Kort gezegd
Dit besluit stelt nadere regels vast voor het verstrekken van subsidies door de provincie Zeeland, ter uitvoering van het vastgestelde subsidiebeleid. Het beschrijft de voorwaarden, procedures en verplichtingen die gelden voor subsidieaanvragen en -verstrekkingen.
Wat het regelt
- De definities van belangrijke termen zoals 'instelling', 'arrangement' en 'prestatieafspraak'.
- Algemene gronden waarop een subsidieaanvraag kan worden geweigerd.
- Welke kosten subsidiabel zijn en hoe personeelskosten worden berekend.
- De procedure voor het aanvragen van subsidie, de beslissing daarop en de verplichtingen voor subsidieontvangers.
Wie het aangaat
- Instellingen (rechtspersonen, vennootschappen of eenmanszaken) die subsidie aanvragen bij de provincie Zeeland.
- Gedeputeerde Staten van Zeeland, als de beslissende instantie over subsidieaanvragen.
Kernpunten
- Subsidie wordt alleen verstrekt aan een instelling en niet als de activiteit al is gerealiseerd, als het ontoelaatbare staatssteun is, of als het bedrag minder dan € 2.500 bedraagt.
- De aanvraag voor subsidie moet ten minste acht weken voor de start van de activiteit worden ingediend en bevat een concrete beschrijving van de activiteit, de bijdrage aan beleidsdoelstellingen, de duur, het geografisch gebied, het verwachte resultaat en een sluitende begroting.
- Personeelskosten zijn subsidiabel als ze aantoonbaar toerekenbaar zijn aan de activiteit en er een controleerbare urenadministratie is, met een maximum uurtarief van 1,2 procent van het bruto maandsalaris.
- Er zijn verschillende 'arrangementen' voor subsidies: Arrangement 1 voor subsidies tot en met € 10.000, Arrangement 2 voor subsidies hoger dan € 10.000 en tot en met € 50.000, en Arrangement 3 voor subsidies hoger dan € 50.000.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.