← België

ECLI:BE:CABRL:2004:ARR.20041116.7

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Brussel Vonnis/arrest van 16 november 2004 ECLI nr: ECLI:BE:CABRL:2004:ARR.20041116.7 Rolnummer: 2003;AR;2068 Rechtsgebied: Handelsrecht Invoerdatum: 2005-01-26 Raadplegingen: 82 - laatst gezien 2026-07-01 01:18 Fiche I. Uit de tekst van artikel 1,6

  1. a)en
  2. c)WHPC volgt dat men geen handelaar moet zijn om als verkoper te worden beschouwd. Uit de samenhang van de artikelen 1.2 en 1.6 WHPC volgt dat, om als verkoper in de zin van artikel 1.6
  3. a)WHPC te kunnen worden beschouwd, niet vereist wordt dat men een dienst stelt met winstoogmerk, maar dat het de aard van de activiteit of de gestelde handeling is die bepalend is. Wie een dienst te koop aanbiedt of verkoopt die op zichzelf een handelsdaad uitmaakt in de zin van de artikelen 2 en 3 van het Wetboek van Koophandel, kan als verkoper worden beschouwd, ongeacht of er een tegenprestatie verschuldigd is door diegene aan wie de dienst ten goede komt. De omstandigheid dat een dienst gratis wordt verstrekt sluit de kwalificatie van verkoper derhalve niet uit. II. Artikel 1, tweede lid van de VZW-Wet, dat inmiddels artikel 1, derde lid van de Wet van 2 mei 2002 is geworden, bepaalt dat de vereniging zonder winstgevend doel die is, welke niet nijverheids- of handelszaken drijft en welke niet tracht een stoffelijk voordeel aan haar leden te verschaffen. Krachtens artikel 97.1 WHPC stelt de stakingsrechter het bestaan vast en beveelt hij de staking van de uitoefening van een handelsactiviteit door de exploitatie van hetzij een hoofdvestiging, hetzij een filiaal of een agentschap, zonder dat men vooraf is ingeschreven in het handelsregister. Artikel 93 WHPC bepaalt dat verboden is elke met de eerlijke handelsgebruiken strijdige daad, waardoor de verkoper de beroepsbelangen van een of meer andere verkopers schaadt of kan schaden. Het hof besluit dat de geïntimeerde geen handelsactiviteit voert, derhalve niet als een onregelmatige vennootschap onder firma moet worden beschouwd, en evenmin beoogt een materieel voordeel te verschaffen aan haar leden zodat artikel 1 van de VZW-Wet en 97.1 WHPC niet geschonden worden. Evenmin wordt artikel 93 WHPC geschonden nu niet bewezen wordt dat geïntimeerde een economisch ongeoorloofd doel zou nastreven, in die zin dat zij de bedoeling zou hebben de handel van anderen te desorganiseren, noch dat zij door het gratis aanbieden van de dienst, de normale marktmechanismen opzettelijk zou ontregelen om hen uit de markt weg te prijzen en vervolgens deze markt de domineren. Thesaurus CAS: HANDELSPRAKTIJKEN Vrije woorden: HANDELSPRAKTIJKEN Tekst van de beslissing Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.