In het kort
Deze verordening regelt activiteiten in het beheergebied van Waterschap Rivierenland om watergerelateerde problemen te voorkomen en de kwaliteit van het watersysteem, wegen en vaarwegen te beschermen. Het stelt regels op voor waterkeringen, oppervlaktewaterlichamen, grondwater, zuiveringstechnische werken, wegen en vaarwegen.
Wat het reguleert
- Het voorkomen en beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste.
- De bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van het watersysteem.
- De staat en werking van waterkeringen, oppervlaktewaterlichamen, bergingsgebieden en grondwater.
- De bescherming en doelmatige werking van zuiveringstechnische werken, wegen en vaarwegen.
Wie het betreft
- Iedereen die een activiteit verricht of laat verrichten binnen het beheergebied van Waterschap Rivierenland.
- Onderhoudsplichtigen van waterstaatswerken.
Kernpunten
- De verordening is van toepassing op het beheergebied van Waterschap Rivierenland.
- Beperkingengebieden rond waterstaatswerken, wegen en vaarwegen zijn vastgesteld, met specifieke afstanden indien niet geometrisch begrensd.
- Voor waterkeringen geldt een beperkingengebied van 250 meter van de buitenkruin (buitendijks en binnendijks), voor oppervlaktewaterlichamen 5 meter van de insteek.
- Activiteiten die nodig zijn voor beheer en onderhoud door of in opdracht van het waterschap vallen niet onder de regels, mits de normatieve toestand niet verandert.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.