Artikel 77s Sr – Plaatsing in een inrichting voor jeugdigen
Wetboek van Strafrecht (Sr) · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Deze bepaling maakt het mogelijk een verdachte die bij het plegen van het misdrijf leed aan een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis, te plaatsen in een inrichting voor jeugdigen, bij misdrijven met minstens vier jaar gevangenisstraf of specifiek genoemde delicten, mits de veiligheid van anderen dit eist en de maatregel in het belang is van de verdere ontwikkeling van de verdachte. Vereist is advies van minstens twee gedragsdeskundigen, van wie één psychiater, tenzij medewerking wordt geweigerd. De rechter weegt de ernst van het feit of eerdere veroordelingen mee, kan afzien van straf, en de maatregel duurt drie jaar.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
a. het feit waarvoor de maatregel wordt opgelegd, een misdrijf is waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld dan wel behoort tot een der misdrijven omschreven in de artikelen 132, 285, eerste lid, 285b en 395 van het Wetboek van Strafrecht, 175, tweede lid, onderdeel b, of derde lid in verbinding met het eerste lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994, en 11, tweede lid, van de Opiumwet, en
b. de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel eist, en
c. de maatregel in het belang is van een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling van de verdachte.