← België

ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041112.7

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 12 november 2004 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041112.7 Rolnummer: C.04.0448.N Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2005-06-07 Raadplegingen: 520 - laatst gezien 2026-07-05 01:26 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Tenzij zou blijken dat precieze omstandigheden hen verhinderen om kennis te nemen van de zaak is het louter verlangen van de leden van het volgens de wet bepaalde gerecht om geen zitting te hebben in de zaak niet van aard om deze magistraten te ontslaan van hun verplichting de zaak te behandelen

(1).
(1)Cass., 12 aug. 2003, AR nr C.03.0269.N ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030812.3, nr ...; zie Cass., 11 okt. 2002, AR C.01.0235.N ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20021011.8, nr 532. Thesaurus CAS: RECHTSWEIGERING Vrije woorden: RECHTSWEIGERING Bevoegde rechter Verplichting de zaak te behandelen Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Art.5 Fiche 2 Wanneer in een geschil dat aanhangig is bij de rechtbank, een partij ondervoorzitter is van deze rechtbank en de tegenpartij zijn echtgenote van wie hij gescheiden leeft, kan, naar de omstandigheden van het geval, bij de partijen en derden gewettigde twijfel ontstaan aangaande de vereiste onafhankelijkheid van de rechtbank
(1).
(1)Zie Cass., 15 maart 2001, AR C.01.0051.F ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010315.9, nr 183, met noot A.H. Thesaurus CAS: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Vrije woorden: VERWIJZING VAN EEN RECHTBANK NAAR EEN ANDERE - BURGERLIJKE ZAKEN Gewettigde verdenking Partij die ondervoorzitter is van de rechtbank waarbij het geschil aanhangig is Onafhankelijkheid van de rechtbank Omstandigheden Wettelijke bepalingen: Wet - 10-10-1967 - Art.648,2° Tekst van de beslissing Nr. C.04.0448.N PROCUREUR DES KONINGS BIJ DE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE ..., verzoeker tot onttrekking van de zaak aan de rechter, in de zaak van E.P. vertegenwoordigd door Mr. Jef Peeters, advocaat bij de balie te Turnhout, kantoor houdende te 2300 Turnhout, Gemeentestraat 4, bus 6, eiser, tegen M.G. verweerster, vertegenwoordigd door Mr. Jacques Dierickx, advocaat bij de balie te Antwerpen, kantoor houdende te 2000 Antwerpen, Verlatstraat 23-25. Geding in cassatie Het Hof heeft op 1 oktober 2004 beslist dat het verzoek niet kennelijk onontvankelijk is. De Voorzitter van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... heeft de verklaring bedoeld bij artikel 656, vierde lid, 1°,b, van het Gerechtelijk Wetboek gedaan, na overleg met de leden van het gerecht. P.E. heeft geconcludeerd. G.M. heeft geconcludeerd. Voorzitter Ivan Verougstraete heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Guido Bresseleers heeft geconcludeerd. Beslissing van het Hof Overwegende dat het verzoekschrift gegrond is op de omstandigheid dat een zaak aanhangig is voor de Rechtbank van Eerste Aanleg te ...tussen P.E., ondervoorzitter van die rechtbank, en zijn echtgenote van wie hij gescheiden leeft ; Overwegende dat de omstandigheid dat een partij lid is van de rechtbank nog niet tot noodzakelijk gevolg heeft dat de zaak moet onttrokken worden aan het gerecht dat volgens de wet wordt bepaald ; Dat het louter verlangen van leden van de rechtbank geen zitting te hebben in de zaak niet van aard is deze magistraten te ontslaan van hun verplichting de zaak te behandelen, tenzij zou blijken dat precieze omstandigheden hen zouden verhinderen van deze zaak kennis te nemen ; Overwegende dat te dezen alle leden van de rechtbank van eerste aanleg verklaard hebben "in eer en geweten niet te kunnen zetelen (in deze zaak)", zonder nader te bepalen waarom dit zo is ; dat de omstandigheid dat zij eenparig te kennen geven dat zij niet willen zetelen inhoudt dat zij menen niet onpartijdig te kunnen zijn ; Dat partij M. concludeert dat een wettige verdenking is ontstaan nopens de strikte onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechtbank ; Dat uit het geheel van die omstandigheden volgt dat de voren weergegeven omstandigheden een gewettigde twijfel kunnen doen ontstaan bij de partijen en bij derden aangaande de vereiste onafhankelijkheid van de rechtbank ; Dat het verzoek gegrond is ; OM DIE REDENEN, HET HOF, Beveelt dat de zaak, die op de rol van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... onder het nummer ... is ingeschreven, aan dat rechtscollege wordt onttrokken ; Verwijst de zaak naar de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... Laat de kosten ten laste van de Staat. De kosten begroot op de som van nul euro. Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door voorzitter Ivan Verougstraete, afdelingsvoorzitter Robert Boes, de raadsheren Ghislain Londers, Eric Dirix en Eric Stassijns, en in openbare terechtzitting van twaalf november tweeduizend en vier uitgesproken door voorzitter Ivan Verougstraete, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guido Bresseleers, met bijstand van griffier Philippe Van Geem. PDF document ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20041112.7 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2001:ARR.20010315.9 ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20021011.8 ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030812.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.