id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 25 mei 2004 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040525.5 Rolnummer: P.04.0193.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2005-01-11 Raadplegingen: 560 - laatst gezien 2026-07-05 02:38 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Een ongeval waarbij middelen van vervoer te land, zoals een motorfiets, betrokken zijn en dat zich heeft voorgedaan op een niet-openbaar terrein, dat evenwel openstaat voor een bepaald aantal personen, zoals een gesloten omloop voor een motorcrosswedstrijd die toegankelijk is voor het publiek is een verkeersongeval in de zin van artikel 138, 6°bis, Wetboek van Strafvordering, gewijzigd bij de wet van 11 juli 1994 waarvan de politierechtbank kennis neemt
(1).
(1)Zie Cass., 16 juni 1999, AR P.98.1528.F ECLI:BE:CASS:1999:ARR.19990616.5, nr 364; 26 sept. 2001, AR P.01.0883.F ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010926.7, nr 498 en 27 aug. 2002, AR C.02.0386.N ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20020827.3, nr 414. Thesaurus CAS: BEVOEGDHEID EN AANLEG - STRAFZAKEN - Bevoegdheid Vrije woorden: BEVOEGDHEID EN AANLEG - STRAFZAKEN - Bevoegdheid Politierechtbank Verkeersongeval Fiche 2 De vernietiging op de door de burgerlijke partij tegen de beklaagde ingestelde civielrechtelijke vorderingen brengt de vernietiging mee van de beslissing op de tegen de beklaagde ingestelde strafvordering waarbij de strafrechter zich onbevoegd verklaarde om kennis te nemen van de strafvordering
(1).
(1)Zie Cass., voltall. zitt., 9 dec. 1997, AR P.96.0488.N, nr 543; R. Declercq, Beginselen van strafrechtspleging, Kluwer uitgevers, Mechelen 2003, nr
- Thesaurus CAS: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Strafvordering - Burgerlijke partij Vrije woorden: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Strafvordering - Burgerlijke partij Beslissing van onbevoegdverklaring Vernietiging op de civielrechtelijke vorderingen Vernietiging op de strafvordering Tekst van de beslissing Nr. P.04.0193.N I. PROCUREUR DES KONINGS BIJ DE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE BRUGGE, eiser, tegen V. G. A., verweerder, beklaagde. II.
- V. H.,
- V. E. F.,
- V. E. D., eisers, burgerlijke partijen, met als raadsman Mr. Johan Mermuys, advocaat bij de balie te Brugge, tegen V. G. A., reeds vermeld, verweerder, beklaagde, vertegenwoordigd door Mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassa-tie. I. Bestreden beslissing De cassatieberoepen zijn gericht tegen het vonnis, op 2 januari 2004 in hoger beroep gewezen door de Correctionele Rechtbank te Brugge. II. Rechtspleging voor het Hof Raadsheer Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd. III. Cassatiemiddelen De eiser sub I en de eisers sub II stellen in een verzoekschrift telkens een middel voor. Het verzoekschrift van de eisers sub II is aan dit arrest ge-hecht en maakt daarvan deel uit. IV. Beslissing van het Hof A. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep van de eiser sub I Overwegende dat uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, niet blijkt dat het cassatieberoep werd betekend; Dat het cassatieberoep niet ontvankelijk is; B. Onderzoek van het middel van de eisers sub II Overwegende dat, krachtens artikel 137 Wetboek van Strafvordering, de politierechtbank kennisneemt van de overtredingen; dat krachtens artikel 138 van voornoemd wetboek, zij bovendien, en onverminderd het recht van de procureur des Konings om een opsporingsonderzoek in te stellen of een gerechtelijk onderzoek te vorderen inzake wanbedrijven, kennisneemt van de in dat artikel opgesomde wanbedrijven; Overwegende dat het artikel 138, 6°bis, Wetboek van Strafvordering, gewijzigd bij artikel 5, 2°, van de wet van 11 juli 1994, bepaalt dat de politie-rechtbank kennisneemt "van de wanbedrijven omschreven in de artikelen 418 tot 420 van het Strafwetboek, wanneer de doding, de slagen of verwondingen het gevolg zijn van een verkeersongeval"; Overwegende dat uit de parlementaire voorbereiding van de wet van 11 juli 1994 blijkt dat het begrip "verkeersongeval" in de brede zin van het woord moet worden opgevat; dat het betrekking heeft zowel op een wegverkeerson-geval waarbij voetgangers en dieren of middelen van vervoer te land betrokken zijn, die de openbare weg gebruiken, als op een dergelijk ongeval dat zich heeft voorgedaan op terreinen die openstaan voor het publiek en op niet-openbare terreinen die evenwel openstaan voor een bepaald aantal personen; Overwegende dat daaruit volgt dat een ongeval waarbij middelen van vervoer te land, zoals een motorfiets, betrokken zijn en dat zich heeft voorge-daan op een niet-openbaar terrein, dat evenwel openstaat voor een bepaald aan-tal personen, zoals een gesloten omloop voor een motorcrosswedstrijd die toe-gankelijk is voor het publiek, een verkeersongeval is in de zin van artikel 138, 6°bis, Wetboek van Strafvordering, gewijzigd bij de wet van 11 juli 1994; Overwegende dat, derhalve, de politierechtbank die verweerder vrijs-prak, en in hoger beroep de correctionele rechtbank bevoegd waren om kennis te nemen van het aan verweerder ten laste gelegde misdrijf van onopzettelijk doden, zodat de correctionele rechtbank, mocht zij het ten laste van verweerder gelegde misdrijf wel bewezen hebben geacht, meteen bevoegd was om over de tegen hem ingestelde civielrechtelijke vorderingen van de eisers uitspraak te doen; Overwegende dat de omstandigheid dat artikel 46, ,§ 1, 6°, Arbeidsongevallenwet een andere definitie van verkeersongeval zou geven, onverschillig is, daar deze wetsbepaling niets uitstaande heeft met de regeling van de bevoegdheid van de politierechtbank; Dat het middel gegrond is; C. Omvang van de cassatie Overwegende dat de vernietiging op de door de eisers tegen verweerder ingestelde civielrechtelijke vorderingen de vernietiging meebrengt van de be-slissing op de tegen verweerder ingestelde strafvordering wegens de telastleg-gingen A, B en C, waarbij de appèlrechters zich onbevoegd verklaren om ken-nis te nemen van de strafvordering; OM DIE REDENEN, HET HOF, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het zich onbevoegd verklaart om uitspraak te doen over de civielrechtelijke vorderingen van de eisers sub II en deze vorderingen op die grond niet-ontvankelijk verklaart; Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis; Laat de kosten van de cassatieberoepen ten laste van de Staat; Verwijst de zaak naar de Correctionele Rechtbank te Kortrijk, zitting houdend in hoger beroep. Gezegde kosten begroot in het geheel op de som van honderd zevenennegentig euro negenendertig cent, waarvan
- op het cassatieberoep van de procureur des Konings bij de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge: negenendertig euro elf cent verschuldigd, en
- op het cassatieberoep van H. V., F. V. E. en D. V. E.: vijfendertig euro zevenennegentig cent verschuldigd en honderd tweeëntwintig euro eenendertig cent door de eisers betaald. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door Edward Forrier, afdelingsvoorzitter, en de raadsheren Luc Huybrechts, Etienne Goethals, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, en uitgesproken in openbare terechtzitting van vijfentwintig mei tweeduizend en vier, door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040525.5 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050614.8 precedenten: ECLI:BE:CASS:1997:ARR.19971209.6 ECLI:BE:CASS:1999:ARR.19990616.5 ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010926.7 ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20020827.3 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220222.2N.27 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20241016.2F.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div