Kort gezegd
Deze wet regelt hoe de gemeente Eindhoven bevoegdheden verdeelt en wie namens het college van burgemeester en wethouders of de burgemeester besluiten mag nemen en handelingen mag verrichten. Het zorgt ervoor dat duidelijk is wie waarvoor verantwoordelijk is binnen de gemeentelijke organisatie.
Wat het regelt
- De toekenning van bevoegdheden (mandaat, volmacht, machtiging en aanwijzing) binnen de gemeente.
- De voorwaarden waaronder deze bevoegdheden moeten worden uitgeoefend.
- De mogelijkheid om bevoegdheden verder te verlenen (ondermandaat) en de beperkingen daarop.
- De wijze van ondertekening van stukken namens de gemeente.
Wie het aangaat
- Het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van Eindhoven.
- Functionarissen binnen de ambtelijke organisatie van de gemeente Eindhoven, zoals de gemeentesecretaris, adjunct-secretaris, directeuren, sectorhoofden, programmadirecteuren en afdelingshoofden.
Kernpunten
- Bestaande aanwijzingsbesluiten en besluiten inzake tekenings- en vertegenwoordigingsbevoegdheid blijven van kracht.
- Bevoegdheden moeten worden uitgeoefend met inachtneming van geldend recht, beleids- en uitvoeringsregels, en binnen de taken en verantwoordelijkheden van de betreffende directieraad of sector.
- Ondermandaat, verdere volmacht of machtiging mag worden verleend, tenzij het mandaatregister dit verbiedt, en moet schriftelijk gebeuren aan rechtstreeks ondergeschikte personen.
- De uitoefening van bevoegdheden omvat onder andere het nemen van besluiten, wijziging en intrekking daarvan, opzegging van overeenkomsten, en alle voorbereidende en uitvoerende werkzaamheden.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.