id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Arbeidshof van Antwerpen Vonnis/arrest van 23 april 2009 ECLI nr: ECLI:BE:AHANT:2009:ARR.20090423.16 Rolnummer: 2008-0292 Rechtsgebied: Arbeidsrecht Invoerdatum: 2011-06-09 Raadplegingen: 122 - laatst gezien 2026-07-02 19:37 Fiche Een minimaal zicht (rechteroog enkel lichtperceptie, geen gezichtsscherpte, linkeroog gezichtsscherpte beperkt tot 1/60) wordt beschouwd als een volledige blindheid. UTU-thesaurus: SOCIAAL RECHT - GEHANDICAPTEN - Tegemoetkoming SOCIAAL RECHT - GEHANDICAPTEN - Tegemoetkoming - Voorwaarden Vrije woorden: Sociale voorzorg - tegemoetkoming aan gehandicapten - specifieke toekenningsvoorwaarden voor elke tegemoetkoming - gehandicapten - sociale en fiscale voordelen - algemeen attest afgeleverd door FOD Sociale Zekerheid - volledige blindheid - begrip Wettelijke bepalingen: Wet - 27-02-1987 - 2 - 31 ELI link Pub nr 1987022077 Ministerieel Besluit - 30-07-1987 - 1 - 31 ELI link Pub nr 1987022219 Annotaties Publicaties: SRK 2010 - - nr. 8, blz. 441-442 Tekst van de beslissing zesde kamer eindarrest op tegenspraak mindervaliden ARBEIDSHOF TE ANTWERPEN afdeling Antwerpen ARREST AR nr. 2080292 OPENBARE TERECHTZITTING VAN DRIEËNTWINTIG APRIL TWEEDUIZEND EN NEGEN In de zaak: L.C., wonende te ..., appellant, verschijnend bij mr. T. Romain loco mr. D. Jacobs, advocaat te Mechelen, tegen: DE FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID, waarvan de burelen gevestigd zijn te 1000 Brussel, aan de Zwarte Lievevrouwstraat 3 C, geïntimeerde, verschijnend bij mr. G. Bervoets, advocaat te Mechelen. Na over de zaak beraadslaagd te hebben, wijst het arbeidshof te Antwerpen, afdeling Antwerpen, het hiernavolgende arrest. Gelet op de processen-verbaal van de openbare terechtzittingen d.d. 11 september 2008 en 12 maart
- Gelet op de stukken van de rechtspleging, onder meer: - het inleidend verzoekschrift uitgaande van L.C., aangetekend verzonden en ontvangen ter griffie van de arbeidsrechtbank te Mechelen op 7 december 2006; - het op tegenspraak gewezen tussenvonnis van de arbeidsrechtbank te Mechelen van 8 juni 2007, waarbij een geneesheer-deskundige werd aangesteld, nl. dr. R. Mathys; - het deskundig verslag van dr. R. Mathys, neergelegd op de griffie van de arbeidsrechtbank te Mechelen op 7 februari 2008; - het op tegenspraak gewezen eindvonnis van de arbeidsrechtbank te Mechelen d.d. 9 mei 2008, betekend aan de FOD Sociale zekerheid en aan L.C. op 15 mei 2008 overeenkomstig artikel 792, 2de lid van het Gerechtelijk Wetboek; - het verzoekschrift tot hoger beroep uitgaande van L.C., neergelegd op de griffie van dit hof op 13 juni
- Gelet op de regelmatige oproeping van partijen voor de openbare terechtzitting van 12 maart 2009 overeenkomstig artikel 747 van het Gerechtelijk Wetboek. De partijen werden gehoord in hun middelen en besluiten op de openbare terechtzitting van 12 maart 2009, waarna de debatten werden gesloten. Mevrouw R. Van Strydonck, eerste advocaat-generaal, werd gehoord in haar mondeling advies, waarop partijen niet repliceerden en het hof de zaak in beraad nam.
- Ontvankelijkheid. Het hoger beroep werd naar termijn en vorm regelmatig ingesteld en de ontvankelijkheid ervan wordt niet betwist. Het hoger beroep is dan ook ontvankelijk.
- Feiten en voorgaanden. L.C. diende op 18 januari 2005 een aanvraag in tot het bekomen van een inkomensvervangende tegemoetkoming en een integratietegemoetkoming bij de diensten van huidig geïntimeerde. Hij lijdt aan diabetes mellitus type 2, heeft hart- en vaatproblemen en heeft vooral een belangrijke bilaterale aantasting van het gezichtsvermogen. Bij administratieve beslissing d.d. 18 september 2006 werd aan L.C. het volgende meegedeeld: "Alhoewel U voldoet aan de medische voorwaarden worden met ingang van 1 februari 2005 de inkomensvervangende tegemoetkoming geweigerd of afgeschaft aangezien het bedrag van de in aanmerking te nemen inkomsten, het bedrag van de wettelijke voorziene tegemoetkoming te boven gaat (wet van 27 februari 1987 betreffende de tegemoetkomingen aan gehandicapten.) Er wordt u een integratietegemoetkoming ten bedrage van 995,89 EUR per jaar toegekend met ingang van 1 februari 2005." Op 17 oktober 2005 werd aan L.C. een Algemeen Attest afgeleverd, met als datum van de kennisgeving 17 oktober 2005, waarin de FOD Sociale Zekerheid erkent dat de heer Claes vanaf 1 februari 2005 en voor onbepaalde duur getroffen is door: - "Een vermindering van het verdienvermogen tot een derde of minder. Deze vermindering van verdienvermogen stemt overeen met een ongeschiktheid van ten minste 66%. - Een vermindering van zelfredzaamheid van 13 punten. Deze vermindering stemt overeen met een ongeschiktheid van ten minste 80%; - Een vermindering van de zelfredzaamheid inzake het criterium "verplaatsingsmogelijkheden" ten belope van 2 punten." Anderzijds vermeldt dit Algemeen Attest dat L.C. niet getroffen is door: - "Volledige blindheid. - Een blijvende invaliditeit die rechtstreeks toe te schrijven is aan de onderste ledematen en ten minste 50% bedraagt. - Een volledige verlamming of amputatie van de bovenste ledematen." Bijgevolg voldeed L.C. aan de medische voorwaarden (op 1 februari 2005 en voor onbepaalde duur) om de volgende voordelen aan te vragen: - een vermindering van het belastbaar inkomen; - een vermindering van de onroerende voorheffing; - het sociaal telefoontarief; - een parkeerkaart voor personen met een handicap; - de forfaitaire toelage voor chronisch zieken; - vrijstelling van de radio- en TV-taks. Hij voldeed echter NIET aan de medische of administratieve voorwaarden om de vrijstelling van de belastingen op autovoertuigen: BTW bij aankoop, belasting op de inverkeerstelling en de jaarlijkse verkeersbelasting aan te vragen. L.C. kon zich hierin niet vinden en tekende op 7 december 2006 beroep aan tegen de voormelde administratieve beslissing en het Algemeen Attest bij de arbeidsrechtbank te Mechelen. Hij meende aanspraak te kunnen maken op 15 punten of categorie 4 voor de graad van zelfredzaamheid. Hij steunde zich hierbij op het advies van zijn behandelend arts, dr. G. Verhaegen. De eerste rechters stelden met tussenvonnis van 8 juni 2007 dr. R. Mathys aan als deskundige met de opdracht een advies te geven over de juiste graad van gebrek aan of vermindering van de zelfredzaamheid van L.C. vanaf 1 februari
- Dr. R. Mathys diende op 7 februari 2008 zijn verslag in ter griffie van de arbeidsrechtbank te Mechelen waarin hij de zaak als volgt besprak: "De heer Claes vertoont voorgaanden van medische aandoeningen die een weerslag kunnen hebben op zijn zelfredzaamheid. Wij verwijzen naar de diabetes mellitus type 2, de vasculaire antecedenten en vooral de bilaterale aantasting van het gezichtsvermogen. Het is vooral dit laatste dat zeer negatief inwerkt op zijn zelfredzaamheid. Op basis van het klinisch onderzoek en de uitslag van de technische gegevens kan volgend advies worden gegeven met betrekking tot de zelfredzaamheid:
- Verplaatsing: Door Dr. Sollie waren 2 punten voorzien. Dr. Verhaegen had 3 punten voorzien. De heer Claes is aangewezen op het gebruik van de wettelijk toegelaten witte stok als herkenningsteken. Hij voelt zich zeer onzeker buitenshuis. Binnenshuis kan hij zich zelfstandig verplaatsen. Buitenshuis is hij steeds vergezeld van zijn echtgenote. Hij kan zich enkel oriënteren in de gekende omgeving. Hij durft niet alleen de straat oversteken. Hij kan zich alleen verplaatsen zolang hij de straat niet moet oversteken. In dit geval zou hij zelfstandig kunnen gaan tot de dichtst bijgelegen halte van de bus. Hij kan ook naar de winkel gaan. Globaal genomen zijn er grote moeilijkheden zonder hulp van derden. Hiervoor worden 2 punten toegekend.
- Voeding: Door Dr. Sollie werden 2 punten toegekend. Door Dr. Verhaegen werden 3 punten toegekend. Er zijn inderdaad moeilijkheden om de voedingsmiddelen aan te halen. Er zijn beperkingen bij het bereiden van de maaltijden, doch dit is niet volledig onmogelijk. Zijn echtgenote staat in voor het bereiden van de maaltijden. Hij kan gebruik maken van mes, vork en lepel. Hij kan het vlees snijden. Er zijn geen slik- en kauwmoeilijkheden. Betrokkene morst wel meer dan normaal. Globaal genomen betekent dit grote moeilijkheden zonder hulp van derden. Hiervoor worden 2 punten toegekend.
- Persoonlijke hygiëne: Door Dr. Sollie waren 2 punten voorzien. Dr. Verhaegen had één punt voorzien. Betrokkene is beperkt bij zijn persoonlijke hygiëne. Hij heeft meer tijd nodig dan normaal. Hij heeft moeilijk zicht op hetgeen nog vuil is. De kledij wordt door de echtgenote gekozen. Hij staat in voor zichzelf wanneer hij naar het toilet is geweest. Hij kan geen wasmachine bedienen en kan niet strijken. Dit betekent grote moeilijkheden zonder hulp van derden. Hiervoor worden 2 punten toegekend.
- Onderhoud van de woning: Dr. Sollie had 3 punten voorzien zoals ook Dr. Verhaegen. Betrokkene is inderdaad niet in staat tot het normaal onderhoud van de woning. Hij kan geen klusjes opknappen. Er is onmogelijkheid zonder hulp van derden zodat 3 punten worden toegekend.
- Toezicht: Zowel Dr. Sollie als Dr. Verhaegen hadden 2 punten toegekend. Gezien de visusstoornissen is een vorm van toezicht zeker aangewezen. Er is ook de negatieve invloed van de vasculaire toestand op het verplaatsingsvermogen. Dit betekent grote moeilijkheden zonder hulp van derden zodat 2 punten worden toegekend.
- Sociale contacten: Dr. Sollie had 2 punten voorzien en Dr. Verhaegen had 3 punten voorzien. Men kan echter niet spreken van onmogelijkheid zonder hulp van derden. Betrokkene vertoont geen cognitieve stoornissen. Verbaal is vlot contact mogelijk. Hij kan gebruik maken van een aangepaste pc. Mits hulpmiddelen kan hij de krant lezen. Globaal betekent dit grote moeilijkheden zonder hulp van derden zodat 2 punten worden toegekend. Dit maakt een totaal van 13 op 18." Hij besluit dan ook: "Vanaf 01.02.05 vertoont betrokkene een verminderde zelfredzaamheid, en dit in de zin van: - artikel 2 van de wet van 27.2.1987 betreffende de tegemoetkomingen aan gehandicapten, - artikel 1 van het MB van 30.07.1987 tot vaststelling van de categorieën, - en van de handleiding voor de evaluatie van de graad van zelfredzaamheid." Meer bepaald behaalt hij 13 punten voor de verminderde zelfredzaamheid op een totaal van 18 met het oog op het onderzoek naar het recht op de integratietegemoetkoming. Met eindvonnis van 9 mei 2008 sloten de eerste rechters zich aan bij de bevindingen van de gerechtsdeskundige en verklaarden de vordering van L.C. ongegrond, bevestigden de bestreden beslissing d.d. 18 september 2006 en verwezen geïntimeerde in de kosten van het geding. Bij verzoekschrift, neergelegd ter griffie van dit hof op 13 juni 2008, tekende L.C. hoger beroep aan.
- Eisen in hoger beroep: - L.C., appellant, vordert zijn hoger beroep ontvankelijk en gegrond te verklaren, vervolgens het bestreden vonnis te vernietigen en opnieuw rechtsprekend, de bestreden beslissing d.d. 18 september 2006 te vernietigen en te zeggen voor recht dat hij met ingang van 1 februari 2005 in aanmerking komt voor een inkomensvervangende tegemoetkoming en een integratietegemoetkoming categorie
- Te zeggen voor recht dat hij vanaf 1 februari 2005 getroffen is door een volledige blindheid en dat geïntimeerde ertoe gehouden is de desbetreffende uitkeringen te doen, vermeerderd met de intresten. In ondergeschikte orde vordert appellant, gelet op de medische betwistingen, een geneesheer-deskundige aan te stellen. - De FOD Sociale Zekerheid, geïntimeerde, legde geen conclusie neer maar de raadsman van geïntimeerde argumenteert op de openbare terechtzitting d.d. 12 maart 2009 dat de graad van zelfredzaamheid niet ernstig wordt betwist door appellant, zodat het deskundig verslag van dr. R. Mathys dient bevestigd te worden. Wat het Algemeen Attest d.d. 17 oktober 2005 betreft, gedraagt geïntimeerde zich inzake de problematiek van de "volledige blindheid" naar de wijsheid van het hof.
- Beoordeling. Het hof dient te oordelen: - welke enerzijds de graad van zelfredzaamheid is van L.C. vanaf 1 februari 2005 met het oog op de toekenning van de integratietegemoetkoming in het kader van de administratieve beslissing van de FOD Sociale Zekerheid d.d. 18 september 2006; - of anderzijds L.C. getroffen is door een volledige blindheid vanaf 1 februari 2005 in het kader van het Algemeen Attest d.d. 17 oktober 2005 inzake sociale en fiscale voordelen. De eerste rechters hebben daartoe een geneesheer-deskundige aangesteld, met name dr. R. Mathys, die de graad van zelfredzaamheid van appellant evalueerde op een totaal van 13 punten, zijnde evenveel punten als de geneesheer-expert van geïntimeerde, dr. T. Sollie, weerhield; dit stemt overeen met een integratietegemoetkoming categorie
- Het hof stelt vast dat het deskundig verslag van dr. R. Mathys volledig en nauwgezet werd opgesteld en omstandig gemotiveerd werd en sluit zich, zoals de eerste rechters, integraal aan bij zijn medische bevindingen. Naar aanleiding van de procedure in hoger beroep worden door appellant geen ernstige argumenten aangebracht, noch nieuwe medische gegevens waaruit zou kunnen blijken dat hij aanspraak zou kunnen maken op een integratietegemoetkoming categorie 4 vanaf 1 februari
- Het hof bevestigt dan ook, zoals de eerste rechters, de bestreden administratieve beslissing d.d. 18 september
- Appellant voert tevens aan dat hij getroffen is door een volledige blindheid. Op de openbare terechtzitting van 12 maart 2009 legde de raadsman van appellant een schrijven neer van dr. R. Mathys d.d. 21 januari 2008 waaruit blijkt dat naar aanleiding van de expertise in eerste aanleg de opdracht op verzoek van partijen werd uitgebreid naar de vraag of L.C. vanaf 1 februari 2005 al dan niet getroffen is door een volledige blindheid. De gerechtsdeskundige schrijft in verband met deze problematiek het volgende: "Ik verwijs andermaal naar de beschikbare medische verslagen opgesteld door Prof. Dr. Zeyen verbonden aan de Universitaire Ziekenhuizen te Leuven. Hieruit blijkt dat er sedert verschillende jaren een practisch volledige blindheid bestaat. Aan rechteroog is er enkel lichtperceptie. Aan linkeroog kunnen vingers gezien worden op 1 meter afstand. Aan rechteroog betekent dat er geen gezichtsscherpte aanwezig is. Aan linkeroog is dit beperkt tot 1/
- Tevens bestaat er aan het linkeroog een volledige homonieme horizontale bovenste hemianopsie. Praktisch gezien betekent dit inderdaad een volledige en blijvende blindheid voor de heer Claes en dit vanaf 01.02.2005"... Aan de zijde van geïntimeerde werden hierop geen opmerkingen geformuleerd. Het hof sluit zich aan bij de bevindingen van dr. Mathys, die trouwens niet worden tegengesproken door geïntimeerde, en besluit dat L.C. getroffen is door een volledige blindheid vanaf 1 februari 2005 en voor onbepaalde duur. Het Algemeen Attest d.d. 17 oktober 2005 dient op dit punt te worden aangepast. Gelet op wat voorafgaat, komt het hoger beroep gedeeltelijk gegrond voor. OP DIE GRONDEN, HET HOF, Gelet op de bepalingen van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken. Gehoord mevrouw R. VAN STRYDONCK, eerste advocaat-generaal, in haar éénsluidend mondeling advies, gegeven op de openbare terechtzitting van 12 maart 2009, waarna partijen niet repliceerden. Na beraadslaging, rechtsprekend op tegenspraak. Verklaart het hoger beroep ontvankelijk en gedeeltelijk gegrond. Bevestigt het bestreden vonnis van de arbeidsrechtbank te Mechelen d.d. 9 mei 2008 (AR 07/90885/A). Voegt hieraan het volgende toe: Zegt voor recht dat het Algemeen Attest van 17 oktober 2005 dient aangepast te worden in die zin dat L.C. WEL getroffen is door volledige blindheid op 1 februari 2005 en voor onbepaalde duur. Bevestigt het Algemeen Attest voor het overige. Verwijst geïntimeerde in de kosten van het hoger beroep met toepassing van artikel 1017, tweede lid van het Gerechtelijk Wetboek. Vereffent deze kosten aan de zijde van appellante op 145,78 EUR rechtsplegingsvergoeding met toepassing van artikel 4 van het K.B. van 26 oktober
- Laat de kosten aan de zijde van geïntimeerde onvereffend bij gebrek aan neergelegde kostenbegroting. Aldus gewezen door: M. ZEGERS, raadsheer, voorzitter van de kamer, J. DE BOECK, raadsheer in sociale zaken als zelfstandige, R. DE SCHUTTER, raadsheer in sociale zaken als werknemer, bijgestaan door de heer P. DEVOCHT, griffier, en uitgesproken door voormelde voorzitter van de zesde kamer van het arbeidshof te Antwerpen, afdeling Antwerpen, zitting houdend in openbare terechtzitting van 23 april
- PDF document ECLI:BE:AHANT:2009:ARR.20090423.16 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div