Kort samengevat
Deze beleidsregels beschrijven de verschillende manieren waarop de gemeente individuele voorzieningen voor maatschappelijke ondersteuning kan verstrekken, met een focus op de keuze tussen een voorziening in natura, een persoonsgebonden budget (PGB) of een financiële tegemoetkoming.
Wat het reguleert
- De keuze tussen een voorziening in natura, een persoonsgebonden budget (PGB) of een financiële tegemoetkoming.
- De voorwaarden waaronder een PGB wordt verstrekt en wanneer dit niet gebeurt.
- De omvang en berekening van het PGB voor hulp bij het huishouden en andere voorzieningen.
- De regels voor algemene voorzieningen.
Wie het betreft
- Personen die aanspraak hebben op een individuele voorziening voor maatschappelijke ondersteuning.
- Eigenaren van een woonruimte bij bouwkundige of woontechnische ingrepen.
Kernpunten
- De gemeente biedt de keuze tussen een voorziening in natura of een vergelijkbaar en toereikend persoonsgebonden budget, tenzij er overwegende bezwaren zijn.
- Een PGB wordt niet verstrekt bij ernstig vermoeden dat de aanvrager problemen zal hebben met het omgaan met het budget, of als hulp bij het huishouden voor maximaal 3 maanden noodzakelijk is.
- De omvang van het PGB voor hulp bij het huishouden wordt uitgedrukt in uren per week, met uurtarieven zoals vastgelegd in artikel 3 van het Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2010.
- Voor bepaalde eenvoudige aanpassingen zijn vaste bedragen vastgesteld, zoals een verhoogde toiletpot (€ 263 of € 265) of handgrepen (tussen € 54 en € 59).
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.