← Nederland

Beleidsregel afwegingsmodel Handhaving Kinderopvang en Peuterspeelzalen 2014 gemeente Bunschoten (Bunschoten)

In het kort

Deze beleidsregel beschrijft hoe de gemeente Bunschoten optreedt bij overtredingen van de kwaliteitsregels voor kinderopvang en peuterspeelzalen. Het doel is om overtredingen te beëindigen en herhaling te voorkomen, en indien nodig te bestraffen.

Wat het regelt

Wie het betreft

Kernpunten

Wettekst

Beleidsregel afwegingsmodel Handhaving Kinderopvang en Peuterspeelzalen 2014 gemeente BunschotenBurgemeester en wethouders van de gemeente Bunschoten Gelet op artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht; Gelet op de artikelen 1.61, eerste lid, 1.65, eerste lid, 1.66 en 1.72, eerste lid Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen; Gelet op de artikelen 2.19, eerste lid, 2.23, eerste lid, 2.24 en 2.28, eerste lid, Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen; besluiten: de Beleidsregels handhaving kwaliteit kinderopvang en peuterspeelzalen gemeente Bunschoten 2014 vast te stellen. Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel 1 Deze Beleidsregels zijn van toepassing op de handhaving naar aanleiding van overtreding van de bij of krachtens de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen gestelde regelgeving. Artikel 2 Vormen van sanctioneren Bij het uitvoeren van deze Beleidsregels heeft het college de volgende mogelijkheden: geven van een aanwijzing en opleggen van een herstellende sanctie; opleggen van een bestraffende sanctie. Artikel 3 Kwaliteitseisen De kwaliteitseisen staan genoemd in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen en aanverwante regelgeving. In onderhavige Beleidsregels wordt uitgegaan van de onder 3.1. genoemde kwaliteitseisen. In het afwegingsmodel dat als bijlage aan onderhavige Beleidsregels is toegevoegd, worden voor de prioritering van de kwaliteitseis of overtreding en de hoogte van de betreffende bestuurlijke boete weergegeven. Hoofdstuk 2 Herstellend traject Artikel 4 Herstelsancties Indien gebleken is dat de houder van een kindercentrum, een gastouderbureau, een voorziening voor gastouderopvang of een peuterspeelzaal niet voldoet aan één of meer kwaliteitseisen van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen, de daaruit voortvloeiende regelgeving of de Verordening peuterspeelzalen 2014, start het college in beginsel een herstellend traject. Dit traject is gericht op beëindiging van de overtreding(-

  1. en)en voorkoming van herhaling van de overtreding(-en). Bij het uitvoeren van het herstellend traject hanteert het college in beginsel de volgende stappen: stap 1: aanwijzing; stap 2: last onder dwangsom/last onder bestuursdwang; stap 3: exploitatieverbod; stap 4: verwijdering uit het landelijk register kinderopvang of het register peuterspeelzalen. Indien de overtreding hiertoe aanleiding geeft, kan het college besluiten om een bepaalde stap of bepaalde stappen in het herstellende traject over te slaan dan wel meerdere keren toe te passen. Zo zal in beginsel een stap in het herstellende traject worden overgeslagen bij recidive. Het college verstaat onder recidive in dit kader ‘het wederom plegen van een overtreding van de kwaliteitseisen door een houder met betrekking tot een bepaalde locatie’. Daarbij hanteert het college een termijn van 2 jaren nadat een soortgelijke overtreding namens het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld. De duur van de hersteltermijn is afgeleid van de prioritering, zoals af te leiden uit het afwegingsmodel dat als bijlage is opgenomen. Bij het opleggen van een aanwijzing gelden de volgende hersteltermijnen: prioriteit hoog: maximaal 2 weken prioriteit gemiddeld: maximaal 2 maanden prioriteit laag: maximaal 6 maanden Hoofdstuk 3 Bestraffend traject Artikel 5 Gebruik bevoegdheid opleggen bestuurlijke boete Het college legt een bestuurlijke boete op bij overtredingen met de prioriteit ‘hoog’ als opgenomen in het afwegingsmodel in de bijlage. Bij overtredingen met een prioriteit ‘gemiddeld’ of ‘laag’ als opgenomen in het afwegingsmodel in de bijlage kan het college een bestuurlijke boete opleggen. Artikel 6 Bestuurlijke boete Bij de berekening van de bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 1.72, eerste lid en artikel 2.28, eerste lid, van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen, worden voor alle overtredingen de boetebedragen die zijn neergelegd in het afwegingsmodel als uitgangspunt gehanteerd. Artikel 7 Verzwaring van de boete Bij de vaststelling van de boete wordt uitgegaan van 1,5 maal het bepaalde boetebedrag indien een door een bestuurlijke boete te handhaven overtreding plaatsvindt, door een houder met betrekking tot een bepaalde locatie’, binnen een termijn van 2 jaren nadat een soortgelijke overtreding namens het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld (recidive). Artikel 8 Matiging van de boete Het college kan besluiten om de bestuurlijke boete te matigen binnen de reikwijdte van de Algemene wet bestuursrecht. Bij overtredingen met een prioriteit ‘gemiddeld’ of ‘laag’ als opgenomen in het afwegingsmodel in de bijlage kan het college een bestuurlijke boete opleggen. Het college matigt in beginsel indien een bestuurlijke boete wordt opgelegd aan (zeer) klein, onlangs met de exploitatie gestart kindercentrum, gastouderbureau, voorziening voor gastouderopvang of peuterspeelzaal (0,5 maal het in onderhavig beleid vermeld boetebedrag). Overgangsrecht Artikel 9 Overgangsrecht Indien een bestuurlijke sanctie wordt opgelegd wegens een overtreding die plaatsvond vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze Beleidsregels, blijft het beleid zoals dat gold voor dat tijdstip van toepassing, tenzij het legaliteitsbeginsel als bedoeld in artikel 5:46, vierde lid, Algemene wet bestuursrecht zich daartegen verzet. 2.2. Bijlage 1: artikelsgewijze algemene toelichting Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1.1. Op 1 januari 2005 is de Wet kinderopvang in werking getreden. Per 1 augustus 2010 is deze gewijzigd en is de citeertitel aangepast naar ‘Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen’ (hierna: Wko). In de Wko staan kwaliteitseisen waaraan kindercentra, gastouderbureaus, voorzieningen voor gastouderopvang en peuterspeelzalen moeten voldoen. Op 1 juli 2013 is de Wko per wijzigingswet aangepast. 1.1.2. Het college van burgemeester en wethouders (hierna: het college) hanteert de onderhavige Beleidsregels bij het uitvoeren van de handhavingacties die nodig zijn indien een houder van een kindercentrum, een gastouderbureau, voorziening voor gastouderopvang of een peuterspeelzaal niet voldoet aan één of meer kwaliteitseisen van de Wko en alle daaruit voortvloeiende regelgeving, waaronder het Besluit kwaliteit kinderopvang en peuterspeelzalen (verder: Besluit kwaliteit), de Regeling kwaliteit kinderopvang en peuterspeelzalen 2012 (verder: Regeling kwaliteit), het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. In de Beleidsregels zijn de stappen opgenomen die het college kan hanteren bij geconstateerde overtredingen van de kwaliteitseisen. 1.1.3. Het handhavingtraject begint in beginsel na de ontvangst van het inspectierapport van de toezichthouder door het college. De toezichthouder geeft in het inspectierapport een handhavingadvies aan het college. In het inspectierapport beschrijft de toezichthouder per domein of de houder aan de gestelde voorwaarden voldoet en zo niet, wat de context is. Ook de resultaten van eventueel door de toezichthouder toegepaste overleg en overreding worden in het inspectierapport genoemd. Het college kan het advies van de toezichthouder overnemen, maar is hiertoe niet verplicht. Het college kan eventueel verzwarende of verzachtende omstandigheden mee laten wegen bij de te nemen handhavingactie(s). Daarnaast kan het college een handhavingstraject starten na eigen bevindingen. Artikel 2 1.2. Overzicht van de handhavingsmiddelen Het college is verantwoordelijk voor handhaving van de Wko en beschikt in het kader hiervan over de volgende bestuursrechtelijke handhavingsmiddelen ten aanzien van kindercentra, gastouderbureaus en voorzieningen voor gastouderopvang: het geven van een aanwijzing (artikel 1.65, eerste lid, Wko); het opleggen van een last onder bestuursdwang (artikel 125, eerste en tweede lid, Gemeentewet); het opleggen van een last onder dwangsom (artikel 125, eerste en tweede lid, Gemeentewet jo. artikel 5:32, eerste lid, Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb)); het verbieden van het voortzetten van de exploitatie (artikel 1.66, eerste lid, Wko); het verbieden van het in exploitatie nemen (artikel 1.66, tweede lid, Wko); het verwijderen uit het Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen (hierna: LRKP) (artikel 1.47a, tweede lid, onder c, Wko jo. artikel 8 Besluit registers kinderopvang en peuterspeelzalen (verder: Besluit registers), en; het opleggen van een bestuurlijke boete (artikel 1.72, eerste lid, onder a, Wko). Ten aanzien van peuterspeelzalen beschikt het college over de volgende bestuursrechtelijke handhavingsmiddelen: het geven van een aanwijzing (artikel 2.23, eerste lid, Wko); het opleggen van een last onder bestuursdwang (artikel 125, eerste en tweede lid, Gemeentewet); het opleggen van een last onder dwangsom (artikel 125, eerste en tweede lid, Gemeentewet jo. artikel 5:32, eerste lid, Awb); het verbieden van de instandhouding van een peuterspeelzaal (artikel 2.24, eerste lid, Wko); het verbieden van het in exploitatie nemen (artikel 2.24, tweede lid, Wko); het verwijderen uit het LRKP (artikel 2.4a Wko jo. artikel 14 Besluit registers) Ten aanzien van niet-gesubsidieerde peuterspeelzalen beschikt het college daarnaast nog over de mogelijkheid tot: het opleggen van een bestuurlijke boete (artikel 2.28, eerste lid, Wko). Daarnaast kan de GGD als toezichthouder in de zin van de Wko (hierna: de toezichthouder) een bevel geven indien de kwaliteit van de kinderopvang bij een kindercentrum, gastouderbureau, voorziening voor gastouderopvang of peuterspeelzaal zodanig tekortschiet dat het nemen van maatregelen redelijkerwijs geen uitstel kan lijden (artikel 1.65, derde lid en artikel 2.23, derde lid Wko). Een bevel heeft een geldigheidsduur van zeven dagen, welke door het college van burgemeester en wethouders kan worden verlengd. Alle hiervoor genoemde bestuursrechtelijke handhavingsmiddelen zijn beschikkingen in de zin van de Awb. Het herstellende traject en het bestraffende traject kunnen zowel na als naast elkaar lopen. De grondslag hiervoor wordt gevonden in de hoofdstukken 4 en 5 van de Algemene wet bestuursrecht. Er is geen beletsel voor het gelijktijdig geven van een aanwijzing of het opleggen van een herstellende sanctie én het opleggen van een bestraffende sanctie. Het essentiële verschil in dit onderscheid is gelegen in het oogmerk. De aanwijzing of de herstellende sanctie is gericht op beëindiging van de niet gewenste situatie. De bestuurlijke boete als bestraffende sanctie is geconcentreerd op de persoon van de normovertreder en heeft als doel leedtoevoeging/bestraffing. Gelet op het onderscheid in oogmerk van deze sancties zijn een aanwijzing of herstellende sanctie en een bestraffende sanctie tegelijk toegestaan. Artikel 3 1.3. Dit artikel spreekt voor zich. 2.2 Bijlage 2a: artikelsgewijze toelichting herstellend handhavingstraject Hoofdstuk 2 Artikel 4 2.4.1. Aan het college zijn bij wet de volgende handhavingsmiddelen toegekend, gericht op herstel van de overtreding: het geven van een aanwijzing (artikel 1.65, eerste lid, en 2.23, eerste lid, Wko); het opleggen van een last onder bestuursdwang (artikel 125, eerste en tweede lid, Gemeentewet); het opleggen van een last onder dwangsom (artikel 125, eerste en tweede lid, Gemeentewet jo. artikel 5:32, eerste lid, Awb) het verbieden van het voortzetten van de exploitatie (artikel 1.66, eerste lid, en 2.24, eerste lid, Wko); het verwijderen uit het LRKP (artikel 1.47a, tweede lid, onder c, jo. artikel 1.48, tiende lid, Wko jo. artikel 8 Besluit registers en artikel 2.4a Wko, jo. artikel 14 Besluit registers). 2.4.2.1. Aanwijzing Indien de toezichthouder een overtreding van de bij of krachtens hoofdstuk 1, afdeling 3, paragrafen 2 en 3, Wko of de bij of krachtens hoofdstuk 2, afdeling 2, paragrafen 2 en 3, Wko gegeven voorschriften heeft geconstateerd, geeft het college de houder in beginsel een schriftelijke aanwijzing. Het opleggen van een aanwijzing is in beginsel de eerste (juridische) stap in het kader van het herstellende handhavingstraject na het constateren van een overtreding. In deze aanwijzing geeft het college met redenen omkleed aan op welke punten de voorschriften niet of onvoldoende worden nageleefd en welke maatregel binnen welke termijn door de houder genomen dient te worden teneinde de overtreding te beëindigen. Per opvangsoort is aan iedere overtreding een prioriteit toegekend (hoog, gemiddeld of laag), welke tot uiting komt in de genoemde hersteltermijn. Bij het geven van een aanwijzing geldt de vastgestelde hersteltermijn als uitgangspunt, het college kan hier echter (gemotiveerd) van afwijken. De houder dient de maatregel binnen de in de aanwijzing gestelde termijn te nemen. Om te controleren of de overtreding daadwerkelijk is beëindigd, kan worden besloten dat de toezichthouder bij de eerstvolgende inspectie nagaat of de maatregel is genomen en de overtreding derhalve is beëindigd. Zo nodig kan het college bewijsstukken opvragen of de toezichthouder vragen een herinspectie te verrichten teneinde te controleren of de overtreding is beëindigd. Indien de overtreding niet is beëindigd, volgt in beginsel de volgende stap uit het herstellende handhavingstraject. 2.4.2.2. Last onder dwangsom Een last onder dwangsom behelst enerzijds een last tot geheel of gedeeltelijk herstel van de overtreding en anderzijds de verplichting tot betaling van een geldsom indien de last niet of niet tijdig wordt uitgevoerd. Direct na het begaan van een overtreding kan het college aan de overtreder een last onder dwangsom opleggen. In beginsel zal echter, conform de onderhavige Beleidsregels, eerst worden overgegaan tot het geven van een aanwijzing en zal conform deze Beleidsregels een last onder dwangsom worden opgelegd indien de aanwijzing niet is opgevolgd of in geval van recidive. 2.4.2.3 Last onder bestuursdwang Het college kan de overtreder na het begaan van een overtreding een last onder bestuursdwang opleggen. In onderhavige Beleidsregels is er voor gekozen om een last onder bestuursdwang in beginsel slechts op te leggen indien een aanwijzing niet is opgevolgd. Dit neemt niet weg dat in uitzonderlijke gevallen na het constateren van de overtreding gelijk tot het opleggen van een last onder bestuursdwang kan worden overgegaan. De last beschrijft de te nemen herstelmaatregel en de termijn waarbinnen deze moet worden uitgevoerd. Indien deze last niet of niet tijdig wordt uitgevoerd, kan het college de last door feitelijk handelen zelf ten uitvoer leggen op kosten van de overtreder. Slechts een beperkt aantal voorschriften uit de Wko leent zich voor het toepassen van bestuursdwang. Bij de betreffende voorschriften is deze optie onder stap 2 opgenomen. 2.4.2.4. Verbieden van het voortzetten van de exploitatie Het college kan een houder verbieden de exploitatie van een kindercentrum, gastouderbureau, voorziening voor gastouderopvang of peuterspeelzaal voort te zetten, zolang een bevel (gegeven door de toezichthouder) of een aanwijzing niet wordt opgevolgd en het opleggen van een last onder bestuursdwang niet mogelijk is. 2.4.2.5.1. Verwijdering uit het landelijk register kinderopvang, respectievelijk landelijk register peuterspeelzaalwerk Het college kan een kindercentrum, gastouderbureau of een voorziening voor gastouderopvang verwijderen uit het landelijk register kinderopvang indien bij een inspectie blijkt dat de houder naar verwachting niet, dan wel niet langer, voldoet aan de bij en krachtens hoofdstuk 1, afdeling 3, paragrafen 2 en 3, Wko gegeven voorschriften. Het college kan een peuterspeelzaal verwijderen uit het landelijk register peuterspeelzaalwerk indien bij een inspectie blijkt dat de houder naar verwachting niet, dan wel niet langer, voldoet aan de bij en krachtens hoofdstuk 2, afdeling 2, paragrafen 2 en 3, Wko gegeven voorschriften. In deze Beleidsregels heeft het college in beide gevallen de stap: ‘verwijdering uit het LRKP’ opgenomen. Daarnaast is verwijdering mogelijk indien gebleken is dat de houder niet langer de kinderopvangvoorziening exploiteert of indien drie maanden na de registratie de exploitatie van de organisatie voor kinderopvang of peuterspeelzaal niet daadwerkelijk is aangevangen. 2.4.2.5.2. Illegale kinderopvang of peuterspeelzaalwerk Vanaf het moment dat een voorziening is verwijderd uit het register, is er geen sprake meer van kinderopvang of peuterspeelzaalwerk in de zin van de wet. Voortzetten van exploitatie leidt tot illegale kinderopvang of peuterspeelzaalwerk en tot een boete of vervolging door het Openbaar Ministerie op basis van overtreding van de Wet op de economische delicten. Indien kinderopvang of peuterspeelzaalwerk wordt geboden, is er een meldplicht (verplichting tot aanvraag) voor houders op grond van artikel 1.45, eerste lid, Wko (kindercentrum of gastouderbureau) of artikel 2.2, eerste lid, Wko (peuterspeelzaalwerk). 2.4.3. Alle bovengenoemde handhavingsmiddelen zijn gericht op herstel van een overtreding. Dit brengt met zich dat indien een opgelegde aanwijzing of herstellende sanctie niet wordt opgevolgd een zwaardere herstelsanctie kan worden opgelegd, totdat de overtreding is beëindigd. In beginsel gelden de stappen, zoals vastgelegd in onderhavige Beleidsregels. Het is echter ook mogelijk dat tweemaal hetzelfde soort handhavingsmiddel wordt opgelegd. Indien bijvoorbeeld een last onder dwangsom niet is opgevolgd, kan door middel van een nieuw besluit een (hogere) last onder dwangsom worden opgelegd. 2.4.4. Aan alle overtredingen is een prioritering toegekend. Deze varieert van ‘laag’, ‘gemiddeld’ tot ‘hoog’. Afhankelijk van deze prioritering is een hersteltermijn vastgelegd. Bij ieder vereiste staat aangegeven wat de verschillende handhavingsstappen zijn die bij overtreding van het vereiste kunnen worden gevolgd. De eerste stap zal in beginsel zijn het opleggen van een aanwijzing (stap 1), eventueel gevolgd door het opleggen van een last onder dwangsom, een last onder bestuursdwang of een exploitatieverbod (stap 2) en als laatste stap verwijdering uit het LRKP (stap 3). Omdat bij het begaan van een overtreding met een prioritering ‘laag’ of ‘gemiddeld’ het opleggen van een exploitatieverbod of verwijdering uit het LRKP niet voor de hand ligt, maar wel mogelijk is, zijn in die gevallen deze twee stappen in het grijs aangegeven. 3.2 Bijlage 3a: artikelsgewijze toelichting bestraffend handhavingstraject Hoofdstuk 3 Artikelen 5 en 6 3.6.1. De bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete is aan het college toegekend in artikel 1.72, eerste lid, onder a, Wko. Een bestuurlijke boete mag (per overtreding) maximaal € 45.000,00 bedragen. 3.6.2. Het college kan een bestuurlijke boete opleggen indien sprake is van één van de volgende situaties: een houder komt een aanwijzing als bedoeld in artikel 1.65, eerste lid, Wko of artikel 2.23, eerste lid, Wko niet na; een houder komt een bevel als bedoeld in artikel 1.65, derde lid, Wko of artikel 2.23, derde lid, Wko niet na; een houder komt artikel 5:20 Awb niet na; een houder handelt in strijd met een verbod, opgelegd krachtens artikel 1.66 Wko of artikel 2.24 Wko; een houder komt een verplichting als bedoeld bij of krachtens hoofdstuk 1, afdeling 3, Wko of komt een verplichting als bedoeld bij of krachtens hoofdstuk 2, afdeling 2, Wko niet na. 3.6.3. Het college kan een bovengenoemde overtreding niet afdoen met het opleggen van een bestuurlijke boete, indien de overtreding opzettelijk of roekeloos geschiedt en een direct gevaar voor de gezondheid of de veiligheid van personen tot gevolg heeft (zie artikel 1.72, tweede lid, Wko). Daarnaast ziet het college af van het opleggen van een bestuurlijke boete indien: tegen de overtreder voor dezelfde gedraging een strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting is begonnen, dan wel een strafbeschikking is uitgevaardigd; of aan de overtreder wegens dezelfde overtreding reeds eerder een bestuurlijke boete is opgelegd; of de overtreding niet aan de overtreder kan worden verweten; of de overtreder is overleden. 3.6.4. In de bijgaande tarievenlijst / afwegingsmodel is door het college vastgelegd welke prioriteit de overtreding heeft (‘hoog’, ‘gemiddeld’ of ‘laag’) en hoe hoog de bestuurlijke boete is die per overtreding wordt opgelegd. Indien sprake is van een overtreding met de prioriteit ‘hoog’ wordt in beginsel een bestuurlijke boete opgelegd, zoals deze is opgenomen in de tarievenlijst. Indien sprake is van een overtreding welke de prioriteit ‘gemiddeld’ of ‘laag’ heeft kan een bestuurlijke boete worden opgelegd. 3.6.5. Boetes voorzieningen voor gastouderopvang Voorzieningen voor gastouderopvang vallen volledig onder het regime van toezicht en handhaving en daarbij is ook de mogelijkheid om een bestuurlijke boete op te leggen van toepassing. Een voorziening voor gastouderopvang is echter een bijzonder object van toezicht en handhaving. Derhalve is er voor gekozen niet vooraf in de Beleidsregels het boetebedrag te noemen voor het merendeel van overtredingen. Indien het college een overtreding van een voorziening voor gastouderopvang wil sanctioneren met een bestuurlijke boete, zal in dat geval het boetebedrag bepaald worden, met inachtneming van de algemene bepalingen hieromtrent in de Beleidsregels. Een beperkt aantal veel voorkomende overtredingen is wél specifiek genoemd. Artikel 7 Er kan sprake zijn van omstandigheden waardoor naar het oordeel van het college afgeweken dient te worden van de (hoogte van
  2. de)in de tarievenlijst / afwegingsmodel opgenomen bestuurlijke boetes. Van dergelijke boete verhogende omstandigheden kan bijvoorbeeld sprake zijn indien er sprake is van recidive door de houder. Het college van de gemeente Bunschoten hanteert een verzwaring van het vastgestelde boetebedrag van 1,5 maal indien een door een bestuurlijke boete te handhaven overtreding plaatsvindt, nadat een eerdere overtreding van dezelfde wettelijke norm heeft plaatsgevonden. Artikel 8 Het college kan besluiten om de bestuurlijke boete te matigen, conform 3:4 Awb, indien belanghebbende aannemelijk maakt dat op grond van de ernst van de overtreding, de mate van verwijtbaarheid, de omstandigheden waaronder de overtreding is begaan of de omstandigheden waarin de overtreder verkeert, boeteoplegging overeenkomstig het opgenomen bedrag in de tarievenlijst onevenredig is. Daarvan kan in beginsel slechts sprake zijn, indien sprake is van bijzondere omstandigheden, conform 5:46, tweede lid Awb, waarin bij de vaststelling van deze Beleidsregels niet is voorzien. In beginsel wordt gematigd conform deze Beleidsregels indien een bestuurlijke boete wordt opgelegd aan (zeer) klein, onlangs met de exploitatie gestart kindercentrum, gastouderbureau, voorziening voor gastouderopvang of peuterspeelzaal (0,5 ,aal het in onderhavig beleid vermeld boetebedrag). Onder ‘onlangs gestart’ wordt verstaan tot en met de eerste reguliere inspectie. Overgangsrecht Artikel 9 Overgangsrecht Dit artikel spreekt voor zich. Bijlage 2b: afwegingsmodel herstellend handhavingstraject per opvangsoort 2.3 Herstellend handhavingstraject dagopvang De kwaliteitsaspecten voor dagopvang zijn als volgt ingedeeld: Kinderopvang in de zin van de Wko Ouders Personeel Veiligheid en gezondheid Accommodatie en inrichting Groepsgrootte en beroepskracht-kind-ratio Pedagogisch beleid Klachten 0. Kinderopvang in de zin van de Wko 0.1 Kinderopvang in de zin van de Wko Wko (artikel 1.1, eerste lid) Vereiste Constatering Gevolg 1 De opvang vindt bedrijfsmatig of anders dan om niet plaats. indien niet voldaan: geen kinderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 2 Gedurende de opvang wordt verzorging en opvoeding geboden en wordt bijgedragen aan de ontwikkeling van kinderen. indien niet voldaan: geen kinderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 3 De opvang is gericht op kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs voor die kinderen begint. indien niet voldaan: geen kinderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 1. Ouders 1.1 Reglement oudercommissie Wko (artikel 1.59, eerste lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft, binnen zes maanden na de aanvraag als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid van de wet, een reglement voor de oudercommissie vastgesteld. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.1.1 Inhoud reglement oudercommissie Wko (artikel 1.59, tweede, derde en vijfde lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Het reglement omvat regels omtrent het aantal leden. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het reglement omvat regels omtrent de wijze van kiezen van de leden. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Het reglement omvat regels omtrent de zittingsduur van de leden. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Het reglement omvat geen regels omtrent werkwijze van de oudercommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder wijzigt het reglement na instemming van de oudercommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.2 Instellen oudercommissie Wko (artikel 1.58, eerste lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft een oudercommissie ingesteld. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.2.1 Voorwaarden oudercommissie Wko (artikel 1.58, tweede, derde en vierde lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder is geen lid. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het personeel is geen lid. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De leden worden gekozen uit en door de ouders. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder stelt de oudercommissie in de gelegenheid haar eigen werkwijze te bepalen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.2.2 Adviesrecht oudercommissie Wko (artikel 1.60) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder stelt de oudercommissie in staat haar advies uit te brengen over elk voorgenomen besluit met betrekking tot de in artikel 1.60, eerste lid, Wko genoemde onderwerpen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder verstrekt de oudercommissie tijdig en desgevraagd schriftelijk alle informatie die deze voor de vervulling van haar taak redelijkerwijs nodig heeft. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Van een gevraagd advies van de oudercommissie wijkt de houder alleen af indien hij schriftelijk en gemotiveerd aangeeft dat het belang van de kinderopvang zich tegen het advies verzet. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder geeft de oudercommissie gelegenheid ook ongevraagd te adviseren over de in artikel 1.60, eerste lid, genoemde onderwerpen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.3 Informatie Wko (artikelen 1.50, eerste lid, 1.54) Besluit kwaliteit (artikel 5) Regeling kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder informeert de ouders over het te voeren beleid als bedoeld in hoofdstuk 1, afdeling 3, paragraaf 2 Wko. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder informeert de ouders en de kinderen in welke stamgroep het kind behoort en welke beroepskrachten op welke dag aan welke groep zijn toegewezen (uitzondering in artikel 5, zesde lid, Regeling kwaliteit). gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder plaatst het inspectierapport op de eigen website. Indien geen website aanwezig is, legt de houder een afschrift van het inspectierapport op een voor ouders en personeel toegankelijke plaats. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De informatie is gedetailleerd genoeg om ouders een adequaat beeld van de praktijk te geven. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De praktijk sluit aan bij de aan de ouders verstrekte informatie. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2. Personeel 2.1 Verklaring omtrent het gedrag Wko (artikel 1.50, derde tot en met negende lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder van een kindercentrum is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De verklaring omtrent het gedrag van de houder is bij het indienen van de aanvraag, bedoeld in artikel 1.45, eerste lid, Wko niet ouder dan twee maanden. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Personen werkzaam bij een onderneming waarmee de houder het kindercentrum exploiteert zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag, voor zover zij als bestuurder of werknemer werkzaam zijn. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De verklaring omtrent het gedrag van beroepskrachten en bestuurders is vóór aanvang van de werkzaamheden bij het kindercentrum aan de houder overgelegd. hoog n.v.t n.v.t last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De verklaring omtrent het gedrag van beroepskrachten en bestuurders is bij aanvang van de werkzaamheden niet ouder dan twee maanden. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 Een werknemer, werkzaam als stagiair of uitzendkracht, is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. Deze is voor aanvang van de werkzaamheden aan de houder overgelegd en op dat moment niet ouder dan twee maanden. Deze verplichting geldt de eerste maal voordat hij de werkzaamheden aanvangt en vervolgens uiterlijk iedere twee jaar, te rekenen vanaf de dag van afgifte van de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. Bij iedere volgende houder ten behoeve waarvan de stagiair of de uitzendkracht in die periode van maximaal twee jaar werkzaam is, overlegt hij telkens de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7 Een vrijwilliger, werkzaam bij een kindercentrum voor dagopvang, is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. Deze verplichting geldt voor de eerste maal voordat hij de werkzaamheden aanvangt en vervolgens uiterlijk iedere twee jaar, te rekenen vanaf de dag van afgifte van de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.2 Passende beroepskwalificatie Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 3) Regeling kwaliteit (artikel 4) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Alle beroepskrachten beschikken over een voor de werkzaamheden passende beroepskwalificatie zoals in de CAO Kinderopvang is opgenomen. hoog maximaal 14 dagen [1] aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.3 Voorwaarden en inzet van pedagogisch medewerkers in ontwikkeling (PMIO) Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 3) Regeling kwaliteit (artikel 4) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1a Alle PMIO beschikken over een diploma op minimaal MBO-3 niveau; gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 1b een HAVO of VWO diploma; OF 1c een voor de kinderopvang relevant, maar nog niet gelijkgesteld buitenlands diploma én relevante werkervaring. 2 Voor alle PMIO is binnen 2 maanden na aanvang van de arbeidsovereenkomst een persoonlijk ontwikkelplan opgesteld. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Alle PMIO worden ingezet conform een actueel persoonlijk ontwikkelplan. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.4 Gebruik van de voorgeschreven voertaal Wko (artikel 1.55) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1a De Nederlandse taal wordt als voertaal gebruikt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 1b Er wordt een andere taal als voertaal gebezigd, omdat de herkomst van de kinderen in deze specifieke omstandigheid daartoe noodzaakt, overeenkomstig een door de houder vastgestelde gedragscode. 3. Veiligheid en gezondheid 3.1 Risico-inventarisatie veiligheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft een risico-inventarisatie veiligheid. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De risico-inventarisatie veiligheid is maximaal één jaar oud. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder heeft een risico-inventarisatie veiligheid betreffende de actuele situatie. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De risico-inventarisatie veiligheid beschrijft de veiligheidsrisico’s die de opvang van kinderen in alle voor kinderen toegankelijke ruimtes in een kindercentrum, daaronder mede begrepen de buitenspeelruimte, met zich brengt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.1.1 Beleid veiligheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De risico-inventarisatie beschrijft de veiligheidsrisico’s die de opvang van de kinderen met zich meebrengt op de thema’s: verbranding, vergiftiging, verdrinking, valongevallen, verwondingen, beknelling, botsen, stoten, steken en snijden. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Er is een plan van aanpak waarin is aangegeven welke maatregelen op welk moment zijn respectievelijk worden genomen in verband met de risico’s, alsmede de samenhang tussen de risico’s en de maatregelen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Er is een registratie van ongevallen, waarbij per ongeval de aard en plaats van het ongeval, de leeftijd van het kind, het jaar van het ongeval en een overzicht van te treffen maatregelen worden vermeld. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.1.2 Uitvoering beleid veiligheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De geïnventariseerde risico’s zijn compleet en komen overeen met de risico’s in de praktijk. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Risico’s worden gereduceerd door het nemen van preventieve maatregelen die effectief en adequaat zijn. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder draagt zorg voor uitvoering van het plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Beroepskrachten zijn op de hoogte van de risico’s en de aanpak daarvan. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 Beroepskrachten handelen conform het plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.2 Risico-inventarisatie gezondheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft een risico-inventarisatie gezondheid. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De risico-inventarisatie gezondheid is maximaal één jaar oud. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder heeft een risico-inventarisatie gezondheid betreffende de actuele situatie. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De risico-inventarisatie gezondheid beschrijft de gezondheidsrisico’s die de opvang van kinderen in alle voor kinderen toegankelijke ruimtes in een kindercentrum, daaronder mede begrepen de buitenspeelruimte, met zich brengt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.2.1 Beleid gezondheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De risico-inventarisatie beschrijft de gezondheidsrisico’s die de opvang van de kinderen met zich meebrengt op de thema’s: voorkomen van ziektekiemen, binnenmilieu, buitenmilieu en medisch handelen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Er is een plan van aanpak waarin is aangegeven welke maatregelen op welk moment zijn respectievelijk worden genomen in verband met de risico’s, alsmede de samenhang tussen de risico’s en de maatregelen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.2.2 Uitvoering beleid gezondheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De geïnventariseerde risico’s zijn compleet en komen overeen met de risico’s in de praktijk. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Risico’s worden gereduceerd door het nemen van preventieve maatregelen die effectief en adequaat zijn. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder draagt zorg voor uitvoering van het plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Beroepskrachten zijn op de hoogte van de risico’s en de aanpak daarvan. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 Beroepskrachten handelen conform het plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.3 Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Wko (artikelen 1.49, eerste lid en 1.50, eerste lid) Wet Meldcode huiselijke geweld en kindermishandeling Besluit kwaliteit (artikel 2) Besluit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Regeling kwaliteit (artikel 3) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft voor het kindercentrum een meldcode kindermishandeling welke voldoet aan de beschreven eisen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1 De houder heeft voor het kindercentrum een aanvullende meldcode huiselijk geweld welke voldoet aan de beschreven eisen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.3.1 Beleid meldcode kindermishandeling Wko (artikelen 1.49, eerste lid en 1.50, eerste lid) Wet Meldcode huiselijke geweld en kindermishandeling Besluit kwaliteit (artikel 2) Besluit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Regeling kwaliteit (artikel 3) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder draagt er zorg voor dat beroepskrachten op de hoogte zijn van de inhoud van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.3.2 Uitvoering beleid meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Wko (artikelen 1.49, eerste lid en 1.50, eerste lid) Wet Meldcode huiselijke geweld en kindermishandeling Besluit kwaliteit (artikel 2) Besluit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Regeling kwaliteit (artikel 3) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De beroepskrachten kennen de inhoud van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De beroepskrachten handelen aantoonbaar naar de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.4 Vierogenprincipe Wko (artikelen 1.49, eerste lid en 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 5a) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder organiseert de dagopvang op zodanige wijze dat de beroepskracht of beroepskracht in opleiding de werkzaamheden uitsluitend kan verrichten terwijl hij gezien of gehoord kan worden door een andere volwassene. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4. Accommodatie en inrichting 4.1 Binnenspeelruimte Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 6) Regeling kwaliteit (artikel 8) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Elke stamgroep beschikt over een afzonderlijke vaste groepsruimte. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Er is ten minste 3,5 m² bruto oppervlakte passend ingerichte speelruimte in de groepsruimte beschikbaar per kind, waaronder mede begrepen passend voor spelactiviteiten ingerichte ruimtes buiten de groepsruimte. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De binnenspeelruimte is ingericht in overeenstemming met het aantal op te vangen kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De binnenspeelruimte is passend ingericht in overeenstemming met de leeftijd van de op te vangen kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom (evt. bestuursdwang) exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4.2 Slaapruimte Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 6) Regeling kwaliteit (artikel 9) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Er is een afzonderlijke slaapruimte voorkinderen tot anderhalf jaar. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De slaapruimte is afgestemd op het aantal op te vangen kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4.3 Buitenspeelruimte Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 6) Regeling kwaliteit (artikel 10) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Er is tenminste 3 m² bruto buitenspeelruimte beschikbaar per aanwezig kind. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De buitenspeelruimte is voor kinderen toegankelijk. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De buitenspeelruimte is aangrenzend aan het kindercentrum. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De buitenspeelruimte is passend ingericht in overeenstemming met de leeftijd van de op te vangen kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De buitenspeelruimte is voor kinderen veilig. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom (evt. bestuursdwang) exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5. Groepsgrootte en beroepskracht-kind-ratio 5.1 Opvang in groepen Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikelen 4 en 5) Regeling kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De opvang vindt plaats in stamgroepen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2a De stamgroep bestaat uit maximaal 12 kinderen tot 1 jaar. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 2b De stamgroep bestaat uit maximaal 16 kinderen van 0 tot 4 jaar, waarvan maximaal 8 kinderen tot 1 jaar. 3a Een kind wordt in beginsel opgevangen in één stamgroep. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 3b Er is vooraf gegeven schriftelijke toestemming van de ouder dat een kind, gedurende een tussen houder en ouder overeengekomen periode, kan worden opgevangen in een andere dan de eigen stamgroep. 5.2 Vaste beroepskrachten en vaste ruimtes Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 5) Regeling kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Ieder kind heeft maximaal drie vaste beroepskrachten. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Dagelijks is minimaal één van de vaste beroepskrachten werkzaam in de groep van het kind. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Ieder kind maakt gedurende een week gebruik van maximaal twee verschillende stamgroepruimtes. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5.3 Beroepskracht-kind-ratio Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 4) Regeling kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De verhouding tussen het aantal beroepskrachten en het aantal feitelijk gelijktijdig aanwezige kinderen in de groep bedraagt ten minste: - 1 beroepskracht per 4 kinderen tot 1 jaar; - 1 beroepskracht per 5 kinderen van 1 tot 2 jaar; - 1 beroepskracht per 6 kinderen van 2 tot 3 jaar; - 1 beroepskracht per 8 kinderen van 3 tot 4 jaar. Bij kinderen van verschillende leeftijden in één groep wordt de beroepskracht-kind-ratio bepaald met behulp van de rekentool genoemd in artikel 5, achtste lid, Regeling. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Indien conform de beroepskracht-kind-ratio slechts één beroepskracht in het kindercentrum aanwezig is, dan is ondersteuning van deze beroepskracht door een andere volwassene in geval van calamiteiten geregeld. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5.4 Inzet beroepskrachten in afwijking van de beroepskracht-kind-ratio Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 4) Regeling kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Indien ten minste tien aaneengesloten uren opvang per dag wordt geboden kunnen ten hoogste drie uur per dag minder beroepskrachten worden ingezet dan op grond van de beroepskracht-kind-ratio vereist is. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De drie uur afwijkende inzet betreft uitsluitend de tijd voor 9:30 uur, tussen 12:30 uur en 15:00 uur en na 16:30 uur. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Vóór 9:30 uur en ná 16:30 uur bedraagt de afwijking maximaal anderhalf aaneen-gesloten uren. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Tussen 12:30 uur en 15:00 uur bedraagt de afwijking maximaal twee aaneengesloten uren en duurt niet langer dan de voor het kindercentrum gebruikelijke middagpauze. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 Tijdens de afwijkende inzet wordt minstens de helft van het aantal vereiste beroepskrachten ingezet. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 Indien tijdens de afwijkende inzet slechts één beroepskracht in het kindercentrum wordt ingezet, dan is er ter ondersteuning ten minste één andere volwassene in het kindercentrum aanwezig. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6. Pedagogisch beleid 6.1 Pedagogisch beleidsplan Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft een pedagogisch beleidsplan waarin de voor dat kindercentrum kenmerkende visie op de omgang met kinderen is beschreven. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6.1.1 Inhoud pedagogisch beleidsplan Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 5) Regeling kwaliteit (artikel 7) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 In het pedagogisch beleidsplan staat in duidelijke en observeerbare termen het volgende beschreven: de wijze waarop de emotionele veiligheid van kinderen wordt gewaarborgd, de mogelijkheden voor kinderen tot de ontwikkeling van hun persoonlijke- en sociale competentie, en de wijze waarop de overdracht van normen en waarden aan kinderen plaatsvindt. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het pedagogisch beleidsplan beschrijft in duidelijke en observeerbare termen de werkwijze, de maximale omvang en de leeftijdsopbouw van de stamgroep. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Het pedagogisch beleidsplan beschrijft in duidelijke en observeerbare termen welke (spel)activiteiten kinderen buiten de stamgroep kunnen verrichten. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Het pedagogisch beleidsplan beschrijft in duidelijke en observeerbare termen hoe beroepskrachten bij hun werkzaamheden worden ondersteund door andere volwassenen. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6.1.2 Pedagogische praktijk Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De beroepskrachten kennen de inhoud van het pedagogisch beleidsplan. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder en de personen werkzaam bij het kindercentrum handelen conform het pedagogisch beleidsplan. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7. Klachten 7.1 Wet klachtrecht cliënten zorgsector Wet klachtrecht cliënten zorgsector (artikelen 2, eerste, tweede, derde, vijfde, zevende en negende lid, en 4) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder treft een regeling voor de behandeling van klachten die voldoet aan de in artikel 2, tweede lid, Wet klachtrecht cliënten zorgsector beschreven eisen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder brengt de regeling op passende wijze onder de aandacht van de ouders. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder ziet erop toe dat de klachtencommissie werkt met een reglement. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder hanteert de termijn waarbinnen schriftelijk wordt gereageerd naar aanleiding van een oordeel van de klachtencommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder leeft geheimhoudingsplicht na. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 De houder draagt er zorg voor dat over elk kalenderjaar een openbaar verslag wordt opgesteld, waarin ten minste de onderdelen, genoemd in artikel 2, zevende lid, Wet klachtrecht cliënten zorgsector, worden aangegeven. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7 De houder zendt het verslag voor 1 juni van het daaropvolgende kalenderjaar aan de toezichthouder. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7.2 Klachtenregeling oudercommissie Wko (artikel 1.60a) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder treft een regeling voor de behandeling van klachten van de oudercommissie over een door hem genomen besluit als bedoeld in artikel 1.60, eerste lid, welke voldoet aan de in artikel 1.60a beschreven eisen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder brengt de regeling op passende wijze onder de aandacht van oudercommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder zorgt voor naleving van de regeling. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder draagt er zorg voor dat over elk kalenderjaar een openbaar verslag wordt opgesteld, waarin ten minste de onderdelen, genoemd in artikel 2, zevende lid, Wet klachtrecht cliënten zorgsector, worden aangegeven. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder zendt het verslag voor 1 juni van het daaropvolgende kalenderjaar aan de toezichthouder. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.4 Herstellend handhavingstraject buitenschoolse opvang De kwaliteitsaspecten voor buitenschoolse opvang zijn als volgt ingedeeld: Kinderopvang in de zin van de Wko Ouders Personeel Veiligheid en gezondheid Accommodatie en inrichting Groepsgrootte en beroepskracht-kind-ratio Pedagogisch beleid Klachten 0. Kinderopvang in de zin van de Wko 0.1 Kinderopvang in de zin van de Wko Wko (artikel 1.1, eerste lid) Vereiste Constatering Gevolg 1 De opvang vindt bedrijfsmatig of anders dan om niet plaats. indien niet voldaan: geen kinderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 2 Gedurende de opvang wordt verzorging en opvoeding geboden en wordt bijgedragen aan de ontwikkeling van kinderen. indien niet voldaan: geen kinderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 3 De opvang is gericht op kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs voor die kinderen begint. indien niet voldaan: geen kinderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 1. Ouders 1.1 Reglement oudercommissie Wko (artikel 1.59, eerste lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft, binnen zes maanden na de aanvraag als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid van de wet, een reglement voor de oudercommissie vastgesteld. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.1.1 Inhoud reglement oudercommissie Wko (artikel 1.59, tweede, derde en vijfde lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Het reglement omvat regels omtrent het aantal leden. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het reglement omvat regels omtrent de wijze van kiezen van de leden. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Het reglement omvat regels omtrent de zittingsduur van de leden. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Het reglement omvat geen regels omtrent werkwijze van de oudercommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder wijzigt het reglement na instemming van de oudercommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.2 Instellen oudercommissie Wko (artikel 1.58, eerste lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft een oudercommissie ingesteld. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.2.1 Voorwaarden oudercommissie Wko (artikel 1.58, tweede, derde en vierde lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder is geen lid. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het personeel is geen lid. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De leden worden gekozen uit en door de ouders. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder stelt de oudercommissie in de gelegenheid haar eigen werkwijze te bepalen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.2.2 Adviesrecht oudercommissie Wko (artikel 1.60) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder stelt de oudercommissie in staat haar advies uit te brengen over elk voorgenomen besluit met betrekking tot de in artikel 1.60, eerste lid, Wko genoemde onderwerpen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder verstrekt de oudercommissie tijdig en desgevraagd schriftelijk alle informatie die deze voor de vervulling van haar taak redelijkerwijs nodig heeft. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Van een gevraagd advies van de oudercommissie wijkt de houder alleen af indien hij schriftelijk en gemotiveerd aangeeft dat het belang van de kinderopvang zich tegen het advies verzet. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder geeft de oudercommissie gelegenheid ook ongevraagd te adviseren over de in artikel 1.60, eerste lid, genoemde onderwerpen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1.3 Informatie Wko (artikelen 1.50, eerste lid, 1.54) Besluit kwaliteit (artikel 5) Regeling kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder informeert de ouders over het te voeren beleid als bedoeld in hoofdstuk 1, afdeling 3, paragraaf 2 Wko. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder informeert de ouders en de kinderen in welke stamgroep het kind behoort en welke beroepskrachten op welke dag aan welke groep zijn toegewezen (uitzondering in artikel 5, zesde lid, Regeling kwaliteit). gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder plaatst het inspectierapport op de eigen website. Indien geen website aanwezig is, legt de houder een afschrift van het inspectierapport op een voor ouders en personeel toegankelijke plaats. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De informatie is gedetailleerd genoeg om ouders een adequaat beeld van de praktijk te geven. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De praktijk sluit aan bij de aan de ouders verstrekte informatie. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2. Personeel 2.1 Verklaring omtrent het gedrag Wko (artikel 1.50, derde tot en met negende lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder van een kindercentrum is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De verklaring omtrent het gedrag van de houder is bij het indienen van de aanvraag, bedoeld in artikel 1.45, eerste lid, Wko niet ouder dan twee maanden. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Personen werkzaam bij een onderneming waarmee de houder het kindercentrum exploiteert zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag, voor zover zij als bestuurder of werknemer werkzaam zijn. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De verklaring omtrent het gedrag van beroepskrachten en bestuurders is vóór aanvang van de werkzaamheden bij het kindercentrum aan de houder overgelegd. hoog n.v.t n.v.t last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De verklaring omtrent het gedrag van beroepskrachten en bestuurders is bij aanvang van de werkzaamheden niet ouder dan twee maanden. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 Een werknemer, werkzaam als stagiair of uitzendkracht, is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. Deze is voor aanvang van de werkzaamheden aan de houder overgelegd en op dat moment niet ouder dan twee maanden. Deze verplichting geldt de eerste maal voordat hij de werkzaamheden aanvangt en vervolgens uiterlijk iedere twee jaar, te rekenen vanaf de dag van afgifte van de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. Bij iedere volgende houder ten behoeve waarvan de stagiair of de uitzendkracht in die periode van maximaal twee jaar werkzaam is, overlegt hij telkens de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7 Een vrijwilliger, werkzaam bij een kindercentrum voor dagopvang, is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. Deze verplichting geldt voor de eerste maal voordat hij de werkzaamheden aanvangt en vervolgens uiterlijk iedere twee jaar, te rekenen vanaf de dag van afgifte van de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.2 Passende beroepskwalificatie Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 3) Regeling kwaliteit (artikel 4) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Alle beroepskrachten beschikken over een voor de werkzaamheden passende beroepskwalificatie zoals in de CAO Kinderopvang is opgenomen. hoog maximaal 14 dagen[1] aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.3 Voorwaarden en inzet van pedagogisch medewerkers in ontwikkeling (PMIO) Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 3) Regeling kwaliteit (artikel 4) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1a Alle PMIO beschikken over een diploma op minimaal MBO-3 niveau; gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 1b een HAVO of VWO diploma; OF 1c een voor de kinderopvang relevant, maar nog niet gelijkgesteld buitenlands diploma én relevante werkervaring. 2 Voor alle PMIO is binnen 2 maanden na aanvang van de arbeidsovereenkomst een persoonlijk ontwikkelplan opgesteld. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Alle PMIO worden ingezet conform een actueel persoonlijk ontwikkelplan. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.4 Gebruik van de voorgeschreven voertaal Wko (artikel 1.55) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1a De Nederlandse taal wordt als voertaal gebruikt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 1b Er wordt een andere taal als voertaal gebezigd, omdat de herkomst van de kinderen in deze specifieke omstandigheid daartoe noodzaakt, overeenkomstig een door de houder vastgestelde gedragscode. 3. Veiligheid en gezondheid 3.1 Risico-inventarisatie veiligheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft een risico-inventarisatie veiligheid. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De risico-inventarisatie veiligheid is maximaal één jaar oud. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder heeft een risico-inventarisatie veiligheid betreffende de actuele situatie. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De risico-inventarisatie veiligheid beschrijft de veiligheidsrisico’s die de opvang van kinderen in alle voor kinderen toegankelijke ruimtes in een kindercentrum, daaronder mede begrepen de buitenspeelruimte, met zich brengt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.1.1 Beleid veiligheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De risico-inventarisatie beschrijft de veiligheidsrisico’s die de opvang van de kinderen met zich meebrengt op de thema’s: verbranding, vergiftiging, verdrinking, valongevallen, verwondingen, beknelling, botsen, stoten, steken en snijden. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Er is een plan van aanpak waarin is aangegeven welke maatregelen op welk moment zijn respectievelijk worden genomen in verband met de risico’s, alsmede de samenhang tussen de risico’s en de maatregelen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Er is een registratie van ongevallen, waarbij per ongeval de aard en plaats van het ongeval, de leeftijd van het kind, het jaar van het ongeval en een overzicht van te treffen maatregelen worden vermeld. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.1.2 Uitvoering beleid veiligheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De geïnventariseerde risico’s zijn compleet en komen overeen met de risico’s in de praktijk. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Risico’s worden gereduceerd door het nemen van preventieve maatregelen die effectief en adequaat zijn. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder draagt zorg voor uitvoering van het plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Beroepskrachten zijn op de hoogte van de risico’s en de aanpak daarvan. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 Beroepskrachten handelen conform het plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.2 Risico-inventarisatie gezondheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft een risico-inventarisatie gezondheid. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 . De risico-inventarisatie gezondheid is maximaal één jaar oud hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder heeft een risico-inventarisatie gezondheid betreffende de actuele situatie. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De risico-inventarisatie gezondheid beschrijft de gezondheidsrisico’s die de opvang van kinderen in alle voor kinderen toegankelijke ruimtes in een kindercentrum, daaronder mede begrepen de buitenspeelruimte, met zich brengt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.2.1 Beleid gezondheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De risico-inventarisatie beschrijft de gezondheidsrisico’s die de opvang van de kinderen met zich meebrengt op de thema’s: voorkomen van ziektekiemen, binnenmilieu, buitenmilieu en medisch handelen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Er is een plan van aanpak waarin is aangegeven welke maatregelen op welk moment zijn respectievelijk worden genomen in verband met de risico’s, alsmede de samenhang tussen de risico’s en de maatregelen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.2.2 Uitvoering beleid gezondheid Wko (artikel 1.51) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 2) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De geïnventariseerde risico’s zijn compleet en komen overeen met de risico’s in de praktijk. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Risico’s worden gereduceerd door het nemen van preventieve maatregelen die effectief en adequaat zijn. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder draagt zorg voor uitvoering van het plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Beroepskrachten zijn op de hoogte van de risico’s en de aanpak daarvan. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 Beroepskrachten handelen conform het plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.3 Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Wko (artikelen 1.49, eerste lid en 1.50, eerste lid) Wet Meldcode huiselijke geweld en kindermishandeling Besluit kwaliteit (artikel 2) Besluit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Regeling kwaliteit (artikel 3) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft voor het kindercentrum een meldcode kindermishandeling welke voldoet aan de beschreven eisen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1 De houder heeft voor het kindercentrum een aanvullende meldcode huiselijk geweld welke voldoet aan de beschreven eisen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.3.1 Beleid meldcode kindermishandeling Wko (artikelen 1.49, eerste lid en 1.50, eerste lid) Wet Meldcode huiselijke geweld en kindermishandeling Besluit kwaliteit (artikel 2) Besluit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Regeling kwaliteit (artikel 3) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder draagt er zorg voor dat beroepskrachten op de hoogte zijn van de inhoud van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.3.2 Uitvoering beleid meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Wko (artikelen 1.49, eerste lid en 1.50, eerste lid) Wet Meldcode huiselijke geweld en kindermishandeling Besluit kwaliteit (artikel 2) Besluit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Regeling kwaliteit (artikel 3) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De beroepskrachten kennen de inhoud van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De beroepskrachten handelen aantoonbaar naar de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.4 Vierogenprincipe Wko ( artikelen 1.49, eerste lid en 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 2) Regeling kwaliteit (artikel 5a) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder organiseert de dagopvang op zodanige wijze dat de beroepskracht of beroepskracht in opleiding de werkzaamheden uitsluitend kan verrichten terwijl hij gezien of gehoord kan worden door een andere volwassene. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4. Accommodatie en inrichting 4.1 Binnenspeelruimte Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 6) Regeling kwaliteit (artikel 8) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Er is per kind ten minste 3,5 m² bruto oppervlakte passend ingerichte (speel)ruimte beschikbaar. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De binnenspeelruimte is ingericht in overeenstemming met het aantal op te vangen kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De binnenspeelruimte is ingericht in overeenstemming met de leeftijd van de op te vangen kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom (evt. bestuursdwang) exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4.2 Buitenspeelruimte Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 6) Regeling kwaliteit (artikel 10) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Er is tenminste 3 m² bruto buitenspeelruimte beschikbaar per aanwezig kind. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De buitenspeelruimte is voor kinderen toegankelijk. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De buitenspeelruimte is aangrenzend aan het kindercentrum. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De buitenspeelruimte is passend ingericht in overeenstemming met de leeftijd van de op te vangen kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De buitenspeelruimte is voor kinderen veilig. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom (evt. bestuursdwang) exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4.3 Aanvullende eisen indien de buitenspeelruimte niet-aangrenzend is Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 6) Regeling kwaliteit (artikel 10) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Niet-aangrenzende buitenspeelruimte is in de directe nabijheid van het kindercentrum. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Niet-aangrenzende buitenspeelruimte is voor kinderen toegankelijk. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Niet-aangrenzende buitenspeelruimte is voor kinderen veilig bereikbaar. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5.1 Opvang in groepen Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikelen 4 en 5) Regeling kwaliteit (artikel 6) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De opvang vindt plaats in een basisgroep. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2a De basisgroep bestaat uit maximaal twintig kinderen in de leeftijd van 4 jaar tot de leeftijd waarop het basisonderwijs voor die kinderen eindigt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 2b De basisgroep bestaat uit maximaal dertig kinderen in de leeftijd van 8 jaar tot de leeftijd waarop het basisonderwijs voor die kinderen eindigt. 3a Een kind wordt in beginsel opgevangen in één basisgroep. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 3b Er is vooraf gegeven schriftelijke toestemming van de ouder dat een kind, gedurende een tussen houder en ouder overeengekomen periode, kan worden opgevangen in een andere dan de eigen basisgroep. 5.2 Beroepskracht-kind-ratio Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 4) Regeling kwaliteit (artikel 6) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 De verhouding tussen het aantal beroepskrachten en het aantal feitelijk gelijktijdig aanwezige kinderen in de groep bedraagt ten minste: hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1a - één beroepskracht per tien aanwezige kinderen in de leeftijd vanaf 4 jaar. - één beroepskracht per tien aanwezige kinderen in de leeftijd vanaf 8 jaar. OF 1b - Twee beroepskrachten en een extra volwassene per dertig aanwezige kinderen in de leeftijd vanaf 8 jaar. Bij kinderen van verschillende leeftijden in één groep wordt de beroepskracht-kind-ratio bepaald met behulp van de rekentool genoemd in artikel 6, vijfde lid, Regeling. 2 Indien conform de beroepskracht-kind-ratio slechts één beroepskracht in het kindercentrum aanwezig is, dan is ondersteuning van deze beroepskracht door een andere volwassene in geval van calamiteiten geregeld. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5.3 Inzet beroepskrachten in afwijking van de beroepskracht-kind-ratio Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 4) Regeling kwaliteit (artikel 6) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Bij buitenschoolse opvang voor en na de dagelijkse schooltijd en op vrije middagen kunnen ten hoogste een half uur per dag minder beroepskrachten ingezet worden dan volgens de beroepskracht-kind-ratio vereist is. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Indien op vrije dagen of tijdens de schoolvakanties per dag ten minste tien aaneengesloten uren buitenschoolse opvang wordt geboden, kunnen ten hoogste drie uur per dag minder beroepskrachten ingezet worden dan volgens de beroepskracht-kind-ratio vereist is. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Minstens de helft van het aantal vereiste beroepskrachten wordt ingezet wanneer er tijdelijk wordt afgeweken van de beroepskracht-kind-ratio. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De onder 5.3.2 genoemde drie uur afwijkende inzet betreft uitsluitend de tijd voor 9:30 uur, tussen 12:30 uur en 15:00 uur en na 16:30 uur. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De onder 5.3.2 genoemde drie uur afwijkende inzet bedraagt vóór 9:30 uur en ná 16:30 uur maximaal anderhalf aaneengesloten uren. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 Tussen 12:30 uur en 15:00 uur bedraagt de afwijkende inzet maximaal twee aaneengesloten uren en duurt niet langer dan de voor het kindercentrum gebruikelijke middagpauze. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7 Indien als gevolg van het afwijken van de beroepskracht-kind-ratio slechts één beroepskracht in het kindercentrum ingezet wordt, dan is er ten ondersteuning van deze beroepskracht ten minste één andere volwassene in het kindercentrum aanwezig. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6. Pedagogisch beleid 6.1 Pedagogisch beleidsplan Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft een pedagogisch beleidsplan waarin de voor dat kindercentrum kenmerkende visie op de omgang met kinderen is beschreven. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6.1.1 Inhoud pedagogisch beleidsplan Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 5) Regeling kwaliteit (artikel 7) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 In het pedagogisch beleidsplan staat in duidelijke en observeerbare termen het volgende beschreven: de wijze waarop de emotionele veiligheid van kinderen wordt gewaarborgd, de mogelijkheden voor kinderen tot de ontwikkeling van hun persoonlijke- en sociale competentie, en de wijze waarop de overdracht van normen en waarden aan kinderen plaatsvindt. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het pedagogisch beleidsplan beschrijft in duidelijke en observeerbare termen de werkwijze, de maximale omvang en de leeftijdsopbouw van de basisgroepen. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Het pedagogisch beleidsplan beschrijft in duidelijke en observeerbare termen welke (spel)activiteiten kinderen buiten de basisgroep kunnen verrichten. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Bij activiteiten in groepen groter dan dertig kinderen besteedt de houder in het pedagogisch beleidsplan aantoonbaar extra aandacht aan de omgang met de basisgroep. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 Het pedagogisch beleidsplan beschrijft in duidelijke en observeerbare termen hoe beroepskrachten bij hun werkzaamheden worden ondersteund door andere volwassenen. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6.1.2 Pedagogische praktijk Wko (artikel 1.50, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De beroepskrachten kennen de inhoud van het pedagogisch beleidsplan gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder en de personen werkzaam bij het kindercentrum handelen conform het pedagogisch beleidsplan. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7. Klachten 7.1 Wet klachtrecht cliënten zorgsector Wet klachtrecht cliënten zorgsector (artikelen 2, eerste, tweede, derde, vijfde, zevende en negende lid, en 4) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder treft een regeling voor de behandeling van klachten die voldoet aan de in artikel 2, tweede lid, Wet klachtrecht cliënten zorgsector beschreven eisen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder brengt de regeling op passende wijze onder de aandacht van ouders. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder ziet erop toe dat de klachtencommissie werkt met een reglement. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder hanteert de termijn waarbinnen schriftelijk wordt gereageerd naar aanleiding van een oordeel van de klachtencommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder leeft geheimhoudingsplicht na. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 De houder draagt er zorg voor dat over elk kalenderjaar een openbaar verslag wordt opgesteld, waarin ten minste de onderdelen, genoemd in artikel 2, zevende lid, Wet klachtrecht cliënten zorgsector, worden aangegeven. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7 De houder zendt het verslag voor 1 juni van het daaropvolgende kalenderjaar aan de toezichthouder. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.5 Herstellend handhavingstraject gastouderbureau De kwaliteitsaspecten voor gastouderbureaus zijn als volgt ingedeeld: Gastouderbureau in de zin van de Wko Ouders Personeel Pedagogisch beleid Klachten Veiligheid en gezondheid Kwaliteit gastouderbureau 1. Gastouderbureau in de zin van de Wko 1.1 Gastouderbureau in de zin van de Wko Wko (artikel 1.1, eerste lid en 1.49, derde lid) Vereiste Constatering Gevolg 1 Het gastouderbureau is een organisatie die gastouderopvang tot stand brengt en begeleidt en door tussenkomst van wie de betaling van ouders aan gastouders geschiedt. Indien niet voldaan: geen kinderopvang in de zin van de wet. Verwijdering uit Landelijk Register Kinderopvang 1.2 Administratie gastouderbureau Wko (artikel 1.56, zesde lid) Besluit kwaliteit (artikel 7) Regeling Wko (artikel 11 en 12) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De administratie van het gastouderbureau bevat een overzicht van alle bij het gastouderbureau aangesloten gastouders, vermeldende in ieder geval: naam, adres, postcode, woonplaats en telefoonnummer. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De administratie van het gastouderbureau bevat afschriften van de verklaringen omtrent gedrag van de aangesloten gastouders. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De administratie van het gastouderbureau bevat afschriften van alle met vraagouder overeengekomen schriftelijke overeenkomsten, vermeldende per overeenkomst de in artikel 11, lid 3, onder c, Regeling Wko genoemde punten. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De administratie van het gastouderbureau bevat bankafschriften waaruit de betalingen van de vraagouder aan het gastouderbureau blijken. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De administratie van het gastouderbureau bevat bankafschriften waaruit de betalingen van het gastouderbureau aan de gastouder blijken. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 De administratie van het gastouderbureau bevat een jaaroverzicht per voorziening voor gastouderopvang, vermeldende per overeenkomst de in artikel 11, lid 3, onder f, Regeling Wko genoemde punten. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7 De administratie van het gastouderbureau bevat een jaaroverzicht per vraagouder, vermeldende per overeenkomst de in artikel 11, lid 3, onder g, Regeling Wko genoemde punten. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 8 De administratie van het gastouderbureau bevat kopieën van de getuigschriften en/of EVC-bewijsstukken en certificaten Eerste Hulp aan kinderen van de gastouders. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 9 De administratie van het gastouderbureau bevat een door de bemiddelingsmedewerker en de gastouder ondertekend origineel van iedere risico-inventarisatie. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 10 De administratie van het gastouderbureau bevat een overzicht van de omvang en de samenstelling van de oudercommissie als bedoeld in artikel 1.58 Wko. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 11 De administratie van het gastouderbureau bevat een afschrift van het reglement van de oudercommissie als bedoeld in artikel 1.59 Wko. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 12 De administratie van het gastouderbureau bevat een overzicht van alle ingeschreven kinderen, vermeldende per kind: naam, geboortedatum, adres, postcode, woonplaats, telefoonnummer en het adres en telefoonnummer van de ouders. hoog maximaal 4 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2. Ouders 2.1 Informatie voor vraagouders Wko (artikelen 1.54, 1.56) Beluit kwaliteit (artikelen 10 en 11) Regeling Wko (artikel 11b) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Het gastouderbureau informeert de vraagouder over de inhoud van het pedagogisch beleidsplan. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het gastouderbureau geeft de vraagouder in de schriftelijke overeenkomst met de vraagouder inzicht in welk deel van het betaalde bedrag naar het gastouderbureau gaat (uitvoeringskosten) en de kosten van gastouderopvang. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder informeert de vraagouders over het te voeren beleid als bedoeld in hoofdstuk 1, afdeling 3, paragraaf 2 Wko. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder van het gastouderbureau draagt er zorg dat het gastouderbureau goed bereikbaar is voor de vraagouder en informeert de vraagouder hierover. hoog maximaal 2 weken aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De informatie is gedetailleerd genoeg om vraagouders een adequaat beeld van de praktijk te geven. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 De praktijk sluit aan bij de aan de vraagouders verstrekte informatie. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7 Het gastouderbureau draagt er zorg voor dat de risico-inventarisatie veiligheid en gezondheid inzichtelijk is voor de vraagouders. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.2 Reglement oudercommissie Wko (artikel 1.59) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft, binnen zes maanden na de aanvraag als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid, Wko, een reglement oudercommissie vastgesteld. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.2.1 Inhoud reglement oudercommissie Wko (artikel 1.59, tweede, derde en vijfde lid) x x x Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 x Stap 3 1 Het reglement omvat regels omtrent het aantal leden. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het reglement omvat regels omtrent de wijze van kiezen van de leden. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Het reglement omvat regels omtrent de zittingsduur van de leden. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Het reglement omvat geen regels omtrent werkwijze van de oudercommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder wijzigt het reglement na instemming van de oudercommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.3 Instellen oudercommissie Wko (artikel 1.58, eerste lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder heeft een oudercommissie ingesteld. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.3.1 Voorwaarden oudercommissie Wko (artikel 1.58, tweede, derde en vierde lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder is geen lid. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 1 Het personeel is geen lid. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De leden worden gekozen uit en door de vraagouders. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder stelt de oudercommissie in de gelegenheid haar eigen werkwijze te bepalen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.3.2 Adviesrecht oudercommissie Wko (artikel 1.60) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder stelt de oudercommissie in staat haar advies uit te brengen over elk voorgenomen besluit met betrekking tot de in artikel 1.60, eerste lid, Wko genoemde onderwerpen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder verstrekt de oudercommissie tijdig en desgevraagd schriftelijk alle informatie die deze voor de vervulling van haar taak redelijkerwijs nodig heeft. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Van een gevraagd advies van de oudercommissie wijkt de houder alleen af indien hij schriftelijk en gemotiveerd aangeeft dat het belang van de kinderopvang zich tegen het advies verzet. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder geeft de oudercommissie gelegenheid ook ongevraagd te adviseren over de genoemde onderwerpen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3. Personeel 3.1 Verklaring omtrent het gedrag Wko (artikelen 1.56, derde lid, 1.56b, derde tot en met achtste lid, en 1.50 derde tot en met negende lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder van een gastouderbureau is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Personen werkzaam bij een onderneming waarmee de houder het gastouderbureau exploiteert zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag, voor zover zij als bestuurder of werknemer werkzaam zijn. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom verwijdering uit LRKP 3 Gastouders zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Personen van 18 jaar of ouder zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag, indien zij woonachtig zijn op het adres van de gastouder en de gastouder op dit adres kinderopvang opvangt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 Vrijwilligers en stagiairs zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag indien zij werkzaam zijn op het adres van de gastouder en op dit adres kinderen worden opgevangen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 De houder van een gastouderbureau overlegt bij het indienen van de aanvraag, bedoeld in artikel 1.45, tweede lid, de verklaringen omtrent het gedrag, bedoeld in artikel 1.56b derde lid, Wko aan het college, met uitzondering van de verklaring omtrent het gedrag van de gastouder die al een geregistreerde voorziening voor gastouderopvang exploiteert en met uitzondering van de verklaringen omtrent het gedrag van andere personen van 18 jaar en ouder als bedoeld in het derde lid, indien die verklaringen omtrent het gedrag al zijn overgelegd bij een eerdere aanvraag tot exploitatie door de gastouder. De verklaringen omtrent het gedrag zijn op het moment van de indiening van de aanvraag niet ouder dan twee maanden. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom verwijdering uit LRKP 7 De verplichting onder 6 geldt voor een persoon die als stagiair werkzaam is de eerste maal voordat hij de werkzaamheden aanvangt en vervolgens uiterlijk iedere twee jaar, te rekenen vanaf de dag van afgifte van de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. Bij iedere volgende houder ten behoeve waarvan de stagiair in die periode van maximaal twee jaar werkzaam is, overlegt hij telkens de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom verwijdering uit LRKP 8 De verplichting onder 6 geldt voor een persoon die als vrijwilliger werkzaam is de eerste maal voordat hij de werkzaamheden aanvangt en vervolgens uiterlijk iedere twee jaar, te rekenen vanaf de dag van de afgifte van de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. Een verklaring omtrent het gedrag wordt aan het gastouderbureau overgelegd. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom verwijdering uit LRKP 3.2 Beroepskwalificatie bemiddelingsmedewerkers Wko (artikel 1.56, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 3) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De bemiddelingsmedewerker, werkzaam bij het gastouderbureau en belast met het tot stand brengen en begeleiden van gastouderopvang, beschikt over een pedagogische opleiding op MBO-niveau, bedoeld in de CAO Kinderopvang. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.3 Personeelsformatie per gastouder Wko (artikel 1.56, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikelen 9 en 10) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Het gastouderbureau draagt er zorg voor dat er per aangesloten gastouder op jaarbasis ten minste 16 uur wordt besteed aan begeleiding en bemiddeling. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4. Pedagogisch beleid 4.1 Pedagogisch beleidsplan Wko (artikelen 1.49, derde lid, 1.56, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 11) Regeling kwaliteit (artikel 5) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Het gastouderbureau beschikt over een pedagogisch beleidsplan, waarin de voor het gastouderbureau kenmerkende visie op de omgang met kinderen is beschreven. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4.1.1 Inhoud pedagogisch beleidsplan Wko (artikelen 1.49, derde lid, 1.56, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikel 11) Regeling kwaliteit (artikel 7) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 In het pedagogisch beleidsplan staat in duidelijke en observeerbare termen het volgende beschreven: de wijze waarop de emotionele veiligheid van kinderen wordt gewaarborgd, de mogelijkheden voor kinderen tot de ontwikkeling van hun persoonlijke- en sociale competentie en de wijze waarop de overdracht van normen en waarden aan kinderen plaatsvindt. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het pedagogisch beleidsplan beschrijft in duidelijke en observeerbare termen de samenstelling van het aantal kinderen dat door een gastouder wordt opgevangen, met dien verstande dat wordt voldaan aan artikel 15d Beleidsregels kwaliteit. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Het pedagogisch plan beschrijft in duidelijke en observeerbare termen de eisen die aan het opvangadres worden gesteld, welke in ieder geval overeenkomen met de eisen genoemd in artikel 15c Beleidsregels kwaliteit. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4.1.2 Pedagogische praktijk Wko (artikelen 1.49, derde lid, 1.56, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikelen 11 en 16) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder informeert de gastouders over de inhoud van het pedagogisch beleidsplan waardoor zij ernaar kunnen handelen. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder ziet er, door middel van een jaarlijkse toetsing op het opvangadres, op toe dat gastouders handelen conform het pedagogisch beleidsplan. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder begeleidt gastouders, zodat zij handelen conform het pedagogisch beleidsplan. gemiddeld maximaal 2 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5. Klachten 5.1 Wet klachtrecht cliënten zorgsector Wet klachtrecht cliënten zorgsector (artikelen 2, eerste, tweede, derde, vijfde, zevende en negende lid, en 4) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 . De houder treft een regeling voor de behandeling van klachten die voldoet aan de in artikel 2, tweede lid, Wet klachtrecht cliënten zorgsector beschreven eisen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 . De houder brengt de regeling op passende wijze onder de aandacht van ouders. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder ziet erop toe dat de klachtencommissie werkt met een reglement. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder hanteert de termijn waarbinnen schriftelijk wordt gereageerd naar aanleiding van een oordeel van de klachtencommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder leeft geheimhoudingsplicht na. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 De houder draagt er zorg voor dat over elk kalenderjaar een openbaar verslag wordt opgesteld, waarin ten minste de onderdelen, genoemd in artikel 2, zevende lid, Wet klachtrecht cliënten zorgsector, worden aangegeven. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7 De houder zendt het verslag voor 1 juni van het daaropvolgende kalenderjaar aan de toezichthouder. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5.2 Klachtenregeling oudercommissie Wko (artikel 1.60a) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder van het gastouderbureau treft een regeling voor de behandeling van klachten van de oudercommissie over een door hem genomen besluit als bedoeld in artikel 1.60, eerste lid, welke voldoet aan de in artikel 1.60a beschreven eisen. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder brengt de regeling op passende wijze onder de aandacht van oudercommissie. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder zorgt voor naleving van de regeling. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder draagt er zorg voor dat over elk kalenderjaar een openbaar verslag wordt opgesteld, waarin een minimaal aantal zaken wordt aangegeven. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder zendt het verslag voor 1 juni van het daaropvolgende kalenderjaar aan de toezichthouder. laag maximaal 6 maanden aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6. Veiligheid en gezondheid 6.1 Risico-inventarisatie veiligheid Wko (artikelen 1.51, 1.56 en 1.56b, zesde lid) Besluit kwaliteit (artikelen 7 en 12) Regeling kwaliteit (artikel 11) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder draagt er zorg voor dat samen met de gastouder door een bemiddelingsmedewerker van het gastouderbureau in een risico-inventarisatie de veiligheidsrisico’s die de opvang van kinderen in alle voor de op te vangen kinderen toegankelijke ruimtes met zich brengt worden vastgelegd. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder draagt er zorg voor dat vóór aanvang van de opvang en daarna jaarlijks voor elke woning waar gastouderopvang plaatsvindt een risico-inventarisatie veiligheid wordt vastgelegd. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder draagt er zorg voor dat de risico-inventarisatie de veiligheidsrisico’s die de opvang van de kinderen met zich meebrengt op de thema’s: verbranding, vergiftiging, verdrinking, valongevallen, verwondingen, beknelling, botsen, stoten, steken en snijden beschrijft. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder draagt er zorg voor dat de gastouder en huisgenoten op de hoogte zijn van de uitkomsten van de risico-inventarisatie veiligheid en het daaruit voortvloeiende plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder van het gastouderbureau draagt er zorg voor dat samen met de gastouder een plan van aanpak wordt opgesteld, waarin wordt aangegeven welke maatregelen binnen welke termijn zijn respectievelijk worden genomen in verband met de geïnventariseerde veiligheidsrisico’s. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6.2 Risico-inventarisatie gezondheid Wko (artikelen 1.51, 1.56 en 1.56b, zesde lid) Besluit kwaliteit (artikelen 7 en 12) Regeling kwaliteit (artikel 11) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder draagt er zorg voor dat samen met de gastouder door een bemiddelings-medewerker van het gastouderbureau in een risico-inventarisatie de gezondheidsrisico’s die de opvang van kinderen in alle voor de op te vangen kinderen toegankelijke ruimtes met zich brengt worden vastgelegd. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder draagt er zorg voor dat vóór aanvang van de opvang en daarna jaarlijks voor elke woning waar gastouderopvang plaatsvindt een risico-inventarisatie gezondheid wordt vastgelegd. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder draagt er zorg voor dat de risico-inventarisatie de gezondheidsrisico’s die de opvang van de kinderen met zich meebrengt op de thema’s: het voorkomen van ziektekiemen, binnenmilieu, buitenmilieu en medisch handelen beschrijft. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder draagt er zorg voor dat de gastouder en huisgenoten op de hoogte zijn van de uitkomsten van de risico-inventarisatie gezondheid en het daaruit voortvloeiende plan van aanpak. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder van het gastouderbureau draagt er zorg voor dat samen met de gastouder een plan van aanpak wordt opgesteld, waarin wordt aangegeven welke maatregelen binnen welke termijn zijn respectievelijk worden genomen in verband met de geïnventariseerde gezondheidsrisico’s. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6.3. Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Wko (artikelen 1.49, tweede lid en 1.56b, zesde lid) Wet Meldcode huiselijke geweld en kindermishandeling Besluit kwaliteit (artikel 8) Besluit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder van het gastouderbureau heeft voor elke voorziening voor gastouderopvang een meldcode kindermishandeling welke voldoet aan de beschreven eisen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder van het gastouderbureau heeft voor elke voorziening voor gastouderopvang een aanvullende meldcode huiselijk geweld welke voldoet aan de beschreven eisen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6.3.1 Beleid meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Wko (artikelen 1.49, tweede lid en 1.56b, zesde lid) Wet Meldcode huiselijke geweld en kindermishandeling Besluit kwaliteit (artikel 8) Besluit Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder van het gastouderbureau draagt er zorg voor dat de gastouder op de hoogte is van de inhoud van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7. Kwaliteit gastouderbureau 7.1 Kwaliteitscriteria Wko (artikelen 1.49, derde lid, en 1.56, eerste lid) Besluit kwaliteit (artikelen 9 en 10) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 De houder van het gastouderbureau draagt er zorg voor dat per gastouder beoordeeld wordt of de samenstelling van de groep en het aantal kinderen die wordt opvangen verantwoord is. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De houder draagt zorg voor dat er een intakegesprek plaatsvindt met de gastouder op het opvangadres door de bemiddelingsmedewerker. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 De houder draagt zorg voor dat er een intakegesprek plaatsvindt met de vraagouder. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 De houder van het gastouderbureau draagt er zorg voor dat er een koppelingsgesprek plaatsvindt bij elke nieuwe koppeling tussen een vraag- en een gastouder op het opvangadres door de bemiddelingsmedewerker. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 5 De houder draagt er zorg voor dat ieder opvangadres minstens twee maal per jaar wordt bezocht door de bemiddelingsmedewerker. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 6 De houder van het gastouderbureau evalueert jaarlijks mondeling de gastouderopvang met de vraagouders en legt deze schriftelijk vast. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 7 De houder van het gastouderbureau draagt er zorg voor dat de bemiddelingsmedewerker jaarlijks een voortgangsgesprek voert met de gastouder op het opvangadres. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 8 Een ondertekend origineel verslag van het evaluatiegesprek is aanwezig in het dossier op het gastouderbureau en een kopie is verstrekt aan de vraagouder. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2.6 Herstellend handhavingstraject voorziening voor gastouderopvang De kwaliteitsaspecten voor gastouderopvang zijn als volgt ingedeeld: Gastouderopvang in de zin van de Wko Gastouder Accommodatie en inrichting Pedagogisch beleid Aantal kinderen Veiligheid en gezondheid 1. Gastouderopvang in de zin van de Wko 1.1 Gastouderopvang in de zin van de Wko Wko (artikelen 1.1, eerste lid en 1.49) Vereiste Constatering Gevolg 1 De opvang vindt plaats door tussenkomst van een geregistreerd gastouderbureau. indien niet voldaan: geen gastouderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 2 De opvang vindt plaats in een gezinssituatie door een gastouder welke niet de ouder van de op te vangen kinderen is noch de partner van de vraagouder. indien niet voldaan: geen gastouderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 3 De opvang vindt in ieder geval plaats op het woonadres van de gastouder of van één van de vraagouders. indien niet voldaan: geen gastouderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 4 De gastouder is niet op hetzelfde woonadres als de vraagouder of diens partner ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens en/of inwonend. indien niet voldaan: geen gastouderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 5 De gastouder heeft geen kinderen die onderworpen zijn aan een (voorlopige) ondertoezichtstelling. indien niet voldaan: geen gastouderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 6 De gastouder is niet (tijdelijk) ontheven of ontzet uit het ouderlijke gezag. indien niet voldaan: geen gastouderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 7 De gastouder is 18 jaar of ouder. indien niet voldaan: geen gastouderopvang in de zin van de wet verwijdering uit LRKP 2. Gastouder 2.1 Verklaring omtrent het gedrag Wko (artikelen 1.56, derde lid, 1.56b, derde tot en met achtste lid, en 1.50, derde tot en met negende lid) Besluit kwaliteit (artikelen 12 en 13) Regeling Wko (artikelen 10-10d) Regeling erkenning EG-beroepskwalificaties kinderopvangpersoneel Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1. Gastouders zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2. Personen van 18 jaar of ouder zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag, indien zij woonachtig zijn op het adres van de gastouder en de gastouder op dit adres kinderopvang opvangt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3. Vrijwilligers en stagiairs zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag indien zij werkzaam zijn op het adres van de gastouder en op dit adres kinderen worden opgevangen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4. De houder van een gastouderbureau overlegt bij het indienen van de aanvraag, bedoeld in artikel 1.45, tweede lid, Wko de verklaringen omtrent het gedrag, bedoeld in artikel 1.56b derde lid, Wko aan het college, met uitzondering van de verklaring omtrent het gedrag van de gastouder die al een geregistreerde voorziening voor gastouderopvang exploiteert en met uitzondering van de verklaringen omtrent het gedrag van andere personen van 18 jaar en ouder als bedoeld in het derde lid, indien die verklaringen omtrent het gedrag al zijn overgelegd bij een eerdere aanvraag tot exploitatie door de gastouder. De verklaringen omtrent het gedrag zijn op het moment van de indiening van de aanvraag niet ouder dan twee maanden. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom hoog 5. De verplichting onder 3 geldt voor een persoon die als stagiair werkzaam is de eerste maal voordat hij de werkzaamheden aanvangt en vervolgens uiterlijk iedere twee jaar, te rekenen vanaf de dag van afgifte van de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. Bij iedere volgende houder ten behoeve waarvan de stagiair in die periode van maximaal twee jaar werkzaam is, overlegt hij telkens de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom hoog 6. De verplichting onder 3 geldt voor een persoon die als vrijwilliger werkzaam is de eerste maal voordat hij de werkzaamheden aanvangt en vervolgens uiterlijk iedere twee jaar, te rekenen vanaf de dag van de afgifte van de meest actuele verklaring omtrent het gedrag. Een verklaring omtrent het gedrag wordt aan het gastouderbureau overgelegd. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom hoog 2.2 Deskundigheidseisen Wko (artikel 1.56b, eerste en tweede lid) Besluit kwaliteit (artikel 13) Regeling Wko (artikelen 10, 10a, 10b, 10c) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1a De gastouder beschikt over een getuigschrift als bedoeld in artikel 13, tweede lid, Besluit kwaliteit of conform de ministeriële regeling. hoog maximaal 14 dagen [2] aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 1b De gastouder beschikt over een EVC-bewijsstuk waaruit blijkt dat de gastouder voldoet aan de competenties. hoog maximaal 14 dagen [3] aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP De gastouder beschikt over: 2a een geregistreerd certificaat Eerste Hulp aan kinderen van het Oranje Kruis; OF 2b een geregistreerd certificaat Spoedeisende Hulpverlening bij Slachtoffers (SEHSO) of Spoedeisende Hulpverlening bij Kinderen (SEHBK) van NedCert; OF 2c een geregistreerd certificaat Acute Zorg bij kinderen van Nikta; OF 2d een geregistreerd certificaat Acute Zorg-verlener Module Kind en Omgeving van Nikta OF 2e een geregistreerd certificaat Eerstehulp-verlener van Nikta. 2.3 Gebruik van de voorgeschreven voertaal Wko (artikelen 1.55 en 1.56b, zesde lid) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1a De Nederlandse taal wordt als voertaal gebruikt. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP OF 1b Er wordt een andere taal als voertaal gebezigd, daar de herkomst van de kinderen in deze specifieke omstandigheid daartoe noodzaakt, overeenkomstig een door de houder vastgestelde gedragscode. 3. Accommodatie en inrichting 3.1 Woning Wko (artikelen 1.49, tweede lid, en 1.56b) Besluit kwaliteit (artikel 15) Regeling kwaliteit (artikel 14) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Het opvangadres is te allen tijde rookvrij. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 Het opvangadres beschikt over voldoende binnenspeelruimte voor kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3 Het opvangadres beschikt over voldoende buitenspeelmogelijkheden voor kinderen, afgestemd op het aantal en de leeftijd van de op te vangen kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4 Het opvangadres is voorzien van voldoende en goed functionerende rookmelders. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 3.2 Slaapruimte Wko (artikelen 1.49, tweede lid, en 1.56b) Besluit kwaliteit (artikel 15) Regeling kwaliteit (artikel 14) Herstellend handhavingstraject Vereiste Prioriteit Hersteltermijn Stap 1 Stap 2 Stap 3 1 Het opvangadres beschikt over een afzonderlijke slaapruimte voor de kinderen tot anderhalf jaar. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 2 De slaapruimte is afgestemd op het aantal op te vangen kinderen. hoog maximaal 14 dagen aanwijzing last onder dwangsom exploitatieverbod verwijdering uit LRKP 4. Pedago

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.