Kort samengevat
Deze beleidsregels beschrijven hoe de gemeente Rotterdam omgaat met aanvragen voor maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp, en hoe zij de wetten en regels hierover interpreteert. Ze zorgen voor duidelijkheid en consistentie in de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) en de Jeugdwet.
Wat het reguleert
- De manier waarop de gemeente belangen afweegt, feiten vaststelt en wettelijke voorschriften uitlegt bij het uitoefenen van haar bevoegdheden.
- De procedures voor het aanvragen van ondersteuning, inclusief algemene voorzieningen, maatwerkvoorzieningen en persoonsgebonden budgetten.
- De interpretatie van kernbegrippen zoals "aanvaardbaar niveau" en "algemeen gebruikelijk" in het kader van ondersteuning.
- De toepassing van het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap binnen de maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp.
Wie het betreft
- Inwoners van Rotterdam die aanspraak maken op maatschappelijke ondersteuning via de Wmo 2015.
- Jeugdigen en hun ouders/verzorgers in Rotterdam die aanspraak maken op jeugdhulp via de Jeugdwet.
Kernpunten
- De ondersteuning moet altijd afgestemd zijn op de individuele situatie van de cliënt (maatwerk).
- De ondersteuning is gericht op het bereiken en behouden van een "aanvaardbaar niveau" van participatie en zelfredzaamheid, rekening houdend met de situatie van de cliënt en vergelijkbare personen.
- Voorzieningen die "algemeen gebruikelijk" zijn, worden in principe niet door de gemeente verstrekt, tenzij de cliënt aannemelijk kan maken dat deze voor hem niet financieel bereikbaar zijn of dat er sprake is van een plotselinge, onvoorziene noodzaak.
- De beleidsregels zijn van kracht geworden op 1 januari 2018 en vervangen de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Rotterdam 2015.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.