← België

ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040907.3

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 07 september 2004 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040907.3 Rolnummer: P.04.0315.N Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2004-12-23 Raadplegingen: 575 - laatst gezien 2026-07-05 00:44 Versie(s): Vertaling FR Fiche Uitkeringen die derden aan het slachtoffer of zijn rechthebbenden betalen mogen slechts op de schadevergoeding die de aansprakelijke verschuldigd is worden aangerekend wanneer die uitkeringen vergoeding beogen van dezelfde schade die voortvloeit uit de fout van de aansprakelijke; zo is een overlevingspensioen een recht dat zijn oorsprong heeft in de sociale zekerheidswetgeving, heeft het geen vergoedend karakter en beoogt het niet eenzelfde schade te vergoeden die voortvloeit uit de fout van de aansprakelijke zodat het overlevingspensioen niet mag aangeschend worden op de schadevergoeding die de aansprakelijke verschuldigd is

(1).
(1)Cass., 26 juni 1990, AR nr 3335, nr 626; 21 jan. 1998, AR P.97.1052.F ECLI:BE:CASS:1998:ARR.19980121.13, nr
  1. Thesaurus CAS: AANSPRAKELIJKHEID BUITEN OVEREENKOMST - SCHADE - Materiële schade. Elementen en grootte Vrije woorden: AANSPRAKELIJKHEID BUITEN OVEREENKOMST - SCHADE - Materiële schade. Elementen en grootte Overlevingspensioen Aanrekening op schadevergoeding door de aansprakelijke verschuldigd Wettelijke bepalingen: Wet - 06-01-1989 - Artt.1382en13 Tekst van de beslissing Nr. P.04.0315.N C. E., eiseres, burgerlijke partij, vertegenwoordigd door Mr. Jean-Marie Nelissen Grade, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen
  2. V. F., verweerder, beklaagde,
  3. ING INSURANCE nv, met zetel te Antwerpen, Desguinlei 92, verweerder, vrijwillig tussengekomen partij. I. Bestreden beslissing Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis, op 28 januari 2004 in hoger beroep gewezen door de Correctionele Rechtbank te Mechelen. II. Rechtspleging voor het Hof Raadsheer Ghislain Dhaeyer heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd. III. Cassatiemiddelen Eiseres stelt in een memorie een middel voor. Die memorie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. IV. Beslissing van het Hof A. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep Overwegende dat het cassatieberoep in zoverre het gericht is tegen de beslissingen op de burgerlijke rechtsvorderingen van andere partijen dan deze hierboven vermeld met wie eiseres geen geschil had, niet ontvankelijk is; B. Onderzoek van het middel Overwegende dat de artikelen 1382 en 1383 Burgerlijk Wetboek degene die door zijn fout een ander schade berokkent, verplichten die schade te vergoeden; dat dit impliceert dat de benadeelde teruggeplaatst wordt in de toestand waarin hij zou gebleven zijn zonder de fout; Overwegende dat de uitkeringen die derden aan het slachtoffer of zijn rechthebbenden betalen, slechts op de schadevergoeding die de aansprakelijke verschuldigd is, mogen aangerekend worden wanneer die uitkeringen vergoeding beogen van dezelfde schade die voortvloeit uit de fout van de aansprakelijke; Overwegende dat een overlevingspensioen een recht is dat zijn oorsprong heeft in de socialezekerheidswetgeving; dat dit overlevingspensioen geen vergoedend karakter heeft en dus niet beoogt eenzelfde schade te vergoeden die voortvloeit uit de fout van de aansprakelijke; dat het overlevingspensioen derhalve niet mag aangerekend worden op de schadevergoeding die de aansprakelijke verschuldigd is; Overwegende dat de appèlrechters die anders oordelen, de artikelen 1382 en 1383 Burgerlijk Wetboek schenden; Dat het middel gegrond is; OM DIE REDENEN, HET HOF, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het uitspraak doet over het inkomstenverlies van eiseres; Verwerpt het cassatieberoep voor het overige; Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis; Veroordeelt de verweerders in de helft van de kosten en laat de overige kosten ten laste van eiseres; Verwijst de aldus beperkte zaak naar de Correctionele Rechtbank te Antwerpen. Gezegde kosten begroot op de som van vijfhonderd eenentwintig euro tweeënnegentig cent, waarvan tweehonderd veertien euro zesenzeventig cent verschuldigd en driehonderd en zeven euro zestien cent door eiseres betaald. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door Edward Forrier, afdelingsvoorzitter, en de raadsheren Ghislain Dhaeyer, Etienne Goethals, Paul Maffei, Dirk Debruyne, en uitgesproken in openbare terechtzitting van zeven september tweeduizend en vier, door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van griffier Frank Adriaensen. PDF document ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040907.3 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:1998:ARR.19980121.13 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050222.31 ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20060316.7 ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070904.3 ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110215.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.