id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Brussel Vonnis/arrest van 16 januari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CABRL:2008:ARR.20080116.7 Rolnummer: 2005AR1466 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-01-13 Raadplegingen: 95 - laatst gezien 2026-07-02 16:53 Fiche UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RUIMTELIJKE ORDENING - Vlaams Gewest - Planschade en -baten Vrije woorden: I. Artikel 37 e.v. Stedenbouwwet. Planschade. Vereiste van nabijheid van andere woningen. Naburige bewoning. Draagwijdte van deze begrippen. II. Artikel 35, 5de lid Vlaams decreet van 22 oktober
- Wijze van bereking van de 20% te dogen waardevermindering. Tekst van de beslissing Het HOF VAN BEROEP TE BRUSSEL, Aanvullende kamer 1S, (wet van 9 juli 1997), Nr.: na beraad spreekt het volgend arrest uit : A.R. Nr. 2005/AR/1466 Rep.nr.: 2008/ IN ZAKE VAN : Kamer 1S Het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse Executieve in de persoon van de voorzitter van deze Executieve ter benaarstiging van de Gemeenschapsminister onder wiens bevoegdheid de Ruimtelijke Ordening ressorteert, met kantoren te 1000 Brussel, Koning Albert II laan 20 bus 2, appellante, vertegenwoordigd door meester Godelieve Ryckaert, loco meester Leen Ryckaert, advocaat te 9060 Zelzate, Westkade 18, Eindarrest TEGEN : F. geïntimeerde, vertegenwoordigd door meester Vincent Coignez, advocaat te 3000 Leuven, Vaartstraat
- ************ Gelet op de stukken van de rechtspleging, inz.: - het bestreden vonnis uitgesproken door de rechtbank van eerste aanleg te Leuven (8ste kamer) op 15 maart 2005, bij exploot van 29 april 2005 aan het Vlaamse Gewest door gerechtsdeurwaarder Luc Ameele met kantoor te Evere betekend; - het verzoekschrift tot hoger beroep ter griffie van het hof neergelegd op 30 mei 2005; - de conclusie van appellante; - de conclusie van geïntimeerde. Gehoord de partijen ter openbare zitting van 12 december 2007 en gelet op de stukken die zij neerlegden. I. Antecedenten. (...) II. De procedure voor het hof
- Voor het hof vraagt het Vlaamse Gewest in hoofdorde de oorspronkelijke vordering ongegrond te verklaren en geïntimeerde ervan af te wijzen. In ondergeschikte orde vraagt het de schadevergoeding te beperken tot 56.217,86 euro . Het hoger beroep werd tijdig en regelmatig ingesteld en is ontvankelijk.
- Geïntimeerde besluit tot de ongegrondheid van het hoger beroep. IV. Bespreking (...)
- Beide partijen erkennen dat de normale bestemming van een bouwgrond dient bepaald te worden aan de hand van de drie cumulatieve criteria die de gerechtsdeskundige in aanmerking heeft genomen (randnummer 10) en die de rechtspraak aanvaardt.
- Het Vlaamse Gewest betwist echter: o dat het perceel gelegen te ... gelegen is aan een voldoende uitgeruste weg; o dat de drie andere percelen gelegen zijn in de nabijheid van andere woningen. (...) De deskundige heeft bijgevolg uit zijn vaststellingen kunnen besluiten dat het goed de normale bestemming van bouwgrond had.
- De discussie omtrent het de ligging in de onmiddellijke nabijheid van andere woningen wat de andere percelen betreft werd al tijdens het deskundigenonderzoek gevoerd. Het Vlaamse Gewest verdedigt de stelling dat om aan het begrip huizengroep te voldoen, aan beide zijden van het kwestieuze perceel, en wel op geringe afstand ervan, een systematische bebouwing dient aanwezig te zijn. Voor de toepassing van art. 37 Stedenbouwwet houdt de vereiste nabijheid van andere woningen echter niet noodzakelijk in dat die woningen aan dezelfde kant van de weg gelegen moeten zijn .
- Het perceel te Tienen-Hakendover, aan de Eliksemstraat, dit is tussen de Sint-Truidensesteenweg en de Keienpoelweg, is "inderdaad 300 meter van de dorpskom Hakendover gelegen doch dit zijn de nabijgelegen woningen aan de Sint-Truidensesteenweg of deze schuin tegenover het perceel aan de Eliksemstraat ook. De dichtst bijgelegen woning aan de Eliksemstraat bevindt zich op maximum 50 meter" . Elders in zijn verslag beschreef de deskundige de "naburige bebouwing" als volgt: "De Eliksemstraat is bebouwd in het eerste gedeelte vanaf de Sint-Truidensesteenweg. Deze bebouwing strekt zich hoofdzakelijk uit tussen de Sint-Truidenstesteenweg en de eerste 50 meter vanaf de steenweg. Aan de Keienpoelweg zijn er verschillende woningen opgetrokken" . Aansluitend op de vaststellingen en het advies van de deskundige kan het hof dan ook besluiten dat het betrokken perceel wel deel uitmaakt of gelegen is aan de rand van bestaande woningen.
- Het perceel te Tienen-Hakendover, aan de Van Audenhovestraat is gelegen aan de linkerzijde van deze straat, komende vanaf Wulmersom. "Aan de overzijde van het te schatten perceel liggen ... verschillende alleenstaande en driegevelwoningen. Verrschillende van deze woningen zijn meer dan dertig jaar oud. Aanpalend aan het te schatten goed is er een alleenstaande grote villa" .
- Tenslotte ligt het perceel te Tienen-Oorbeek, aan de Oorbeeksesteenweg "tegenover bestaande woningen waarvan verschillende zeer recent zijn. Links van het perceel zijn alleenstaande woningen ingeplant" . Aangaande deze laatste twee percelen sluit het hof zich bijgevolg ook bij het advies van de deskundige aan dat de percelen in de omgeving van andere woningen of gebouwen gelegen zijn.. "De ligging van de aanpalende of tegenovergelegen woningen bevestigt deze stelling" . Het onderzoek van de uittreksels uit het kadastrale plan bekrachtigt eveneens deze vaststelling. De percelen vervullen dan ook de cumulatieve voorwaarden opdat hun normale bestemming als bouwgrond wordt erkend de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van het gewestplan wordt erkend.
- Art. 35, 5de lid, van het decreet Vl. Parl. van 22 oktober 1996 betreffende de ruimtelijk ordening (vroeger art .37 van de Stedenbouwwet) bepaalt dat de waardevermindering van het goed zonder vergoeding moet gedoogd worden ten belope van 20 % van die waarde. De eerste rechter heeft terecht, en conform art. 35, 2de lid, de 20 % berekend op de waardevermindering, dit is het verschil tussen eensdeels de geactualiseerde waarde van het goed op het ogenblik van de verwerving, vόόr de inwerkingtreding van het plan en anderdeels de waarde van dat goed op het ogenblik van het ontstaan van het recht op schadevergoeding na de inwerkingtreding van het plan. De berekeningswijze van het Vlaamse Gewest, met name de toepassing van de 20 % regel op de geactualiseerde verwervingswaarde, met dan aftrek van de restwaarde kan niet gevolgd worden . Het hoger beroep is bijgevolg ongegrond. OM DEZE REDENEN, HET HOF, Rechtdoende op tegenspraak, Gelet op art. 24 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken; Verklaart het hoger beroep ontvankelijk doch ongegrond. Wijst het Vlaamse Gewest ervan af. Veroordeelt appellante tot de gerechtskosten van het hoger beroep. Begroot de kosten voor het hof in hoofde van appellante op 3.186 euro en in hoofde van geïntimeerde op 3.000 euro. Aldus gevonnist en uitgesproken in openbare terechtzitting van de kamer 1S van het hof van beroep te Brussel op 16 januari 2008 waar aanwezig waren : De heer E. Janssens de Bisthoven, raadsheer, d.d. voorzitter, De heer J. Celis, plaatsvervangend raadsheer, De heer Th. Taffijn, plaatsvervangend raadsheer, De heer Th. Gillioen, e.a. adjunct-griffier. Th. Gillioen Th. Taffijn J. Celis E. Janssens de Bisthoven Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.