id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 13 juli 2004 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040713.14 Rolnummer: C.04.0258.N Kamer: VAK - Vakantiekamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2004-12-27 Raadplegingen: 503 - laatst gezien 2026-07-04 23:26 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Er zijn geen redenen om de conclusie neergelegd in uitvoering van het arrest van het Hof dat het verzoek tot onttrekking niet kennelijk onontvankelijk verklaard, uit het debat te weren. Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Vrije woorden: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Rechtbank van koophandel Gewettigde verdenking Verzoek tot onttrekking van de zaak Niet kennelijk onontvankelijk Neerlegging van conclusie Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Art.656 Fiche 2 Uit de omstandigheid dat het hof van beroep een vonnis waarbij, in het kader van de vordering van de procureur des Konings tot faillietverklaring van een N.V., ambtshalve de heropening der debatten wordt bevolen ten einde deze laatste toe te laten bepaalde informatie en stukken over te leggen, teniet heeft gedaan, kan niet afgeleid worden dat, noch de magistraten die kennis hebben genomen van voormelde zaak, noch de andere magistraten van de rechtbank van koophandel niet met de nodige onafhankelijkheid en onpartijdigheid kennis zouden kunnen nemen en oordelen in een zaak met een ander voorwerp en een andere oorzaak waarbij de voormelde N.V. eveneens partij is. Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Vrije woorden: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Rechtbank van koophandel Gewettigde verdenking Verzoek tot onttrekking van de zaak Zaak met en ander voorwerp en een andere oorzaak Tussenvonnis Beroep Hervorming Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Artt.648en650 Fiche 3 Noch uit de omstandigheid dat de rechtbank van koophandel de conclusietermijnen niet zou hebben vastgesteld overeenkomstig de termijnen die door partijen zouden zijn voorgesteld in onderling akkoord, noch uit de context waarin dit volgens de eisers gebeurde, kan afgeleid worden dat de andere magistraten van de rechtbank niet langer met de nodige onpartijdigheid en onafhankelijkheid kennis kunnen nemen van en oordelen in de hangende procedure
(1).
(1)Zie Cass., 28 mei 2004, AR C.04.0191.F ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040528.4, nr ... . Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Vrije woorden: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Rechtbank van koophandel Gewettigde verdenking Verzoek tot onttrekking van de zaak Vaststelling van conclusietermijnen Andere conclusietermijnen dan die door partijen zouden zijn voorgesteld in onderling akkoord Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Artt.648en650 Fiche 4 De door de verzoekers aangevoerde feitelijke elementen die "in hun samenhang en in hun geheel genomen" zouden moeten aantonen dat de voorzitter van de rechtbank van koophandel niet alleen zelf niet kan of niet wil zetelen in de hangende procedure, maar tevens door zijn tussenkomsten blijk zou hebben gegeven van een gebrek aan onpartijdigheid en onafhankelijkheid, mochten zij bewezen zijn, sluiten geenszins uit dat de andere magistraten van de rechtbank van koophandel kennis kunnen nemen van de zaak
(1).
(1)Zie Cass., 5 jan. 1996, AR nrs C.95.0358.F ECLI:BE:CASS:1996:ARR.19960105.6 en C.95.0369.F, nr 10. Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Vrije woorden: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Rechtbank van koophandel Gewettigde verdenking Verzoek tot onttrekking van de zaak Voorzitter van de rechtbank van koophandel Aanvoering van tussenkomsten Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Artt.648en650 Fiche 5 De door de verzoekers aangevoerde grieven tegen bepaalde rechters van de rechtbank van koophandel ten persoonlijken titel strekken zich niet zonder meer tot de andere rechters van dat rechtscollege uit
(1).
(1)Zie Cass., 9 nov. 2000, AR C.00.0592.F ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20001109.27, nr 612. Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Vrije woorden: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Rechtbank van koophandel Gewettigde verdenking Verzoek tot onttrekking van de zaak Grieven tegen bepaalde rechters Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Artt.648en650 Fiche 6 Het verzoek tot onttrekking dient als ongegrond te worden afgewezen wanneer de verzoekers niet aantonen dat het vermeende gebrek aan onpartijdigheid en onafhankelijkheid bestaat in hoofde van alle rechters van de rechtbank waaraan de verzoekers de zaak willen doen onttrekken
(1).
(1)Zie Cass., 12 aug. 2003, AR C.03.0277.N ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030812.4, nr ... . Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Vrije woorden: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Rechtbank van koophandel Verzoek tot onttrekking van de zaak Gewettigde verdenking Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Artt.648en650 Tekst van de beslissing Nr. C.04.0258.N 1. M., naamloze vennootschap, 2. M. C., naamloze vennootschap, verzoekers tot onttrekking van de zaak aan de rechter, vertegenwoordigd door Mr. Chris Declerck, advocaat met kantoor te 8530 Ha-relbeke, Kortrijksesteenweg 387, 3. M. J., 4. M. M., 5. M. EN C°, naamloze vennootschap, 6. M. K., 7. O., besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, verzoekers tot onttrekking van de zaak aan de rechter, vertegenwoordigd door Mr. Johan Vynckier, advocaat met kantoor te 8500 Kortrijk, Louis Robbeplein 2, in de zaak 1. D. J., advocaat, 2. L. E., advocaat, handelend in hun hoedanigheid van curatoren van het faillissement van M., naamloze vennootschap, tegen 1. M., naamloze vennootschap, in feite zich bevindende op het adres van haar bestuurders:
- a)M. EN C°, naamloze vennootschap,
- b)M. M.,
- c)O., besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, 2. M. C., naamloze vennootschap, 3. M. J., 4. M. M., 5. M. EN C°, naamloze vennootschap, 6. M. K., 7. O., I. Geding in Cassatie Het Hof heeft bij arrest van 10 juni 2004 het verzoek tot onttrekking niet kennelijk onontvankelijk verklaard. De voorzitter van de Rechtbank van Koophandel te Veurne heeft de verklaring bedoeld in artikel 656, vierde lid, van het Gerechtelijk Wetboek, op de uitgifte van voormeld arrest gesteld, na overleg met de (aanwezige) leden van de rechtbank die met name genoemd worden. De procureur des Konings te Veurne heeft zijn advies neergelegd ter griffie van het Hof . Mr. Johan Decadt en Mr. Els Leenknecht, handelend als curatoren van het faillissement van de NV M., hebben geconcludeerd. Mr. Chis Declerck en Mr. Johan Vynckier, handelend als raadslieden van de verzoekers tot onttrekking, hebben geconcludeerd. Raadsheer Ghislain Londers heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Thierry Werquin heeft geconcludeerd. II. Beslissing van het Hof Overwegende dat Mr. Johan Decadt en Mr. Els Leenknecht, handelend als curatoren van het faillissement van de NV M., hebben geconcludeerd in uitvoering van het arrest van het Hof van 10 juni 2004; Dat er aldus geen redenen zijn om hun conclusie uit het debat te weren; Overwegende dat het Hof van Beroep te Gent bij arrest van 10 mei 2004 een vonnis "teniet" heeft gedaan uitgesproken op 5 november 2003 in een zaak A/03/00520 door de Rechtbank van Koophandel te Veurne, samengesteld uit de heer P. Deseyne, rechter dienstdoend voorzitter en de he-ren R. Desmet en B. Florizoone, rechters in handelszaken, waarbij in het kader van de vordering van de procureur des Konings te Veurne tot faillietverklaring van de NV. M. C., ambtshalve de heropening der debatten wordt bevolen ten einde deze laatste toe te laten bepaalde informatie en stukken over te leggen; Dat uit die omstandigheid niet kan afgeleid worden dat, noch de magistraten die kennis hebben genomen van voormelde zaak, noch de andere magistraten van de Rechtbank van Koophandel te Veurne niet met de nodige onafhankelijkheid en onpartijdigheid kennis zouden kunnen nemen en oordelen in de zaak A/03/00866 met een ander voorwerp en een andere oorzaak waarbij de NV M. C. eveneens partij is; Overwegende dat noch uit de omstandigheid dat ter zitting van 14 ja-nuari 2004 de Rechtbank van Koophandel te Veurne, samengesteld uit de heer P. Deseyne, rechter dienstdoend voorzitter en de heren D. Desmet en B. Flori-zoone, rechters in handelszaken, de conclusietermijnen niet zou hebben vastge-steld overeenkomstig de termijnen die door partijen zouden zijn voorgesteld in onderling akkoord, noch uit de context waarin dit volgens de eisers gebeurde, kan afgeleid worden dat de andere magistraten van de rechtbank niet langer met de nodige onpartijdigheid en onafhankelijkheid kennis kunnen nemen van en oordelen in de hangende procedure; Overwegende dat de verzoekers een aantal feitelijke elementen aanvoe-ren die " in hun samenhang en in hun geheel genomen" zouden moeten aanto-nen dat de heer Dirk Vermeersch, voorzitter van de Rechtbank van Koophandel te Veurne, niet alleen zelf niet kan of niet wil zetelen in de hangende procedu-re, maar tevens door zijn tussenkomsten blijk zou hebben gegeven van een ge-brek aan onpartijdigheid en onafhankelijkheid; Dat die feiten, mochten zij bewezen zijn, geenszins uitsluiten dat de an-dere magistraten van de Rechtbank van Koophandel te Veurne kennis kunnen nemen van de zaak; Dat immers de magistraten van een rechtscollege, in de uitoefening van hun rechtsprekende functie, niet onderworpen zijn aan het hiërarchisch gezag van hun korpschef, maar in alle onafhankelijkheid oordelen; Overwegende dat de verzoekers geen grieven laten gelden tegen alle rechters van de Rechtbank van Koophandel te Veurne ten persoonlijken titel; Dat uit hetgeen hiervoor is gezegd volgt dat de grieven tegen bepaalde rechters van die rechtbank zich niet zondermeer uitstrekken tot de andere rech-ters van dat rechtscollege; Dat de verzoekers niet aantonen dat het vermeende gebrek aan onpartijdigheid en onafhankelijk bestaat in hoofde van alle rechters van de rechtbank waaraan de verzoekers de zaak willen doen onttrekken; Dat het verzoek tot onttrekking als ongegrond dient afgewezen; Overwegende dat ingevolge de verwerping van het verzoek tot onttrek-king, de vordering van verzoekers de handelingen verricht voor de beslissing te vernietigen, zonder voorwerp is; OM DIE REDENEN, HET HOF, Verwerpt het verzoek tot onttrekking; Veroordeelt de verzoekers in de kosten. Kosten begroot op nul euro. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, vakantiekamer, te Brussel, door raadsheer Greta Bourgeois, waarnemend voorzitter, de raadsheren Jean-Pierre Frère, Philippe Echement, Ghislain Londers, Daniel Plas, en uitgespro-ken in openbare terechtzitting van dertien juli tweeduizend en vier, door raads-heer Greta Bourgeois, waarnemend voorzitter, in aanwezigheid van advocaat-generaal Thierry Werquin, met bijstand van afgevaardigd adjunct-griffier Johan Pafenols. PDF document ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040713.14 Gerelateerde publicatie(
- s)precedenten: ECLI:BE:CASS:1996:ARR.19960105.6 ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20001109.27 ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030812.4 ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040528.4 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100401.8 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div