet te beleven vanaf het water. Naast een aantrekkelijk kernwinkelgebied vanaf Achterom, via het Statenplein en de Voorstraat tot aan het Scheffersplein, is aan de randen daarvan een mix van functies en vele unieke winkeltjes en ateliers te vinden. De vele terrassen bieden plek voor het nuttigen van een hapje of drankje. Men kan één van de vele evenementen bezoeken. Bijzonder is het Hofkwartier met diverse musea en culturele functies. De gemeente investeert veel in de kwaliteit van de openbare ruimte en ontwikkelt een herkenbaar Dordts handschrift daarin. Dat is terug te zien in het oude centrum, maar straks ook op de Stadswerven, de Spuiboulevard en de route van/naar het station. De openbare ruimte wordt steeds groener en biodiverser ingericht, de schaduw van de vele bomen biedt verkoeling op warmere dagen en vergroot de biodiversiteit in de stad. Tegelijkertijd bewaken we dat de openbare ruimte voldoende ruimte blijft bieden voor activiteiten die we belangrijk vinden voor de stad, zoals evenementen. Naast sporten op de vele sportparken, wordt men in de stad uitgedaagd om te bewegen. Er zijn veel spel- en sportaanleidingen (stimulansen) aangelegd langs de wandel- en fietsroutes. Voetgangers en fietsers krijgen de prioriteit boven gemotoriseerd verkeer. Dordrecht heeft zich ontwikkeld tot een echte 10 minuten stad; vanuit de woning zijn alle belangrijke/noodzakelijke functies op 10 minuten te voet of met de fiets bereikbaar. Het Nationaal Park De Biesbosch is altijd dichtbij. De natuur wordt tot diep de stad in gebracht met het Wantij als getijdenpark en het grote centraal gelegen Stadspark. En is daarnaast voor iedereen bereikbaar dankzij de recreatiekerngebieden. Dordrecht heeft een voorzieningenstructuur die past bij een middelgrote stad. Het gaat om een breed palet aan basisvoorzieningen. Van sport tot zorg, van ontspanning tot werk en onderwijs, van culturele activiteiten tot groenvoorzieningen, sociale ontmoetingen en activiteiten. De stad heeft deze voorzieningen nodig om aantrekkelijk te zijn en te blijven. Naast de bouw van de benodigde nieuwe woningen zoeken we bij nieuwe ontwikkelingen naar mogelijkheden voor multifunctioneel gebruik. Met de groei van het aantal inwoners neemt naar verwachting ook de behoefte aan een aantal basisvoorzieningen, zoals scholen, huisartsen en supermarkten toe. De regio is met de vele maritiem gerelateerde bedrijvigheid uniek in Europa. Naast belangrijke werkgevers binnen de stad - het Leerpark en het Gezondheidspark - liggen de belangrijkste industrie- en bedrijfsterreinen aan de randen van de stad, goed ontsloten via weg en water. Integraal benaderd Het doel ‘Aantrekkelijke stad’ draagt op haar beurt ook sterk bij aan de doelen ‘Gezonde stad’, ‘Klimaatbestendige stad 2040’ en ‘Biodiverse stad’. A.5.2.2 Uitgangspunten Sterke en gedifferentieerde woonwijken In de stad is er voor iedere doelgroep een goede woning te vinden. Een aantrekkelijke stad betekent aantrekkelijke wijken (met een differentiatie in functies) en woningen, zowel bouwkundig, esthetisch als in gebruik en energieverbruik (zie Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040). Door het op orde hebben en houden van de kwaliteit van de wijken en woningvoorraad creëren we een veilige en gezonde leefomgeving. We vinden het belangrijk dat Dordtenaren zich in hun buurt thuis voelen en dat verschillende doelgroepen in een buurt kunnen samenwonen en samenleven. We streven er daarom naar dat de buurten in beginsel uit zowel betaalbare als (middel)dure woningen bestaan. In iedere wijk, behalve Industriegebied West en Verspreide bebouwing, streven we naar een volwaardig gedifferentieerd woningaanbod, dat ruimte biedt aan alle inkomensgroepen en doelgroepen - ook specifieke doelgroepen, zoals kwetsbare groepen. Bij nieuwbouw en herontwikkeling stemmen we het gewenste woningbouwprogramma af op deze ambities. Daarbij hanteren we de actuele CBS-indeling van buurten en wijken in Dordrecht. Bij zeer kleine buurten van minder dan 100 woningen nemen we ook het woningaanbod van de aangrenzende buurten mee. Om dit te bereiken heeft de gemeente Dordrecht een Woonvisie, een Woonzorgvisie en een Huisvestingsverordening. In de concept-Wet Versterking regie volkshuisvesting is aangekondigd dat deze twee visies opgaan in een op te stellen gemeentelijk Volkshuisvestingsprogramma. We zetten in op doorstroming door het faciliteren van de bouw voor verschillende doelgroepen, waardoor ook bestaande woningen vrijkomen. Het bouwen van nieuwe woningen gebeurt hoofdzakelijk in de bestaande stad door middel van verdichting en herstructurering. Kwaliteit door verdichten Woningbouw kan een vliegwiel zijn, bijvoorbeeld om ook te werken aan de doelen die we hebben op het gebied van onder meer duurzaamheid, groen/blauw, het sociaal domein, economie of mobiliteit. Woningbouw is daarmee geen doel op zich, maar ook een manier om naast het creëren van voldoende woningaanbod onze stad mooier te maken en te versterken. Het gaat om het maken van een leefbare stad, de opgave is integraal en nauw verbonden. Woningbouw wordt in combinatie met andere functies gerealiseerd. We kijken niet alleen naar het intensiveren van woningbouw, maar ook naar wensen en behoeften die leven in wijken of buurten en naar (werk)voorzieningen.De komende jaren bouwen we in het centrum (projecten Spuiboulevard, Maasterras), nabij het station Dordrecht of het toekomstige station Leerpark veel woningen. Aan de rand van de stad ontwikkelt Amstelwijck zich tot één van de duurzaamste wijken van het land. In navolging van de verbetering van Wielwijk en Krispijn wordt Crabbehof stevig aangepakt en zal het een gewilde woonwijk geworden. De leefbaarheid in de kwetsbare wijken is door slimme verdichting enorm verbeterd. Ter concretisering van de toe te passen slimme combinaties zoals geïntroduceerd in A.4.3.
  5. Op de Staart zien we door goede zonering van de bedrijfsterreinen mogelijkheden ontstaan voor nieuwe woningen in vernieuwende concepten. De kwaliteitseisen die gelden voor nieuwe ontwikkelingen staan beschreven in de welstandsnota, en worden bewaakt en gestimuleerd door de commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Met het opstellen van wijkvisies/gebiedsprogramma's worden, samen met alle belanghebbenden, integrale plannen ontwikkeld die leiden tot toekomstbestendige gebieden in de stad. Groene stad De stad investeert ook in de aanleg van nieuwe groengebieden. Het meest in het oog springende is het centraal in de stad gelegen nieuwe Stadspark (zie ook A.6.6 Deelgebied Stadspark). Met alle ruimte voor sport en bewegen, ook als je geen lid bent van een vereniging. Nieuwe wandel- en fietspaden verbinden het park met de verschillende wijken, en met de vele (tijdelijke) activiteiten (zie Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad). Dat de betrokkenheid in 2040 groot is blijkt wel uit het feit dat veel activiteiten door bewoners worden georganiseerd en dat delen worden onderhouden door de vereniging "Vrienden van het Stadspark". Nieuwe waterpartijen en groengebieden versterken de ecologische betekenis van dit gebied en hebben een belangrijke functie in het verminderen van de gevolgen van de klimaatverandering zoals hittestress en extreme regenwater (zie Doel 5: Dordrecht is een klimaatbestendige stad in 2040, en Doel 7: Dordrecht is een biodiverse stad).De oorspronkelijke relatie tussen wonen langs het Wantij en werken in de maritieme industrie op de Staart, herstellen we in ere. Het Wantij heeft zich ontwikkeld tot een langgerekt getijdenpark. Eb en vloed zorgt continu voor een veranderend landschap waar natuur volop de ruimte heeft gekregen. De bewoner van de stad kan hier door de aanleg van nieuwe paden en recreatieplekken aan en op het water van genieten. Door twee nieuwe fietsbruggen is de Staart in 2040 sterk verbonden met de andere delen van de stad. Leefbare stad De openbare ruimte is belangrijk voor de kwaliteit en beleving van stad, wijk en buurt. Dordrecht streeft naar een hoogwaardig inrichtingsniveau en beheer van de openbare ruimte. Hierbij staan gezondheid, duurzaamheid, klimaatadaptatie, biodiversiteit, veiligheid, inclusiviteit en mobiliteit centraal. Op deze manier vergroot de stad haar leefbaarheid. De openbare ruimte is van en voor iedereen en daarom willen we inwoners meer betrekken bij het inrichten en verzorgen van de openbare ruimte. We zien het als een gedeelde verantwoordelijkheid. Er zal worden ingezet op een mobiliteitsconcept waarbij vanwege de kwaliteit van de openbare ruimte en leefbaarheid de prioriteit gaat naar verplaatsingen te voet, per fiets of met het OV (zie Doel 2: Dordrecht is een bereikbare stad, en Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad).In Dordrecht moeten alle inwoners zich prettig en vertrouwd voelen op straat en met plezier gebruikmaken van de openbare ruimte. Een veilige openbare ruimte is een openbare ruimte die goed ontworpen en onderhouden is. De kwaliteiten en doelstellingen die we als stad willen bereiken wat betreft de inrichting van de openbare ruimte staan beschreven in het handboek Kwaliteit Openbare Ruimte (KOR).Het voorzieningenniveau voor het uitlaten van honden blijft minimaal in stand, daarnaast onderzoeken we een norm en richtlijnen (onder andere voor minimale oppervlakte en veiligheid) voor onze hondenuitlaatvoorzieningen. Voor de binnenstad wordt gezocht naar een geschikte locatie voor een hondenlosloopgebied, om ook in het centrum te voorzien in een volwaardige hondenuitlaatvoorziening.De Grote Markt is een belangrijke verbinding tussen het kernwinkelgebied en het historische havenkwartier maar heeft een moeilijk afleesbare ruimtelijke structuur. De huidige uitstraling past niet bij de naam ‘Grote Markt’. We hebben als doel een aantrekkelijk woon- en leefkwaliteit voor een groter deel van de binnenstad, met ruimte voor groen, spelen, verblijven en ontmoeten. Dat is alleen mogelijk als er in de toekomst meer parkeerplaatsen van straat verdwijnen en gebruikers hun auto’s in parkeergarages zetten (zie Doel 2: Dordrecht is een bereikbare stad). Met een nieuwe inrichting kan de Grote Markt ruimte blijven bieden voor kleinschalige activiteiten. Levendige stad Dordrecht heeft veel te bieden aan inwoners én bezoekers. Het verkennen van de historische binnenstad en bezoeken van mooie musea. We hebben talloze evenementen. We hebben een groeiend gevarieerd aanbod van horeca en winkels met Dordts karakter. Een levendige binnenstad met ruimte voor winkelen, werken, wonen én recreëren. Het is een aantrekkelijke stad voor bezoekers, zowel uit eigen land als daarbuiten, op eigen gelegenheid of via de riviercruises die de stad aan doen. Bezoekers die bijdragen aan de levendigheid en economische vitaliteit van onze (binnen)stad.In de schaars beschikbare openbare ruimte organiseren we evenementen. Variërend van bestaande tot nieuwe en vernieuwende evenementen; evenementen die eigen zijn aan en passen bij de stad zoals we die kennen, maar die ook transformeert.De levendigheid van de stad voor de inwoners en bezoekers blijft centraal staan, in combinatie met het optimaal benutten van de intrinsieke economische en maatschappelijke waarde van evenementen in een goede balans met de leefbaarheid.Horeca draagt in sterke mate bij aan de levendigheid van de binnenstad. De horeca is gericht gegroeid in de aangewezen horecadeelgebieden. De terrassen van de horeca zijn verder versterkt. Dit alles met een balans tussen leefbaarheid en levendigheid. Aantrekkelijke entrees Het Otto Dickeplein vormt het eerste beeld van de binnenstad van Dordrecht voor iedere bezoeker die met de waterbus aankomt. Door de realisatie van de Prins Clausbrug is het belang van het Otto Dickeplein en omgeving als entree naar de binnenstad toegenomen. Op dit moment voldoen het plein, de kades en de gebouwde omgeving niet aan de kwaliteitseisen die je mag verwachten van een entreegebied van een historische binnenstad. Met een aanpak van dit gebied krijgt de binnenstad een hoogwaardige en aantrekkelijke entree, passend in het karakter van de historische binnenstad.De Papendrechtsebrug en met name de Spoorbrug en de Moerdijkbrug vormen herkenbare entrees tot het Eiland van Dordrecht. Verbindingen die voor Dordrecht en de regio van belang zijn. Met de realisatie van het Maasterras voegen we aan de voet van de Spoorbrug een nieuw stadsdeel toe waarmee Dordrecht zich opnieuw positioneert aan het water en een moderne stadsentree krijgt richting Zwijndrecht/Rotterdam. Met het concentreren van watergebonden bedrijvigheid, het optimaliseren van het bestaande bedrijfsterrein, het benutten van het Huis te Merwede en aandacht voor de inrichting van de openbare ruimte, groenstructuur en uitstraling van de gebouwen ontwikkelt ook het gebied Kerkeplaat zich tot een aantrekkelijke noordelijke entree van de stad. Vanwege de hogere ligging van de Papendrechtse brug is extra aandacht nodig voor de dakvlakken van de bestaande en nieuwe gebouwen.Het passeren van de Moerdijkbrug vanuit het zuiden geeft voor vele Dordtenaren het gevoel van thuiskomen. Als het brede water van het Hollands Diep is overgestoken ben je weer op het eiland. Met aandacht voor de ruimtelijke inpassing, architectuur en landschappelijke structuur presenteren aan de westzijde de moderne bedrijfsterreinen zich aan de A
  6. De oostzijde wordt gekenmerkt door het landschap van het Nationaal Park De Biesbosch. Landschappelijke kwaliteiten zoals de open polders, dijken en Biesboschnatuur tonen de unieke kwaliteiten van het Dordtse buitengebied. Daarom is bij het komen tot de huidige zoekgebieden voor windturbines en zonneparken in dit gebied grote zorgvuldigheid betracht. Dit wordt nader getoetst in het kader van het Programma Duurzame energie opwek. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Toevoeging van ‘kwaliteit door verdichten’. Extra benadrukken van aantrekkelijke entrees. A.5.2.3 Aandachtspunten Met de grote verdichtingsopgave kan er spanning ontstaan met de wens de stad te vergroenen. Met meer woningen op hetzelfde oppervlak moeten in enkele gevallen keuzes worden gemaakt en/of ingezet worden op vernieuwende (duurdere) oplossingen met gecombineerde of gestapelde functies. De verdichtingsopgave leidt tot groei in het aantal verplaatsingen. Daarom maken we ruimte voor wandelen, fietsen en OV en brengen we het autoverkeer terug op plekken waar dat noodzakelijk en wenselijk is. Door het ontwerpprincipe van STOMP (stappen, trappen, OV, Mobiliteitsdiensten, privéauto) toe te passen krijgt langzaam verkeer ofwel actieve mobiliteit (voetgangers en fietsers) waar mogelijk voorrang op de auto. Dit draagt bij aan een gezondere en aantrekkelijkere stad. Uitwerking in programma’s, afspraken en/of omgevingsplan Status Ontwikkeling van de Stadsas (Maasterras, Leerpark, rondom station Dordrecht) In uitvoering Bouwen van woningen voornamelijk d.m.v. verdichting van de bestaande stad In uitvoering Verbeteren ruimtelijke kwaliteit en betere inpassing in de historische structuur In uitvoering Horecanota, Visienota Evenementennota 2024-2030, Marktvisie Bestaand Sportvisie 2030 'Niemand buitenspel in Dordrecht' met daaronder de programma's 'Een omgeving die uitnodigt tot sport en bewegen' en 'Een leven lang sportplezier voor iedereen' Bestaand Stadspark In uitvoering Vastleggen normgetallen voorzieningen In uitvoering Wijkprogramma Wielwijk, Crabbehof en Sterrenburg Bestaand Afspraken woningcorporaties (= jaarlijks terugkerende en wettelijke verplichting Prestatie Afspraken Lange Termijn) Bestaand Woonvisie, Woonzorgvisie en Huisvestingsverordening (wordt geactualiseerd) Bestaand Welstandsnota Dordrecht Bestaand Handboek KOR: het KOR krijgt via het omgevingsplan juridische werking Bestaand Groenblauw programma (op inhoud, zonder middelen voor uitvoering) Bestaand Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: Toegevoegd ‘Ontwikkeling van de Stadsas’ Toegevoegd ‘Bouwen van woningen voornamelijk dmv verdichting van de stad’ Toegevoegd ‘Horecanota, Visienota Evenementennota 2024-2030, Marktvisie’ ‘Havenbeheersverordening’ is vanaf april 2024 geldend (Havenverordening Dordrecht) ‘Programma Sportparken’ is ingevuld via Sportvisie 2030 'Niemand buitenspel in Dordrecht'. Uitgewerkt in programma's 'Een omgeving die uitnodigt tot sport en bewegen' en 'Een leven lang sportplezier voor iedereen'. A.5.3 Doel 2: Dordrecht is een bereikbare stad A.5.3.1 Inleiding De stad Dordrecht groeit. We werken hard aan het realiseren van nieuwe woningen en banen én we willen bereikbaar zijn. Hierbij keken we tot op heden primair naar de autobereikbaarheid. Maar dat is niet toekomstbestendig: omdat de openbare ruimte schaarser wordt, de doorstroming in ffgehaald worden en dit een negatief effect heeft op de gezondheid van onze inwoners. Daarom kijken we op een bredere manier naar de bereikbaarheid van onze stad. Met betrekking tot bereikbaarheid stellen we niet langer de auto centraal, maar de Dordtenaar en de bereikbaarheid van zijn/haar bestemming waarbij wandelen en fietsen door het toepassen van het STOMP principe hogere prioriteit krijgt. De opgaven, doelen en uitwerkingsstrategie voor dit doel zijn verder uitgewerkt in het Mobiliteitsplan Dordrecht 2040 (vastgesteld 24 september 2024). Ook een monitorings- en evaluatieplan maakt onderdeel uit van het Mobiliteitsplan. Dit plan kan gezien worden als een verder uitgewerkt programma van dit doel in de omgevingsvisie. In voorliggende omgevingsvisie zijn de hoofdlijnen van het Mobiliteitsplan opgenomen. Integraal benaderdHet doel ‘Bereikbare stad’ draagt op haar beurt ook sterk bij aan de doelen ‘Aantrekkelijke stad’, ‘Gezonde stad’, ‘Klimaatbestendige stad in 2040’ en ‘Duurzame en klimaatneutrale stad in 2040’. A.5.3.2 Uitgangspunten STOMP principe Als we minder inzetten op de auto, komt er openbare ruimte beschikbaar voor andere zaken. Denk aan meer groen dat ook bijdraagt aan klimaatadaptatie (zie Doel 5: Dordrecht is een klimaatbestendige stad in 2040), biodiversiteit (zie Doel 7: Dordrecht is een biodiverse stad) en ruimte voor spelen en sporten (zie Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad), meer plek om veilig te fietsen en lopen. En denk ook aan de binnenstedelijke bouwopgaven. Meer openbare ruimte creëren we door het ontwerpprincipe STOMP toe te passen. Bij het ontwerpen van de buitenruimte geven we prioriteit aan reizen te voet (Stappen) en op de fiets (Trappen), dan volgt het versterken van het bereik van Openbaar Vervoer (O) met ketenmobiliteit (M) en tenslotte de privéauto (P). De wijze waarop het STOMP principe wordt toegepast hangt af van de uitgangspositie en de omstandigheden in de verschillende delen van de stad. Figuur 11 - STOMP principe Mobiliteitsplan 2040 Dordrecht Nabijheidsprincipe Basisvoorzieningen (zie A.4.3.3) moeten in alle wijken – bestaand en nieuw – op loop- en fietsafstand aanwezig zijn om onnodige autoverplaatsingen te voorkomen (zie Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad, en Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040). Figuur 12 - Nabijheidsprincipe Mobiliteitsplan 2040 Dordrecht Langzaam verkeer ofwel actieve mobiliteit (voetgangers en fietsers) en openbaar vervoer krijgt, waar mogelijk, voorrang op de auto. Ruimte voor de voetganger: we rollen een rode loper uit naar de binnenstad en dagelijkse voorzieningen in de wijken (zie Doel 1: Dordrecht is een aantrekkelijke stad, en Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad). Dordrecht als fietsvriendelijke stad met sterke radialen tussen de verschillende gebieden in de stad en de regio om een aantrekkelijk alternatief te bieden voor autoverplaatsingen (zie Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad, Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040). Stimuleren van (hoogwaardig) openbaar vervoer met de doorontwikkeling van het spoornetwerk, een opwaardering van station Dordrecht en de komst van het nieuwe Leerpark (zie Doel 1: Dordrecht is een aantrekkelijke stad, en Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040). Het goed inrichten van hubs om overstappen zo makkelijk mogelijk te maken, als belangrijke schakel in een ketenreis, om het gebruik van openbaar vervoer, fiets, deelmobiliteit en parkeren op afstand te stimuleren (zie Doel 1: Dordrecht is een aantrekkelijke stad, en Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad en Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040). We realiseren een uitgebreid netwerk van deelmobiliteit als een aanvulling op het pakket aan alternatieven voor het gebruik van privéauto's. We zetten structurele gedragscampagnes in om inwoners en werknemers te stimuleren zich duurzamer te verplaatsen. Terugbrengen van autoverkeer op plekken waar dat noodzakelijk en wenselijk is. Toepassen van 30 km/u als basissnelheid in woonwijken. We doen ingrepen in het autonetwerk, zoals knips en ongelijkvloerse kruisingen om verkeer naar

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.