In het kort
Deze beleidsregels beschrijven hoe het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden aanvragen voor omgevingsvergunningen voor wateractiviteiten beoordeelt, met een focus op het lozen van warmte of koude. Ze treden in werking op 1 januari 2025.
Wat het reguleert
- De voorwaarden waaronder activiteiten in het watersysteem zijn toegestaan of een omgevingsvergunning vereisen.
- De beoordelingscriteria voor aanvragen van omgevingsvergunningen voor wateractiviteiten.
- Specifieke regels voor het lozen van warmte of koude op oppervlaktewaterlichamen.
- De relatie tussen een vergunning en de eigendomssituatie van de locatie.
Wie het betreft
- Iedereen die activiteiten uitvoert in het watersysteem van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden waarvoor een vergunningplicht geldt.
- Aanvragers van omgevingsvergunningen voor wateractiviteiten, met name voor lozingsactiviteiten.
Kernpunten
- Een vergunning wordt alleen verleend als de aangevraagde activiteit in overeenstemming is met de doelen van het waterbeheer en de waterstaatkundige belangen niet in het gedrang komen.
- Bij het lozen van warmte of koude op oppervlaktewater mag in de periode maart t/m mei het temperatuurverschil maximaal 2°C zijn ten opzichte van de achtergrondtemperatuur.
- De warmte- of koudepluim mag niet groter zijn dan 50% van de natte doorsnede van de watergang en de lokstroom van vispassages mag niet worden verstoord.
- Bij wateronttrekking moet een groffilter met een maaswijdte van minimaal 1,5 mm worden toegepast en de instroomsnelheid bij het groffilter mag maximaal 0,15 m/s bedragen.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.