← België

ECLI:BE:ARBRL:2004:JUG.20040928.3

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Nederlandstalige arbeidsrechtbank Brussel Vonnis/arrest van 28 september 2004 ECLI nr: ECLI:BE:ARBRL:2004:JUG.20040928.3 Rolnummer: 200359224 Rechtsgebied: Invoerdatum: 2006-01-09 Raadplegingen: 94 - laatst gezien 2026-07-01 00:56 Fiche 1 xxxWanneer partijen twee arbeidsovereenkomsten afgesloten hebben, de ene, een vervangingsovereenkomst, gedateerd op 3 mei met daarin een proefclausule van een maand, en de andere, een overeenkomst van onbepaalde duur, gedateerd op 13 mei met een proefclausule van 6 maanden, en wanneer blijkt dat de eerste overeenkomst in werkelijkheid begint op 13 mei, dag van het in werking treden, en geantidateerd is, dan is de proefclausule geldig; bovendien blijkt dat het de wil van de partijen geweest is om een tweede overeenkomst af te sluiten, zodat de proefclausule van 6 maanden geldig is. Vrije woorden: ARBEIDSOVEREENKOMSTEN - ALGEMENE REGELINGEN - Proefbeding - Afsluiten van twee contracten op verschillende data en met verschillende proefclausules - Datum van de handtekening en van het effectief in werking treden - Interpretatie van de wil van de partijen. Wettelijke bepalingen: Wet - 03-07-1978 - 11ter - 01 ELI link Pub nr 1978070303 Nota: Gepubliceerd in SRK 2005, 479 + noot Paul Brasseur. Het andere gedeelte van de korte inhoud is gerangschikt onder III AB 32tredecies, ,§ 4. Fiche 2 xxxAls gemotiveerde klachten in de zin van de Pestwet en van het Koninklijk Besluit van 11 juli 2002 kunnen beschouwd worden, een brief en een begeleidend memorandum waarin de arbeider zich op een omstandige wijze beklaagt over de houding van zijn collega's en waarin hij afsluitend vraagt dat het personeel aan het reglement herinnerd zou worden om een punt te zetten achter deze situatie van morele pesterijen. Wanneer dergelijke klacht gericht is aan de afgevaardigde bestuurder en niet aan de door de wet daartoe aangewezen personen, dan kan deze klacht geen bescherming bieden tegen ontslag. Daar de wet van openbare orde is en de ontslagbescherming afwijkt van het gemeen recht, kan de rechtbank haar niet ruim interpreteren en deze bescherming toekennen wanneer de voorwaarden daartoe vastgelegd bij de wet niet vervuld zijn en dit zelfs wanneer de werkgever zijn verbintenissen niet is nagekomen en niet de mensen aangeduid heeft die bevoegd zijn om de klacht te ontvangen. Door de werknemer te ontslaan na een klacht wegens belaging, terwijl hij tegelijkertijd de stelling van de werknemer verdedigde tegen de positie ingenomen door zijn collega's, heeft de werkgever foutief gehandeld en is hij een schadevergoeding verschuldigd, in casu begroot op 10 000 EUR. Vrije woorden: ARBEIDSREGLEMENTERING - WELZIJN OP HET WERK - Arbeidsovereenkomst - Pesterijen op het werk - Gemotiveerde klacht - Beëindiging - Ontslagbescherming. Wettelijke bepalingen: Wet - 04-08-1996 - 32tredecies,§4 - 00 ELI link Pub nr 1996012650 Nota: Gepubliceerd in SRK 2005, 479 + noot Paul Brasseur. Het andere gedeelte van de korte inhoud is gerangschikt onder II AAN 11ter. Annotaties Publicaties: SOCIAALRECHTELIJKE KRONIEKEN - BRASSEUR,PAUL - 2005(P.479-482) Tekst van de beslissing Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.