Kort samengevat
Deze regeling beschrijft welke ambtenaren en functionarissen namens het college van burgemeester en wethouders (B&W) en de burgemeester van Utrecht besluiten mogen nemen en handelingen mogen verrichten. Het doel is om de uitvoering van taken efficiënter te maken door bevoegdheden te delegeren.
Wat het reguleert
- De bevoegdheden die door B&W en de burgemeester zijn gemandateerd aan specifieke functionarissen.
- De reikwijdte van deze gemandateerde bevoegdheden, inclusief voorbereidende handelingen en bijbehorende correspondentie.
- De mogelijkheid tot ondermandaat en de voorwaarden waaronder dit mag plaatsvinden.
- De wijze van ondertekening van uitgaande stukken bij de uitoefening van gemandateerde bevoegdheden.
Wie het betreft
- Het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van Utrecht als mandaatgevers.
- Diverse functionarissen binnen de gemeente Utrecht, zoals de Algemeen Directeur, portefeuillehouders, de griffier en de voorzitter van de rekenkamer, als gemandateerden.
Kernpunten
- Gemandateerde bevoegdheden moeten worden uitgeoefend met inachtneming van de voorschriften in de algemene bepalingen.
- Het mandaat omvat naast het nemen van besluiten ook het stellen van voorschriften, het voorbereiden van besluiten, het voeren van correspondentie en het bekendmaken van besluiten.
- De Algemeen Directeur mag ondermandaat en ondervolmacht verlenen, tenzij anders aangegeven, en kan dit doen aan IRM’s, themadirecteuren en niet-ondergeschikten.
- Voor privaatrechtelijke rechtshandelingen geldt voor de Algemeen Directeur een beperking van maximaal € 10.000.000, behalve voor het aantrekken van geld op het gebied van Treasury, waar een maximum van € 150.000.000 geldt.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.