Artikel 271 Sr – Verspreiding van beledigend geschrift over overledene
Wetboek van Strafrecht (Sr) · niet-officieel opschrift
1Hij die een geschrift of afbeelding van beledigende of voor een overledene smadelijke inhoud verspreidt, openlijk tentoonstelt of aanslaat of, om verspreid, openlijk tentoongesteld of aangeslagen te worden, in voorraad heeft, wordt, indien hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat de inhoud van het geschrift of de afbeelding van zodanige aard is, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.
2Met dezelfde straf wordt gestraft hij die, met gelijke wetenschap of een gelijke reden tot vermoeden, de inhoud van een zodanig geschrift openlijk ten gehore brengt.
3Indien de schuldige een van de misdrijven omschreven in dit artikel in zijn beroep begaat en er tijdens het plegen van het misdrijf nog geen twee jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige wegens een van deze misdrijven onherroepelijk is geworden, kan hij van de uitoefening van dat beroep worden ontzet.
4De misdrijven worden niet vervolgd dan op klacht van de in artikel 269 en het tweede lid van artikel 270 aangewezen personen, behalve in de gevallen voorzien in artikel 267.
Titel XVII Schending van geheimen
Rechtspraak over Artikel 271 Sr
3
2016-05-18
Verwijzingen in dit artikel
3
- Artikel 267Strafverhoging bij belediging van bijzondere personen of lichamen
- Artikel 269Vervolging op klacht bij belediging
- Artikel 270Smaad jegens overledene
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
1