← Nederland

Visie op Rhenen 2035, wijziging Randzonevisie (Rhenen)

In het kort

Deze wet, genaamd "Visie op Rhenen 2035, wijziging Randzonevisie (Rhenen)", beschrijft hoe de gemeente Rhenen zich wil ontwikkelen op het gebied van wonen, werken, samenleven, energie opwekken en recreëren tot het jaar 2035. Het is een toekomst- en omgevingsvisie die de richting aangeeft voor de komende jaren.

Wat het reguleert

Wie het betreft

Kernpunten

Wettekst

/akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR740721 /join/id/stop/work_006 /akn/nl/act/gm0340/2020/omgevingsvisie /join/id/stop/work_019 2026-04-30 2026-04-30 /akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR740721/nld@2026-05-01 /join/id/proces/gm0340/2025/VisieopRhenen8/ /join/id/proces/gm0340/2026/VisieopRhenenwijzigingRandzonevisie31/ 2026-05-01 2026-05-01 /akn/nl/act/gm0340/2020/omgevingsvisie/nld@2026-04-29;1120d973fe4048059b2d80bffb65fc2a /akn/nl/act/gm0340/2020/omgevingsvisie /akn/nl/act/gm0340/2020/omgevingsvisie/nld@2026-04-29;1120d973fe4048059b2d80bffb65fc2a /join/id/stop/work_019 1120d973fe4048059b2d80bffb65fc2a Omgevingsvisie Visie op Rhenen 2035 Een visie op hoe we willen leven in 2035 Inhoudsopgave Deze visie bestaat uit de volgende onderdelen: a. 1 Inleiding b. 2 Wat kenmerkt Rhenen c. 3 De Visie op Rhenen 2035 d. 4 Randzonevisie

(2025)e. 5 Uitvoering f. BIJLAGE 1: KENMERKEN EN OPGAVEN PER DEELGEBIED g. BIJLAGE 2: ADVIES VAN DE SAMENLEVING VISIE OP RHENEN
(2023)h. BIJLAGE 3: BELANGRIJKSTE CONCLUSIES VAN HET TRENDONDERZOEK VISIE OP RHENEN
(2023)i. BIJLAGE 4: BEANTWOORDING VRAGEN KADERNOTA VISIE OP RHENEN
(2023)j. BIJLAGE 5: CONTEXTSCENARIO’S VISIE OP RHENEN
(2023)k. BIJLAGE 6: HET PARTICIPATIEPROCES VISIE OP RHENEN
(2023)l. BIJLAGE 7: HET PARTICIPATIEPROCES RANDZONEVISIE
(2025)1 Inleiding Hoe willen we leven in Rhenen in 2035? Deze vraag staat centraal in de Visie op Rhenen
  1. De visie geeft aan waar we op inzetten bij wonen, werken, samenleven, energie opwekken en bijvoorbeeld recreëren in de gemeente Rhenen. Met een Visie op Rhenen 2035: a. Beschrijven we beeldend wat wij, als gemeente en gemeenschap, belangrijk vinden; b. Weten we waar we extra aandacht aan besteden; dit staat op de voorgrond; c. Hebben we met elkaar een duidelijk beeld waar we naartoe willen werken; d. Kan de gemeente in de toekomst de juiste keuzes maken. De Visie op Rhenen 2035 geeft de richting aan voor de komende jaren. Bij iedere toekomstige oplossing kijken we hoe deze past binnen de sfeer en de waarden van de Visie op Rhenen
  2. De Visie op Rhenen 2035 is een toekomstvisie en omgevingsvisie ineen en geeft de richting aan voor de komende jaren. Een visie van ons allemaal De inwoners, ondernemers, gemeente en organisaties van Rhenen hebben samen drie voorlopige visies opgesteld. Het gemeentebestuur heeft gekozen voor deze Visie op Rhenen. Deze keuze is mede gebaseerd op een advies van de gemeenschap. In de periode tot 2035 veranderen omstandigheden. De gemeentelijke organisatie volgt de gebeurtenissen nauwlettend en adviseert het college wanneer de omstandigheden zodanig veranderen dat de Visie op Rhenen moet worden aangepast of het tempo van realisatie (versnellen of vertragen). Elke vier jaar (nieuwe bestuursperiode) toetst het college of de visie nog voldoet of dat accentverschuiving nodig is. De raad gaat hierover in debat en besluit over de eventueel herziene Visie op Rhenen. Juridische status van de Visie op Rhenen 2035 De Visie op Rhenen 2035 is een toekomst- en omgevingsvisie ineen. Het gaat over het gehele grondgebied van de gemeente Rhenen. In de visie beschrijven wij welke kant we met elkaar op willen de komende jaren. Het helpt bij het maken van keuzes in zaken als samenleven, wonen, werken, ontspannen, vervoer. De visie bindt de gemeente De Visie op Rhenen 2035 is juridisch bindend voor de gemeente. Het vormt het begin van de beleidscyclus. Keuzes in de nabije toekomst zijn in lijn met de Visie op Rhenen
  3. Of de gemeente wijkt daar beargumenteerd vanaf, bijvoorbeeld bij onvoorziene gebeurtenissen. Dit zorgt er voor dat de besluiten die het college neemt consequent zijn. Daarnaast is het voor inwoners transparant hoe deze besluiten tot stand komen. Vertaling naar omgevingsplan De omgevingsvisie is niet juridisch bindend voor burgers. Hiervoor is het nodig de omgevingsvisie te vertalen naar een omgevingsplan. Burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere bestuursorganen worden betrokken bij de voorbereiding van het omgevingsplan. Hoofdregel is dat de raad het omgevingsplan vaststelt. Voor kleine wijzigingen heeft de raad deze bevoegdheid gedelegeerd aan het college. Het eerste omgevingsplan van de gemeente Rhenen Op 1 januari 2024 trad de Omgevingswet in werking. Vanaf die dag vormen de huidige bestemmingsplannen en het overige ruimtelijke beleid automatisch het eerste omgevingsplan. De rechten en plichten die nu staan in het bestemmingsplan blijven dus gelden. In de loop van de tijd zal de gemeente het omgevingsplan wijzigen. De Visie op Rhenen 2035, inclusief de deelgebieden, vormt daarvoor de basis. Randzonevisie
(2025): De eerste wijziging van de Visie op Rhenen 2035 Onze gemeente heeft meerdere randzones. Randzones zijn overgangsgebieden tussen het landelijk gebied en de bestaande kernen (Achterberg, Elst en Rhenen), bedrijventerrein Remmerden en natuurgebied de Utrechtse Heuvelrug. Deze gebieden worden als specifieke deelgebieden genoemd in de Visie op Rhenen. Ook staat in de Visie op Rhenen dat we deze randzones optimaal ontwikkelen. Daarmee bedoelen we dat ruimte kostbaar is, we benutten elke plek met de juiste functies: landbouw, wonen, recreatie, natuur, energieopwekking of werken (niet-agrarische bedrijfsfuncties). In 2025 zijn de randzones verder uitgewerkt. We noemen dit de Randzonevisie. Het is de eerste wijziging van de Visie op Rhenen. In de Randzonevisie zijn details en keuzes, zoals voor woningbouwlocaties, verder uitgewerkt. De uitwerking van de randzones leest u terug in hoofdstuk 4 Randzonevisie en in bijlage 1 ‘Kernmerken en opgaven per deelgebied’. In bijlage 1 ziet u van elke randzone de historische opbouw, de kwaliteiten, de mogelijke verbeteringen van die kwaliteiten en onze visie op de randzone. Leeswijzer De gemeente Rhenen kent verschillende deelgebieden. Elk deelgebied heeft eigen kenmerken. Hoofdstuk 2 beschrijft deze kenmerken en toont de deelgebieden op een kaart van de gemeente Rhenen. In hoofdstuk 3 staat de Visie op Rhenen. De Visie op Rhenen verwijst naar de verschillende deelgebieden. De Visie op Rhenen heeft namelijk gevolgen voor de invulling en het gebruik van de ruimte. Hoofdstuk 3 begint met de punten waar de Visie op Rhenen in ieder geval aan moet voldoen van de gemeente, de provincie en/of het Rijk. Deze uitgangspunten komen uit de Kadernota participatieproces Visie op Rhenen (juni 2021). In hoofdstuk 4 wordt de Randzonevisie
(2025)toegelicht. De Visie op Rhenen is vastgesteld door de gemeenteraad (juni 2023) en voor de randzones van Rhenen gewijzigd in
  1. De uitwerking en uitvoering staat in grote lijn beschreven in hoofdstuk
  2. Er zijn 7 bijlagen: De realisatie van de Visie op Rhenen 2035 betekent voor ieder deelgebied bepaalde opgaven. De belangrijkste opgaven per deelgebied staan in bijlage
  3. Bijlage 2 bevat het advies van de samenleving aan het gemeentebestuur over de drie voorlopige visies. Welke voorlopige visie heeft de voorkeur? De Visie op Rhenen houdt rekening met ontwikkelingen in de maatschappij. Hier is onderzoek naar gedaan. In bijlage 3 staan de belangrijkste conclusies van dit trendonderzoek en deze vormen een integraal onderdeel van de Visie op Rhenen. In Bijlage 4 wordt antwoord gegeven op de vragen uit hoofdstuk 4 van de Kadernota participatieproces Visie op Rhenen (juni 2021). Bijlage 5 beschrijft verschillende contextscenario’s. Dit zijn gebeurtenissen die mogelijk gaan plaatsvinden en waar wij geen tot weinig invloed op hebben maar die wel invloed hebben op wat wij willen bereiken: de Visie op Rhenen. Bijlage 6 beschrijft de verschillende momenten en manieren waarop gemeente en samenleving samen de Visie op Rhenen 2035 hebben ontwikkeld. Bijlage 7 beschrijft het participatieproces van de Randzonevisie
(2025). 2 Wat kenmerkt Rhenen Wat kenmerkt Rhenen De gemeente Rhenen heeft in 2022 meer dan 20.000 inwoners en is prachtig gelegen op de Utrechtse Heuvelrug en langs de Rijn. In de gemeente zijn diverse deelgebieden te onderscheiden. Elk met zijn eigen kernmerken en kwaliteiten. In dit hoofdstuk beschrijven we deze deelgebieden omdat de Visie op Rhenen consequenties heeft voor de deelgebieden. Het huidige Rhenen De gemeente heeft een oppervlakte van bijna 43 km2 en bestaat in grote lijn uit drie type gebieden: a. Dichtbebouwde gebieden, hieronder vallen de kernen Achterberg, Elst, Rhenen, het bedrijventerrein Remmerden en de bedrijvenlocatie Achterberg en woonzorglocatie Heimerstein. b. De randzones, dit zijn de overgangsgebieden tussen bebouwd en onbebouwd. c. De nagenoeg onbebouwde gebieden zoals de uiterwaarden, de Utrechtse Heuvelrug en het agrarisch gebied. Ieder type gebied kent deelgebieden. Bepaalde kenmerken maken een deelgebied. De grenzen van ieder deelgebied zijn bepaald met behulp van kaarten, zoals de hoogtekaart Nederland. Ook zijn informatiebronnen gebruikt, zoals de Omgevingsverordening van de provincie Utrecht [zie informatiebronnen, einde hoofdstuk 2]. Gezocht is naar natuurlijke grenzen op basis van bodem, hoogte, landschap, wegen en bebouwing, verkaveling en cultuurhistorie. Op basis hiervan kunnen 25 deelgebieden worden onderscheiden. Rhenen in de regio Geografisch ligt de gemeente Rhenen in de provincie Utrecht op het grensvlak met de provincie Gelderland. Doordat de gemeente tegen de grens van de provincie Utrecht ligt, heeft de gemeente te maken met verschillende provinciale visies. Het is van belang om aansluiting te houden bij mogelijkheden die beide provincies ons kunnen bieden. Door onze geografische ligging is gemeente Rhenen de zuidelijke toegang voor Regio FoodValley. Dit is een samenwerking met zeven andere gemeenten. Gemeente Rhenen werkt samen met haar omliggende gemeenten, want veel opgaven stoppen niet bij de gemeentegrens. In FoodValley-verband werken we samen met de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen aan de verstedelijkingsstrategie om de groeiende bevolking een goede plek te geven. Een ander voorbeeld: met de twee provincies, drie buurgemeenten, landbouw- en natuurorganisaties trekken we samen op in het gebiedsproces Binnenveld. Dit unieke landschap verdient de gezamenlijke aandacht. De Visie op Rhenen 2035 is uitgangspunt in overleggen met de regio. Op enkele regionale opgaven loopt de Visie op Rhenen al vooruit. Na vaststelling: de uitwerking Nu de gemeenteraad in 2023 de Visie op Rhenen 2035 heeft vastgesteld, is duidelijk welke kenmerken van de deelgebieden we willen behouden en/of versterken. Bovendien is nu helder welke opgaven er liggen per deelgebied. De Visie op Rhenen kan nu worden uitgewerkt in omgevingsplannen, uitvoeringsprogramma’s, sectoraal beleid en/of projecten. Dit gebeurt voor verschillende deelgebieden, afzonderlijk per deelgebied, en in samenspraak met de samenleving. Een voorbeeld van een uitwerking van de Visie op Rhenen 2035 is de Randzonevisie
(2025). De keuze voor een programma, plan en/of project is afhankelijk van de opgaven en kansen van een deelgebied en de wijze waarop de gemeente wil sturen op het bereiken van de opgaven. In de geest van de Omgevingswet wordt iedereen – gemeente en gemeenschap – uitgenodigd om bij te dragen aan een blijvende positieve ontwikkeling van de gemeente. Dit kan door aan te sluiten bij de kenmerken en opgaven per deelgebied, zoals beschreven in de Visie op Rhenen
  1. Met de Visie op Rhenen weet iedereen waar we als gemeente en gemeenschap aan (willen) werken. Initiatiefnemers en mensen die al plannen hebben, kunnen zelf nagaan in hoeverre hun initiatief of plan past bij de kenmerken en opgaven van het deelgebied waar het initiatief of plan op van toepassing is. De kenmerken en opgaven per deelgebied werken als toetsingskader: draagt mijn initiatief of plan bij aan het behoud en/of de versterking van het gebied? In 2027 actualiseren we de Visie op Rhenen
  2. 2.1 De kaart van Rhenen Deelgebieden Rhenen 2.2 Omschrijving 25 deelgebieden 1 Historische kern Rhenen De historische kern Rhenen is een beschermd stadsgezicht. De Cunerakerk en Cuneratoren zijn Rijksmonument; de toren is een baken. Het winkelgebied in de historische kern heeft ook een functie voor andere kernen dan Rhenen. 2 Kern Rhenen De kern Rhenen kent verschillende woonbuurten met eigen identiteiten door type woningen, hoe groen het er is en de mate waarin het hoogteverschil merkbaar is. Ook verschillen de voorzieningen per buurt. De kern Rhenen heeft een treinstation met een verbinding in de richting van Utrecht. 3 Kern Elst De kern Elst kent een geschiedenis van tabaksteelt. Verschillende voormalige tabaksschuren zijn bewaard gebleven. Elst heeft een kleine dorpskern met de benodigde winkels. Een veerpont zorgt voor verbinding met de overkant van de Neder-Rijn. 4 Kern Achterberg De kern Achterberg is het kleinste dorp van de gemeente Rhenen. Van oorsprong is Achterberg een agrarisch dorp; er zijn nog verschillende (monumentale) boerderijen aanwezig. Veel inwoners zijn betrokken bij één van de drie kerken. De kleine dorpskern heeft enkele winkels. 5 Heimerstein Heimerstein is een voormalig landgoed dat door Zideris in gebruik is als woon-zorglocatie voor mensen die (intensieve) zorg en/of begeleiding nodig hebben. Het is een dorp op zich met het hoofdgebouw en de verschillende zijgebouwen. Dit deelgebied markeert de overgang van de Grebbeberg naar de Gelderse vallei. 6 Veeneind Het Veeneind ligt tussen de Cuneraweg en de wijk Petenbos van de gemeente Veenendaal. De bebouwing aan weerszijden van de Cuneraweg is langzaam gegroeid en zal nog verder groeien (stedebouwkundigplan 2004-2005). In dit deelgebied zijn de woningen veelal vrijstaand. Er is lintbebouwing op langgerekte kavels. 7 Bedrijventerrein Remmerden Bedrijventerrein Remmerden is gelegen aan de N225 en biedt ruimte aan verschillende bedrijfstypen met verschillende grootte. 8 Bedrijvenlocatie Achterberg Bedrijvenlocatie Achterberg is een compact gebied voor enkele bedrijven. De locatie is duidelijk begrensd door de Achterbergsestraatweg, Bergweg, Boslandweg en een bossage aan de noordzijde. De locatie ligt midden in een groen en agrarisch gebied en sluit niet aan op andere bebouwing. Het ligt in de groene corridor Rhenen-Achterberg. 9 Randzone Elst Randzone Elst is een natuurlijke overgang tussen woonkern en bosrand. Het gebied wordt gebruikt voor agrarische doeleinden en is een afwisseling van open percelen en percelen voorzien van beplanting. Langs de N416 staan huizen als een los lint met doorkijkjes naar de agrarische percelen. Het gebied wordt gebruikt voor recreatie. Voetbalverenigingen Oranje-wit en de Musketiers en de tennisvereniging hebben er hun thuis. Hier bevindt zich ook het voormalig defensieterrein Zwijnsbergen (MOB complex). 10 Randzone Rhenen West In Randzone Rhenen West wisselen agrarische percelen en kleine bospercelen elkaar af. Door dit gebied loopt hoofdweg N
  3. Langs deze weg is er lintbebouwing. Het gebied vormt een ecologische verbinding tussen Utrechtse Heuvelrug en de uiterwaarden van de Rijn. 11 Randzone Rhenen Oost In randzone Rhenen Oost bevinden zich Ouwehands Dierenpark en sportpark Candia. Verder wordt het gebied omringd door het natuurgebied de Laarsenberg en loopt hoofdweg N225 langs het gebied. 12 Randzone Achterberg Noord Randzone Achterberg Noord is een agrarisch gebied met (grote) agrarische bedrijven, rechte wegen en rechte, rationeel verdeelde kavels. De kavels liggen strak en recht naast elkaar, zoals dat vaak is gedaan in landbouwgebieden in dit soort veenweidelandschappen. Dat maakt het land makkelijker te bewerken en goed te gebruiken voor agrarisch gebruik. Er zijn houtwallen en op enkele plekken staan langs de kavelranden bomen. Over de grote open kavels is er vrij zicht op het Binnenveld. Is aangewezen als zoekgebied in de gebiedsverkenning Binnenveld (zoals is vastgesteld in de raadsvergadering van 16 december 2025). 13 Randzone Achterberg Zuid Randzone Achterberg Zuid is een agrarisch gebied met een aantal agrarische bedrijven, woningen en andere bebouwing. Over de open kavels is er vrij zicht richting de kern Achterberg en natuurgebied de Laarsenberg. Is aangewezen als zoekgebied in de gebiedsverkenning Binnenveld (zoals is vastgesteld in de raadsvergadering van 16 december 2025). 14 Heerlijkheid Heerlijkheid wordt begrensd door de verkeersluwe Oude Veensegrindweg en de drukke provinciale weg, N
  4. Het gebied ligt direct aan het natuurgebied Kwintelooijen. Het is een gevarieerd gebied met onder meer een wooncomplex voor senioren, vrijstaande woningen, bedrijven en een vakantiepark. Daarnaast zijn er nog enkele open agrarische percelen in het gebied aanwezig. 15 Randzone Remmerden Randzone Remmerden is een akker waar een nationale fietsroute doorheen loopt. De bosrand markeert de rand van dit open, agrarische gebied. Aan drie zijden wordt het gebied begrensd door het bestaande bedrijventerrein Remmerden. Naast de agrarische percelen zijn aan de Autoweg ook enkele woningen en de begraafplaats terug te vinden. 16 Hoornwerk Het Hoornwerk maakt onderdeel uit van de Grebbelinie dat een hydrologisch-militair-verdedigingssysteem is. Dit complex is een rijksmonument. De aanleg van het hoornwerk begon in de achttiende eeuw. Het hoornwerk was bedoeld voor de afsluiting en verdediging van de weg Wageningen-Rhenen. In het landschap zijn duidelijk de hoekige vormen te zien, die verhoogd in het landschap liggen. 17 Groene corridor Rhenen - Achterberg Groene corridor Rhenen - Achterberg. De groene corridor verbindt de Laarsenberg met de Utrechtse Heuvelrug. Hier zal het Natuurnetwerk Nederland (NNN) doorheen gaan lopen. De functie van de groene corridor zelf concentreert zich op de smalle groene corridor tussen Achterberg en Rhenen. In de groene corridor ligt bedrijfslocatie Achterberg. 18 Cultureel erfgoed - Ter Horst Cultureel erfgoed - Ter Horst. Hier bevindt zich de fundering van het voormalige kasteel Ter Horst. Het kasteel was gelegen op een voormalige horst (=hoogte) in het archeologisch landschap. Het kasteel vormde het middelpunt met uitwaaierende kavels eromheen. Op de kavelgrenzen bevinden zich enkele knotbomen. Een klein westelijk gedeelte van Cultureel erfgoed – Ter Horst is aangewezen als zoekgebied in de gebiedsverkenning Binnenveld (zoals is vastgesteld in de raadsvergadering van 16 december 2025). 19 Veengebied Achterbergse Hooilanden Veengebied Achterbergse Hooilanden. In dit gebied bevindt zich een gedeelte van de inundatiezone (een zone die opzettelijk onder water kan worden gezet) van de Grebbelinie. Het is een bijzonder natuurgebied met veenrestanten, weidevogels en waterloop De Grift. 20 Binnenveld Het Binnenveld is een agrarisch landschap met grote verscheidenheid in verschijningsvorm door verschil tussen hoog en droog en laag en nat. Het deel van het Binnenveld dat grenst aan een bedrijventerrein van Veenendaal kent een structuur van lange, smalle, rechte kavels. De randen van de kavels zijn beplant, zo ook het erf van de huizen die in een enkele rij naast elkaar staan. De spoorlijn en de Spoorlaan doorkruisen de rechte verkavelingsstructuur diagonaal. Het deel eronder is open, vlak en nat met rechte wegen en blokvormige kavels – dit wordt een broekontginningslandschap genoemd. Het zuidelijk deel is een kampenlandschap: langgerekte kavels, rechte wegen en sloten, en de bomenrijen langs de wegen zijn als schermen in het landschap. Ook onderdeel van het Binnenveld is de Nude: fruitteelt, eikenbomen langs de N225 en de aanwezigheid van meidoornhagen. In het oostelijk deel van het Binnenveld bevindt zich een aantal afzonderlijke rijksmonumenten: bunkers, wallen, verdedigingswerken, kades en de inundatiezone (een zone die opzettelijk onder water kan worden gezet) van de Grebbelinie. Het noordelijk deel van het Binnenveld is aangewezen als zoekgebied in de gebiedsverkenning Binnenveld (zoals is vastgesteld in de raadsvergadering van 16 december 2025). 21 Oostflank Utrechtse Heuvelrug In de Oostflank Utrechtse Heuvelrug bevinden zich agrarische percelen in een licht glooiend landschap. De bossen van de Utrechtse Heuvelrug markeren de rand van het gebied. Op de N233 is veel verkeer. 22 Utrechtse Heuvelrug De Utrechtse Heuvelrug is een uitgestrekt bos met monumentale en waardevolle bomen en enkele open plekken met heide. Door de hoogteverschillen zijn er natuurlijke uitkijkpunten. Het gebied heeft een hoge natuurwaarde en is dus aantrekkelijk voor recreatie. Daarnaast is het een waterwinningsgebied. Er zijn enkele hoofdwegen en er is een fijnmazig netwerk van onverharde paden. Verder bevinden zich hier de landgoederen Prattenburg, Remmerstein, De Tangh en Kwintelooijen. 23 Uiterwaarden De Uiterwaarden is een open gebied met ver zicht. Bij hoogwater kan de Neder-Rijn hier haar water kwijt. Het gebied heeft bijzondere natuurwaarden, ook door de steilranden. Aan de rand van het gebied bevindt zich een zomerdijk. In het gebied vindt natuurgerichte recreatie plaats. Aansluitend aan de rand van Rhenen liggen in de uiterwaarden een passantenhaven, parkeerplaats, loswal, evenemententerrein en een horecaonderneming. 24 Cuneraweg Noord Cuneraweg Noord ligt tussen de Cuneraweg, de spoorlijn en de Noordelijke en Zuidelijke Meentsteeg. Het is een vrij open gebied met vooral een agrarisch karakter. Het is een overgangsgebied tussen en met zichten op het Binnenveld en de Utrechtse Heuvelrug. 25 Cuneraweg Zuid Tussen de Cuneraweg, de spoorlijn en de Zuidelijke Meentsteeg ligt Cuneraweg Zuid. In het gebied zijn verschillende bedrijven en een aantal woonpercelen aanwezig aan de Cuneraweg met daarachter nog enkele open agrarische percelen. Informatiebronnen voor Visie op Rhenen 2035 (vastgestelde versie juni 2023) De volgende kaartlagen zijn over en/of naast elkaar gelegd om tot een begrenzing van een deelgebied te komen: a. Luchtfoto 2021 b. Kadastrale grenzen c. Bestemmingsplangrenzen en grenzen van losse bestemmingen d. Interim Omgevingsverordening Utrecht waaronder de kernrandzones e. Natura 2000 en Natuur Netwerk Nederland f. Basisregistratie Grootschalige Topografie (Rijksdienst voor ondernemend Nederland) – begroeid terreindeel g. Basisregistratie Adressen en Gebouwen – bouwjaar panden h. Hoogtekaart Nederland i. Grondsoortenkaart en geomorfologie 3 De Visie op Rhenen 2035 In dit hoofdstuk staat de Visie op Rhenen 2035 In de beschrijving staan bepaalde onderwerpen op de voorgrond. De andere onderwerpen doen er ook toe, maar staan niet expliciet beschreven. Zo ontstaat een beter beeld van de sfeer die voortkomt uit de keuze voor bepaalde waarden. De Visie op Rhenen 2035 is beschreven alsof het al 2035 is Soms staan er details in om ons dit voor te kunnen stellen. Bij de details gaat het om de boodschap; niet alles dat staat beschreven, zal precies zo worden gerealiseerd. Bij de uitwerking, straks, van de Visie op Rhenen 2035 hebben we het daar weer over. Sowieso zal in 2035 de Visie op Rhenen niet (helemaal) zijn gerealiseerd. Er wordt naartoe gewerkt. De beschrijving geeft de richting aan. De Visie op Rhenen is daarmee een richtinggevend document dat alleen de gemeente zelf bindt. Het geeft het college van burgemeester en wethouders de ruimte om binnen het gedachtegoed van de visie zijn eigen afwegingen te maken. Ook vormt het een startpunt voor het omgevingsplan dat de gemeenteraad zal vaststellen. De Visie op Rhenen is echter geen statisch document. Onze samenleving en de fysieke leefomgeving verandert voortdurend. De gemeenteraad kan de Visie waar nodig aanpassen op deze veranderingen. Ten slotte, misschien klinkt het soms te mooi om waar te kunnen worden. Dat is met opzet. Zo is er over gesproken en ambitie helpt om verder te komen dan we misschien voor mogelijk houden. Er is wel oog voor wat er kan gebeuren, dat invloed heeft op wat wij willen bereiken en waar wij rekening mee moeten houden. Zie bijlage
  5. 3.1 Uitgangspunten van overheden Visie op Rhenen 2035
(2023)De gemeenteraad van Rhenen, de provincie Utrecht en/of het Rijk hebben aangegeven dat de Visie op Rhenen aan het volgende moet voldoen. In de Visie op Rhenen: a. moet er extra ruimte komen voor het realiseren van minimaal 1.000 woningen tot 2040; b. moet er minimaal 5 hectare extra bouwgrond komen voor bedrijfsactiviteiten; c. moet er ruimte komen voor voorzieningen voor het opwekken van schone energie om in 2040 energieneutraal te zijn; d. zijn nieuwe gebouwen en nieuwe inrichting van de openbare ruimte aangepast aan de veranderingen van het klimaat; e. is het Rhenense Binnenveld een landelijk gebied. Het blijft primair bedoeld voor agrarische activiteiten op het gebied van voedselvoorziening en natuur. Het land van de agrariërs die willen stoppen, is interessant voor agrariërs die meer ruimte nodig hebben, bijvoorbeeld voor het extensiveren van hun bedrijf. Het vrijkomende land van agrariërs is ook interessant voor natuurontwikkeling. Andere functies zijn mogelijk in het Binnenveld als zij bijdragen aan het groene karakter hiervan, zoals natuurrecreatie. Alleen de randen van het Binnenveld kunnen eventueel worden benut voor andere doeleinden, zoals wonen of de duurzame energieopgave; f. telt iedereen mee en kan iedereen meedoen; g. worden de Natura 2000-gebieden niet aangetast en in het Natuurnetwerk Nederland vinden in principe geen ruimtelijke ontwikkelingen plaats; h. kunnen het waterwingebied en het grondwaterbeschermingsgebied beperkt worden gebruikt; i. wordt het Militair Erfgoed Grebbelinie beschermd. In de beschrijving van de Visie op Rhenen 2035 staat de D in bijvoorbeeld (D1, 2, 3) of (D12) voor deelgebied. De nummers komen overeen met de nummers op de kaart van Rhenen in hoofdstuk 2. Uitgangspunten Randzonevisie
(2025)Binnen de gemeente speelden in 2025 drie gebiedstrajecten. De gebiedsverkenning Binnenveld, het Programma landelijk gebied en de Randzonevisie, wijziging Visie op Rhenen
  1. Tijdens het proces met het college en de gemeenteraad is een van de uitgangspunten gewijzigd. Naast de doelstelling van 1.000 woningen in en rond de kernen voor 2040, wordt het streven nog 2.500 woningen extra te bouwen. De zoeklocaties hiervoor zijn aangewezen rondom Achterberg en deels tegen de Nijverkamp aan, het noordelijk deel van het deelgebied Binnenveld. 3.2 Visie op Rhenen 2035: Behoud ons Rhenen en maak het nog mooier a ) Belangrijkste verandering: het goede van de gemeente onderhouden en verbeteren Met alles wat de gemeente Rhenen mooi maakt, is in de periode 2022-2035 behoedzaam omgegaan: a. de cultuurhistorie, zoals van de Grebbeberg en de Cunerakerk; b. de natuur in de gemeente Rhenen; c. het open landschap van onder andere de uiterwaarden en het Binnenveld; d. de vele vrijwilligers die bijdragen aan de samenleving; e. het karakteristieke aan de kernen, zoals de tabaksschuren in Elst, de kerkgemeenschappen in Achterberg en de wederopbouw (na 1945) van Rhenen; f. Ouwehands Dierenpark. Van dit alles kunnen we nu, in 2035, dus nog steeds genieten. b ) Woonbuurten: dichter bij elkaar en groener In de kernen wonen nu meer mensen dan voorheen. De voordelen: de natuurlijke sociale vangnetten zijn blijven bestaan en ook de winkels zijn er nog steeds. In Elst is er zelfs een lunchroom bijgekomen en in Rhenen-hoog staan iedere week meerdere marktkramen. Vooral voor oudere inwoners is dit alles fijn. Zorg, sociaal contact en hulp zijn zo dicht bij huis. In de kernen is bijgebouwd én er is meer groen gekomen. De gemeente houdt hierbij rekening met de 3-30-300 regel waarbij vanuit elke woning 3 bomen zichtbaar zijn, elke buurt minstens 30% bladerdak heeft en iedere inwoner van Rhenen binnen 300 meter van een park of groene ruimte woont. Ook particulieren droegen hieraan bij. Zo bleven de woonbuurten leefbaar in de hete zomers. Het groen en de hoge bomen zorgen voor schaduw en verkoeling. Het groen nodigt uit om naar buiten te gaan voor spel, ontmoeting, sport of een wandeling. Voor jongeren is er meer, en meer divers aanbod in de buitenruimte om elkaar te ontmoeten en om te bewegen. c ) Woningen: extra woningen, ook in Achterberg, Elst en Rhenen In iedere kern (D1, 2, 3, 4 en 6) zijn woningen bijgebouwd op een schaal en in een stijl die passen bij de kern. Indien mogelijk zijn woningen gerealiseerd door oude gebouwen om te bouwen. Ook is de bestaande woningvoorraad goed benut doordat daar waar mogelijk bestaande woningen zijn gesplitst in twee of meer wooneenheden. Verdeeld over de kernen (D1, 2, 3, 4) en rond de kernen (D9, 10, 11, 12, 13) ontstonden zo ongeveer 1.000 nieuwe woningen. Jongeren, gezinnen en ouderen konden zo in hun dorp of stad blijven. Voor ouderen zijn kleinere woningen naar wens gebouwd. Hierdoor kwamen eengezinswoningen vrij voor jonge gezinnen. De bouw van woningen aan de randen van de kernen (D9, 10, 11, 12 ,13) bleef beperkt. Het groen dat hierdoor verdween, is op andere manieren teruggekomen: langs de wegen en de gevels van gebouwen, in de tuinen en op daken. Het vrije zicht over de open kavels is behouden; in de randzones van Achterberg, Elst en Rhenen is geen hoogbouw gekomen. Aan de rand van het Binnenveld (D20), tegen de grens met Veenendaal, is een zoekgebied voor de ontwikkeling van een nieuwe woonkern benoemd. Er is onderzoek gedaan naar de wenselijkheid en haalbaarheid van een nieuwe woonkern met zelfstandige basisvoorzieningen. De Oostflank Utrechtse Heuvelrug (D21) is een overgangsgebied van stedelijk naar natuur. Het heeft een parkachtig karakter. Zo is het open landschap behouden. Ontwikkelingen die er plaatsvonden, hebben de kwaliteit van het gebied en de aanwezige natuur verbeterd. In dit gebied (D21) is de samenhang tussen wonen, recreatie en natuur versterkt. In ieder deelgebied waar nieuwe woningen komen, zijn zo mogelijk innovatieve woonvormen toegepast, zodat jong en oud bij elkaar woont en voor elkaar kan zorgen. Nieuwe woonvormen, zoals erfdelen en knarrenhofjes waar jong en oud samenwonen op grote percelen, verrijken de woningvoorraad in de gemeente. Bovendien zijn de goedkopere nieuwbouwwoningen – huur en koop - eerst beschikbaar gesteld aan inwoners. Zo kunnen meer mensen in de gemeente Rhenen blijven wonen. Met alle woningen die erbij komen, groeit het aantal inwoners. d ) Samenleven: we staan voor elkaar klaar We zijn gesteld op onze welvaart en ons sociale leven. We werken veel, houden van gezelligheid en genieten van de goede restaurants in onze gemeente. Ook zorgen we voor elkaar. De gemeente faciliteert dat ouderen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen, kan dat niet, dan staat in iedere kern een locatie voor 24-uurs zorg klaar. Bovendien weten we hoe we moeten omgaan met mensen in onze omgeving die tekenen van dementie vertonen. In 2035 staan wij dus nog steeds klaar voor de mensen die het moeilijker hebben. Ook staan wij klaar voor mensen die het minder hebben. De gemeente Rhenen heeft haar uiterste best gedaan om te zorgen dat in 2035 geen enkele inwoner meer in armoede leeft. Daarnaast helpt de gemeente bijvoorbeeld bij het energiezuiniger maken van woningen en het laten delen in cultuur en muziek. Rhenen heeft een rijk cultureel leven en veel verschillende sportverenigingen. De leden en vrijwilligers van deze organisaties en verenigingen vormen het cement van de samenleving. De gemeente ondersteunt deze organisaties en verenigingen in brede zin. In 2035 hebben we geleerd om beter contact te hebben met mensen die anders in het leven staan en andere denkbeelden en/of gewoonten hebben. Groepsactiviteiten en samen cultuur en muziek maken en beleven, dragen daaraan bij. Wat er te doen is in de gemeente, kan daarvoor gemakkelijk worden opgezocht, ook door wie niet digitaal vaardig is. Dus alles staat op websites, wordt gedeeld via sociale media en is op papier te vinden: activiteiten op het gebied van welzijn, sport, cultuur, leren, vrije tijd, zorg en politiek. Dit past bij ons idee van meedoen. In 2035 kijken we namelijk breder naar het idee van ‘meedoen’; het gaat om een zinvolle invulling van de dag en kan bestaan uit vrijwilligerswerk, betaald werk, training en/of (om)scholing. e ) Gezondheid en welzijn: wandelen in de natuur en langs de culturele schatten van ons mooie Rhenen Voor ons plezier, (mentale) gezondheid en welzijn bewegen we tegenwoordig meer – van jong tot oud. Kinderen spelen buiten en met z’n allen sporten, wandelen en fietsen we volop. Vaak doen we dit in gezelschap. Onze omgeving nodigt dan ook uit om naar buiten te gaan voor bewegen en ontmoeten. Wat cultuur-historische waarde had, is namelijk bewaard gebleven, eventueel in ere hersteld en/of verder versterkt. Zo is de Delftse schoolstijl (wederopbouw) in de benedenstad van de historische kern (D1) beter zichtbaar door verbouwing en renovatie. Het Hoornwerk (D16) is in ere hersteld, net als de stadsmuur en het Koningin Elisabethplantsoen (D1). En in Elst (D3) is het gelukt om een tabaksschuur een openbare functie te geven. Er vinden nu allerlei activiteiten plaats voor jong en oud. Ook de natuur zien we als een cultuurschat. We hebben gedaan wat we konden om de kwaliteit van de natuur te verbeteren. De verschillende natuur, dichtbij de kern of iets verder afgelegen, en cultuur bieden interessante en mooie wandel- en fietsroutes. Nieuwe wandel- en fietsroutes zijn gecreëerd en bestaande routes zijn opgeknapt. De wandel- en fietsroutes vormen een fijnmazig net, toegankelijk voor alle inwoners. Waar de weg of het pad van laag naar hoog gaat, staan voldoende zitbankjes om tijdens de klim even uit te rusten. f ) Economie en energie: zonnepanelen op woningen en bedrijven Op twee plekken in de gemeente is ruimte gemaakt voor nieuwe bedrijven om zich te vestigen. Het gaat om randzone Remmerden (D15) tegen Remmerden (D7) aan, en het Binnenveld (D20) naast bedrijventerrein Nijverkamp (gemeente Veenendaal). Het gaat om kleine tot middelgrote bedrijven die weinig tot geen belasting vormen voor het milieu. Tussen het nieuwe bedrijventerrein in Binnenveld (D20) en de eventueel nieuwe woningen in dit gebied is voldoende groene ruimte. Verspreid over de gemeente zijn nieuwe en bestaande woningen voorzien van werkruimtes. Handig voor kleinschalige bedrijven. Energie besparen helpt en toch gebruiken wij steeds meer elektriciteit. Bijvoorbeeld voor warmtepompen, airco’s, elektrische auto’s en digitaal werken. Bovendien groeit de bevolking en gaan we van het aardgas af. Samen betekent dit dat wij ook meer schone energie moeten opwekken. We hebben daarom verschillende energiebronnen nodig. In de gemeente Rhenen zetten we eerst in op goede isolatie van woningen en andere gebouwen. We combineren dit met zonne-energie op daken van woningen en gebouwen. Het gaat om alle woningen en gebouwen: bestaande en nieuwe. Waar mogelijk liggen aan de zonkant zonnepanelen en bestaat de schaduwkant uit sedum als extra isolatie. Dit om zoveel mogelijk te voorkomen dat er grote zonneweides moeten komen die het landschap wezenlijk veranderen. Het dorpse en agrarische karakter van de gemeente was en blijft namelijk een groot goed. Behalve besparen, isoleren en zonne-energie opwekken, onderzochten we sinds 2022 andere mogelijkheden om aan schone energie te komen. De waterkracht van de Neder-Rijn. Aandelen in een windpark op zee. Dubbel gebruik van de ruimte, bijvoorbeeld door parkeerplaatsen een dak van zonnepanelen te geven. Kleine windmolens naast (agrarische) bedrijven voor eigen gebruik en eventueel omliggende woningen en bedrijven. g ) Agrarische sector: goed lopende bedrijven In het Binnenveld (D20) hebben agrariërs de ruimte gekregen om hun bedrijf te runnen met oog voor verduurzaming en lokale voedselvoorziening zonder een rendabele exploitatie uit het oog te verliezen. Jongeren die boer wilden worden, kregen daartoe de kans. De agrariërs werkten verschillende manieren uit om de landbouw te verduurzamen en te zorgen voor lokale voedselvoorziening zonder een rendabele exploitatie uit het oog te verliezen. Dit deden zij samen met Wageningen Universiteit. Op deze manier werd het stikstofprobleem gedeeltelijk opgelost en bleven hun bedrijven toekomstbestendig. Ook de agrariërs hebben het maximale gedaan om op hun gebouwen en land schone energie op te wekken met behulp van zon en wind. h ) Natuur De waarde van de natuur, zowel boven de grond als eronder, komt goed tot haar recht in de natuurgebieden, maar ook daarbuiten, zoals bij de landbouw. En in de kernen en op de bedrijventerreinen ziet de gemeente er in 2035 groener uit dan nu. Nieuw groen en groen dat wordt vervangen, helpt om de kwaliteit van de natuur te verbeteren en de biodiversiteit te vergroten. Gezonde natuur zorgt voor schone lucht en beschermt ons beter tegen extreme weersomstandigheden als hitte, droogte en heftige regenval. Het groen zelf moet ook beter tegen extreme weersomstandigheden kunnen. Deze weersomstandigheden maken dat agrariërs ook aanpassingen zullen doen. Zij zullen (gedeeltelijk) andere gewassen telen en de verblijven van de dieren veranderen met het oog op dierenwelzijn. i ) Toerisme: natuur en cultuur zijn goed voor inwoners van de gemeente en uit de regio Het toerisme in de gemeente is maar weinig toegenomen het afgelopen decennium. Het gaat vooral om mensen uit de regio. Net als de lokale bevolking, genieten zij van de natuur, het water, de cultuur en de gastronomie die onze gemeente te bieden heeft. Langs de Rijn zijn schaduwvolle strandjes aangelegd. En er zijn twee wandelpaden bijgekomen die ook toegankelijk zijn voor mensen in een rolstoel. Beide wandelpaden liggen in de uiterwaarden (D23). Eén pad loopt langs de Rijn naar het centrum van Rhenen. En één loopt langs de Veerweg en de oude steenfabriek in Elst. De bomen langs de wandelpaden zorgen voor schaduw. De historische kern van Rhenen (D1) koesteren we. We spannen ons in om de oude glorie te herstellen en/of te onderhouden. De Delftse School-stijl is er prominent aanwezig. Er is een haven gekomen die in grootte en gebruik bij de schaal van de gemeente Rhenen past. In het Binnenveld (D20) is een natuurlijk bosbad aangelegd. In de buurt kan er bij de boer worden gekampeerd. Jongeren vermaken zich hier ook prima. Recreatie en sport zijn belangrijk voor onze gezondheid en ons welzijn, maar deze schaden de dieren in de natuur en het milieu niet. j ) Verkeer en vervoer: doorgaand verkeer niet door stadscentrum We hebben nog steeds een voorkeur voor de auto, maar zijn gaan inzien dat auto’s te veel ruimte innemen voor onze andere waarden: in de gemeente kunnen blijven wonen, de natuur behouden, de historische kern (D1) koesteren en de woonbuurten groener maken en deze geschikt houden voor spelen, bewegen en ontmoeten. Ten eerste rijden er minder auto’s en vrachtwagens door het stadscentrum van Rhenen (D1) en Elst (D3). We hebben met elkaar en de provincie creatieve oplossingen bedacht om dit te realiseren. Het is ons daarbij gelukt om de centra van Rhenen en Elst goed bereikbaar te houden voor de lokale bevolking en de toeristen, ook met de auto. Er is voldoende parkeergelegenheid. Ten tweede is er een beter netwerk aan fietspaden. We kunnen ons goed en snel op de fiets verplaatsen tussen de dorpen en de stad en naar school en werk in de regio. Zo zijn er fietstunnels of -bruggen op de plekken die eerder de gevaarlijkste kruispunten waren. Ten derde is het aanbod van het openbaar vervoer verbeterd. In overleg met de provincie zijn structurele oplossingen gerealiseerd om het aanbod van routes blijvend te vergroten. De inzet van vrijwilligers speelt daarbij een rol. Zo kunnen extra routes worden gereden en ritten worden aangevraagd. De verbetering van de OV-verbinding tussen het treinstation van Rhenen (D2) en die van Kesteren helpt ook. Ten vierde is in de hele gemeente deelvervoer geïntroduceerd: auto’s, scooters en fietsen. Ten slotte is de Rijnbrug (D2) verbreed. Dat is een verbetering, hoewel door de toename van het aantal inwoners in de regio en onze voorkeur voor de auto, het verkeer hier in de spits nog steeds wel eens vast staat. k ) Gemeentebestuur: Rhenen blijft een zelfstandige en zelfbewuste gemeente De gemeente groeit van 20.000 naar zo’n 25.000 tot 27.000 inwoners. We hechten aan onze zelfstandigheid om onze cultuur-historische identiteit te kunnen bewaren. We willen graag blijven wie we zijn. De bestuurscultuur van de gemeente is nog meer samen verkennen en samen doen geworden. Inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties nemen volop initiatief om het leven in de gemeente te verbeteren. Zij nodigen steeds anderen uit om ook mee te doen. Samen komen zij ook zelf in actie om het initiatief uit te laten groeien tot iets van waarde voor de gemeenschap. Initiatieven kunnen gaan over diverse onderwerpen. Met elkaar iets voor elkaar doen, is het motto. De gemeente kan ook worden uitgenodigd om mee te doen aan een initiatief. Gelijk aan iedere genodigde, bepaalt de gemeente zelf hoe aan een initiatief mee te doen. De gemeente kan ook worden uitgedaagd door inwoners. Wanneer inwoners menen dat zij iets beter kunnen oppakken en/of uitvoeren dan de gemeente, is hier ruimte voor. De gemeente blijft daarbij wel altijd verantwoordelijk voor borging van minimale eisen die zij stelt aan een gezonde en veilige leefomgeving. NB In 2025 liepen er drie ruimtelijke trajecten in de gemeente Rhenen: Het Programma Landelijk Gebied, de Randzonevisie en de Gebiedsverkenning Binnenveld. Deze drie trajecten zijn van invloed op de visie genoemd in deze bovenstaande paragraaf 3.
  2. De visie in paragraaf 3.2 dateert van
  3. De belangrijkste wijzigingen met het opstellen van de Randzonevisie
(2025)zijn: a. er zijn twee plekken toegevoegd waar nieuwe bedrijven zich kunnen vestigen. Het gaat om randzone Cuneraweg Noord (D24) en randzone Cuneraweg Zuid (D25); b. de visie dat ongeveer 1.000 nieuwe woningen toegevoegd worden in en rond de kernen, wordt uitgebreid met 2.500 woningen rondom Achterberg en in het noordelijk deel van het Binnenveld tegen Nijverkamp aan. Hiervoor loopt een apart traject, de gebiedsverkenning Binnenveld, waarin deze gronden zijn aangewezen als een zoekgebied waar grootschalige woningbouw wordt onderzocht. 4 Randzonevisie
(2025)De gemeente Rhenen staat voor meerdere ruimtelijke opgaven Er is behoefte aan ruimte voor woningbouw, landbouw, niet-agrarische bedrijvigheid, recreatie, natuur en energieopwekking. Juist in de randzones – de overgangsgebieden tussen bebouwing en landelijk gebied – komen deze ambities samen. In de Visie op Rhenen 2035 is daarom uitgesproken dat deze zones “optimaal benut” moeten worden. Deze Randzonevisie geeft hieraan een nadere invulling. In deze visie zijn ook twee nieuwe randzones opgenomen: Cuneraweg Noord en Cuneraweg Zuid, naar aanleiding van een verzoek tot vestiging van bedrijven op deze locaties. Ook zijn de randzones Rhenen en Achterberg in tweeën gesplitst. Onze leefomgeving staat voor ingrijpende veranderingen. De energietransitie en klimaatadaptatie stellen nieuwe eisen aan het gebruik van de ruimte en vragen om aanpassingen in de landbouw en inrichting van het landschap. Tegelijkertijd is er een toenemende druk op de ruimte door de behoefte aan woningen, economische ontwikkeling en een gezondere leefomgeving. We zien ook vanuit de samenleving steeds vaker initiatieven ontstaan voor woningbouw, recreatie of hergebruik, ook wel functieverandering genoemd, van bestaande erven. Nieuwe woningen of bedrijven hebben ook weer invloed op de opgaven vanuit de energietransitie. Vooral in de randzones komen deze opgaven samen. Hier botsen belangen, maar ontstaan ook kansen voor slimme combinaties van functies, zoals landbouw, wonen, recreatie, energieopwekking, natuur en werken (niet-agrarische bedrijfsfuncties). Die ruimte is alleen niet onbegrensd. Ontwikkelingen zijn alleen mogelijk als ze rekening houden met de kwaliteiten van het gebied en daar ook een bijdrage aan leveren. In deze Randzonevisie bepalen we voor alle randzones individueel wat de kansen zijn voor het versterken van de kwaliteiten van de betreffende randzone, welke ontwikkelruimte daarbij past en welke randvoorwaarden daar dan bij horen. In dit hoofdstuk lichten we toe hoe we naar deze opgave kijken. Schematische beleidsweergave hoe we vanuit de ambitie om randzones optimaal te benutten gekomen zijn tot de uitwerking van deze Randzonevisie De Randzonevisie in relatie tot het beleid van de provincie Utrecht De provincie Utrecht ziet randzones als kansrijke gebieden en biedt beleidsmatig ruimte voor ontwikkeling. Die ruimte is niet onbegrensd: initiatieven moeten aansluiten bij de kwaliteiten van het gebied en daar een aantoonbare bijdrage aan leveren. Omdat deze kwaliteiten per randzone verschillen, variëren ook de ontwikkelmogelijkheden. Mede om die reden stimuleert de provincie Utrecht de gemeente Rhenen om een randzonevisie op te stellen. Op dit moment worden initiatieven individueel afgestemd met de provincie Utrecht. Door samen met gebiedspartijen en de provincie Utrecht een integrale visie op te stellen, krijgt de gemeente een beleidskader in handen. Dit vergroot de kans van slagen voor initiatieven en versnelt de afstemming met de provincie Utrecht. De Randzonevisie biedt daarmee helderheid, richting en versnelling in planprocessen. In de randzones zijn de stad-landverbindingen van groot belang voor de provincie Utrecht. Dit gaat verder dan fysieke verbindingen zoals recreatieve routes: het gaat ook om verbindingen via landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische waarden. Denk aan het behoud van openheid, karakteristieke verkavelingsstructuren, zichtlijnen, natuurwaarden en archeologische elementen. Ook het natuurlijk systeem speelt een sleutelrol. De provincie Utrecht beschouwt natuur als een samenhangend geheel van bodem, water, planten en dieren. Een gezond systeem houdt water vast, voedt de bodem en biedt ruimte aan biodiversiteit – en draagt zo ook bij aan een gezonde, klimaatbestendige leefomgeving voor mensen. Daarom is het belangrijk natuur en landschap te versterken en waar nodig te herstellen. Voor Rhenen betekent dit een zorgvuldige balans tussen ontwikkelen en beschermen. Door de ligging tussen waardevolle natuurgebieden en de rijke cultuurhistorie vraagt elke ruimtelijke keuze om een afgewogen aanpak, waarin nieuwe functies samengaan met behoud en versterking van de gebiedskwaliteit. De randzones in de Randzonevisie Deze Randzonevisie geeft richting aan de toekomstige ontwikkeling van de randzones. Per randzone is in beeld gebracht welke functies het meest kansrijk zijn en onder welke voorwaarden ontwikkelingen mogelijk zijn. Zo ontstaat er duidelijkheid: waar is ruimte voor kleinschalige woningbouw, dagrecreatie of een nieuwe invulling van een erf, en waar staat behoud van het huidige landschap, gronden voor de landbouw of natuur centraal. Tegelijk laat de visie zien hoe initiatieven kunnen bijdragen aan de kwaliteiten van de randzones én aan de bredere doelen uit de Visie op Rhenen
  1. Uiteindelijk is het doel om de juiste functie op de juiste plek te laten landen en op een zorgvuldige manier sturing te kunnen geven aan initiatieven in de randzones. Deze Randzonevisie helpt bij het maken van ruimtelijke keuzes én bij het beoordelen van initiatieven uit de samenleving. En deze visie maakt duidelijk waar ruimte is voor ontwikkeling, én onder welke voorwaarden. Daarmee vormt de visie een ruimtelijk kompas én toetsingskader. Overzichtskaart van de randzones van de gemeente Rhenen Ontwikkelen met respect voor de waarden en kwaliteiten van de plek In de gemeente Rhenen is de druk op de ruimte groot. De gemeente zoekt ruimte voor woningbouw, toekomstbestendige landbouw, niet-agrarische bedrijvigheid, energieopwekking én recreatie. Om ontwikkelingen mogelijk te maken is ook ruimte nodig voor compensatie in de vorm van natuurontwikkeling, zowel kwalitatief als kwantitatief. De randzones kunnen een belangrijke rol vervullen in deze ruimtelijke vraagstukken. Om het ontwikkelpotentieel van de randzones goed te kunnen bepalen zijn in deze Randzonevisie de kenmerken en kwaliteiten van de gebieden uitgebreid in beeld gebracht. Daarbij is gekeken naar de stad-landverbindingen, maar ook naar de aanwezige waarden op het gebied van natuur, landschap, groen, archeologie en cultuurhistorie. Deze elementen bepalen in belangrijke mate het karakter van de randzones en vormen samen een essentieel onderdeel van de identiteit van Rhenen. Landschap De ontstaansgeschiedenis van het landschap van de gemeente Rhenen is grotendeels bepaald door de voorlaatste ijstijd, zo’n 150.000 jaar geleden. Landijs drong ver Nederland binnen. In de Gelderse Vallei lag een grote ijstong, die zand en grond uit de ondergrond voor zich uitduwde. De Utrechtse Heuvelrug is door dit landijs opgestuwd. De randzone Rhenen West bijvoorbeeld is aan de bovenzijde redelijk vlak, doordat het landijs de bovenzijde van de stuwwal afvlakte. Een tweede belangrijke kracht, die van invloed is geweest op de randzones van Rhenen is het smeltwater van diezelfde ijsplaat uit de ijstijd. De randen van de Utrechtse Heuvelrug zijn gevormd doordat aan het einde van de ijstijd het smeltwater water en sediment naar beneden spoelde. Aan de voet van de Utrechtse Heuvelrug ligt een ring van zogenoemde sandrs en puinwaaiers. Een sandr is een mix van zand en grind, die aan het einde van de ijstijd door smeltwater naar beneden zijn gespoeld. De sandrs zien we met name aan de westzijde van de Utrechtse Heuvelrug. Puinwaaiers zijn eveneens afzettingen van zand en grind. Ze hebben een kegelvormige vorm en zijn ontstaan als een beek plotseling zijn kracht verloor, bijvoorbeeld in een dooiperiode. Deze afzettingen komen vooral voor aan de oostzijde van de gemeente Rhenen. Voor een deel is de rand van de Utrechtse Heuvelrug bedekt met een laag dekzand. Deze is na de voorlaatste ijstijd door de wind afgezet. Een bijzonder geologisch fenomeen vormen de droogdalen. Dit zijn de oude smeltwaterdalen, die door het inslijten van smeltwater zijn ontstaan. Ze zorgen voor langgerekte dalen die dwars staan op de Utrechtse Heuvelrug. Deze dalen zijn op meerdere plekken goed te zien. We zien ze binnen de randzones als waardevolle elementen. We zorgen ervoor dat de dalen van beneden naar boven goed herkenbaar, aantrekkelijk en toegankelijk voor inwoners en bezoekers, zijn. Typerende landschapsvormen binnen de randzones van de gemeente Rhenen, aangevuld met onder meer natte gebieden, grondwaterbeschermingszones en landgoederen Natuur/groen De randzones van Rhenen grenzen voor een groot deel aan de Utrechtse Heuvelrug, de Laarsenberg of de uiterwaarden van de Rijn. Deze drie gebieden vallen binnen het zogenoemde Natuurnetwerk Nederland (NNN). Ze zijn in de provinciale Omgevingsverordening beschermd als natuurgebied. Direct aansluitend op NNN-gebieden zijn ook Groene Contourgebieden aangewezen in de provinciale Omgevingsverordening. In de Groene Contourgebieden zijn agrarische en niet-stedelijke zones opgenomen, die belangrijk zijn voor het versterken en verbinden van natuur, maar die niet formeel tot het NNN behoren. Ze sluiten daar echter wel op aan en worden gezien als ontwikkelzones voor nieuwe natuur. Nieuwe stedelijke ontwikkelingen zijn beperkt en onder voorwaarden mogelijk als het geheel bijdraagt aan de versterking van de natuur. Binnen de randzones komen allerlei natuurwaarden voor. In meerdere randzones vinden we bosjes en brede houtsingels. Deze vervullen een belangrijke rol voor de ecologische waarde in een gebied. In bosranden en overgangsgebieden met veel landschapselementen vinden we een hoge dichtheid aan soorten (kleine) zoogdieren, vogels en insecten. Een aantal houtwallen, zoals in randzone Rhenen West, is al heel oud. Deze kennen extra kwaliteiten. Door een rijke, voedselrijke bodem met veel organisch materiaal is het bodemleven er gevarieerder. Bovendien kennen deze houtwallen een stevige opbouw met oude bomen, struikenlaag en een kruidenlaag, waar veel soorten insecten en vlinders in voorkomen. In meerdere randzones vinden we percelen met bloemrijk / ruig grasland of bloemrijke bermen. In de lage delen van het landschap, zoals de randzones rond Achterberg vinden we ook sloten met oeverbeplanting. Ook kennen de randzones rond Achterberg fraaie laanbeplantingen, zoals langs de Friesesteeg en de Snijdersteeg. Binnen het provinciale beleid en regelgeving (waaronder de Omgevingsverordening) en het gemeentelijk omgevingsplan zijn meerdere ecologische verbindingen en groene contourgebieden aangewezen. Deze hebben als doel om natuurgebieden met elkaar te verbinden en uitwisseling van soorten mogelijk te maken. Een belangrijke verbinding vormt de ecologische samenhang tussen de Utrechtse Heuvelrug en de uiterwaarden van de Rijn, maar ook tussen de Thijmseberg en de Laarsenberg. Er zijn veel soorten die gebruik maken van zowel nattere gebieden in de uiterwaarden als de droge en beschutte plekken van het bos. Dit geldt onder andere voor diverse soorten amfibieën en reptielen. Ook veel vlindersoorten gebruiken beide biotopen. Meerdere soorten vogels en zoogdieren trekken tussen verschillende leefgebieden heen en weer, zoals dassen, marters en reeën. Ligging van de (beoogde) natuurgebieden binnen de randzones van de gemeente Rhenen Cultuurhistorie/archeologie In en rond Rhenen zijn allerlei bijzondere archeologische vondsten gedaan. Zo werd begin jaren ’50 in het droogdal bij randzone Rhenen West een groot vroeg middeleeuws grafveld gevonden. Daarnaast komen op de Utrechtse Heuvelrug talloze grafheuvels voor, wat erop wijst dat er al lange tijd bewoning rond de Utrechtse Heuvelrug heeft plaatsgevonden. Zo zijn er rond het bedrijventerrein Remmerden allerlei vondsten gedaan uit de Bronstijd en de IJzertijd, zoals keramiekresten en sporen van boerderijstructuren. In Achterberg bevindt zich een ondergronds archeologisch rijksmonument, het kasteelterrein Ter Horst. Rond de Utrechtse Heuvelrug bevinden zich ook veel cultuurhistorische waarden. Veel gebouwen hebben een status als rijksmonument of gemeentelijk monument. Daarbij gaat het onder andere om landhuizen, zoals Remmerstein, Prattenburg, oude tabaksschuren en boerderijen. Rondom de Utrechtse Heuvelrug liggen talloze oude akkers die al eeuwenlang in gebruik zijn voor de landbouw. Het gaat vaak om opgehoogde en vruchtbare zandgronden, die door langdurig gebruik rijk zijn aan voedingsstoffen en al eeuwenlang in gebruik zijn bij de landbouw. Voor de oprichting van landgoederen werd vaak het reliëf van de Utrechtse Heuvelrug gebruikt om bijzondere uitzichten te creëren. Bij veel van deze landgoederen zijn de oude zichtlijnen ook nog intact en zichtbaar. Ook dat zijn waardevolle elementen om te behouden, net zoals de parkaanleg en de bijbehorende bos- en landbouwpercelen. Door verschillende randzones loopt De Via Regia, de oude handelsroute tussen Utrecht en Keulen. Deze weg is opgenomen binnen de Cultuurhistorische Hoofdstructuur van de provincie Utrecht. De belangrijkste cultuurhistorische en archeologische waarden binnen de randzones van de gemeente Rhenen Landbouw De landbouw is een dragende kracht voor onze identiteit. Dit komt tot uiting in het landschap, onze (cultuur)historie en in de manier waarop mensen het landelijk gebied beleven. In veel randzones is de landbouw dan ook prominent aanwezig. De landbouw vervult in de randzones vaak een meervoudige rol. Zo worden de gronden gebruikt voor het verbouwen van voedsel en voor het houden van dieren. Daarnaast draagt agrarisch gebruik in sommige gebieden bij aan het behoud van een open landschap dat ruimtelijke kwaliteit uitstraalt. Op andere plekken helpt het om cultuurhistorische elementen zoals oude droogdalen, kavelstructuren of zichtlijnen van landgoederen zichtbaar en herkenbaar te houden. Daarnaast zijn er agrarische gronden die een hoge natuur- of ecologische waarde hebben, bijvoorbeeld door extensief gebruik of de aanwezigheid van bijzondere natuur- en diersoorten. Deze kwaliteiten erkennen én benutten we. In deze Randzonevisie zoeken we daarom naar kansen om dit dubbelgebruik te behouden, te versterken of verder te ontwikkelen. De landbouw blijft daarmee niet alleen een economische pijler, maar ook een sleutel tot ruimtelijke kwaliteit. Tegelijkertijd staan we als gemeente voor grote ruimtelijke opgaven. De vraag naar ruimte voor bijvoorbeeld nieuwe woningen en lokale bedrijvigheid is groot en urgent. Dat betekent dat in sommige gevallen agrarisch grondgebruik plaats zal moeten maken voor andere functies. Waar dit speelt, zijn we terughoudend en zorgvuldig. Als er sprake is van transformatie dan is een goede inpassing met aandacht voor de landschappelijke, cultuurhistorische en ecologische kwaliteiten van het gebied belangrijk. De randzones van Rhenen vormen daarmee het overgangsgebied bij uitstek: tussen stad en land, tussen functies, tussen verleden en toekomst. In deze visie kiezen we voor een benadering die landbouw, landschap, natuur en verstedelijking (ruimte voor woningen, lokale bedrijvigheid en recreatie) niet tegenover elkaar plaatst, maar juist zoekt naar balans en versterking. Agrarisch grondgebruik binnen de randzones van de gemeente Rhenen. Gebaseerd op de Basisregistratie Gewaspercelen 2025 (RVO, jaarlijkse opgave van gewaspercelen door gebruikers, peildatum 15 mei 2025) en het Provinciaal Arbeidsplaatsenregister (Provincie Utrecht, samengesteld uit o.a. het Handelsregister en onderzoek) Een goede balans In deze Randzonevisie zoeken we een balans tussen functies onderling. Het gaat dan om de functies: wonen, landbouw, werken (niet-agrarische bedrijfsfuncties), recreatie (verblijfs- en dagrecreatie), natuur/ecologie en energieopwekking. Niet alle functies kunnen op dezelfde plek en ook de toekomst van de landbouw is voor de gemeente heel belangrijk. We moeten keuzes maken. Wonen en landbouw gaan bijvoorbeeld niet goed samen op dezelfde plek. Het vinden van een goede balans staat daarom centraal. Wat betreft de mogelijkheden voor het grootschalig opwekken van duurzame energie hebben we met deze Randzonevisie inhoudelijk geen wijzigingen aangebracht in de Visie op Rhenen
  2. Uit onderzoek van de provincie Utrecht volgt namelijk dat er voor grootschalige windenergie geen ruimte in de randzones is. Dit komt onder andere door de aanwezigheid van woningen en beschermde natuur. Voor de kleine ontwikkelingen van zon op land geldt ons huidige ‘Beleidskader zonnepanelen op land’. Naast de balans tussen functies onderling zoeken we naar een balans tussen functies en kwaliteiten. Dit leidt ertoe dat we in sommige randzones meer nieuwe functies toelaten dan in andere. Zijn er veel natuurwaarden of cultuurhistorische kwaliteiten, dan zijn de mogelijkheden beperkt. Als er weinig waarden zijn of als deze sterk verbeterd kunnen worden, dan zijn de ontwikkelkansen voor nieuwe functies groter. Anderzijds geven we aan hoe een functie (als deze toegelaten kan worden) kan bijdragen aan de kwaliteit in het gebied. We noemen dat een kwaliteitsinvestering. Een kwaliteitsinvestering is een maatregel die bijdraagt aan het versterken, herstellen of behouden van de kwaliteit van een gebied - bijvoorbeeld door het behouden van bestaande kwaliteiten, het herstellen van zichtlijnen, of het aanleggen van houtsingels, ecologische verbindingen en recreatieve routes. Ontwikkelkansen gaan hand in hand met kwaliteitsinvesteringen. Nieuwe functies zijn dan ook niet vanzelfsprekend. Bij een ruimtelijke ontwikkeling, zoals woningbouw of bedrijfsuitbreiding, moet ook een kwaliteitsinvestering worden gedaan, passend bij het gebied. Bijvoorbeeld door met de ontwikkeling van een nieuw woonerf ook nieuwe landschapselementen aan te leggen of met de vestiging van een recreatief bedrijf ook een nieuw wandelpad aan te leggen. In bijlage 1 staat per randzone beschreven wat mogelijke passende maatregelen zijn. Ook hierbij geldt: we zoeken daarbij naar een goede, zorgvuldige balans. Dit betekent dat hoe groter (de impact van) een ontwikkeling, hoe groter ook de kwaliteitsinvestering moet zijn. In de weegschaal hieronder ziet u de ontwikkelingen aan de linkerzijde en mogelijke kwaliteitsinvesteringen aan de rechterzijde. Deze moeten in evenwicht zijn, in balans. 5 Uitvoering Uitvoering Met de Visie op Rhenen hebben we samen een koers uitgezet. Er liggen kansen en opgaven. Hier werken we mee om onze Visie op Rhenen 2035 te bereiken. De gemeente doet dit graag samen met inwoners, ondernemers en organisaties op dezelfde manier als de Visie op Rhenen 2035 tot stand is gekomen. We verkennen samen en doen samen. 5.1 Uitvoering Visie op Rhenen 2035 De Visie op Rhenen in relatie tot bestaand beleid en hoger beleid Bij de uitwerking van de Visie op Rhenen is het bestaande beleid van de gemeente en het beleid van hogere overheden leidend. Dit geldt ook voor afspraken die al zijn gemaakt in de regio. Wanneer bestaand gemeentebeleid toe is aan herziening, wordt de Visie op Rhenen richtinggevend. De Visie op Rhenen in relatie tot regionale overleggen De Visie op Rhenen is uitgangspunt in overleggen met de regio. Op enkele regionale opgaven loopt de Visie op Rhenen al vooruit. Van Visie op Rhenen naar uitvoering De gemeenteraad stelt de Visie op Rhenen vast als omgevingsvisie onder de Omgevingswet. Uitvoering van de Visie op Rhenen gebeurt in de eerste plaats door middel van het bestuursprogramma van het college van burgemeester en wethouders. Op basis van dit bestuursprogramma zijn bijvoorbeeld de randzones verder uitgewerkt in de Visie op Rhenen. Vervolgens wordt de Visie op Rhenen uitgewerkt in een uitvoeringsagenda. De uitvoeringsagenda is aanvullend aan het bestuursprogramma. De agenda geeft de doelen aan voor de langere termijn. In de uitvoeringsagenda staat welke stappen de gemeente gaat zetten om ieder doel te bereiken en binnen welke tijd. De gemeente geeft daarbij steeds duidelijk aan wat de gemeente kan doen en waarvoor de gemeente een beroep moet doen op andere overheden, zoals het waterschap en de provincie. De uitvoeringsagenda geeft bovendien de ruimte aan voor initiatieven vanuit de samenleving. Deze initiatieven moeten bijdragen aan de richting die uit de Visie op Rhenen spreekt. Werken in een beleidscyclus De omgevingsvisie geeft sturing en richting aan alle plannen, beleidsontwikkeling en projecten op het gebied van de fysieke leefomgeving. Uitvoering kan plaats vinden in omgevingsplannen, programma’s, sectoraal beleid, gebiedsgerichte visies en/of projecten. De keuze voor een programma, plan en/of project is afhankelijk van de opgaven en kansen van een deelgebied en de wijze waarop de gemeente wil sturen op het bereiken van de opgaven. Na uitvoering volgt monitoring, evaluatie en zo nodig aanpassing van de Visie op Rhenen. Op deze wijze komt de logische cyclus van beleidsontwikkeling, beleidsdoorwerking, uitvoering en terugkoppeling rond. Monitoring en evaluatie van de Visie op Rhenen De gemeente ziet de Visie op Rhenen als een levend document: het wordt aangepast als ontwikkelingen of omstandigheden dit nodig maken. De snelheid waarmee dit gebeurt, is afhankelijk van de snelheid van ontwikkelingen of de bestuurlijke visie op ontwikkelingen. Er zijn geen voorgeschreven termijnen. Met de gemeenteraad spreekt het college af dat tekstuele correcties altijd kunnen worden verwerkt in de Visie op Rhenen. En als er nieuw sectoraal beleid wordt vastgesteld door de gemeenteraad, kan het college van burgemeester en wethouders besluiten om dit te verwerken in de Visie op Rhenen. Aanpassingen die echt een bijstelling van de koers van de Visie op Rhenen betekenen, worden vanzelfsprekend door de gemeenteraad vastgesteld. Proceswijzer Voor initiatiefnemers vanuit de samenleving maakt de gemeente een proceswijzer. Dit is een handleiding voor initiatiefnemers en laat zien op welke wijze initiatiefnemers rekening kunnen houden met de Visie op Rhenen. De proceswijzer is gericht op initiatieven die passen binnen de Visie op Rhenen en die dus goed zouden zijn voor Rhenen, maar op basis van bestaande regels nog geen vergunning kunnen krijgen. Met de proceswijzer krijgen initiatiefnemers inzicht in de stappen die in ieder geval gezet moeten worden om te voldoen aan wettelijke vereisten. Bovendien deelt de proceswijzer kennis over het organiseren van verschillende belangen en het uitnodigen van belangstellenden om met elkaar het initiatief te realiseren. Hoe gaan we om met kosten bij ontwikkelingen De gemeente is verplicht om kosten voor werkzaamheden of maatregelen, waar initiatiefnemers van profiteren, bij die initiatiefnemers in rekening te brengen. Dit geldt onder de Wet ruimtelijke ordening, maar ook onder de Omgevingswet. Als de gemeente eigenaar is van de grond waarop wordt gebouwd, dan berekent de gemeente de gemaakte kosten door in de verkoopprijs van de kavels en de verhuur- en pachtprijzen. Als de gemeente geen eigenaar is van de grond, dan sluit de gemeente bij voorkeur vooraf een overeenkomst met de eigenaar. In deze overeenkomst staat welke kosten in rekening worden gebracht. Als het niet mogelijk is om vooraf afspraken te maken, moet de gemeente op een andere manier kosten verhalen. Dit kan in het omgevingsplan (de vervanger van het bestemmingsplan) of in een omgevingsvergunning. Relatie met milieuaspecten Milieu is een integraal onderdeel van de fysieke leefomgeving. Onder milieu verstaan we ook de kwaliteit van de bodem, het grondwater en het oppervlakte water. In Europees verband zijn de zogenoemde vier milieubeginselen vastgelegd. Dit zijn afspraken over de manier waarop we zorgen voor ons milieu. Als gemeente hebben we kennis van de vier milieubeginselen1 en beschouwen we milieu als een integraal onderdeel van de fysieke leefomgeving. Vanuit dit oogpunt hanteert de gemeente Rhenen de volgende uitgangspunten: a. De door de Rijksoverheid wettelijk vastgestelde kwaliteitseisen vormen het minimale niveau voor de gemeente Rhenen. Daar waar afwegingsruimte beschikbaar is vanuit milieu, hanteren we voornamelijk het ‘ja, mits’ uitgangspunt. Met als doel dat meer functies in elkaars nabijheid kunnen voorkomen, zonder beperkingen op te leveren. b. De milieukwaliteit wordt per saldo niet onevenredig aangetast. Onevenredige aantasting van milieukwaliteit treedt op als wettelijke normen worden overschreden. Tussen aantasting en onevenredige aantasting van de milieukwaliteit ligt delicate afwegingsruimte. Daar waar deze afwegingsruimte bij de gemeente ligt, wordt een integrale benadering van belangen gevraagd. Waar nodig én mogelijk wordt de milieukwaliteit verbeterd; c. Bij de bescherming en de verbetering van de milieukwaliteit zoeken we naar koppelkansen met ruimtelijke ontwikkelingen en andere beleidsvelden; d. Gebiedsgericht milieubeleid: de milieukwaliteit in een gebied is passend voor de functie van dat gebied. Het mengpaneel binnen de Omgevingswet kan ons in staat stellen om op sommige milieuaspecten wat strenger en op andere wat minder strenge regels te hanteren (waarbij bedacht dient te worden dat de bandbreedtes in de Omgevingswet zodanig zijn gekozen dat altijd sprake blijft van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat). Op dit moment hanteert de gemeente nog geen gebiedsgericht milieubeleid. De gemeente volgt (nu en straks) de milieukwaliteitseisen op Rijksniveau. Op het moment dat de gemeente heeft uitgewerkt hoe om te gaan met de bandbreedtes op het gebied van milieu (denk aan: lucht, geluid, externe veiligheid, trilling, geur en bodem) verwerkt de gemeente dit in de Visie op Rhenen
  3. 1 Deze luiden als volgt: a. Het voorzorgsbeginsel: als er goede redenen zijn om te vrezen dat een activiteit (waar een vergunning voor nodig is) negatieve gevolgen kan hebben voor het milieu dan moet deze activiteit worden voorkomen. b. Het beginsel van preventief handelen: milieuvervuiling moet zoveel als mogelijk worden voorkomen. c. Het beginsel van bestrijding aan de bron: als een activiteit negatieve gevolgen voor het milieu heeft dan moet als eerste worden gekeken naar de directe omgeving van de activiteit: kan er iets worden veranderd bij of in de directe omgeving van de activiteit? d. Het beginsel van de vervuiler betaalt: degene die de activiteit uitvoert, moet ook betalen voor het voorkomen of opruimen van de negatieve gevolgen. Veiligheid en gezondheid In samenwerking met verschillende partners dragen we zorg voor het voorkomen en beperken van risico’s die onze veiligheid en gezondheid aantasten. 5.2 Uitvoering Randzonevisie
(2025)Uitvoering Randzonevisie
(2025)Een eerste uitvoering van de Visie op Rhenen 2035 is de Randzonevisie
(2025). In de randzones zoeken we naar de juiste balans in het mogelijk maken van ruimtelijke ontwikkelingen én het realiseren van kwaliteitsverbeteringen. Daarbij hanteren we het principe dat hoe groter (de impact van) een ontwikkeling, hoe groter ook de kwaliteitsinvestering moet zijn. Een kwaliteitsinvestering is een maatregel die bijdraagt aan het versterken, herstellen of behouden van de kwaliteit van een gebied. De bedoeling van dit beleid is dat inwoners of ondernemers die nieuwe woningen of andere functies in de randzones mogen realiseren zo’n kwaliteitsinvestering in de omgeving doen. We onderzoeken daarbij de kansen en mogelijkheden hoe kwaliteitsverbetering in het ene gebied kan zorgen voor (stedelijke) ontwikkeling in een ander gebied. Na vaststelling van deze visie zal een normering en een methodiek worden uitgewerkt, zodat initiatieven hierop kunnen worden uitgewerkt en getoetst. Initiatiefnemers zijn aan zet om als onderdeel van hun ruimtelijke ontwikkeling te laten zien hoe ze invulling willen geven aan de kwaliteitsinvestering. In eerste instantie zetten we in op kwaliteitsverbetering op eigen terrein. Voor sommige initiatieven zal gelden dat het fysiek onmogelijk is om de (volledige) investeringsopgave op eigen gronden te realiseren. Dat kan bijvoorbeeld zo zijn als het perceel te klein is en de eigenaar geen gronden in bezit heeft om de investering uit te kunnen voeren. Of omdat de gronden die in eigendom zijn al een dusdanige kwaliteit hebben dat extra investeren niet direct een grote meerwaarde heeft. In dit soort situaties is een financiële afdracht in een landschapsfonds aan de orde. De gelden die in het fonds gestort worden, worden ingezet om gemeentelijke natuur- en landschapsinvesteringsprojecten uit te voeren. De uitvoering en instandhouding van de kwaliteitsinvestering worden privaatrechtelijk vastgelegd. We sluiten daarvoor een anterieure overeenkomst met een initiatiefnemer waarin de bijdrage aan kwaliteitsverbetering wordt vastgelegd. In enkele randzones zien we ruimte voor stedelijke ontwikkelingen op locaties binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Op aangeven van de provincie Utrecht geldt als voorwaarde dat we voor deze locaties een natuurvisie op moeten stellen. Hier gaan we mee aan de slag. We volgen hierbij het provinciale beleid en regelgeving en hanteren daarbij de meerwaardebenadering. Dit betekent dat nieuwe ontwikkelingen binnen het NNN alleen mogelijk zijn als er geen alternatieve locaties buiten het netwerk zijn en als er een natuurvisie wordt opgesteld die laat zien hoe natuurkwaliteit wordt behouden én versterkt. Daarbij wordt gezocht naar een meerwaarde voor natuur, landschap en biodiversiteit in de omgeving van de ontwikkeling. Deze aanpak zorgt ervoor dat ruimtelijke opgaven zorgvuldig worden ingepast, en dat de samenhang en kwaliteit van het natuurnetwerk op de lange termijn behouden blijft. We onderzoeken daarbij de kansen en mogelijkheden hoe kwaliteitsverbetering in het ene gebied kan zorgen voor (stedelijke) ontwikkeling in een ander gebied. Tot slot onderzoeken we hoe het (nieuwe) provinciale en regionale beleid rond vrijkomende agrarische bebouwing kansen kan bieden voor onze gemeente. Ons uitgangspunt is dat agrariërs in het Binnenveld zoveel mogelijk ontwikkelruimte behouden om hun bedrijf voort te zetten. Eigenaren die hun erf (gedeeltelijk) anders willen gebruiken, willen we waar mogelijk meer ruimte geven voor dubbelgebruik, meerjarige overgangssituaties en mogelijkheden om te kunnen omschakelen. Dat kan gaan om nieuwe landbouwvormen (zoals akkerbouw of agrarisch natuurbeheer), om niet-agrarische bedrijvigheid of om functies als verblijfsrecreatie of kleinschalige horeca. Bij vrijwillige bedrijfsbeëindiging willen we kijken naar mogelijkheden om vrijkomende bouw- en sloopmeters in te zetten in de randzones in plaats van in het Binnenveld. Zo voorkomen we bijvoorbeeld dat nieuwe woonerven in het agrarisch gebied ontstaan, die op termijn de ontwikkelingsruimte van blijvende agrariërs kunnen belemmeren. BIJLAGE 1: KENMERKEN EN OPGAVEN PER DEELGEBIED Kenmerken en opgaven per deelgebied De Visie op Rhenen 2035 heeft gevolgen voor de inrichting en het gebruik van de ruimte. Deze gevolgen zijn inzichtelijk gemaakt per deelgebied. De Randzonevisie
(2025)is de eerste wijziging van de Visie op Rhenen 2035. Bij het vaststellen van deze Randzonevisie zijn de kenmerken en de opgaven van de randzones verder uitgewerkt. Deze zijn bij elke randzone verwerkt in een visie op die randzone. Kenmerken per deelgebied Per deelgebied zijn de kenmerken beschreven. De Visie op Rhenen geeft aan welke goede kenmerken van de gemeente Rhenen te behouden en/of te versterken. Per deelgebied liggen er opgaven De Visie op Rhenen 2035 leidt tot verschillende opgaven die na vaststelling nader worden uitgewerkt. De belangrijkste opgaven staan in deze bijlage beschreven. Bepaalde opgaven kunnen alleen worden gerealiseerd door de inzet van één of meerdere organisaties. Aan andere opgaven kunnen ook individuele inwoners, ondernemers of professionals bijdragen. Naast de opgaven per deelgebied is er een aantal deelgebied overstijgende opgaven.* Deze zijn: a. Deelvervoer (auto’s, scooters en fietsen) breed introduceren in de gemeente, met name in gebieden met veel auto’s of waar veel automobilisten willen parkeren. b. Goede isolatie van woningen en andere gebouwen, opwekken van energie, vooral met zonnepanelen, en zorgen voor een toereikende elektrische infrastructuur. c. Het verbeteren van OV-verbindingen binnen gemeente Rhenen en richting andere gemeenten. d. Het netwerk van fietspaden verbeteren, inclusief oversteekplekken veiliger maken. e. Aandacht voor de gevolgen van klimaatverandering, zoals hittestress en wateroverlast. f. Meer bomen planten en ander groen toevoegen in de kernen van gemeente Rhenen. g. Randzones optimaal ontwikkelen. h. In de randzones inzetten op natuurlijk spelen, wandelen en recreëren. i. De cultuurhistorie van landgoederen onderhouden. j. Informatie over erfgoed en geschiedenis verbeteren. k. Op plekken van archeologisch en cultuurhistorische belang de mogelijkheden om te wandelen verbeteren. l. Waardevolle ontmoetingen tussen mensen mogelijk maken. *: bij sommige deelgebieden zijn deze opgaven nog wel extra genoemd, omdat deze opgaven specifieke aandacht vragen in het betreffende deelgebied. Strategische doelen De initiatieven: a. zorgen voor een gezond, duurzame en veilige leefomgeving met een evenwichtige bevolkingssamenstelling; b. versterken ruimtelijke kwaliteiten; c. versterken Rhenen als actieve en vitale gemeente waar in balans groen en rust wordt afgewogen met levendigheid en ondernemerschap; d. zijn in balans met andere initiatieven; e. leiden naar een sociaal en economisch gezonde samenleving; f. zijn toekomstbestendig, gezond, leefbaar, evenwichtig en initiatiefrijk. De kenmerken en opgaven spelen een belangrijke rol bij het opstellen van het omgevingsplan en bij de toetsing van (buitenplanse) omgevingsvergunningen. Het omgevingsplan bevat juridisch bindende regels waarmee kan worden gezorgd dat kenmerken behouden blijven en opgaven gerealiseerd kunnen of zelfs moeten worden. Bij de afweging van nieuwe initiatieven vormen de kenmerken en opgaven het toetsingskader: een initiatief past bij de kenmerken van een deelgebied en/of levert een positieve bijdrage aan de opgaven van het deelgebied en/of de deelgebied overstijgende opgaven en/of het algemeen belang en/of de strategische doelen en/of heeft een positieve impact op conclusies van de trendverkenning (zie bijlage 3). Visiekaart Randzonevisie
(2025)Hieronder ziet u de visiekaart die hoort bij de Randzonevisie
(2025). De visiekaart wordt verder besproken bij de verschillende randzones. Visiekaart van de randzones van de gemeente Rhenen 1 Historische kern Rhenen Over de historische kern Rhenen De historische kern Rhenen is een beschermd stadsgezicht. De Cunerakerk en Cuneratoren zijn beeldbepalende Rijksmonumenten; de toren is een baken. Het winkelgebied in de historische kern heeft ook een functie voor andere kernen dan Rhenen. Historische kern Rhenen Kenmerken historische kern Rhenen De kenmerken zijn: a. Historisch stadscentrum b. Smalle pittoreske straatjes, pleintjes en restanten van eeuwenoude stadsmuur c. Cunerakerk met toren die zichtbaar is vanuit de wijde omgeving d. Recreatief en toeristisch aantrekkelijk e. Kleinstedelijke en dorpse kwaliteiten f. Kern winkelgebied g. Beperkte mogelijkheden om te parkeren Opgaven historische kern Rhenen voor (samenwerkende) organisaties De opgaven zijn: a. Meer bomen planten. b. Minder auto’s en vrachtverkeer door het centrum. Opgaven historische kern Rhenen voor individuen De opgaven zijn: a. In ere herstellen en/of beter zichtbaar maken: de gevels van de Delftse school en de wederopbouw. b. Gevels, daken en tuinen: meer begroeiing aanbrengen en beter water opvangen. c. Het plaatsen van zonnepanelen die passen bij de historische gebouwen. d. Ruimte boven winkels bewoonbaar maken. e. Inzetten op deelvervoer. 2 Kern Rhenen Over kern Rhenen De kern Rhenen kent verschillende woonbuurten met eigen identiteiten door type woningen, hoe groen het er is en de mate waarin het hoogteverschil merkbaar is. Ook verschillen de voorzieningen per buurt. De kern Rhenen heeft een treinstation met een verbinding in de richting van Utrecht. Kern Rhenen Kenmerken kern Rhenen De kenmerken zijn: a. Gevarieerd woningaanbod b. Woonwijken met eigen identiteit c. Hoogteverschil zichtbaar in verschillende wijken d. Groene ecologische verbindingen door de kern en speelvoorzieningen e. Treinstation met goede verbinding in de richting van Utrecht f. Voorzieningencentrum, ook voor andere kernen g. Veel zzp-ers in de dienstverlening h. Plaatsen van archeologisch en cultuurhistorisch belang Opgaven kern Rhenen voor (samenwerkende) organisaties De opgaven voor (samenwerkende) organisaties zijn: a. Van NS-station een verbindingsknooppunt maken om het gebruik van het OV en deelvervoer te verbeteren en te stimuleren. b. Verbeteren van de OV-verbindingen richting de vlakbij Rhenen gelegen intercitystations, de gemeenten Utrechtse Heuvelrug, Wageningen, Ede (in het bijzonder ziekenhuis Gelderse Vallei) en de regio Betuwe. c. Knelpunt Rijnbrug oplossen. d. Meer bomen planten. e. Aanleggen: schaduwrijke wandelpaden die via cultuur-historische gebouwen en plekken naar de natuur voeren. f. Aanleggen: veilige fietsroutes naar scholen en andere voorzieningen. g. Voorzieningen voor recreatie ook goed toegankelijk maken voor kinderen en mindervaliden. h. Bij mogelijke inbreiding goedkope duurzame woningen bouwen in de stijl van de kern; hoogbouw van een aantal verdiepingen past hier. Opgaven kern Rhenen voor individuen De opgaven voor individuen zijn: a. Gevels, daken en tuinen: meer begroeiing aanbrengen en beter water opvangen. 3 Kern Elst Over de kern Elst De kern Elst kent een geschiedenis van tabaksteelt. Verschillende voormalige tabaksschuren zijn bewaard gebleven. Elst heeft een kleine dorpskern met een aantal winkels. Een veerpont zorgt voor verbinding met de overkant van de Neder-Rijn. Kern Elst Kenmerken kern Elst De kenmerken zijn: a. Voormalige tabaksschuren b. Karakteristieke doorkijkjes richting uiterwaarden c. Sociale binding binnen subgroepen d. Speelvoorzieningen Opgaven kern Elst voor (samenwerkende) organisaties De opgaven zijn: a. Ruimte maken om (extreem) hevige regenbuien op te vangen en zo wateroverlast te voorkomen. b. Meer bomen planten en ander groen toevoegen. c. Voorzieningen behouden voor ouderen en zo mogelijk uitbreiden. d. Voorzieningen behouden voor de jeugd (>12 jaar) en zo mogelijk uitbreiden van Elst. e. In vrije tussenruimtes duurzame woningen bouwen in de stijl van de kern, waaronder kleinere woningen naar wens voor oudere inwoners f. Karakteristieke doorkijkjes richting uiterwaarden behouden. g. Oude gebouwen ombouwen naar woningen. Opgaven kern Elst voor individuen De opgaven zijn: a. Gevels, daken en tuinen: meer begroeiing aanbrengen en beter water opvangen. b. Meer ruimte geven aan de jeugd. 4 Kern Achterberg Over de kern Achterberg De kern Achterberg is het kleinste dorp van de gemeente Rhenen. Van oorsprong is Achterberg een agrarisch dorp; er zijn nog verschillende (monumentale) boerderijen aanwezig. Veel inwoners zijn betrokken bij één van de drie kerken. De kleine dorpskern heeft enkele winkels. Kern Achterberg Kenmerken kern Achterberg De kenmerken zijn: a. (Monumentale) boerderijen b. Karakteristieke doorkijkjes naar het achterliggende landelijke gebied c. Sociale binding d. Veel gezinnen met kinderen e. Christelijke identiteit en zondagsrust f. Groen en landelijk g. Veel zzp-ers met ambachtelijk beroep h. Identificatie met agrariërs Opgaven kern Achterberg voor (samenwerkende) organisaties De opgaven zijn: a. Ook kleinere woningen voor ouderen bouwen in de stijl van de kern. b. Innovatieve woonvormen ontwikkelen, zodat jong en oud bij elkaar woont en voor elkaar kan zorgen. c. Meer saamhorigheid op maatschappelijke thema’s realiseren. d. Winkels behouden. e. Aanleggen: schaduwrijke wandelpaden die naar de natuur leiden. f. Voorzieningen voor verschillende leeftijdsgroepen behouden en zo mogelijk uitbreiden. Opgaven kern Achterberg voor individuen De opgaven zijn: a. Gevels, daken en tuinen: meer begroeiing aanbrengen en beter water opvangen. 5 Heimerstein Over Heimerstein Heimerstein is een voormalig landgoed dat door Zideris in gebruik is als woon-zorglocatie voor mensen die (intensieve) zorg en/of begeleiding nodig hebben. Het is een dorp op zich met het hoofdgebouw en de verschillende zijgebouwen. Dit deelgebied markeert de overgang van de Grebbeberg naar de Gelderse vallei. Heimerstein Kenmerken Heimerstein De kenmerken zijn: a. Kleinschalige zorgorganisatie Zideris, dorp op zich b. Markeert de overgang van de Grebbeberg naar de Gelderse vallei c. Voormalige ijskelder is bewaard gebleven d. Voor voorzieningen aangewezen op andere kernen Opgaven Heimerstein voor (samenwerkende) organisaties De opgaven zijn: a. Meer gezamenlijke activiteiten voor inwoners Rhenen en Heimerstein. Opgaven Heimerstein voor individuen De opgaven zijn: a. Beter betrekken van inwoners Heimerstein bij de rest van de Rhenense samenleving. 6 Veeneind Over het Veeneind Het Veeneind ligt tussen de Cuneraweg en de wijk Petenbos van de gemeente Veenendaal. De bebouwing aan weerszijden van de Cuneraweg is langzaam gegroeid en zal nog verder groeien (stedebouwkundigplan 2004 2005). In dit deelgebied zijn de woningen veelal vrijstaand. Er is lintbebouwing op langgerekte kavels. Veeneind Kenmerken Veeneind De kenmerken zijn: a. Veelal vrijstaande woningen in woonwijk, daarnaast lintbebouwing op langgerekte kavels b. Kavels voorzien van erfrandbeplanting c. Bomenrijen in verkavelingsrichting d. Laanbeplanting langs wegen e. Gemeente overschrijdende samenwerking met Veenendaal (vuilnis ophalen) Opgaven Veeneind voor (samenwerkende) organisaties: De opgaven zijn: a. Het mogelijk maken van de woningbouwplannen die voortkomen uit de stedenbouwkundige visie Veeneind
  1. b. Doorgaan met het bouwen in hofjes met veel groen in het midden. c. De nieuwe woningen energieneutraal maken. d. De nieuwe woningen bij voorkeur gunnen aan inwoners uit de gemeente Rhenen. 7 Bedrijventerrein Remmerden Over het bedrijventerrein Remmerden Bedrijventerrein Remmerden is gelegen aan de N225 en biedt ruimte aan verschillende bedrijfstypen met verschillende grootte. Bedrijventerrein Remmerden Kenmerken bedrijventerrein Remmerden De kenmerken zijn: a. Goede aansluiting op N225 b. Vrij zicht over de Rijn c. Bedrijventerrein ligt vrij van woonbebouwing d. Geen groen e. Concentratie van bedrijven met relatief weinig arbeidsplaatsen ten opzichte van bedrijfsruimte f. Schaarse ruimte rondom Remmerden om uit te breiden Opgaven bedrijventerrein Remmerden voor (samenwerkende) organisaties De opgaven voor (samenwerkende) organisaties zijn: a. Een kwalitatieve toekomstbestendige bedrijvigheid creëren, passend bij de aard van het bedrijventerrein. b. Uitbreiden van het bedrijventerrein met minimaal 5 hectare. c. Beter openbaar vervoer naar en van Remmerden vanuit de verschillende omliggende kernen. d. Energieneutraal maken van bedrijventerrein. e. Uitvoering geven aan de warmtetransitie. f. Grootschalige opwekking van energie op o.a. daken. g. Vervoer over water verkennen. h. Passende uitbreiding onderzoeken. Opgaven bedrijventerrein Remmerden voor individuele bedrijven De opgaven voor individuele bedrijven zijn: a. Gebouwen isoleren, zonnepanelen op daken plaatsen en/of windenergie opwekken voor eigen gebruik. b. Groen toevoegen. 8 Bedrijvenlocatie Achterberg Over bedrijvenlocatie Achterberg Bedrijvenlocatie Achterberg is een compact gebied voor enkele bedrijven. De locatie is duidelijk begrensd door de Achterbergsestraatweg, Bergweg, Boslandweg en een bossage aan de noordzijde. De locatie ligt midden in een groen en agrarisch gebied en sluit niet aan op andere bebouwing. Het ligt in de groene corridor Rhenen-Achterberg. Bedrijvenlocatie Achterberg Kenmerken bedrijvenlocatie Achterberg De kenmerken zijn: a. Landelijk gelegen b. Compact bedrijventerrein c. Vrije zichten over omliggende agrarische percelen d. Bedrijvenlocatie vormt vrijwel gesloten geheel doordat het is omkaderd door wegen en een bossage Opgaven bedrijvenlocatie Achterberg voor individuele bedrijven De opgaven voor individuele bedrijven zijn: a. Gebouwen isoleren, zonnepanelen op daken plaatsen en/of windenergie opwekken voor eigen gebruik. b. Verbeteren van de bereikbaarheid van deze bedrijvenlocatie. c. Groen toevoegen. 9 Randzone Elst Over randzone Elst Randzone Elst is een natuurlijke overgang tussen woonkern en bosrand. Het gebied wordt gebruikt voor agrarische doeleinden en is een afwisseling van open percelen en percelen voorzien van beplanting. Langs de N416 staan huizen als een los lint met doorkijkjes naar de agrarische percelen. Het gebied wordt gebruikt voor recreatie. Voetbalverenigingen Oranje-wit en de Musketiers en de tennisvereniging hebben er hun thuis. Hier bevindt zich ook het voormalig defensieterrein Zwijnsbergen (MOB-complex). Randzone Elst U leest hieronder over de kenmerken, historische opbouw, de kwaliteiten, de mogelijke verbeteringen van die kwaliteiten en over de visie die de gemeente op de randzone heeft. Kenmerken randzone Elst De kenmerken zijn: a. Natuurlijke overgang tussen woonkern en bosgebied met oude akkers b. Gebied met agrarisch karakter met lange smalle percelen c. Afwisseling tussen open percelen en percelen voorzien van beplanting langs perceelsgrenzen en rondom erven d. Bosrand als afbakening van het gebied e. Woonbebouwing als een los lint aan de weg, met doorkijkjes over de agrarische percelen f. Recreatief uitloopgebied voor de woonkernen g. Voetbalvereniging Oranje-wit en Musketiers h. Voormalig defensieterrein Zwijnsbergen (MOB-complex) i. Plaatsen van archeologisch en cultuurhistorisch belang j. Onderdeel van de stuwwal met twee droogdalen k. Verschillende percelen hebben een status als Natuurnetwerk Nederland (NNN), maar zijn niet ingericht als natuur l. Langeafstandsfietsroute (LF-route) loopt door het gebied heen m. Nog geen rechtstreekse verbinding met het recreatief wandelnetwerk van de uiterwaarden en Utrechtse Heuvelrug n. Grote variatie in openheid (agrarisch grasland en akkerland) en geslotenheid (beplanting, recreatie en wonen) o. Mix aan functies aanwezig, waarbij eenheid voor een deel ontbreekt: agrarisch landschap (agrarisch grasland, akkerland en een kwekerij), MOB-complex, een veldsportcomplex, een bungalowpark en grote/diepe woonpercelen Historische opbouw van het dorp Elst Het dorp Elst ligt op de flank van de Utrechtse Heuvelrug, op de overgang van de stuwwal naar de Rijn. Voor de oorspronkelijke eerste bewoners van Elst was dit een gunstige plek. De uiterwaarden van de rivier werden gebruikt als hooilanden en brachten ook andere voordelen zoals visserij en handel. Het dorp lag hoog genoeg om niet te overstromen. Hoger op de stuwwal was het over het algemeen te droog voor landbouw. Het bos en (later) de heidegronden werden gebruikt voor het beweiden van dieren en het steken van plaggen, waarmee de lagergelegen akkers werden bemest. Elst is ontstaan als boerennederzetting met twee langgerekte parallel lopende wegen. Deze vormen nu de Rijksstraatweg en de Franseweg. Rond deze twee straten lagen de akkers. Ook in de huidige stedenbouwkundige structuur van Elst is dit nog goed terug te zien. Beide straten vormen de grenzen van de bebouwing. Daarbuiten bevinden zich alleen enkele kleine lintbebouwingen (zoals de Engweg en de Sportweg), incidentele bebouwing en andere functies, zoals de voetbalvelden en de manege. Historische ontwikkeling van Randzone Elst Elst heeft zich in de loop van de tijd ontwikkeld van agrarische straten tot een echt woondorp. De akkers tussen de Rijksstraatweg en de Franseweg zijn geleidelijk bebouwd. De eerste groei van Elst vond met name plaats door de historische boerenlinten te verdichten. Later ontstond bebouwing langs enkele dwarsstraten en werden er kleine straatjes toegevoegd tussen de Rijksstraatweg en de Franseweg. Na de naoorlogse periode werden er ook huizen gebouwd langs de verbindingsweg naar Veenendaal, de Veenendaalsestraatweg. Aan de noordzijde van Elst is eveneens dwars op de Rijksstraatweg een weg aangelegd, de Bosweg. Deze lag tot 2006 in een andere gemeente en heeft daardoor een eigen ontwikkeling gehad. Typisch voor de naoorlogse groei van Elst is de bijna organische bebouwing. We bedoelen daarmee dat het vaak begon met een doodlopend straatje als dwarsstraat van een bestaande weg, welke later werd doorgetrokken naar een overliggende dwarsstraat. Dit is op historische kaarten van de jaren ’70 goed te zien. Soms lag er op een perceel eerst een bedrijf dat later werd uitgeplaatst en waarvoor woningen in de plaats kwamen. Zo is het dorp Elst straatje voor straatje en buurtje voor buurtje aan elkaar gegroeid. Nog altijd bevinden zich allerlei kleine percelen tussen de bebouwing die niet bebouwd zijn. Tussen de Rijksstraatweg en Zwijnsbergen zijn geen dwarsstraten aangelegd. Wel bevinden zich kleine bedrijven in het tussenliggende gebied. Kwaliteiten van randzone Elst Het dorp Elst wordt omgeven door natuurgebieden. Al van oudsher ligt de grens van (de akkers van) Elst en het bosgebied (landgoed Prattenburg) ongeveer op dezelfde plek. Een deel van de akkers tussen het bos en de Franseweg en (meer zuidelijk) Zwijnsbergen zijn in de provinciale Omgevingsverordening benoemd als Natuurnetwerk Nederland (NNN). Een deel van de oude akkers ten noorden van de Franseweg is niet meer op die manier herkenbaar. Door de aanleg van de sportvelden, de komst van de manege en de aanleg van enkele straten is dit gebied veel kleinschaliger geworden. Ten zuiden van de Sportweg ligt nog een grotere open akker en hetzelfde geldt voor het noordelijke deel van de Franseweg. Ook waardevol zijn de zichtlijnen langs de Paardenkop tussen de Bosweg en de Vissersweg. Hiermee blijft de historische grens (richting bos en Bosweg) zichtbaar. In het zuidwesten van de randzone, ten noorden van Zwijnsbergen, ligt een oud droogdal. Dit is een cultuurhistorisch waardevol fenomeen. Hoewel er tegenwoordig geen water meer doorheen stroomt, zijn dit soort droogdalen namelijk nog altijd zichtbaar in het reliëf van het gebied. Ze zijn daarmee een tastbare herinnering aan de natuurlijke ontstaansgeschiedenis van de Utrechtse Heuvelrug. Kwaliteitsverbetering randzone Elst De randzone Elst kan aantrekkelijker worden gemaakt op het gebied van landschap en recreatie. Dit doen we door het gebied samenhangender in te richten en de overgang tussen de woonkern Elst en het bos van de Utrechtse Heuvelrug te verbeteren. Bijvoorbeeld door nieuwe landschapselementen toe te voegen die het landschap begeleiden. We benutten kansen om de landschappelijke en ecologische kwaliteiten van de bosrand te versterken door in de bosrand een laag met struiken (de mantelvegetatie) en kruidenrijk grasland (zoomvegetatie) toe te voegen. Daarnaast kunnen houtsingels dwars op de stuwwal en bloemrijke graslanden een fraaie toevoeging zijn. Een zorgvuldige landschappelijke inpassing van nieuwe en herontwikkelde percelen/erven is ook van belang, zodat verrommeling van het gebied wordt tegengegaan. Verder ligt er een belangrijke opgave rondom het onderwerp water. Met de focus op de waterkwaliteit en kwantiteit gaan we kijken naar de samenhang tussen stedelijk en landelijk gebied. We benutten daarbij kansen om extra waterbergingsvoorzieningen te realiseren om zo beter in te kunnen spelen op hevige regenbuien en wateroverlast zo veel mogelijk te voorkomen. Ook zoeken we naar mogelijkheden om de (zicht)relatie tussen de bestaande (lint)bebouwing en het achterliggende (agrarische) gebied te versterken. Daarnaast kunnen de recreatieve verbindingen met de Utrechtse Heuvelrug en landgoed Prattenburg worden verbeterd. Bijvoorbeeld door een toeristisch overstappunt met horecavoorziening te realiseren en oude verdwenen padenstructuren in het gebied terug te brengen. Hierdoor wordt het makkelijker om vanuit de woonkern Elst een ommetje te maken richting het bos. Ook het zichtbaar en herkenbaar maken van het droogdal ten noorden van Zwijnsbergen is een kwaliteitsverbetering van deze randzone. Visie op randzone Elst Elst is een landelijk compact dorp met een toegankelijke natuurlijke overgang naar het bos. Elst blijft zich ontwikkelen tussen de historische grenzen, waaraan het haar ontstaan heeft te danken, de Rijksstraatweg en de Franseweg / Zwijnsbergen. De organische ontwikkeling van het dorp tussen de Rijksstraatweg en de Franseweg / Zwijnsbergen is nog niet uitontwikkeld. Er liggen tal van mogelijkheden om deze ontwikkeling door te zetten en te kiezen voor inbreiden. Te veel ontwikkelingen in de dorpsranden zou het dorp doen uitwaaieren en de kwaliteiten verminderen. Dat neemt niet weg dat er in de randzone nog enkele wat grotere stedelijke functies aanwezig zijn. Bijvoorbeeld het sportpark, de manege en het MOB-complex. Wanneer hier ruimte ontstaat voor ontwikkeling zien we kansen om woningen te realiseren. Het is daarbij belangrijk om dit naar aard en schaal aan te laten sluiten bij de kenmerken en kwaliteiten van de betreffende locatie. In Randzone Elst benutten we dan ook vooral de kansen die er liggen om bebouwing, natuur en landschap in en rondom de randzone meer met elkaar te verweven en te verbinden en de relatie tussen dorpskern-randzone-Utrechtse Heuvelrug te versterken. Agrarische en natuurgronden in combinatie met recreatieve en/of woonfuncties kunnen hier een rol in spelen. De functie ‘werken’ (niet-agrarische bedrijfsfuncties) vinden we minder passend in deze randzone. Voor alle ontwikkelingen in deze randzone geldt dat we daarbij moeten onderzoeken hoe we de bereikbaarheid en ontsluitingsmogelijkheden van de ontwikkeling en Elst in het algemeen kunnen waarborgen. We hebben daarbij speciale aandacht voor de fietser door in te zetten op een fietsroute over de Franseweg als alternatief voor de Rijksstraatweg. Zwijnsbergen In de provinciale Omgevingsverordening is dit gebied aangewezen als Natuurnetwerk Nederland (NNN). Daarmee is het belangrijkste doel in dit gebied de aanleg van natuur om daarmee de ecologische kwaliteiten van de bosrand te vergroten. Ook ligt hier de ambitie om meer wandelpaden aan te leggen en daardoor het dorp Elst beter te verbinden met het bosgebied. Nieuwe bebouwing mag in dit gebied niet leiden tot het oprekken van de dorpsrand, maar moet juist een afronding zijn, door een stevige groene rand te maken, waarin wonen dan een plaats krijgt. Ook ontstaat hier een definitieve rand door het aanliggende gebied her in te richten ten behoeve van natuur.Het verlies aan landbouwareaal beperken we zoveel mogelijk. Direct ten westen van het MOB-complex zien we een grote koppelkans om enkele kleinschalige woonerven te realiseren en dit te combineren met natuurontwikkeling en het beleefbaar en waarneembaar maken van het hier aanwezige droogdal. Tegelijkertijd moeten we constateren dat deze percelen een provinciale status als NNN hebben. Dat maakt dat de ruimte voor ontwikkeling naar wonen nu niet mogelijk is, ondanks dat de gronden feitelijk voor agrarische doeleinden worden benut. Met enige ruimte voor woningbouw en natuurontwikkeling kunnen de ecologische kwaliteiten in het gebied versterkt worden. Zonder deze ontwikkelruimte verwachten we namelijk ook dat de kans dat de NNN-gronden daadwerkelijk van agrarisch naar natuur omgezet worden gering is. Door rondom een woonerf een robuuste landschappelijke zone aan te brengen met landschapselementen en wandelmogelijkheden wordt het wonen echt te gast in het landschap en de natuur. De woonerven geven ook de mogelijkheid om volkshuisvestelijk een bijdrage te leveren met kansen voor doelgroepen als starters en ouderen. Wanneer daarbij bijvoorbeeld in stijl met de voor Elst typische tabaksschuren wordt ontwikkeld ontstaat op een passende manier een nieuw woonmilieu. Deze ontwikkelrichting werken we binnen de provinciale meerwaardebenadering verder uit in combinatie met een natuurvisie waarin we laten zien hoe natuurkwaliteit wordt behouden én versterkt. Daarbij wordt gezocht naar een meerwaarde voor natuur, landschap en biodiversiteit in de omgeving van de ontwikkeling. Deze aanpak zorgt ervoor dat de beoogde woningbouw zorgvuldig worden ingepast, en dat de samenhang en kwaliteit van het natuurnetwerk op de lange termijn behouden blijft. Daarbij hebben we ook oog voor de alternatievenafweging waaruit volgt dat de ontwikkeling alleen hier mogelijk is en niet elders. Engweg / Sportweg In de omgeving Engweg/Sportweg, maar ook langs de Bosweg bevinden zich grote/diepe woonpercelen. We zien hier ruimte om een enkele woning of een kleinschalige dag- of verblijfsrecreatieve functie te realiseren. Nieuwe verblijfsaccommodaties moeten daarbij iets toevoegen aan het bestaande aanbod. Bij de nieuwe ontwikkelingen voor woningbouw en recreatie vinden we het wel belangrijk dat er een goede kwaliteitsverbetering plaatsvindt, bijvoorbeeld door het slopen van overtollige bebouwing of het landschappelijk inpassen van het perceel. We voorkomen dat dit gebied aan ‘het stedelijk gebied’ van Elst vastgroeit. Het blijft een onderdeel van de randzone en daarom voegen we op een zorgvuldige manier nieuwe bebouwing toe. Alleen op enkele plekken in de bebouwingslinten (waar brede doorzichten zijn) is de toevoeging van een enkel erf in de vorm van erfwonen denkbaar. Erfwonen is een woonvorm waarbij meerdere huishoudens samen op een gedeeld erf wonen, dat wordt omringd door groene of agrarische percelen. De woningen en het erf vormen een samenhangend geheel en heeft de uitstraling van een agrarisch erf. Voor de woningen kunnen voormalige stallen worden gebruikt of een bouwvorm die doet denken aan een hoofdwoning met bijgebouwen. Doorgaans bestaat een klein erf uit 3 à 5 woongebouwen, waarin maximaal 10 wooneenheden kunnen worden gerealiseerd. Als er in de ruimtelijke opzet van dit deelgebied een grotere eenheid vrijkomt (bijvoorbeeld door het afstoten van een voetbalveld of het vertrek van de manage of een boerderij), dan is een groter woonerf in het groen een mogelijkheid. Een groter woonerf bestaat uit maximaal 20 à 30 woningen. Ook hier geldt dat woonvormen in stijl met de voor Elst typische tabaksschuren passend zijn. Franseweg-Noord In dit gebied is de relatie tussen de Franseweg en het bosgebied nog het beste in stand gebleven. Al van oudsher ligt er een open akker tussen de Franseweg en de bosrand. Alleen op een plek (aan de Bosweg) waar ooit een nertsenfokkerij heeft gelegen, zijn nu enkele riante woonpercelen gerealiseerd. Grote ambitie in dit deelgebied is om de overgang tussen het bos en het omliggende landschap natuurlijker te maken. Dit kan bijvoorbeeld door struiken, lage beplanting en ruig grasland aan te leggen. Zo wordt de overgang van bos naar open gebied geleidelijk en minder abrupt. Veel insecten en vogels hebben voordeel van zo’n natuurlijke overgangszone. Bovendien ligt er een kans om meer wandelpaden tussen het dorp Elst en het bos te realiseren. Uitdaging is wel om de openheid in het gebied zoveel mogelijk te behouden. Nieuwe ontwikkelingen in de vorm van wonen of recreatie zijn hier alleen denkbaar als ze de openheid niet belemmeren en bijdragen aan de hiervoor genoemde ecologische en recreatieve verbeteringen. De herontwikkeling van een van de diepe agrarische percelen aan de Franseweg is mogelijk denkbaar met een woonfunctie of (kleinschalige) recreatieve functie. Paardenkop In de visie blijft er een onbebouwde zone tussen de Bosweg en de Vissersweg liggen. Daarom zetten we in op het behoud van de zichtlijnen vanaf de Paardenkop richting de open plekken ten noorden en zuiden van deze weg. Op de hoek van de Paardenkop met de Franseweg en de Vissersweg zijn kleinschalige ontwikkelingen in de vorm van erfwonen denkbaar om de entree van het dorp te verfraaien. Met name aan de noordzijde van de Paardenkop kan de herontwikkeling van het bestaande erf (met opstallen) een kwaliteitsverbetering opleveren. Visiekaart van Randzone Elst met ontwikkelopties 10 Randzone Rhenen West Over randzone Rhenen West In randzone Rhenen West wisselen agrarische percelen en kleine bospercelen elkaar af. Door dit gebied loopt hoofdweg N
  2. Langs deze weg is er lintbebouwing. Het gebied vormt een ecologische verbinding tussen Utrechtse Heuvelrug en de uiterwaarden van de Rijn. Randzone Rhenen West U leest hieronder over de kenmerken, historische opbouw, de kwaliteiten, de mogelijke verbeteringen van die kwaliteiten en over de visie die de gemeente op de randzone heeft. Kenmerken randzone Rhenen West De kenmerken zijn: a. Afwisseling tussen agrarische percelen en kleine bospercelen b. Lintbebouwing langs de hoofdweg c. Afwisseling tussen vrije zichten en doorkijkjes tussen woningen en bossages over de uiterwaarden d. Ecologische verbinding tussen Utrechtse Heuvelrug en de uiterwaarden van de Rijn e. Doorkijkjes op de Rijn en de uiterwaarden f. Plaatsen van archeologisch en cultuurhistorisch belang g. Onderdeel van de stuwwal met de aanwezigheid van een droogdal h. Grote variatie in openheid (agrarisch grasland en akkerland) en geslotenheid (bos en wonen) i. Noordzijde is een grondwaterbeschermingsgebied j. Aantal percelen zijn Natuurnetwerk Nederland (Stadsbossen Rhenen en Landgoed De Tangh), de overige gronden zijn Groene Contour k. Het reliëf van de Utrechtse Heuvelrug is voor een groot deel niet zichtbaar door opgaand groen, ook Landgoed De Tangh ligt verscholen. Op een aantal plekken is door of tussen de groenstructuren vanuit de bebouwde omgeving van Rhenen zicht op de open agrarische percelen l. Wandelroutes tussen Rhenen en de Stadsbossen aanwezig en een landelijke fietsroute op de N-weg m. Voornamelijk aan de N-weg bevinden zich provinciale monumenten Historische opbouw van randzone Rhenen West Aan de zuidkant en zuidwestkant van de Utrechtse Heuvelrug zijn de stad Rhenen en het buurtschap Remmerden ontstaan. Vanuit Rhenen en het buurtschap Remmerden is de hele zuidelijke en zuidwestelijke flank van de Utrechtse Heuvelrug geschikt gemaakt voor de landbouw. Eeuwenlang bestond deze flank uit grote open akkers, afgewisseld met bospercelen en brede houtwallen. De houtwallen werden over het algemeen aangelegd om wild buiten te houden en vaak ook als veekering voor het eigen vee. De akkers liepen door tot boven op het plateau van de Utrechtse Heuvelrug. Het plateau is het verhoogde landschap dat is ontstaan in de voorlaatste ijstijd, zo’n 150.000 jaar geleden. Een deel van de randzone Rhenen West ligt rondom een oud droogdal. Deze akkers worden allemaal omgeven door brede houtwallen. De twee bovenste akkers liggen op het plateau van de Utrechtse Heuvelrug. Ook rond Remmerden zijn door de vroege landbouw grotere open akkers ontstaan. Later is een groot deel van deze akkers ingevuld met het bedrijventerrein. Rondom het huidige bedrijventerrein ligt nog een brede zone met akkers. Tussen het voormalige buurtschap en huidige bedrijventerrein Remmerden en de stad Rhenen werd in de jaren ’20 van de vorige eeuw landgoed De Tangh opgericht met een fraai landhuis en een prieel met bijzondere uitzichten op de Rijn en de Betuwe. Historische ontwikkeling van Randzone Rhenen West De stad Rhenen was eeuwenlang een compact stadje aan de voet van de Utrechtse Heuvelrug. In de 20e eeuw begint de stad zich langzaam maar zeker iets uit te breiden langs de belangrijkste uitvalswegen. Pas eind jaren ’50 begint de groei van Rhenen grotere vormen aan te nemen en worden ook de oude akkers langs de Nieuwe Veenendaalseweg bebouwd. Eind jaren ’70 is het hele gebied ten zuiden van het Paardenveld en de Nieuwe Veenendaalweg bebouwd. In de jaren ’80 volgt een nieuwe wijk ten noorden van Paardenveld en in de jaren ’90 tenslotte de wijken tussen de Koerheuvelweg en de Reumersweg. Hoewel er daarna nog meerdere plannen zijn geweest om enkele akkers te bebouwen, zijn de wijken hier niet meer uitgebreid. Kwaliteiten van randzone Rhenen West Deze randzone heeft veel verschillende kwaliteiten op het gebied van cultuurhistorie, archeologie, landschap en natuur. Het gebied vormt een kleinschalige overgang tussen de uiterwaarden van de Rijn en landgoed De Tangh, dat aan de rand van het bos ligt. De zichtlijnen op het landgoed en het landhuis zijn hier van grote waarde. Langs de Utrechtsestraatweg staan oude boerderijen en tabaksschuren met een monumentale status. Ook de zogenoemde droogdalen in dit gebied zijn cultuurhistorisch waardevol. Vooral in het oostelijke deel van de randzone komt alles samen: het droogdal, houtwallen en blokvormige akkers zorgen ervoor dat landschap, historie en natuur duidelijk herkenbaar aanwezig zijn. Dit geeft het gebied een sterke en eigen identiteit. De akkers die in het noordelijke deel van randzone Rhenen West liggen maken geen deel uit van het droogdal zelf. Ze liggen op een oorspronkelijk plateau, dat is gevormd door het schurende landijs in de voorlaatste ijstijd, en zijn daardoor vrij vlak. Een opvallend kenmerk hier is het uitzicht vanaf de Nieuwe Veenendaalseweg: je kijkt uit over een groot open akkergebied met houtwallen, die het begin van het droogdal markeren. Dit is de enige plek bij de noordelijke entree van Rhenen waar je het landschap écht kunt ervaren – door het open zicht, het reliëf en de samenhang van natuurlijke en agrarische elementen. Een groot deel van de akkers in de randzone Rhenen West vormen een ecologische verbindingszone. De verschillende akkers met houtwallen in de Randzone Rhenen West zijn in de provinciale Omgevingsverordening opgenomen als Groene Contourgebied. Kwaliteitsverbetering randzone Rhenen West De belangrijkste kansen om de kwaliteiten in deze randzone te verbeteren liggen op het vlak van het verhogen van de ecologische en recreatieve kwaliteiten. Op enkele plekken langs de Utrechtsestraatweg liggen kansen om bestaande erven ‘op te knappen’ en oude gebouwen te benutten voor een nieuwe ontwikkeling. Het huidige agrarische grondgebruik gecombineerd met de robuuste groene omzomingen zorgt in belangrijke mate voor de landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten van de randzone Rhenen West. Juist in de overgangen van bos naar akkers is vaak een grote variatie aan soorten planten en bomen te vinden. Daardoor liggen er in deze randzone kansen om de ecologische kwaliteiten verder te versterken. Dit kan door de omliggende gronden verder te versterken en natuurinclusiever te maken, bijvoorbeeld door in te zetten op kruiden- en faunarijke akkers. Een dergelijke inrichting gaat ook goed samen met het kenmerkende open karakter van de agrarische percelen, de beleving van de aanwezige hoogteverschillen, de cultuurhistorische waarden en de ecologische ambities. Daarbij zoeken we ook kansen om de recreatieve verbinding tussen de Palmerswaard en Utrechtse Heuvelrug te verbeteren en nieuwe wandelroutes te maken waarmee het aanwezige droogdal beter beleefbaar en toegankelijk gemaakt kan worden. Visie op randzone Rhenen West Door alle kenmerken en kwaliteiten van de oude akkers en houtwallen in deze randzone zijn de ontwikkelkansen beperkt. De focus ligt voornamelijk op behoud van wat er al is. Dat neemt niet weg dat er een grote meerwaarde ligt om de bestaande grote open landbouwpercelen, die landschappelijk en cultuurhistorisch gezien ook waardevol zijn, verder te versterken en te voorzien van meer natuurwaarden. Op die manier kunnen we namelijk de ambitie waarmaken om een ecologische verbinding te maken tussen de Utrechtse Heuvelrug en de Palmerswaard en landbouw, natuur en landschap nog meer met elkaar verweven. Dit kan bijvoorbeeld door dubbelgebruik in de vorm van agrarisch natuurbeheer. Om deze ambitie extra kracht bij te zetten en waar te kunnen maken kan het nodig zijn om een financiële drager te zoeken. Dit kan via de inzet van subsidieregelingen, zoals Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap (SKNL), en/of het bieden van ruimte voor ontwikkeling. Tegelijk sluiten we een nieuwe bebouwde functie uit in deze randzone, zoals wonen. Ook de functie ‘werken’ (niet-agrarische bedrijfsfuncties) vinden we niet passend bij het karakter van het gebied. En voor nieuwe dag- of verblijfsrecreatieve functies geldt dat ze vanwege onder andere het verscholen karakter en de beperkte bereikbaarheid niet direct voor de hand liggen. Voor het westelijk deel van randzone Rhenen West staat het behoud van het zicht op en vanuit landgoed De Tangh voorop. De ecologische en cultuurhistorische kwaliteit is hier hoog en kan nauwelijks aan kwaliteit winnen. Alleen bij hergebruik van oude stallen op bestaande erven, bijvoorbeeld in de vorm van kleinschalige woningbouw of recreatieve ontwikkeling, kan een kwaliteitsverbetering worden bereikt als daarmee het erf een betere beeldkwaliteit en inpassing krijgt. Visiekaart van Randzone Rhenen West met ontwikkelopties 11 Randzone Rhenen Oost Over randzone Rhenen Oost In randzone Rhenen Oost bevinden zich Ouwehands Dierenpark en Sportpark Candia. Verder wordt het gebied omringd door het natuurgebied de Laarsenberg en loopt hoofdweg N225 langs het gebied. Randzone Rhenen Oost U leest hieronder over de kenmerken, historische opbouw, de kwaliteiten, de mogelijke verbeteringen van die kwaliteiten en over de visie die de gemeente op de randzone heeft. Kenmerken randzone Rhenen Oost De kenmerken zijn: a. Ouwehands Dierenpark b. Sportpark Candia c. Horeca d. Bosrijke omgeving e. Onderdeel van de stuwwal f. Gebied wordt omzoomd door Natuurnetwerk Nederland (NNN) Historische opbouw van randzone Rhenen Oost Het gebied ten oosten van de stad Rhenen, rondom de Laarsenberg, had lange tijd een onbebouwd karakter. In 1932 vestigde Ouwehands Dierenpark Rhenen zich hier, waarna het terrein in de loop der jaren werd uitgebreid met een omvang van 22 hectare. Ook het sportpark Candia vond hier een plek. Daarmee veranderde het gebied geleidelijk in een zone met belangrijke recreatieve en sportieve functies. Historische ontwikkeling van Randzone Rhenen Oost Kwaliteiten van randzone Rhenen Oost Randzone Rhenen Oost kenmerkt zich door haar recreatieve aantrekkingskracht, zowel voor de eigen inwoners als voor toeristen en recreanten van buiten Rhenen. Intensieve en extensieve recreatieve functies bevinden zich hier naast elkaar. Het is belangrijk om deze recreatieve kwaliteiten richting de toekomst op een goede manier te blijven combineren met de ook sterk aanwezige natuurwaarden. Kwaliteitsverbetering randzone Rhenen Oost Dit bosrijke gebied biedt kansen om de natuurwaarden verder te versterken door natuurlijke inpassing in lijn met de omliggende natuurbeheertypen van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Door te kiezen voor gemengd loofbos en het benutten van open plekken voor nieuwe natuur, kan de ruimtelijke kwaliteit worden verhoogd. Ontwikkelingen dienen dan ook te passen binnen de ecologische structuur en het karakter van het NNN. Verder geldt dat we de fietsverbinding naar sportpark Candia en Ouwehands Dierenpark willen verbeteren en inzetten op het rolstoelvriendelijk maken van het sportpark. Visie op randzone Rhenen Oost Met Ouwehands Dierenpark en Sportpark Candia is randzone Rhenen Oost een intensief en vol gebied te noemen. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in deze randzone zijn dan ook alleen via herontwikkeling van bestaande functies voorstelbaar, waarbij aandacht moet zijn voor de aanwezige natuurwaarden. We denken daarbij aan functies op het gebied van wonen of recreatie. Eventuele nieuwe verblijfsaccommodaties moeten daarbij iets toevoegen aan het bestaande aanbod. We ondersteunen de duurzame doorontwikkeling van Ouwehands Dierenpark. Deze vindt plaats binnen de kaders van het provinciale beleid, met inzet op zorgvuldige afstemming tussen partijen en oog voor de specifieke context en kwaliteiten van het gebied. Een eventuele uitbreiding zal niet binnen de randzone Rhenen Oost plaatsvinden, maar in het aangrenzende deelgebied Utrechtse Heuvelrug (D22). 12 Randzone Achterberg Noord Over randzone Achterberg Noord Randzone Achterberg Noord is een agrarisch gebied met (grote) agrarische bedrijven, rechte wegen en rechte, rationeel verdeelde kavels. De kavels liggen strak en recht naast elkaar, zoals gebruikelijk in veenweidelandschappen. Er zijn houtwallen en op enkele plekken staan langs de kavelranden bomen. Over de grote open kavels is er vrij zicht op het Binnenveld. Randzone Achterberg Noord U leest hieronder over de kenmerken, historische opbouw, de kwaliteiten, de mogelijke verbeteringen van die kwaliteiten en over de visie die de gemeente op de randzone heeft. Kenmerken randzone Achterberg Noord De kenmerken zijn: a. Gebied met agrarisch karakter b. (Grote) agrarische bedrijven, soms met een multifunctioneel karakter c. Rechte wegen en rechte rationele kavels d. Houtwallen, kavelranden op aantal plekken voorzien van enkele bomenlaan e. Vrij zicht over de grote open kavels f. Historische Friesesteeg met begeleidende bomenstructuur doorsnijdt het gebied g. Grondwater vlak onder het maaiveld h. Veenweidelandschap i. Fietsknooppuntennetwerk op historische Friesesteeg Historische opbouw van de randzones rond het dorp Achterberg Het dorp Achterberg is ontstaan op de flank van de Utrechtse Heuvelrug. De naam verwijst naar de ligging: het dorp ligt gezien vanuit Rhenen letterlijk ‘achter de berg’. Hier ontstonden de eerste boerderijen langs de Cuneraweg en twee zijwegen, de Hogesteeg en De Dijk. De Dijk vormt een kleine zandrug dat vanaf de Utrechtse Heuvelrug het veengebied in stak. Hier zaten de agrariërs hoog genoeg om droog te kunnen wonen en akkers aan te leggen en tegelijk de nattere lage gronden te benutten. Naarmate de ontwatering van het veenontginningsgebied verbeterde, vestigden zich daar steeds meer boerderijen. Tot na de Tweede Wereldoorlog bestond Achterberg slechts uit enkele bebouwingslinten met daaromheen alleenstaande boerderijen. In de jaren ‘60 ontstaat rond de Achterbergsestraatweg en de Molenweg een klein cluster van bebouwing. In de jaren ’80 vindt de eerste planmatige uitbreiding plaats, rond De Hoef. In de jaren ’90 wordt dit aangevuld met De Horst en wordt het gebied tussen de Hogesteeg en de Cuneraweg opgevuld. Twintig jaar later groeit Achterberg verder ten westen van de Achterbergsestraatweg. Het resultaat is een compact dorp aan de westzijde van de Cuneraweg met nog altijd de originele lintbebouwingen in het veenweidelandschap ten oosten van de Cuneraweg. Historische ontwikkeling van Randzone Achterberg Noord Kwaliteiten van de randzones rond het dorp Achterberg Het dorp Achterberg ligt precies op de overgang van het hogere zandgebied naar het vlakke veenweidelandschap. Het dorp zelf is vooral gebouwd op het zand. De langgerekte kavels aan de oostzijde van de Cuneraweg, die extra worden benadrukt door lange rijen bomen en struiken (groensingels), hebben een bijzondere landschappelijke waarde en lopen door tot aan de Zuidelijke Meentsteeg en de Grift. De landbouwgronden rondom Achterberg zijn belangrijk voor de agrarische sector. Het zijn vaak grote aaneengesloten kavels. De oude bouwlanden kennen hier een natuurlijke geschiktheid voor de landbouw. Maar ook de veenweidekavels hebben door de water- en voedselrijke ondergrond een goede waarde. Aan de zuidkant van het dorp heb je uitzicht op de flank van de Laarsenberg. Een bijzonder historisch element is het terrein van het oude kasteel Ter Horst. Dit terrein is een beschermd archeologisch rijksmonument. Hoewel er geen resten van het kasteel zelf meer te zien zijn, is het gebied speciaal vanwege de opvallende waaiervormige indeling van de kavels. Kwaliteitsverbetering randzone Achterberg Noord In deze randzone ligt een opgave om beter water vast te houden. Juist ten westen van de spoorlijn kan water zich ophopen bij hevige buien. Het afvoeren van water bij hevige buien en tegelijk vasthouden van water binnen het gebied vraagt om een stevige groenblauwe structuur. Het gebied ten noorden van Achterberg leent zich voor zo’n ontwikkeling. Bij bestaande sloten kan de ecologische kwaliteit worden verbeterd door natuurvriendelijke oevers te realiseren, elzensingels aan te planten of rietkragen aan te brengen. Het versterken van de dorpsrand met groene recreatieve voorzieningen, zoals het kunnen maken van een ommetje, is ook een goede mogelijkheid om een kwaliteitsinvestering te doen. Visie op randzone Achterberg Noord Randzone Achterberg Noord is in de gebiedsverkenning Binnenveld aangewezen als een zoekgebied waar grootschalig woningbouw wordt onderzocht. Vooruitlopend op de uitkomst hiervan, werken we niet mee aan kleinschalige woningbouwprojecten en overige ontwikkelingen die een mogelijke verstedelijking later in de weg staan. Wel staan we open voor agrarische bedrijven die willen verduurzamen. De visie op de noordelijke randzone van Achterberg kent verschillende kanten en belangen. Enerzijds ligt hier de ambitie om zoveel mogelijk ruimte voor de landbouw te behouden. Nabij de dorpskern zien we wel een spanningsveld tussen de agrarische activiteiten, de leefbaarheid en gezondheidseffecten. Ook ontbreekt er een herkenbare en aantrekkelijke dorpsrand aan de noordzijde van Achterberg. Een dorpsuitbreiding in deze randzone biedt kansen om deze aspecten aan te pakken. Tegelijk speelt in Achterberg een verstedelijkingsdiscussie en ligt er de opgave voor een robuuste groenblauwe structuur tussen Utrechtse Heuvelrug en Binnenveld. Daarom liggen er voor dit gebied meerdere mogelijke ontwikkelrichtingen: a. Direct aan de kern Achterberg wordt een dorpse uitbreiding gerealiseerd met een robuuste groenstructuur met een recreatief ommetje. Daarbij vinden we h

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.