Kort samengevat
Deze leidraad beschrijft het beleid en de toelichting op de invordering van gemeentelijke- en waterschapsbelastingen door Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB), gebaseerd op de Invorderingswet 1990. Het dient als richtlijn voor de invorderingsambtenaar en belastingdeurwaarder bij de uitvoering van hun taken.
Wat het reguleert
- De toepassing van de Invorderingswet 1990 op gemeentelijke- en waterschapsbelastingen.
- De werkwijze van de BWB bij de invordering van belastingen.
- De omgang met de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en algemene beginselen van behoorlijk bestuur bij invordering.
- Specifieke procedures en overwegingen bij invorderingsmaatregelen.
Wie het aangaat
- De Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB), inclusief de invorderingsambtenaar en belastingdeurwaarder.
- Belastingschuldigen (natuurlijke of rechtspersonen) die gemeentelijke- en waterschapsbelastingen verschuldigd zijn.
Kernpunten
- De Invorderingswet 1990 is van toepassing op de invordering van gemeentelijke- en waterschapsbelastingen.
- De invordering moet zoveel mogelijk in overeenstemming zijn met de Awb en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
- De invorderingsambtenaar kiest bij voorkeur de eenvoudigste, snelste en minst kostbare invorderingswijze.
- Invorderingsmaatregelen tegen bedrijven met meer dan vijftig werknemers die het voortbestaan kunnen bedreigen, vereisen toestemming van het dagelijks bestuur.
- Invorderingsmaatregelen tegen particulieren worden niet genomen op "minder geschikte dagen" (zoals feestdagen), tenzij dit zonder bezwaar naar een later tijdstip kan worden verschoven.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.