In het kort
Deze beleidsregels beschrijven wanneer handelingen in, op of bij waterlichamen, waterkeringen en grondwaterlichamen zijn toegestaan en wanneer hiervoor een vergunning nodig is. Ze leggen vast hoe het waterschap aanvragen voor vergunningen beoordeelt.
Wat het reguleert
- Handelingen met betrekking tot oppervlaktewater, zoals graven, dempen, plaatsen van duikers, bruggen, steigers, beschoeiingen en kabels.
- Handelingen met betrekking tot waterkeringen, waaronder graafwerkzaamheden, aanbrengen van grond, plaatsen van bouwwerken en beplanting.
- Handelingen met betrekking tot grondwater, zoals onttrekkingen voor diverse doeleinden en het infiltreren van water.
Wie het aangaat
- Iedereen die handelingen wil verrichten in, op of bij oppervlaktewater, waterkeringen of grondwater binnen het gebied van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden.
- Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het waterschap, dat de vergunningaanvragen beoordeelt.
Kernpunten
- Initiatiefnemers moeten altijd voldoen aan de zorgplicht, die inhoudt dat nadelige effecten voor het watersysteem moeten worden voorkomen.
- Voor sommige handelingen is een vergunning vereist; deze worden alleen verleend als waterstaatkundige belangen niet in het gedrang komen.
- De beleidsregels zijn onderverdeeld in drie delen: oppervlaktewater (hoofdstuk 2 t/m 24), waterkeringen (hoofdstuk 25 t/m 54) en grondwater (hoofdstuk 55 t/m 67).
- Initiatiefnemers kunnen via stroomschema's nagaan of een handeling is toegestaan, of een algemene regel geldt, of een vergunning nodig is, of dat de handeling verboden is.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.