Kort samengevat
Deze beleidsregels beschrijven de verschillende manieren waarop de gemeente individuele voorzieningen kan verstrekken aan personen die daar recht op hebben, met een focus op de keuze tussen een voorziening in natura, een persoonsgebonden budget (PGB) of een financiële tegemoetkoming.
Wat het reguleert
- De keuze tussen een voorziening in natura, een persoonsgebonden budget (PGB) of een financiële tegemoetkoming.
- De voorwaarden voor het toekennen van een persoonsgebonden budget, inclusief uitzonderingen.
- De omvang en berekening van het persoonsgebonden budget voor diensten (zoals huishoudelijke hulp) en voorzieningen.
- De regels voor algemene voorzieningen en de relatie met individuele voorzieningen.
Wie het aangaat
- Personen die aanspraak hebben op een individuele voorziening via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
- Eigenaren van woonruimtes die een bouwkundige of woontechnische ingreep nodig hebben.
Kernpunten
- Er zijn drie vormen van verstrekking: in natura (kant-en-klaar), persoonsgebonden budget (PGB) of financiële tegemoetkoming.
- De gemeente moet de keuze bieden tussen een voorziening in natura en een vergelijkbaar PGB, tenzij er zwaarwegende bezwaren zijn.
- Een PGB wordt niet verstrekt als er ernstige vermoedens zijn dat de aanvrager problemen zal hebben met het omgaan met het budget, of als huishoudelijke hulp maximaal 3 maanden nodig is.
- De omvang van het PGB voor huishoudelijke hulp wordt uitgedrukt in uren en voor voorzieningen wordt het bedrag gebaseerd op de kosten van een voorziening in natura, inclusief eventuele kortingen.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.