← België

bv tHribe.Select tegen JVM

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Arbeidshof van Antwerpen Vonnis/arrest van 06 maart 2024 ECLI nr: ECLI:BE:AHANT:2024:ARR.20240306.1 Rolnummer: 2023/AA/74 Zaak: bv tHribe.Select tegen JVM Rechtsgebied: Arbeidsrecht Invoerdatum: 2025-03-26 Raadplegingen: 274 - laatst gezien 2026-06-15 05:26 Fiche Een betaling van het loon in Bitcoin is geen betaling in een munt die wettelijk gangbaar is in België zoals opgelegd door artikel 4, eerste lid van de Loonbeschermingswet. Het loon wordt beschouwd als niet betaald met toepassing van artikel 47bis Loonbeschermingswet. De werknemer kan geen geldige buitengerechtelijke bekentenis afleggen over de ontvangst van loon in Bitcoin. Thesaurus CAS: LOON - BESCHERMING UTU-thesaurus: SOCIAAL RECHT - ARBEID - Loon - Loonbescherming - Betaling Vrije woorden: Arbeidsovereenkomst – Loon – Bescherming van het loon – Betaling in wettelijk gangbare munt - Bitcoin Tekst van de beslissing Datum van uitspraak 6 maart 2024 Rolnummer 2023/AA/74 Arbeidshof Antwerpen Afdeling Antwerpen Kamer 2 BV THRIBE.SELECT, ON 0564.790.517, met zetel te 2930 BRASSCHAAT, Bredabaan 34, met als raadsman mr. VAN LOOCK Inez, advocaat te Antwerpen, voor wie pleit mr. PAS Edward-Pieter, advocaat te Antwerpen, tegen: JVM, vertegenwoordigd door mevrouw HOLST Wilhelmina, afgevaardigde van een representatieve werknemersorganisatie, met volmacht, die pleit. Het hoger beroep is gericht tegen het vonnis van 29 november 2022 van de arbeidsrechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen. Het arbeidshof past de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken toe. I. ONTVANKELIJKHEID Op 29 november 2022 sprak de arbeidsrechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen een vonnis uit. Op 24 februari 2023 legde bv tHribe.Select een verzoekschrift tot hoger beroep neer op de griffie van het arbeidshof Antwerpen, afdeling Antwerpen. De heer JVM stelde incidenteel beroep in. Het hoger beroep en het incidenteel beroep werden tijdig ingesteld. Ze zijn regelmatig naar de vorm en dus ontvankelijk. Het arbeidshof kan nu beslissen over de inhoud van de discussie tussen de partijen. II. FEITEN EN VOORAFGAANDE PROCEDURE Met een dagvaarding van 3 juni 2021 stelde JVM een vordering in tegen gcv JV Worldwide Trading, de rechtsvoorgangster van bv tHribe.Select . Met zijn conclusie van 27 april 2022 vorderde JVM: “de vordering, zoals uitgebreid (opzeggingsvergoeding) en herleid (kostenvergoedingen, commissieloon en vakantiegeld daarop), ontvankelijk en gegrond te verklaren; verweerster te veroordelen tot betaling van: - 1.750,00 euro kostenvergoedingen + 870,00 euro dagvergoedingen - 1.531,91 euro betaalde vergoedingen = 1.088,09 euro; - 2.899,18 euro bruto commissieloon; - 444,73 euro bruto vakantiegeld; - 88,71 euro schadevergoeding ecocheques; - 1.647,53 euro bruto opzeggingsvergoeding, te vermeerderen met de wettelijke intresten vanaf de data van eisbaarheid op de kosten- en dagvergoedingen, het commissieloon en de opzeggingsvergoeding en de verwijlsintresten vanaf 11 april 2021 op het vakantiegeld en de schadevergoeding en de gerechtelijke intresten op alle bedragen; verweerster te veroordelen tot betaling van de kosten van het geding aan de zijde van concluant begroot op 201,09 euro (dagvaarding).” Met haar conclusie van 28 juni 2022 vorderde bv tHribe.Select: “De vordering van eiser ontvankelijk doch ongegrond te verklaren. Eiser te veroordelen tot de kosten van het geding aan de kant van concluante begroot op 845,00 rechtsplegingsvergoeding.” Met het vonnis van 29 november 2022 beslist de arbeidsrechtbank: “De vordering wordt ontvankelijk en in de hierna bepaalde mate gegrond verklaard: De cv wordt veroordeeld tot betaling van volgende bedragen aan JVM : - € 1 088,09 als saldo achterstallige forfaitaire onkostenvergoedingen en dagvergoedingen - € 2 149,20 bruto als commissieloon - € 329,69 bruto als vakantiegeld einde dienst op het commissieloon. - € 88,71 als schadevergoeding ecocheques - € 1 431,69 bruto als opzeggingsvergoeding, te verminderen met de wettelijk verplichte inhoudingen voor de sociale zekerheid en de bedrijfsvoorheffing, voor zover verschuldigd en effectief overgemaakt aan de betrokken instanties, te vermeerderen met de wettelijke intresten vanaf de data van eisbaarheid op de forfaitaire onkosten- en dagvergoedingen, het commissieloon en de opzeggings-vergoeding, met de verwijlsintresten vanaf 11 april 2021 op het vakantiegeld en de schadevergoeding, en met de gerechtelijke intresten op alle bedragen vanaf 3 juni

  1. De voorlopige tenuitvoerlegging van het vonnis is toegestaan. De kosten van het geding worden ten laste van de cv gelegd. Deze kosten worden aan de zijde van JVM vereffend op € 201,09 dagvaardingskosten en aan de zijde van de cv op € 845,00 rechtsplegingsvergoeding.” De bv tHribe.Select tekent op 24 februari 2023 hoger beroep aan tegen dit vonnis. Met conclusie van 15 juni 2023 tekent JVM incidenteel beroep aan. III. EISEN IN HOGER BEROEP Met haar conclusie van 15 september 2023 vordert bv tHribe.Select: “Het bij verzoekschrift van 24 februari 2023 ingestelde hoger beroep ontvankelijk en gegrond te verklaren. Bijgevolg het vonnis gewezen op 29 november 2022 door de Arbeidsrechtbank van Antwerpen, afdeling Mechelen (gekend onder A.R. nr.21/1187/A), te vernietigen en opnieuw rechtdoend. In hoofdorde De vordering van de heer JVM ontvankelijk doch ongegrond te verklaren. In ondergeschikte orde een gerechtelijk onderzoek te bevelen naar de echtheid van de onderhandse akte (schriftonderzoek) van 22 mei 2020 en dit in toepassing van artikel 883 e.v. Ger. W. De heer JVM te veroordelen tot de kosten van het geding aan de kant van concluante begroot op : - Rechtsplegingsvergoeding eerste aanleg 975,00 EUR - Verzoekschrift hoger beroep p.m. - Rechtsplegingsvergoeding hoger beroep 975,00 EUR.” Met zijn conclusie van 24 oktober 2023 vordert JVM: “ Het hoger beroep ontvankelijk, doch ongegrond te verklaren en het incidenteel beroep van JVM ontvankelijk en gegrond te verklaren en bijgevolg; WWT te veroordelen tot betaling aan JVM van: - 1.088,09 euro kostenvergoedingen (= 1.750,00 euro kostenvergoedingen + 870,00 euro dagvergoedingen – 1.531,91 euro betaalde vergoedingen); - 2.899,18 euro bruto commissieloon; - 444,73 euro bruto vakantiegeld; - 88,71 euro schadevergoeding ecocheques; - 1.647,53 euro bruto opzeggingsvergoeding, te vermeerderen met de wettelijke intresten vanaf de data van eisbaarheid op de kosten- en dagvergoedingen, het commissieloon en de opzeggingsvergoeding en de verwijlsintresten vanaf 11 april 2021 op het vakantiegeld en de schadevergoeding en de gerechtelijke intresten op alle bedragen; WWT ook te veroordelen tot betaling van de kosten van het geding (201,09EUR dagvaarding).” IV. TEN GRONDE
  2. Feiten Het arbeidshof verwijst naar het feitenrelaas in het vonnis van de arbeidsrechtbank en herneemt dat hieronder omwille van de leesbaarheid van het arrest, ten dele samengevat, aangevuld en/of geparafraseerd. Bv tHribe.Select is een onderneming die onder meer actief is inzake selectie, rekrutering en outplacement van personeel. Zij ressorteert voor haar bediendenpersoneel onder het aanvullend paritair comité voor bedienden, pc nr.
  3. JVM treedt op 27 januari 2020 in dienst van de bv in de hoedanigheid van 'recruiter', dit is als medewerker voor werving en selectie. De partijen sluiten een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur op 25 november 2019 . JVM is tewerkgesteld in de vestiging van de bv te Schoten, Bredabaan 1026/
  4. Het betreft een voltijdse tewerkstelling in een stelsel van 38 uur per week. In artikel 1 van de schriftelijke arbeidsovereenkomst komen de partijen volgende loon-en arbeidsvoorwaarden overeen: “[…] - 38 uur per week: 7,36u per dag (0,5 uur onbetaalde middagpauze) - brutoloon van €2200 per maand voor 38 uur - €30 Maandvergoeding netto voor eigen abonnement Gsm - € 10 onkostenvergoeding per gewerkte dag - € 350 voor onkosten wagen netto Bonussysteem vanaf kost € 7500 Loon (10 percent op onze Fee) Krijgt laptop ter beschikking. […]” Bij de indiensttreding op 27 januari 2020 stelt de bv aan JVM een bedrijfswagen ter beschikking, aanvankelijk een Mini Clubman, die vanaf 13 maart 2020 vervangen wordt door een BMW 116d, dit telkens zonder tankkaart. Met betrekking tot het gebruik van de bedrijfswagen sluiten partijen op 27 januari 2020 een carpolicy . Bij ontvangst van de loonbrief voor de eerste volledige maand van zijn tewerkstelling (februari 2020) meent JVM dat hij een te laag maandloon heeft ontvangen, wat hij per e-mail van 25 februari 2020 als volgt te kennen geeft aan de zaakvoerster van bv tHribe.Select, VD: "Klopt deze volledig? lk zie telefoonvergoeding en dergelijke. Puur informatief maar ik dacht op een 2500 bruto te zitten. Kunnen we dit morgen even privé doornemen?" Hierop reageert VD diezelfde dag nog per e-mail als volgt: "We zullen morgen even overlopen maar door de firmawagen hebben we toen bruto iets naar beneden gedaan remember... Bruto was op 2200 daardoor in contract. Morgen zullen we even alles overlopen. De bedoeling is ook dat dat gewoon een basis is, maar dat je voor je bonussen gaat :-) Jij bent ook de enige waar dat vanaf 7500 begint te tellen en niet vanaf 10000... Er komt nog wel € 200 netto bij bovenop wat ik voor tanken heb gedaan aangezien ik je onkosten nog niet had. […]” Met een brief van 20 mei 2020 die bv tHribe.Select aan JVM overhandigt, betekent de bv een (ongeldige) opzegging met een opzeggingstermijn van 4 weken . Met een brief van 22 juni 2020 stelt de bv met onmiddellijke ingang een einde aan de arbeidsovereenkomst, waarbij zij de betaling van een opzeggingsvergoeding gelijk aan 4 weken loon in het vooruit zicht stelt . Bv tHribe.Select betaalt 1.874,31 euro bruto als opzeggingsvergoeding. JVM meent nog recht te hebben op een aantal vergoedingen naar aanleiding van de uitvoering en de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en gaat op 3 juni 2021 over tot dagvaarding.
  5. Beoordeling 2.
  6. JVM heeft recht op een saldo kostenvergoedingen van 1.088,09 euro
  7. De arbeidsrechtbank kende 1.088,09 euro toe aan JVM als saldo van de forfaitaire maandelijkse kostenvergoeding van 350,00 euro en van de dagvergoeding van 10,00 euro. Beide vergoedingen zijn in de arbeidsovereenkomst opgenomen. Bv tHribe.Select betwist dat zij de maandelijkse kostenvergoeding van 350,00 euro moet betalen. Deze kostenvergoeding is in de arbeidsovereenkomst omschreven als bedoeld 'voor onkosten wagen'. Volgens de bv werd dit bedrag toegekend als kostenvergoeding voor het gebruik van de eigen wagen van JVM. Door de toekenning van de bedrijfswagen zou deze vergoeding weggevallen zijn. Het arbeidshof volgt deze argumentatie niet. De arbeidsovereenkomst is ondertekend op 25 november
  8. In artikel 1 van deze overeenkomst komen de partijen een brutoloon overeen van 2.200,00 euro per maand. In een e-mail van 25 februari 2020 legt de zaakvoerster van bv tHribe.Select, VD, uit dat het vast bruto maandloon werd verlaagd naar 2.200,00 euro 'door de firmawagen'. Zij antwoordt daarmee op de e-mail van JVM van 25 februari 2020, waarin hij stelt dat er initieel sprake was van 2.500,00 brutoloon. Bij het sluiten van de arbeidsovereenkomst hield de bv dus reeds rekening met de bedrijfswagen om het loon te bepalen op 2.200,00 euro. Er was op dat moment dus reeds een toekenning van een bedrijfswagen. Deze is niet pas onderhandeld vlak voor de indiensttreding, zoals de bv voorhoudt. Tegelijkertijd is in dezelfde schriftelijke arbeidsovereenkomst ook de forfaitaire kostenvergoeding overeengekomen van 350,00 euro per maand. Die kwam dus naast en samen met de bedrijfswagen. Deze kostenvergoeding kan dus niet wegvallen door een zogenaamd ‘latere’ toekenning van een bedrijfswagen, aangezien deze al toegekend was. Bovendien verwijzen partijen bij deze kostenvergoeding ook niet naar de ‘eigen’ wagen, maar gewoon naar ‘de wagen’. De woordkeuze in het artikel laat niet toe om te besluiten dat de vergoeding bedoeld is voor kosten verbonden aan het gebruik van een eigen wagen. JVM heeft voor de gehele tewerkstelling recht op de forfaitaire kostenvergoeding van 350,00 euro per maand.
  9. Bv tHribe.Select betwist niet dat JVM recht had op een dagvergoeding van 10,00 euro per gewerkte dag op basis van artikel 1 van de arbeidsovereenkomst. Deze vergoeding was bedoeld om forfaitaire baankosten te vergoeden, zoals drank, broodjes, toiletbezoek e.d.m. JVM begroot dit bedrag op 870,00 euro voor de gehele tewerkstelling, dit is voor 87 gewerkte dagen. Hij baseert zich daarvoor op de voorliggende loonfiches.
  10. De bv voert wel aan dat zij deze dagvergoeding reeds betaalde samen met de reëel gemaakte tankkosten die werden terugbetaald aan de hand van de tankbonnetjes die JVM binnenbracht. JVM erkent dat in de verrichte betalingen ook betaling vervat was voor de dagvergoedingen. Hij paste reeds voor de arbeidsrechtbank zijn vordering aan tot 1.088,09 euro voor de forfaitaire kostenvergoedingen samen. Bv tHribe.Select voert niet aan dat dit bedrag onjuist berekend is. De arbeidsrechtbank heeft terecht het saldo van 1.088,09 euro toegekend. 2.
  11. JVM heeft recht op 2.149,20 euro achterstallig commissieloon In de schriftelijke arbeidsovereenkomst van 25 november 2019 bepalen de partijen een variabel loon als volgt: "Bonussysteem vanaf kost € 7500 Loon (10 percent op onze Fee)" Op basis van deze bepaling vordert JVM de betaling van 2.899,18 euro bruto in totaal als variabel loon in de vorm van commissieloon, berekend als 10 % op de gefactureerde bedragen in volgende contracten die hij aanbracht (bedragen in euro): - Biscuiterie Thijs (JVDV): (14.707,00 - 7 500,00) x 10 % = 720,70 bruto - VK Engineer/lnfranea (YL): 11.845,92 x 10 % = 1.184,59 bruto - NLT Pivaco (PK): 9.938,88 x 10 % = 993,89 bruto Bv tHribe.Select betwist op zich niet dat JVM deze contracten heeft aangebracht tijdens zijn tewerkstelling van 27 januari 2020 tot 18 juni
  12. Zij legt zelf de facturen neer met betrekking tot deze contracten, die respectievelijk dateren van 24 april 2020 (Biscuiterie Thijs), 2 juni 2020 (NLT Pivaco) en 17 juni 2020 (VK Engineer/Infranea). Wel voert zij aan dat JVM in een verklaring van 22 mei 2020 bevestigde dat hij tot en met mei 2020 alle verschuldigde bedragen heeft ontvangen. JVM betwist dat hij deze verklaring zelf heeft ondertekend, zoals de bv voorhoudt. In ondergeschikte orde betwist bv tHribe.Select de interpretatie die JVM aan artikel 1 van de arbeidsovereenkomst geeft. 2.2.
  13. Een schriftonderzoek is niet nodig om te kunnen beslissen over de vordering tot betaling van het commissieloon
  14. Bv tHribe.Select verwijst naar volgende (beweerde) verklaring van JVM van 22 mei 2020: "Bij deze verklaar ik JVM dat ik 675 Euro heb ontvangen van VD voor mijn bonussen. Hierbij verklaar ik al mijn gelden te hebben ontvangen tot en met mei
  15. Vanaf nu telt de 7500 regel per maand volgens contract. Voor akkoord" JVM betwist dat hij verklaring heeft ondertekend. Bv tHribe.Select vordert een schriftonderzoek met toepassing van artikel 883 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek. Het arbeidshof stelt vast dat een dergelijk schriftonderzoek niet nodig en niet nuttig is om te beslissen over de betwisting tussen de partijen over het commissieloon. Zelfs als JVM deze verklaring heeft ondertekend en deze moet gelden als een buitengerechtelijke bekentenis, heeft deze immers enkel betrekking op de bedragen tot en met mei
  16. Dat is immers de uitdrukkelijke inhoud van de tekst. Uit de facturen met betrekking tot de contracten waarvoor JVM commissieloon vordert, blijkt dat enkel het contract voor Biscuiterie Thijs dateert van voor eind mei 2020, de factuur is van 24 april
  17. De factuur voor NLT Pivaco is van 2 juni 2020 en deze voor VK Engineer/Infranea is van 17 juni
  18. Voor deze twee laatste facturen valt het commissieloon niet onder de aangevoerde verklaring dat alles tot en met mei 2020 is ontvangen. Bv tHribe.Select voert geen enkel element aan dat het arbeidshof toelaat om vast te stellen dat het commissieloon met betrekking tot deze contracten vóór eind mei 2020 verschuldigd was.
  19. Dat betekent dat de aangevoerde verklaring van 22 mei 2020 enkel betrekking kan hebben op het commissieloon van 720,70 euro bruto dat JVM vordert voor Biscuiterie Thijs. Voor het commissieloon op het contract Biscuiterie Thijs verwijst bv tHribe.Select ook naar een e-mail van JVM van 13 juli 2020, waarin hij schrijft dat de bv het commissieloon voor deze “deal” reeds heeft voldaan. JVM betwist deze e-mail niet. Dat maakt dat het niet nodig is om een schriftonderzoek te doen met betrekking tot de verklaring van 22 mei
  20. De inhoud van deze tekst is met betrekking tot het commissieloon op het contract Biscuiterie Thijs immers bevestigd door de e-mail van 13 juli
  21. JVM wijst erop dat dit commissieloon op het contract Biscuiterie Thijs werd betaald in zogenaamde Bitcoin, zodat het moet worden beschouwd als niet betaald. De arbeidsrechtbank heeft dit argument gevolgd en heeft daarbij heeft opgemerkt dat bv tHribe.Select geen bewijs van betaling van het commissieloon bijbrengt. Ondanks deze opmerking van de arbeidsrechtbank, blijft de bv in gebreke om voor het arbeidshof een bewijs van betaling neer te leggen. Het arbeidshof leidt daaruit af dat de betaling inderdaad gebeurde in Bitcoin. Een betaling in Bitcoin is niet wettelijk. Op basis van artikel 4, eerste lid van de Loonbeschermingswet moet het loon in geld worden uitbetaald in een munt die wettelijk gangbaar is in België. Bitcoin is een virtuele munteenheid, behorend tot de zogenaamde cryptovaluta. Dit is geen munt die wettelijk gangbaar is in België. Het loon dat niet is uitbetaald in een wettelijk gangbare munt, moet het arbeidshof beschouwen als niet betaald.
  22. Bv tHribe.Select voert aan dat de arbeidsrechtbank de buitengerechtelijke bekentenis in de e-mail van 13 juni 2020 miskende door te beslissen dat nog commissieloon verschuldigd is voor Biscuiterie Thijs. Het arbeidshof volgt deze grief tegen het vonnis niet. Een buitengerechtelijke bekentenis kan niet slaan op zaken van openbare orde. Het verbod om het loon te betalen in een andere munt dan deze die wettelijk gangbaar is in België, raakt de openbare orde. De bv kan zich dus niet steunen op de beweerde buitengerechtelijke bekentenis die betrekking heeft op een betaling in Bitcoin. Het arbeidshof voegt daaraan ten overvloede toe dat het ontbreken van een betalingsbewijs en het ontbreken van de vermelding van de betaling op de loondocumenten, erop wijst dat de betaling gebeurde zonder het in acht nemen van de verplichte onderwerping en aangifte aan de sociale zekerheid en de verplichte inhoudingen van bedrijfsvoorheffing en socialezekerheidsbijdragen. Het arbeidshof kan een dergelijke “betaling” in Bitcoin die volledig officieus gebeurt, niet legitimeren door deze als geldig te erkennen.
  23. JVM kan dus nog de betaling vorderen van commissieloon op het contract Biscuiterie Thijs. Bv tHribe.Select betwist de berekening op 720,70 euro bruto niet. 2.2.
  24. Interpretatie van de arbeidsovereenkomst De partijen interpreteren artikel 1 van de arbeidsovereenkomst met betrekking tot het variabel loon anders. Volgens JVM betekent "Bonussysteem vanaf kost 7500 Loon (10 percent op onze Fee)" dat hij slechts éénmaal een omzet van 7.500,00 euro moest realiseren, waarna hij recht zou hebben op een bonus van 10 % op de volledige waarde van alle aangebrachte contracten. Volgens bv tHribe.Select moest hij elke maand opnieuw een omzet van 7.500,00 euro bereiken, vooraleer de bv commissieloon verschuldigd was op hetgeen JVM boven dat bedrag realiseerde. De bepaling is onduidelijk, zodat het arbeidshof deze moet interpreteren. JVM vordert het commissieloon, zodat hij zijn interpretatie moet hard maken. Uit de omschrijving in de arbeidsovereenkomst kan het arbeidshof niet afleiden dat de grens van 7.500,00 euro een eenmalige startersgrens was. JVM voert geen bijkomende elementen aan die zijn interpretatie ondersteunen. De maandgrens was niet onrealistisch hoog, aangezien JVM voor verschillende maanden recht heeft op een bonus. De maandgrens valt dus ook te rijmen met de aanmoediging van de zaakvoerster om te gaan voor de bonussen. Het arbeidshof volgt de interpretatie van bv tHribe.Select dat JVM recht had op een commissieloon van 10% telkens vanaf het bereiken van een maandelijkse omzet van 7.500,00 euro. Door de uitdrukking van de grens als 7.500,00 euro is er wel geen houvast om dit bedrag te vermenigvuldigen met de periode van de tewerkstelling en zo voor te houden dat er een totale minimumgrens was van 37.500,00 euro over heel de tewerkstelling genomen, zoals de bv onterecht poogt voor te houden. Bv tHribe.Select erkent in uiterst ondergeschikte orde dat JVM voor juni 2020 recht heeft op 1.428,50 euro als commissieloon op de gefactureerde bedragen aan VK Engineer/Infranea (11.845,92 euro) en NLT Pivaco (9.938,88 euro), berekend als 21.785,00 euro - 7.500,00 euro = 14.285,00 x 10 %. De arbeidsrechtbank heeft dat bedrag terecht toegekend. 2.
  25. JVM heeft recht op 88,71 euro als schadevergoeding wegens niet afgeleverde ecocheques Bv tHribe.Select voert aan dat JVM heeft ontvangen waarop hij recht heeft, maar blijft ook voor het arbeidshof in gebreke om enig bewijs van betaling of aflevering neer te leggen. Het arbeidshof bevestigt de veroordeling tot betaling door de arbeidsrechtbank. 2.
  26. JVM heeft recht op 1.431,69 euro als aanvullende opzeggingsvergoeding Aangezien bv tHribe.Select de arbeidsovereenkomst onregelmatig heeft beëindigd, heeft JVM recht op een opzeggingsvergoeding die gelijk is aan het lopend loon dat overeenstemt met de duur van de opzeggingstermijn. De opzeggingsvergoeding omvat niet alleen het lopende loon, maar ook de voordelen verworven krachtens de overeenkomst. Er is tussen partijen enkel betwisting over de samenstelling van het jaarloon dat als basis dient voor de berekening van de opzeggingsvergoeding en meer bepaald over de opname van de eindejaarspremie, de forfaitaire kostenvergoeding, de ecocheques en sectorpremie en het commissieloon. 2.4.
  27. Opname van het commissieloon Voor de bepaling van de opzeggingsvergoeding komt het commissieloon in aanmerking als loon. Voor het veranderlijke gedeelte van het loon wordt het gemiddelde genomen van de twaalf voorafgaande maanden. Het gaat om het variabel loon waarvan het recht op betaling eisbaar is geworden in die twaalf maanden. Het arbeidshof beslist hierboven dat JVM recht had op een saldo van 2.149,20 euro commissieloon in de plaats van op 2.899,18 euro, zoals hij vorderde en ook opneemt in de berekeningsbasis van de opzeggingsvergoeding. Los van deze betwisting over het saldo aan nog niet betaald commissieloon, voeren beide partijen geen andere grieven aan tegen de berekening van de arbeidsrechtbank met de opname van 6.762,57 euro als commissieloon en het vakantiegeld daarop. 2.4.
  28. Opname van de eindejaarspremie Er is tussen partijen geen betwisting over dat JVM geen betaling kan vorderen van een eindejaarspremie, omdat de tewerkstelling korter was dan 6 maanden. Dat belet evenwel niet dat deze eindejaarspremie in de berekeningsbasis komt van de opzeggingsvergoeding. De eindejaarspremie is de tegenprestatie van de arbeid die JVM ter uitvoering van de arbeidsovereenkomst verrichtte en het recht op die tegenprestatie is verworven naarmate de arbeidsovereenkomst werd uitgevoerd. De toekomstige eindejaarspremie die slechts onder bepaalde voorwaarden wordt toegekend, is deel van het lopend loon bij de berekening van de opzeggingsvergoeding, ook al kan JVM door de beëindiging van de arbeidsovereenkomst niet meer voldoen aan de anciënniteitsvoorwaarde. 2.4.
  29. Ecocheques en sectorpremie Voor de opname in het basisjaarloon voor de berekening van de opzeggingsvergoeding moet het jaarbedrag van deze vergoedingen worden opgenomen, ongeacht wat daadwerkelijk werd betaald. 2.4.
  30. Kostenvergoeding wagen JVM neemt de volledige forfaitaire maandelijkse kostenvergoeding van 350,00 euro op in het basisloon. Deze vergoeding is geen loon in de zin van tegenprestatie van arbeid wanneer zij werkelijke kosten dekt. De bewijslast rust op JVM. Hij vordert de opname van de vergoeding in het basisloon en houdt voor dat het de tegenprestatie van arbeid betreft. Hij levert geen bewijs dat de volledige vergoeding loon is, maar staaft wel dat de helft loon is, zoals ook de arbeidsrechtbank dat heeft aangenomen. De vergoeding was bedoeld voor tankkosten en andere kleine kosten verbonden aan de bedrijfswagen. Dat lijkt JVM in weerwil van zijn vraag tot volledige opname als loon ook te aanvaarden, aangezien hij de betaalde tankkosten in mindering brengt van de forfaitaire kostenvergoedingen die hij vordert. De forfaitaire bepaling op 350,00 euro per maand komt echter wel overdreven over. Ook bv tHribe.Select argumenteert overigens dat deze vergoeding te hoog is, wanneer zij betwist deze nog verschuldigd te zijn. Deze vergoeding staat in een wanverhouding tegenover het vaste maandloon van 2.200,00 euro. Daarnaast is in de schriftelijke arbeidsovereenkomst met de hand toegevoegd dat het een “netto” vergoeding is, wat een aanwijzing is dat deze minstens deels als de tegenprestatie van arbeid is bedoeld. Bij een daadwerkelijke kostenvergoeding is een dergelijke toevoeging niet nodig. Tenslotte had JVM recht op een forfaitaire dagvergoeding voor allerlei kleine kosten, zodat de forfaitaire maandvergoeding enkel kosten met betrekking tot de bedrijfswagen kan dekken. Het bedrag van 350,00 euro per maand is daarvoor overdreven, te meer nu de vergoeding van kosten die verbonden zijn aan het privégebruik van de bedrijfswagen, wel de tegenprestatie is van arbeid. De kostenvergoeding is loon ten belope van 175,00 euro per maand. 2.4.
  31. Berekening van de opzeggingsvergoeding Het basisjaarloon is als volgt samengesteld: - vast loon en vakantiegeld (2.200,00 x 12,92): 28.424,00 euro - eindejaarspremie: 2.200,00 euro - variabel loon (commissieloon): 6.762,57 euro - enkele vakantiegeld op variabel loon: 1.059,70 euro - sectorpremie: 265,12 euro - ecocheques: 250,00 euro - privégebruik bedrijfswagen: 1.565,85 euro - privégebruik bedrijfswagen: 175,00 euro/mnd x 12 = 2.100,00 euro Totaal : 42.627,24 euro Voor een opzeggingstermijn van 4 weken bedraagt de opzeggingsvergoeding aldus 3.279,00 euro. Bv tHribe.Select betaalde 1.847,31 euro en is dus een saldo verschuldigd van 1.431,69 bruto. 2.
  32. Besluit Het arbeidshof bevestigt op elk punt de beslissing van de arbeidsrechtbank, zodat het hoger beroep en het incidenteel hoger beroep ongegrond zijn. BESLISSING Het arbeidshof, Beslist op tegenspraak. Verklaart het hoger beroep ontvankelijk en ongegrond. Verklaart het incidenteel hoger beroep ontvankelijk en ongegrond. Bevestigt het vonnis van 29 november 2022 van de arbeidsrechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen. Veroordeelt bv tHribe.Select tot de betaling van de gerechtskosten in hoger beroep aan JVM en vereffent deze op nihil. Aldus gewezen door: Eva VAN HOORDE, raadsheer, Koen LIPPENS, raadsheer in sociale zaken, werkgever, Chris SERROYEN, raadsheer in sociale zaken, werknemer-bediende, Koen LIPPENS Chris SERROYEN Eva VAN HOORDE en uitgesproken door de voorzitter van de tweede kamer van het arbeidshof Antwerpen, afdeling Antwerpen, zitting houdend te Antwerpen in openbare terechtzitting van 6 maart 2024 met bijstand van griffier Ann DE PRINS . Ann DE PRINS Eva VAN HOORDE ---------------------------------------------------- De voetnoten kan u terugvinden in de PDF-versie. PDF document ECLI:BE:AHANT:2024:ARR.20240306.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.