id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Brussel Vonnis/arrest van 30 juni 2004 ECLI nr: ECLI:BE:CABRL:2004:ARR.20040630.10 Rolnummer: 2004;AR;289 Rechtsgebied: Insolventierecht Invoerdatum: 2004-10-25 Raadplegingen: 77 - laatst gezien 2026-07-01 00:40 Fiche I. De rechtspleging waarbij de aanvraag tot het bekomen van een gerechtelijk akkoord wordt behandeld in de fase die aan de voorlopige opschorting voorafgaat verloopt in raadkamer. Zulks moet worden afgeleid uit artikel 11 ,§ 2, alinea 2 WGA, waar wordt gesteld dat de schuldenaar in raadkamer wordt gehoord. Dit voorschrift wordt wel vermeld in verband met het initiatiefrecht van de Procureur des Konings, maar in het licht van het gelijkheidsbeginsel zou geen enkel objectieve reden een onderscheiden behandeling kunnen wettigen al naargelang de rechtbank wordt geadieerd bij verzoekschrift uitgaande van de schuldenaar zelf, dan wel op dagvaarding door de Procureur des Konings. De vordering tot aanstelling van een voorlopige bewindvoerder op verzoek van de belanghebbende, zoals bedoeld in artikel 8 Faillissementswet, behoort eveneens in raadkamer te worden behandeld. De toepassing van de gewone regels inzake behandeling van de vordering op eenzijdig verzoekschrift, en in het bijzonder van de artikelen 1028 en 1029 Ger.W., noopt hiertoe. De rechtsvordering gesteund op artikel 634 WvV is daarentegen geheel aan de gewone regels inzake behandeling en berechting van de vordering onderworpen. De vordering die bij vrijwillige verschijning werd ingeleid diende derhalve te worden behandeld in openbare terechtzitting. Zodoende konden bij het bestreden vonnis de rechtsplegingen niet worden gevoegd die in raadkamer worden voltrokken met deze die de vordering tot ontbinding en vereffening van de vennootschap op grond van artikel 634 WvV aangaat. II. Artikel 15 ,§ 2 WGA biedt de rechtbank de mogelijkheid om ambtshalve een rechtspleging inzake faillietverklaring te openen. Het vermelde wetsartikel schrijft voor dat de mogelijkheid tot ambtshalve faillietverklaring eerst ontstaat indien het verzoek om een akkoord wordt verworpen. Zulks veronderstelt dat de behandeling van de aanvraagprocedure eerst werd beëindigd. De gewone regels inzake de behandeling van een faillissementsvordering, die in de bedoelde hypothese door de rechtbank zelf aanhangig wordt gemaakt, zijn hierop van toepassing. Dit betekent dat de behandeling ervan in openbare terechtzitting gebeurt en dat het openbaar ministerie hierover advies dient te verlenen, zoals bepaald in artikel 764, 8° Ger.W. Nu de faillissementsvordering is raadkamer werd behandeld en het openbaar ministerie enkel advies heeft verleend over de akkoordprocedure, maar niet over de opportuniteit van een ambtshalve uit te spreken faillissement, noch over de vervulling van de faillissementsvoorwaarden, is het bestreden vonnis met nietigheid behept. III. Ingevolge de afstand door appellante van haar rechtsvordering om een gerechtelijk akkoord te bekomen, kon de rechtbank, na zulks te hebben vastgesteld, enkel nog besluiten dat de akkoordprocedure was beëindigd, nu geen wettelijk voorschrift eraan in de weg staat dat de verzoekster om een gerechtelijk akkoord over dit recht beschikt. Bij gemis aan mogelijkheid om de akkoordaanvraag te verwerpen, was meteen de wettelijke voorwaarde niet meer vervuld opdat de rechtbank ambtshalve over de faillietverklaring zou kunnen beslissen. De conclusie luidt dan dat de rechtbank van koophandel zonder rechtsmacht was om NV Soberlair failliet te verklaren. Thesaurus CAS: FAILLISSEMENT, FAILLISSEMENTSAKKOORD EN GERECHTELIJK AKKOORD Vrije woorden: FAILLISSEMENT,FAILLISSEMENTSAKKOORD EN GERECHTELIJK AKKOORD Tekst van de beslissing Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.