← België

ECLI:BE:ARGNT:2024:JUG.20240508.2

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Arbeidsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 08 mei 2024 ECLI nr: ECLI:BE:ARGNT:2024:JUG.20240508.2 Rolnummer: 24/363/A Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2025-07-10 Raadplegingen: 198 - laatst gezien 2026-06-18 10:04 Fiche De Technische Bedrijfseenheid RC. A / IDW. / PIMA. (hierna de TBE) organiseert op 24 mei 2024 sociale verkiezingen. Voor het comité voor preventie en bescherming op het werk (hierna CPBW) hebben zowel het ACV als het ABVV één kandidaat. Beide vakorganisaties hebben hun lijst kenbaar gemaakt op de voorziene datum X+35 zijnde 30 maart

  1. Volgens de voorlopige kiezerslijst ingediend op datum X (24 februari 2024) is mevrouw G. K. (kandidaat CPBW ABVV) in dienst getreden vanaf 1 februari 2024 en voldoet zij volgens het ACV niet aan de verkiesbaarheidsvoorwaarde conform artikel 59, §1 van de Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (hierna Welzijnswet), die stelt dat zij minstens 6 maanden dient tewerkgesteld zijn in de juridische entiteit waaronder de onderneming ressorteert. Mevrouw G. K. was voorafgaand aan 1 februari 2024, tussen 1 december 2022 en 31 januari 2024, tewerkgesteld bij MM. Deze onderneming is op hetzelfde adres gevestigd als RC. en PIMA., doch maakt evenwel geen deel uit van de TBE. In die zin kan dus ook niet worden weerhouden dat er een anciënniteit voorligt die maakt dat mevrouw G. K. aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden voldoet. Het feit dat RC. een conventionele anciënniteit heeft overeengekomen van 14 maanden maakt evenmin dat er een voldoende anciënniteit voorligt zoals door de wet wordt vereist. De wet is duidelijk welke periodes kunnen worden gelijkgesteld en de conventionele anciënniteit hoort daar niet toe. De vordering van het ACV dient dus integraal als gegrond te worden weerhouden. UTU-thesaurus: SOCIAAL RECHT - ARBEID - Bedrijfsorganisatie - Sociale verkiezingen Wettelijke bepalingen: Wet - 04-08-1996 - 59 - 00 ELI link Pub nr 1996012650 Tekst van de beslissing Uitgifte Repertoriumnummer: Uitgereikt aan Uitgereikt aan 25/ Datum van uitspraak: op op 08/05/2024 € € Rechtsmiddelen Rolnummer: 24/363/A Materie: Sociale verkiezingen Type vonnis: Eindvonnis arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas Vonnis Kamer S2 Arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas – 24/363/A p. 2 VON : EVT In de zaak van: ALGEMEEN CHRISTELIJK VAKVERBOND VAN BELGIË (ACV), KBO: 0850.330.506, met maatschappelijke zetel te 1030 SCHAARBEEK, Haachtsesteenweg
  2. Eisende partij, op de buitengewone openbare terechtzitting vertegenwoordigd door syndicale afgevaardigde. tegen: ALGEMEEN BELGISCHE VAKVERBOND (ABVV), KBO: 0923.971.817, met maatschappelijke zetel te 1000 BRUSSEL, Hoogstraat
  3. Verwerende partij, op de buitengewone openbare terechtzitting vertegenwoordigd door syndicale afgevaardigde. Betrokken partijen: 1° G. K., Eerste betrokken partij, op de buitengewone openbare terechtzitting niet verschenen, noch vertegenwoordigd. 2° RC., Tweede betrokken partij, hebbende als advocaat 3° IDW., Derde betrokken partij, hebbende als advocaat 4° PIMA., Vierde betrokken partij, hebbende als advocaat Arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas – 24/363/A p. 3
  4. PROCEDURE De rechtbank neemt kennis van de stukken van het geding, gevoegd bij het dossier van de rechtspleging en vermeld op de inventaris ervan en o.m.: - het verzoekschrift op tegenspraak, via e-deposit neergelegd op 24 april 2024; - de beschikking d.d. 25 april 2024; - de conclusie van verwerende partij, ter griffie neergelegd op 29 april 2024; - de conclusie van eisende partij, ter griffie neergelegd op 30 april 2024; - de conclusie van verwerende partij, ter griffie neergelegd op 2 mei
  5. Het ACV stelde haar vordering in met een verzoekschrift, dat op 24 april 2024 via e-depost ter griffie van de arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas werd neergelegd. Met een beschikking van 25 april 2024 werd de zaak voor behandeling vastgesteld op de buitengewone openbare terechtzitting van 3 mei 2024 van de kamer S2 van de arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint- Niklaas. De rechtbank past de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken toe. Op de openbare terechtzitting van 3 mei 2024 werden het ACV en het ABVV gehoord in de uiteenzetting van hun middelen en conclusies. Hierna werden de debatten gesloten en nam de rechtbank de zaak in beraad voor uitspraak op heden.
  6. VOORWERP VAN DE VORDERING De vordering van het ACV, zoals geformuleerd bij verzoekschrift op tegenspraak, via e-deposit neergelegd op 24 april 2024, strekt ertoe: “(…)
  7. de vordering ontvankelijk en gegrond te verklaren;
  8. te zeggen voor recht dat Mevr. G. K. niet aan de wettelijke verkiesbaarheidsvoorwaarden voldoet om op de kandidatenlijst van de bedienden te worden voorgedragen voor het comité voor preventie en bescherming op het werk in de technische bedrijfseenheid RC. / IDW. / PIMA.;
  9. ABVV op te leggen dat mevr. G. K. dient verwijderd te worden uit de bedienden kandidatenlijst voor CPBW;
  10. te zeggen voor recht dat de sociale verkiezingen van 13 tot 26 mei 2024 in de technische bedrijfseenheid RC. / IDW. / PIMA. worden georganiseerd en verder voorbereid op basis van deze beslissing;
  11. verweerder(s) te veroordelen tot de kosten van het geding.” Arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas – 24/363/A p. 4 Het ABVV vordert bij conclusie: “De vordering van eisende partij ontvankelijk te verklaren; doch als ongegrond af te wijzen. Te horen zeggen voor recht dat mevrouw G. K. wel degelijk voldoet aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden om voorgedragen te worden op de kandidatenlijst van de bedienden voor het comité en bescherming op het werk in de technische bedrijfseenheid RC., A. Eisende partij te veroordelen tot de kosten van het geding, begroot voor concluante op heden nihil.”
  12. DE FEITEN De Technische Bedrijfseenheid RC. A / IDW. / PIMA. (hierna de TBE) organiseert op 24 mei 2024 sociale verkiezingen. Voor het comité voor preventie en bescherming op het werk (hierna CPBW) hebben zowel het ACV als het ABVV één kandidaat. Beide vakorganisaties hebben hun lijst kenbaar gemaakt op de voorziene datum X+35 zijnde 30 maart
  13. Volgens de voorlopige kiezerslijst ingediend op datum X (24 februari 2024) is mevrouw G. K. (kandidaat CPBW ABVV) in dienst getreden vanaf 1 februari 2024 en voldoet zij volgens het ACV niet aan de verkiesbaarheidsvoorwaarde conform artikel 59, §1 van de Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (hierna Welzijnswet), die stelt dat zij minstens 6 maanden dient tewerkgesteld zijn in de juridische entiteit waaronder de onderneming ressorteert.
  14. BEOORDELING 4.
  15. Nopens de toelaatbaarheid Met toepassing van artikel 39, §1 van de Wet van 4 december 2007 betreffende de sociale verkiezingen kunnen de betrokken werknemers, de betrokken representatieve werknemersorganisaties, de betrokken representatieve organisaties van kaderleden, binnen de vijf dagen die volgen op het verstrijken van de termijn vastgesteld voor de aanplakking van het in artikel 37, vierde lid bedoelde bericht bij de arbeidsrechtbank een beroep instellen tegen de voordracht van de kandidaten die tot de in het eerste lid van artikel 37 bedoelde klacht aanleiding heeft gegeven. De lijst met kandidaten werd op 30 maart 2024 neergelegd en op 4 april 2024 aangeplakt. Hiertegen kon tot 11 april 2024 klacht worden ingediend door de betrokken representatieve werknemersorganisaties (X + 47). De TBE ontving 2 klachten van verschillende werknemers. Arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas – 24/363/A p. 5 Het ABVV heeft de lijst niet aangepast en op 19 april 2024 heeft de TBE de ongewijzigde lijst uitgehangen (uiterlijke datum is X+56). Beroep kon door eiseres bij de arbeidsrechtbank worden aangetekend tot op 25 april 2024 (X+61). De vordering blijkt dus tijdig te zijn ingesteld. Het ACV stelde haar vordering tegen het ABVV, die de kandidatenlijst waarop de naam van mevrouw G. K. is vermeld heeft voorgedragen en in aanwezigheid van mevrouw G. K., wiens kandidatuur zij betwist. De vordering van het ACV komt toelaatbaar voor. 4.
  16. Ten gronde Artikel 59, §1 van de Welzijnswet stelt als verkiesbaarheidsvoorwaarden voor het CPBW: “Om als personeelsafgevaardigde bij de Comités verkiesbaar te zijn, moeten de werknemers op de datum van de verkiezingen aan de volgende voorwaarden voldoen: 1° ten minste 18 jaar oud zijn. De afgevaardigden van de jonge werknemers moeten evenwel ten minste 16 jaar oud zijn en mogen de leeftijd van 25 jaar niet hebben bereikt; 2° geen deel uitmaken van het leidinggevend personeel, noch de hoedanigheid hebben van preventieadviseur van de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk of vertrouwenspersoon. De Koning bepaalt wat onder leidinggevend personeel moet worden verstaan; 3° ofwel minstens zes maanden ononderbroken tewerkgesteld zijn in de juridische entiteit waar de onderneming toe behoort of in de technische bedrijfseenheid, gevormd door verschillende juridische entiteiten in de zin van artikel 50; ofwel tewerkgesteld geweest zijn in een juridische entiteit waartoe de onderneming behoort of in de technische bedrijfseenheid, gevormd door verschillende juridische entiteiten in de zin van artikel 50 in het jaar dat voorafgaat aan dit waarin de verkiezingen plaatsvinden, gedurende in totaal minstens negen maanden tijdens verscheidene periodes; voor de berekening van deze periode van negen maanden, wordt rekening gehouden met alle periodes gedurende welke de werknemer tewerkgesteld is geweest, hetzij krachtens een arbeids- of een leerovereenkomst, hetzij onder gelijkaardige voorwaarden als bedoeld in artikel 49, vierde lid; 4° de leeftijd van vijfenzestig jaar niet hebben bereikt. Voor de berekening van de anciënniteit bedoeld in het eerste lid, 3°, wordt er rekening gehouden met de periodes gedurende welke de onderzoeker van het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek of van de Fondsen geassocieerd met het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek, zijn onderzoeksopdracht heeft uitgeoefend in de instelling, alsmede met de periodes gedurende welke Arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas – 24/363/A p. 6 een werknemer voor een beroepsopleiding in de onderneming geplaatst is door de gemeenschapsinstellingen bevoegd voor de beroepsopleiding. De oorzaken van schorsing van de uitvoering van de overeenkomst hebben geen invloed op de anciënniteitsvoorwaarden.” De wettelijke voorwaarde stelt o.a. dat de kandidaat ofwel minstens 6 maanden ofwel gedurende ten minste 9 maanden met meerdere periodes tewerkgesteld moet zijn in de juridische entiteit waaronder de onderneming ressorteert of de verschillende entiteiten. Mevrouw G. K. heeft volgens de kiezerslijst op 1 februari 2024 een arbeidsovereenkomst getekend bij RC. De technische bedrijfseenheid waaronder RC. ressorteert is bij de Federale Overheidsdienst WASO gekend onder nummer X CPBW. Onder diezelfde technische bedrijfseenheid ressorteren ook IDM. en PIMA. Mevrouw G. K. heeft, op grond van de stukken waarop de rechtbank zich kan steunen, in de periode van 12 september 2022 tot en met 16 september 2022 ook nog interim-tewerkstelling gekend bij RC. In die zin wordt evenwel nog steeds niet aangetoond dat zij aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden voldoet in de zin van artikel 59, §1 van de Welzijnswet. Mevrouw G. K. was voorafgaand aan 1 februari 2024, tussen 1 december 2022 en 31 januari 2024, tewerkgesteld bij MM. Deze onderneming is op hetzelfde adres gevestigd als RC. en PIMA., doch maakt evenwel geen deel uit van de TBE. In die zin kan dus ook niet worden weerhouden dat er een anciënniteit voorligt die maakt dat mevrouw G. K. aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden voldoet. Het feit dat RC. een conventionele anciënniteit heeft overeengekomen van 14 maanden maakt evenmin dat er een voldoende anciënniteit voorligt zoals door de wet wordt vereist. De wet is duidelijk welke periodes kunnen worden gelijkgesteld en de conventionele anciënniteit hoort daar niet toe. Zie ook in die zin Arbrb. Kortrijk 7 mei 2008, A.R. 08/614/A, niet gepubliceerd. Het ABVV argumenteert dat mevrouw G. K. in wezen sinds 12 september 2022 in meer of mindere mate (ook) heeft gewerkt voor RC. en er via de rechtsfiguur van de (verboden) terbeschikkingstelling toch een arbeidsovereenkomst moet worden weerhouden bij de TBE die dus een voldoende anciënniteit zou opleveren. Onverminderd het gegeven dat de rechtbank geen stukken worden voorgelegd waaruit die terbeschikkingstelling zou moeten blijken, weerhoudt deze rechtbank dat het niet aan haar toekomt om in het kader van de voorliggende specifieke procedure zich uit te spreken over een gebeurlijke (verboden) terbeschikkingstelling (zie in die zin Arbrb. Henegouwen – afdeling Charleroi (A.R. 16/314/A) 4 maart 2016, J.T.T. 2019, 150 (verwijzing) en Arbrb. Mechelen 17 april 2012, A.R. 12/540/A, verwijzing SocialEye). De vordering van het ACV dient dus integraal als gegrond te worden weerhouden. Arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas – 24/363/A p. 7
  17. BESLISSING De arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas, kamer S2, doet uitspraak op tegenspraak. Na beraadslaging. Alle andere en strijdige middelen en gezegden verwerpend. Verklaart de vordering van het ACV toelaatbaar en gegrond. Veroordeelt het ABVV overeenkomstig artikel 1017, alinea 1 van het Gerechtelijk Wetboek tot de kosten van het geding. Bepaalt de kosten tot op heden aan de zijde van verwerende partij en betrokken partijen op nihil bij gebrek aan opgave. Dit vonnis werd gewezen door: JACOBS TOM, rechter, DE WACHTER KATHY, rechter in sociale zaken benoemd als werkgever, VAN DER SYPT CHRISTA, rechter in sociale zaken benoemd als werknemer-bediende, bijgestaan door YDENS ANN, griffier. YDENS ANN VAN DER SYPT CHRISTA DE WACHTER KATHY JACOBS TOM en uitgesproken op ACHT MEI TWEEDUIZEND VIERENTWINTIG in buitengewone openbare zitting van de arbeidsrechtbank Gent, afdeling Sint-Niklaas, kamer S2, door JACOBS TOM, rechter en bijgestaan door YDENS ANN, griffier. YDENS ANN JACOBS TOM PDF document ECLI:BE:ARGNT:2024:JUG.20240508.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.