Kort samengevat
Deze regeling beschrijft de voorwaarden voor een aanvulling op de FPU-uitkering (suppletie) voor werknemers van de provincie die kiezen voor vervroegd uittreden, zowel gedeeltelijk als volledig. Het regelt ook een vergoeding voor pensioenopbouw in deze situaties.
Wat het regelt
- Recht op en hoogte van een aanvulling (suppletie) bij gedeeltelijk vervroegd uittreden.
- Recht op en hoogte van een aanvulling (suppletie) bij volledig vervroegd uittreden.
- Een vergoeding voor pensioenopbouw voor werknemers die gebruik maken van de suppletieregeling.
- De mogelijkheid van een spaarregeling bij deeltijdontslag.
Wie het aangaat
- Werknemers van de provincie, geboren vóór 1 januari 1950, die de leeftijd van 65 jaar niet hebben bereikt en die op of na 1 januari 2006 recht krijgen op een basisuitkering krachtens het FPU-reglement.
- Degenen die op 30 september 2000 deelnamen aan de seniorenregeling of daarvoor konden kiezen.
Kernpunten
- Werknemers hebben recht op suppletie bij deeltijdontslag van ten minste 15% van hun arbeidsduur.
- De hoogte van de suppletie bij deeltijdontslag varieert van 9% tot 12% van de berekeningsbasis, afhankelijk van de leeftijd (55 tot 58 jaar of ouder).
- Bij volledig FPU-ontslag is er recht op suppletie vanaf 61 of 62 jaar, afhankelijk van de situatie.
- De suppletie bij volledig FPU-ontslag varieert van 1% tot 6% van de berekeningsbasis, afhankelijk van de leeftijd (55 tot 60 jaar) bij het eerste deeltijdontslag.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.